Marc Didden: 'La fille aux yeux dort'

, door (md)

28
diddy 1200

Mijn aandacht heeft hij, alvast tot de eerste koffiegeur uit de keuken komt kruipen. En de eerste krant in de brievenbus valt. Mijn oog valt op een foto van Marie Laforêt, de wondermooie Franse zangeres met de gebroken stem, die mij tijdens mijn vormingsjaren op bijna dagelijkse basis ontroerde met chansons als ‘Viens sur la montagne’, ‘Manchester et Liverpool’ en vooral ‘Viens, viens’. In haar thuisland noemde men haar graag ‘la fille aux yeux d’or’, maar zelf omschreef ze haar kijkorganen als grijsgroen.

Dat laatste is overigens helemaal waar, weet ik uit eigen ervaring. Onze blikken kruisten mekaar ooit tijdens een ijzige winteravond op het smalle, besneeuwde voetpad van de Parijse rue de Seine. Ze droeg een berenmuts en een prachtige, nu wellicht helemaal verboden bontjas, en ook nog een kleurrijke sjaal. Die liet een kleine opening toe waardoor ik ze dus te zien kreeg, die befaamde yeux d’or. Die inderdaad grijsgroen waren.

Haar bekendste song, het petit chef-d’oeuvre ‘Viens, viens’, is een bitter verhaal. Een smeekbede van een dochter die haar vader vraagt zijn jongere minnares te verlaten en zich terug te voegen bij de familie die hij heeft verlaten. Laforêt, die graag zei dat ze met haar chansons de kloof wilde dichten tussen yéyézangeressen enerzijds en zwarte rolkraagchanteuses anderzijds, zorgde in haar werk zelden voor een hoog olé-olégehalte, maar ze ruimde daardoor des te meer plaats in voor breekbaarheid. Nu is ze dood. Of zoals Libération schreef: ‘La fille aux yeux dort’. Marc Didden

Humo 4132/46 van 12 november 2019

Dit artikel verscheen in:

HUMO van maandag 11 november 2019

Lees alle reportages

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: