null Beeld humo
Beeld humo

ColumnArnon Grunberg

Arnon Grunberg schrijft zijn pasgeboren zoontje: ‘Ik wist niet dat het leven begint met zóveel pijn’

Lieve Alyosha Inigo Ayal,

Op dinsdagochtend om half vier ben je geboren na een bevalling die, afhankelijk van hoe je telt, een kleine 39 uur duurde (aankomst ziekenhuis – geboorte) of ruim 30 uur (begin weeën – geboorte.) Ik had eens grote delen van een bevalling meegemaakt, maar dat was een mild festijn vergeleken bij dit gebeuren, dat mijn wereldbeeld bevestigde én aan het wankelen bracht. Als het leven begint met zoveel pijn, ben ik in mijn boeken misschien te mild geweest. Op maandag 17 mei om 6.58 p.m. (ik heb dat voor jou en je biografen bijgehouden) zei ik tegen je moeder, die op dat moment kermend onder de douche stond in een Amsterdams ziekenhuis: ‘Als je ziet hoe het leven begint, begrijp je een hoop.’

Overigens had je moeder om 8.49 a.m. diezelfde dag, toen we nog niet in de bevalsuite waren gearriveerd (een raar woord, beval­suite) maar we opgesloten zaten in een soort voorstadium van de bevalsuite, iets kleiner en met minder apparatuur om leven van moeder en kind te redden. Enfin, om 8.49 a.m. rechtte je moeder haar rug en zei: ‘Die kaas, dat is echt beneden mijn waardigheid.’ Je vader heeft toen de rest van haar ontbijt in de vuilnisbak gedeponeerd. Zelf had ik het ontbijt overgeslagen, ik eet ziekenhuiseten alleen in noodgevallen en zelfs de yoghurt met granola, die leek mee te vallen, kun je niet goed door je keel krijgen als naast je iemand luid staat te kermen.

Je zult nog veel over je moeder ontdekken, maar voor nu is het goed te begrijpen dat er kaas bestaat die beneden haar waardigheid is en kaas die zij bereid is weg te werken mits de sterren goed te staan – bij tijd en wijle heeft ze een zwak voor astrologie – soms is ze zelfs niet te beroerd van dergelijke kaas te genieten.

Om 8.20 a.m., dus vlak voor ze in aanraking kwam met kaas die haar waardigheid fundamenteel aantastte (ik ga het ziekenhuis aanklagen omdat de mensenrechten van je moeder zijn aantast, maar daar hoef jij je verder niet mee bezig te houden) zei ze: ‘Ik heb de afwezigheid van pijn nog nooit zo gewaardeerd.’

Ze is al 33 jaar op deze wereld, maar pas door jou – en toen was je nog niet eens geboren – ontdekte ze wat voor voorrecht het is om geen pijn te hebben. Dat inzicht heb jij haar bezorgd en als ze je later uitscheldt of op je billen slaat omdat je haar eten tegen de muur hebt gegooid, dan moet je gewoon zeggen: ‘Dankzij mij kun je de afwezigheid van pijn pas echt waarderen, dus probeer je een beetje te gedragen en reageer niet zo primair.’

Hier sluiten we het hoofdstuk kaas af, maar het hoofdstuk pijn gaat nog een tijdje door. Om 11 uur op die maandagochtend zei jouw moeder, in haar stem hoorde de goede luisteraar deemoed en berusting: ‘Raar idee dat ik nog luttele uren in het pijnparadijs moet rondwaren.’

Nou, luttele uren, maak daar ruim 24 uur van.

Het pijnparadijs, daar zijn we. Paradijs en pijn ineen, al zijn er uiteraard gradaties en soorten.

Om 2.30 p.m. die middag, uit angst dat nog meer voedsel haar waardigheid zou aantasten had je moeder de lunch overgeslagen en ik deed uit solidariteit met haar mee, kreeg ze een infuus omdat de artsen haar gingen volpompen met hormonen die jouw komst mede mogelijk moesten maken. Nu heeft ze moeilijke aderen, dus het vinden van de juiste ader was weer de hel. Ik schreef: ‘Na een drama met de aderen zegt N: ‘Zo die zit, noteer jij dat even.’’

Hier vinden we opnieuw essentiële informatie over heden en toekomst. Je vader is de notulist van je moeder. Zij zegt, ‘noteer dit,’ en hij doet het.

We slaan nu een stuk over. Om 8 uur p.m. arriveerde Maartje – een vriendin van je moeder – in het pijnparadijs met een kaasplankje, noten, chips, rode wijn en twee mesjes. Wat mensen allemaal meenemen naar het pijnparadijs, waaruit blijkt dat de mens, hoezeer hij ook voorbereid denkt te zijn op de bittere kanten van de realiteit, zijn naïviteit telkens weer niet of nauwelijks kan overwinnen. Desondanks at ik wat walnoten. Er is waardigheid, er is ook zoiets als overleven.

Op 9.09 p.m. riep jouw moeder keihard: ‘God, wat is dit?’ Ik keek naar je moeder en vervolgens naar het kaasplankje van Maartje, want ook op existentiële momenten moet de mens zich een houding geven.

Om 2.36 a.m. dinsdagochtend riep je moeder, na enkele hallucinaties en kreten die ik je zal besparen: ‘Fucking hell, dit is zo raar.’

Toen je ter wereld kwam, schreeuwde je moeder met zoveel emotie dat ook deze kreet door de ziel sneed: ‘God, we hebben een zoontje.’ Want ze wilde niet weten wat we kregen. Nou, toen wist ze het. Het pijnparadijs was niet voor niets geweest.

Tegenwoordig noemt ze jou ‘lieve pruttelaar.’ Wat mij meteen aan het werk van Char­lotte Delbo herinnerde, die na haar verblijf in Auschwitz de mens een lijk noemde waarin diarree pruttelt.

Lieve Alyosha, wij maken ons weinig illusies over de mens, toch ben en blijf jij ons licht. En hopelijk dat van vele andere mensen.

Een kusje,

Arnon

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234