Archief: Wim De Troy - een portret door vriend en vijand

, door (ja)

1
wim

Verschenen in Humo 3673/04 op 25 januari 2011.

'Misschien doet hij zijn werk wel iets te grondig'

Tien dagen geleden liep het flink uit de klauwen bij een bezoek van Wim De Troy aan de  gevangenis van Sint-Gillis. De onderzoeksrechter was er ‘afgestapt’ om een bolletjesslikker te verhoren. Dat moest snel, dus hij weigerde zich te onderwerpen aan de veiligheidscontrole.

Resultaat: een hoogoplopende discussie met de directie, die hem de toegang tot de gevangenis verbood. Waarop een withete De Troy drie medewerkers, inclusief de directrice, liet arresteren vanwege ‘obstructie van het onderzoek’. Is De Troy een machtswellusteling, een kruidje-roer-me-niet of gewoon een gedreven onderzoeksrechter?

Na het incident stond het hele gevangeniswezen op zijn achterste poten: ‘Iedereen moet door de metaaldetector, ook een onderzoeksrechter!’ Het gedrag van Wim De Troy (45) heette arrogant, onbetamelijk en ongepast – een harde sanctie kon niet uitblijven, vond men. Karl Van Cauwenberghe, de voorzitter van de Vereniging van Onderzoeksrechters, sloot zich aan
bij het koor van de klagers.

Zelfs minister van Justitie Stefaan De Clerck kwam snel met een scherpe veroordeling. Het is niet de eerste keer dat de minister zich in dergelijke bewoordingen over het optreden van De Troy uitlaat. In Operatie Kelk was De Troy, volgens De Clerck, al even voortvarend geweest: hij was het die de inmiddels beruchte huiszoeking op het aartsbisschoppelijk paleis liet uitvoeren en zelfs de crypte van de Sint-Rombouts liet
openbreken.

Maar: een sanctie komt er níét. Luc Henrart, de voorzitter van de Brusselse rechtbank en de rechtstreekse overste van De Troy, doet het voorval af als een ongelukkig misverstand. Case closed. Brussels parketwoordvoerder Jos Colpin, een persoonlijke vriend van De Troy, is het daar volkomen mee eens.

Als hij het incident in de gevangenis van Sint-Gillis ontleedt, wikt hij zijn woorden niet: ‘Kleine pesterijen door kleine ambtenaren.’ De gevangenisdirectie, zegt Colpin, beschikte niet eens over schriftelijke veiligheidsvoorschriften.

Jos Colpin «Het is niet de eerste keer dat onderzoeksrechters zich beklagen over de behandeling die hen in een gevangenis te beurt valt. Waarom moeten die mensen, die
toch een verhoor komen afnemen, hun schoenen of broeksriem uittrekken voor ze de gevangenis betreden? Is er een reden om aan hun integriteit te twijfelen?

»Ik dacht het niet. Omgekeerd weet ik dat élke uitgebreide controle op de activiteiten van cipiers tot nu toe resultaat heeft gehad: telkens bleek dat enkele cipiers gsm’s of drugs de gevangenis binnensmokkelden.

»Zijn die pesterijen een wraakoefening voor die controles? Ik weet het niet. Ik weet alleen dat
de meeste reacties nergens op sloegen. De woorden van minister De Clerck, bijvoorbeeld, werden ingegeven door persoonlijke antipathie.

»En meneer Van Cauwenberghe, die zich te pas en te onpas ‘voorzitter van de onderzoeksrechters’ laat noemen, terwijl die functie niet eens bestaat. Zo’n mediageile man! Wat hij verklaart, bindt alleen hemzelf: de meeste onderzoeksrechters in Brussel staan niet achter zijn verklaringen.

»Het was een bagatel. Het is gebeurd tijdens een weekenddienst: dan krijgen mensen meer verantwoordelijkheid dan ze in de loop van de week gewend zijn. En dan krijg je toestanden, die dan nog in de pers zijn opgeschroefd. De pers leeft van de controverse: De Troy versus De Clerck – jullie smullen daarvan. Toch?»

Een topman van het Brusselse parket valt Colpin bij: ‘Wim De Troy is een degelijk magistraat: verstandig, bezadigd, doortastend als het moet. Allesbehalve de cowboy die men van hem maakt. Ze zoeken hem.’
 

 


 

Wim De Troy: broers en zussen

Een doorzetter is Wim De Troy van nature, bevestigt Jan Goedhuys. Goedhuys is vennoot van het Leuvense advocatenbureau waar De Troy als pas afgestudeerd advocaat vanaf ’89 stage liep. ‘Wim was een dossiervreter. Beet zich vast in de materie, ging er creatief mee om,
en had zijn idee – dat hij met hand en tand verdedigde. Met zijn juridische bagage en zijn maatschappelijke betrokkenheid kon hij een dossier tot op het bot afkloven. Hij was een bekwame kracht, die algauw een goede reputatie bij de balie genoot. Jammer dat hij in juli ’93 bij ons vertrok.’

De Troy werd zelfstandig advocaat. Dat hield hij niet lang vol: in ’94 vertrok hij naar een bank om er bedrijfsjurist te worden. Maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan, en in 2004 meldt hij zich bij het Brussels parket. Hij gaat er in eerste instantie als woordvoerder aan de slag: hij voert de communicatie in de zaak-Joe Van Holsbeeck.

Met de vaste woordvoerder Jos Colpin kan hij het bijzonder goed vinden, en ze worden vrienden. Ze hebben allebei een abonnement op de thuiswedstrijden van KV Mechelen.

In april 2007 wordt De Troy tot onderzoeksrechter benoemd. Hij heeft zijn opleiding gehad op het kabinet van de huidige procureur Bruno Bulthé. Toen die zelf nog onderzoeksrechter
was, deinsde hij nergens voor terug: hij ging met vuile voeten door de meest delicate materie en was voor de duivel niet bang.

Zijn curriculum bewijst dat: het fraudedossier-Beaulieu, het obussendossier van minister van Defensie Freddy Vreven, de moord door VUB-rector Jean Renneboog op zijn vrouw, et on en passe. In ’97 liet Bulthé in een onderzoek naar pedofilie zelfs een huiszoeking uitvoeren in het aartsbisschoppelijk paleis – toen al. In het archief vond hij brieven van de ouders van het slachtoffer.

De Troy bewondert het werk van Bulthé. Hij staat op het Brussels parket bekend als de pupil die graag de voetsporen van de meester drukt. ‘Een leerling-tovenaar,’ zegt een speurder. ‘De Troy is zo mogelijk nog onverzettelijker dan Bulthé. Of roekelozer, noem het hoe je wil.’

De harde aanpak van de jonge onderzoeksrechter sorteert wel effect: hij handelt dossiers af met mensenhandelaars, drugsdealers, vervuilers van de Zenne. In de drie-dubbele moordzaak op het gezin De Vleeschauwer in Wemmel, in november vorig jaar, weet hij door zijn onverdroten inzet de daders snel op te pakken. En ook van de groten der aarde is hij niet bang. in 2009 draait hij VBO-topman Luc Vansteenkiste een week in de cel, op verdenking van misbruik van voorkennis in het dossier-Bois Sauvage.

‘De Troy is explosief,’ zegt een man die door hem is ondervraagd en er nog niet van is bekomen. ‘Hij luistert niet, zoekt alleen elementen à charge, en gebruikt daarvoor het middel van de voorhechtenis.

In België kan een onderzoeksrechter je zonder enig hard bewijs zestig dagen lang opsluiten. intussen kom je wel voor de raadkamer en de kamer van inbeschuldigingstelling, maar wie gaat de onderzoeksrechter daar tegenhouden? Dat zijn allemaal broers en zussen, ze houden samen het systeem in stand.’

De Troy heeft, net als Bulthé, ontzag voor god noch gebod: de wet is voor iedereen gelijk. Even direct gaat hij te werk bij Operatie Kelk in juni 2010, waar hij huiszoekingen laat verrichten in de woning van kardinaal Danneels, het aartsbisschoppelijk paleis, de kathedraal
en de commissie-Adriaenssens, op zoek naar belastende dossiers van kindermisbruik door geestelijken.

Het is het voorlopige hoogtepunt in zijn carrière, dat live door televisiecamera’s wordt vastgelegd. De media leken van tevoren te zijn ingeseind over de inval.

‘Larie,’ zegt woordvoerder Jos Colpin. ‘Er is niemand van tevoren getipt. Zal ik u vertellen hoe het is gegaan? Op het moment van de inval was de onvermijdelijke Rik Torfs in Mechelen een interview aan het geven aan de Kempense zender rTV, met het aartsbisschoppelijk
paleis op de achtergrond.

Zij zagen dat er iets loos was. rTV heeft de inval kunnen filmen, en Torfs is gaan bellen met zijn talrijke vrienden in de media. Zo is het een stormloop geworden – door een stom toeval. Torfs is daarover ondervraagd door de onderzoeksrechter.’

De huiszoekingen zijn geen half werk. De Belgische bisschoppen, die op dat moment in het aartsbisschoppelijk paleis aanwezig zijn, worden een dag lang vastgehouden. De kerkelijke dossiers worden in de laadbak van een vrachtwagen gegooid, en een onthutste kardinaal
Danneels leidt de speurders naar de kathedraal, waar ze met de klopboor de crypte van kardinaal Suenens openbreken in de hoop daar verborgen dossiers aan te treffen. Tevergeefs.

‘Operatie Kelk,’ zegt een goede bron, ‘was erover.’ Operatie Kelk was er gekomen
op grond van twee getuigenissen: eentje van eremagistrate Godelieve Halsberghe, die negen jaar lang de voorloper van de commissie-adriaenssens had geleid, en eentje van
priester Rik Devillé, die al sinds de jaren negentig misstanden in de kerk aanklaagt.

Procureur Bulthé achtte de tijd rijp voor een grondige fouille en zette zijn mannetje op de zaak: onderzoeksrechter De Troy. Veel harde aanwijzingen hadden de onderzoekers evenwel niet. ‘Twee a-4’tjes,’ zegt onze bron. ‘De twee processen-verbaal van Godelieve Halsberghe, van wie de verklaringen dan nog in bijzonder voorzichtige bewoordingen zijn opgetekend.

Met de toevoeging van de ondervrager: ‘De betrokken vrouw lijkt me verward.’ Mevrouw Halsberghe heeft de speurders het idee bijgebracht dat er verborgen dossiers in de crypte verstopt zaten.’

Bron «natuurlijk lagen daar geen geheime dossiers. Die zijn al lang naar rome gebracht, of ze liggen ergens opgetast in de pauselijke nuntiatuur, waar ze diplomatieke onschendbaarheid genieten. Op de nuntiatuur mogen geen huiszoekingen plaatsvinden.»
 

Wim De Troy: plat populisme

De reactie op Operatie Kelk laat niet lang op zich wachten. Fernand Keuleneer, advocaat van kardinaal Danneels, noemt de operatie ‘a fishing expedition’ – met een groot net vang je altijd wel een klein visje, zou de redenering zijn geweest. Eén week later al onderneemt het parket-generaal een zeer ongebruikelijke demarche: het vraagt een onderzoek van het
onderzoek. De procedureslag om Operatie Kelk barst los, en duurt tot vandaag verder.

Een agent «Het initiatief voor die procedureslag was genomen door procureur-generaal Marc de le Court – een man die zich openlijk bekent tot de Charismatische Beweging – samen met advocaatgeneraal Jacques De Lentdecker, ex-kabinetschef van minister De
Clerck
. Ze hadden maar één doel voor ogen: het onderzoek moest in de kiem gesmoord worden.

»De Troy is van het onderzoekgehaald. intussen zijn we enkele maanden verder en zijn er twee wrakingsverzoeken tegen de onderzoeksrechter nietig verklaard. De kamer van inbeschuldigingstelling heeft het onderzoek van De Troy tot twee keer toe níét nietig verklaard – alleen de dossiers van de commissie-adriaenssens moet hij terugbezorgen.

»Hij kan stilaan weer als onderzoeksrechter in Operatie Kelk aan de slag, maar het kwaad
is geschied: zijn persoon is beschadigd. Het beeld is niet meer uit te wissen: de driftkikker De Troy die kickt op de willekeurige uitoefening van macht. Ze hebben hem voorgoed zwartgemaakt.

»Een drijvende kracht in dat proces van diabolisering is minister van justitie De Clerck. Die bestond het om de zaak-Annick Van Uytsel, waar gerechtelijke fouten tot de dood van twee mensen hebben geleid, in één adem te noemen met Operatie Kelk. Dat is plat, demagogisch,
daar bestaat maar één woord voor: populisme.»

Jos Colpin «Men heeft van Operatie Kelk een karikatuur gemaakt: de loge versus de kerk. En Wim De Troy zou zogezegd een vooruitgeschoven pion van de loge zijn om de kerk te beschadigen. Onzin. Wim De Troy is van katholieken huize.»

Jan Goedhuys «Hij is naar school gegaan op het Leuvense Sint-Peterscollege. En hij is afgestudeerd aan de K.u.Leuven.»

Colpin «Koen Meulenaere heeft in zijn satirische rubriek in Knack heel precies over het gezin De Troy geschreven: gelovige maar bijzonder kritische mensen. Zijn vader zou
nog op het orgel hebben gespeeld in de kerk. Enfin, De Troy is géén logebroeder, dat kan ik u verzekeren (Colpin is zelf lid van de loge, red.). ik weet niet of hij zich nu nog een katholiek noemt: me dunkt zijn heel wat mensen de jongste tijd van hun geloof gevallen. Maar daarom
behoren ze nog niet tot de loge.»

Bron «Bruno Bulthé, de procureur die Operatie Kelk op gang heeft getrokken, is wél een logebroeder. En De Troy kijkt gewéldig naar hem op. ik hoop uit de grond van mijn hart dat hij zich door Bulthé niet laat misbruiken voor diens persoonlijke agenda.»

Onze agent raakt stilaan oververhit. ‘Wat hebben de in beslag genomen dossiers uit Operatie Kelk ons geleerd? De kerk was al decennialang op de hoogte van seksueel misbruik door priesters. Ze heeft die priesters stelselmatig verplaatst in plaats van bestraft. Sinds het begin van de eenentwintigste eeuw heeft ze bovendien, op last van het Vaticaan, alle pedofiliedossiers per diplomatenkoffer naar rome gebracht, naar de Congregatie van de Geloofsleer, waar de dossiers diplomatieke immuniteit genieten. De kerk heeft met andere
woorden jarenlang de straffeloosheid van misdadigers georganiseerd. Dat is niet gering. Wij hebben weet van priesters die dertig jaar lang, op drie continenten, kinderen hebben misbruikt. Wij hebben weet van hoogst vertrouwelijke documenten van de politie, met het
stempel van de hoogste magistratuur, die in de kluis van onze aartsbisschop lagen. Waarom heeft de kerk jarenlang een aparte behandeling gekregen als het ging om seksueel misbruik?’

De agent is woest om de ‘voorkeursbehandeling’ die hardleerse misdadigers nog altijd krijgen. Neem Roger Vangheluwe, de voormalige bisschop van Brugge, vorige maand in Brussel ondervraagd over het schuldig verzuim in zijn bisdom. Vangheluwe meldde zich
bij de Brusselse politiekantoren in een auto met italiaans nummerbord met chauffeur – hem bereidwillig ter beschikking gesteld door de pauselijke nuntiatuur.

Agent «niemand weet waar Roger Vangheluwe zich momenteel bevindt: hij staat niet meer in het rijksregister ingeschreven. als de politie hem wil verhoren, moeten ze bellen naar de pauselijke nuntiatuur, die hem vervolgens in een wagen met privéchauffeur laat voorrijden.
Welke verdachte kan zich dat veroorloven?»

De agent heeft het over guerrilla, een vuile oorlog waarin geen enkel middel wordt geschuwd, ook niet een inbreuk op de privacy van de onderzoekers. Hij verwijst naar een delicate  kwestie die de tegenstanders van De Troy steevast op de agenda plaatsen: de griffier van de
onderzoeksrechter, mevrouw Coppens, is de vriendin van procureur Bulthé. Dat zou de band tussen Bulthé en De Troy zo innig maken – de procureur is van elke stap van de onderzoeksrechter op de hoogte.

Bron «Een onderzoeksrechter zou onafhankelijk van het Openbaar Ministerie (vertegenwoordigd door de procureur, red.) moeten kunnen functioneren.»

Agent «Kijk, meneer Bulthé en mevrouw Coppens belijden hun liefde openlijk. als hun relatie een punt van discussie wordt, moeten wij misschien maar eens het verborgen liefdesleven uit de doeken doen van al die mannen die beweren dat het gezin de hoeksteen van de  samenleving is.»

Onze bron meent dat De Troy niet gebukt gaat onder de controverse die Operatie Kelk  veroorzaakt. Part of the job. Sterker nog: hij geniet van zijn overwinningen in de procedureslag met de hoeders van de katholieke kerk. Hij lacht erom, hij komt er sterker uit, en ‘hij zal zich, koste wat het kost, bewijzen. Wat dat betreft is hij een puber.’

De topman in het parket ziet het anders: ‘Wim De Troy is een zéér integer man.’ De agent sluit zich bij hem aan: ‘Meneer De Troy is een hardline democraat.’ Dat is waar, knikt onze bron: ‘Het respect van politieagenten voor De Troy is héél groot: hij is één van onze hardst werkende onderzoeksrechters. Staat altijd paraat, vierentwintig uur per dag.’

Advocaat Jan Goedhuys«Misschien doet hij zijn werk iets te grondig?»

Colpin «De Troy kan veel aan. Wees gerust: hij zal niet begeven onder de druk. Zo ken ik hem niet.»

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: