De BookSpot Literatuurprijs: de genomineerden gefileerd

© BelgaImage

, door (sdw) en (fvd) en (jme)

10

Download gratis de favorieten van de redactie uit de shortlist ☞

FICTIE

Peter Buwalda: ‘Otmars zonen’

De schrijver: Peter Buwalda (47) zal altijd wel de man van ‘Bonita Avenue’ blijven, één van de meest geprezen, gelezen en verkochte Nederlandstalige romans van het decennium. Hij is ook columnist, Elvis-kenner, bibliofiel, extraverte tobber en volgens één lezer ‘echt een heel goed typetje van Hans Teeuwen’.

Het boek: ‘Otmars zonen’, een boek over familie, olie, Beethoven, harde sm, vernedering en onvervulde verlangens, barst van de zijsprongen en haarspeldbochten, en valt onmogelijk in enkele zinnen samen te vatten. Een poging: de jonge Ludwig, een man die zonder aanraking al klaarkomt, zit zijn vervreemde vader Johan Tromp op de hielen. Vanuit een heel andere hoek wordt Tromp, Shell-mogol en seksuele tyrannosaurus rex, ook benaderd door journaliste Isabelle Orthel, één van de oude bekenden uit ‘Bonita Avenue’. Het boek zit, in de woorden van de schrijver, ook ‘vol hedendaagsheid, machtsmisbruik, onverkwikkelijke man-vrouwkwesties en #MeToo-verhalen’. Een hoorn des overvloeds om weken in te zwelgen.

De troef: ‘Bonita Avenue’ won in 2011 een lange sliert debuut- en andere prijzen, maar geen enkele van de grootste drie literaire prijzen van ons taalgebied. Het is niet denkbeeldig dat de BookSpot-jury dat onrecht nu wil rechtzetten. Bovendien is ‘Otmars zonen’ ambitieus en stilistisch de perfectie nabij: kwaliteiten die het goed doen bij critici.

De handicap: sommige lezers menen dat de vele lange flashbacks de vaart uit het boek halen. ‘Otmars zonen’ is ook het eerste deel van een trilogie, en literaire jury’s bekronen het liefst mooi afgeronde verhalen.

De winstkans: 20 procent. (fvd)

Deze is nu gratis te downloaden als e-book voor Humo-lezers.

Wessel te Gussinklo: ‘De hoogstapelaar’

De schrijver: Wessel te Gussinklo (78) doet het goed bij alle literaire critici, maar bij het lezerspubliek bleef hij de laatste jaren onder de radar. Kortom: een miskend genie.

Het boek: met ‘De hoogstapelaar’, het derde deel van een vierluik, gooit Te Gussinklo u een fijnmazig psychologisch portret in de schoot. Ewout Meyster, een jonge snaak die we al in de eerste twee boeken ontmoet hebben, vult zijn dagen met de in de jaren 50 gebruikelijke jongensfratsen: luieren, in de kroeg hangen, met vrienden afspreken, dwepen met de existentialisten en de grote jan proberen uit te hangen. Maar hij is vooral een narcist die voortdurend zijn gedachten en handelingen én die van anderen overanalyseert. Dat levert een veeleisend boek op. Te Gussinklo schrijft weliswaar zonder pralerige metaforen, maar vraagt veel van uw aandacht.

De troef: de meest gewaagde keuze. Te Gussinklo kruipt op neurotische wijze onder het schedeldak van het hoofdpersonage, en het boek is doorspekt met filosofische inzichten van Sartre, Camus en zelfs Lacan.

De handicap: voor hippe maatschappijkritiek en flitsende oneliners hoeft u hier niet aan te kloppen. Maar dat zal Wessel worst wezen.

De winstkans: 19 procent. (jme)

Nicolien Mizee: ‘Moord op de moestuin’

De schrijver: Nicolien Mizee (54), een lerares proza schrijven, is iets bekender boven de Moerdijk. Volgens de VPRO Gids maakt het niet uit wat ze brengt: ‘Elke letter die ze op papier zet, is de moeite van het lezen waard.’ Ze schreef eerder al vijf veelgeprezen romans en twee bundels met faxen, waarin ze haar docent scenario’s schrijven stalkt.

Het boek: Agatha Christie is nooit veraf in dit botanische moordmysterie, waarin twee koppels een zomerhuisje huren op het paradijselijke landgoed Groenlust. Een aparte locatie, een mysterieuze verdwijning, een laconieke ik-verteller en een resem kleurrijke verdachten die elk een motief hebben: alle ingrediënten voor een klassieke detective zijn aanwezig, maar Mizee wroet diep genoeg om het genre te overstijgen.

De troef: de humor. Mizees droogkomische toon neigt soms naar het absurde, maar als lezer kun je nooit precies zeggen wanneer die overgang plaatsvindt. Het maakt haar boeken bedrieglijk lichtvoetig.

De handicap: de humor. Lichtvoetigheid wordt weleens met oppervlakkigheid verward: pret en prijzen gaan zelden samen. Wellicht moet Mizee zich tevredenstellen met haar plekje op de shortlist.

De winstkans: 14 procent. (sdw)

Marente de Moor: ‘Foon’

De schrijver: Marente de Moor (47) trad in 2011 in de voetsporen van haar moeder Margriet de Moor, toen ze met haar historische roman ‘De Nederlandse maagd’ de AKO Literatuurprijs won. De schrijfster van vier romans, een verhalenbundel en een verzameling columns is gefascineerd door Rusland en heeft er acht jaar gewoond.

Het boek: ‘Foon’ is een roman als een film van de Russische regisseur Andrej Tarkovski – mysterieus, veellagig en eindeloos fascinerend voor wie er tijd en moeite in steekt. In het verhaal over het biologenechtpaar Nadja en Lev, die in hun huis in de Russische bossen het verval van de maatschappij betreuren en ‘het jaar dat ze zich liever niet herinneren’ proberen te verwerken, vermengt De Moor de atmosfeer van oude mythes met hedendaagse bekommernissen. Wanneer de op elkaar uitgekeken gehuwden met enige regelmaat Bijbels blazoengeschal denken te horen, krijgt ‘Foon’ een apocalyptische dimensie.

De troef: de kracht van de suggestie. Onder de oppervlakte van De Moors vertelling schuilt een filosofisch sprookje over mensen, dieren en het dunne laagje beschaving dat die ene groep van de andere zou onderscheiden.

De handicap: ‘Als ik lezers van me vervreemd, dan is dat maar zo,’ zei Marente de Moor ooit, en dat is precies wat ze riskeert met haar compromisloze en mysterieuze meerduidigheid.

De winstkans: 16 procent. (sdw)

Manon Uphoff: ‘Vallen is als vliegen’

De schrijver: Manon Uphoff (56) is niet aan haar proefstuk toe. Met een dik dozijn publicaties op haar naam heeft ze haar meesterschap al tig keer bewezen. We zijn overigens nog nooit iemand tegengekomen die haar werk niet kon smaken.

Het boek: Uphoff schreef een fabelachtig mooie autobiografie waarin ze het seksuele misbruik binnen haar familie onder de loep neemt. Ze botst daarbij op een onafwendbare vraag: is onze taal wel geschikt om onmetelijk verdriet te vatten? Een béétje schrijver gaat natuurlijk op zoek naar het antwoord, en Uphoff speurt dan ook naar manieren om de onvoorstelbare pijn van het misbruik op de één of andere manier in een vorm te gieten. En wat voor een vorm: ze vervlecht surrealistische beelden, zinderende metaforen en mythische verhalen om uit te drukken hoe een wrede vader zijn dochters tiranniseert. Met de pareltjes van zinnen die ze aan elkaar rijgt, kunt u na enkele pagina’s een prachtige halsketting cadeau doen aan al uw naasten.

De troef: de openhartigheid. Zelden zo’n oprechte roman gelezen. Tevens de beste illustratie van hoe miserie toch verwoestend schoon kan zijn.

De handicap: het gevoelige onderwerp. Uphoffs boek hakt met de botte bijl in uw hart, en sommigen zullen zo’n rauw verhaal over seksueel misbruik mogelijk niet tot het einde volhouden. Alle begrip.

De winstkans: 31 procent. (jme)

NON-FICTIE

Mirjam van Hengel: ‘Een knipperend ogenblik’

Als verpleegster van het Wit-Gele Kruis ging Mirjam van Hengel wekelijks op bezoek bij Remco Campert en zijn praatgrage vierde echtgenote Deborah Wolf. Gecombineerd met interviews en archiefwerk puurde ze uit die visites een even elegante als monumentale biografie van de dichter.

Lieve Joris: ‘Terug naar Neerpelt’

Het Midden-Oosten, Afrika, Oost-Europa en Azië: Lieve Joris heeft zowat de hele wereld gezien, maar op haar 66ste keert de reisverhalenschrijfster terug naar haar geboortedorp om over ‘de kleine oorlog’ in haar eigen Limburgse familie te schrijven.

Maaike Meijer: ‘Hemelse mevrouw Frederike’

Frederike Martine ten Harmsen van der Beek verloor ooit haar hart en een tand aan Remco Campert, maar ze wordt ook tot de grootste dichters van Nederland gerekend. Maaike Meijer bezorgt de veelzijdige kunstenares de biografie die ze verdient.

Thomas Rueb: ‘Laura H.’

NRC-journalist Thomas Rueb scoorde een gigantische hit met het levensverhaal van Syriëganger Laura H. Hij begon met een interview met de vader van het kalifaatmeisje en eindigde met een onthutsende en meeslepende thriller over het leven bij IS.

Deze is nu gratis te downloaden als e-book voor Humo-lezers.

Sjeng Scheijen: ‘De avant-gardisten’

Wie wist dat de schilders Malevitsj, Kandinsky en Chagall, na de Russische Revolutie hoge ambtelijke functies bekleedden? Slavist Sjeng Scheijen schetst de geschiedenis van de wankele coalitie tussen bolsjewieken en avant-gardisten.

Op donderdag 14 november maakt de jury de winnaars bekend in de bibliotheek van Den Haag.

Humo 4132/46 van 12 november 2019

Dit artikel verscheen in:

HUMO van maandag 11 november 2019

Lees alle reportages

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: