null Beeld Humo
Beeld Humo

ColumnDelphine Lecompte

Delphine Lecompte: ‘Ik ben eerlijk gezegd nog nooit een scrotum tegengekomen dat me in vervoering bracht’

Delphine Lecompte

Dichteres Delphine Lecompte bericht enthousiast over drankmisbruik, baldadigheden en amoureuze perikelen.

Mijn podiumpersoonlijkheid is nog steeds aarzelende, angstvallige, anorectische onbeholpenheid. Dat is geen pose. Het was nooit mijn ambitie om op een podium te staan en mensen lastig te vallen met mijn grimmige teksten. Ik herinner me mijn allereerste poëzievoordracht: in boekenwinkel De Zondvloed te Roeselare.

De bloedmooie, ongenaakbare, onverstoorbare, sluwe, duizelingwekkende Roderik Six was erbij. Ik droeg bevend en klappertandend voor, ik wilde er zo snel mogelijk vanaf zijn. Ik heb geen moment gekeken naar het bescheiden publiek dat bestond uit: twee Litouwse voddenrapers, zes sceptische matrassenverkopers met walmende anale fissuren, zeven simpele lankmoedige necrofiele tegelleggers en vijftien briljante knikkebollende poppenherstellers. De plankenkoorts ben ik grotendeels kwijtgeraakt. Maar het gevoel dat ik een vreemde eend in de bijt ben, dat gevoel heeft mij nooit verlaten. Gelukkig zijn de mensen die afkomen op mijn poëzievoordrachten vaak gelijkgestemde zielen: weerbarstige herrieschoppers, morsige scharminkels en roekeloze misfits die mijn gekweldheid en kwetsbaarheid begrijpen en herkennen.

Mijn optreden vanavond in Houthalen Helchteren is zo’n warm bad: een allegaartje van sukkelachtige drankzuchtige onderwaterlassers, verloederde alpacafokkers en bipolaire garnalenpellers die tijdens mijn voordracht op de juiste momenten grinniken en braken, en die na mijn voordracht ongegeneerd mijn droefgeestige eierstokken en controversiële tepelhoven bepotelen terwijl de oude kruisboogschutter mijn boeken aan de man probeert te brengen. Ik kruip in de passagierszetel en wacht kribbig op de oude kruisboogschutter die één van de verloederde alpacafokkers lastigvalt met een lang relaas over die keer toen ik een voordracht had in de hondenschool van Sint-Pieters en constant werd afgeleid door de winderigheid van een pedante hooghartige kiwisorteerder die natuurlijk de schuld stak op zijn oude dove stoïsche bouvier wiens prachtige aars sereen rustte op de groene espadrille van een raadselachtige kannibalistische luchtballonvaarder. Dan rijden we eindelijk terug naar Brugge. De oude kruisboogschutter zegt: ‘Je was formidabel.’ Ik zeg: ‘Dat zeg je altijd.’ ‘Nee, dat is niet waar. In Nazareth onlangs was je dof en ontgoochelend, in De Pinte was je schabouwelijk, in Deinze was je onverstaanbaar, en in Haacht kan je je nooit meer vertonen.’

Ik zet de radio aan: Boys don’t cry van The Cure. Mijn eerste concert was een concert van The Cure. Ik was een plompe ontredderde deerniswekkende veertienjarige trol met alopecia en een haviksneus. Ik droeg een totaal ongepaste infantiele fuchsiakleurige sweater met een steigerende merrie op de voorkant en een kniezende merrie op de achterkant. Mijn moeder kocht mijn kleren toen nog voor mij, dat is ze blijven doen tot mijn 26ste. Line, een ranke stoere wereldwijze leeftijdsgenoot die reeds haar eigen kleren kocht vergezelde me. Toen de poorten van Flanders Expo opengingen stormde ze naar voren, ik raakte haar kwijt en liet me dankbaar molesteren door een 37-jarige pokdalige parapluverkoper met halitose en een gevangenistatoeage van een debiele kerkuil met een fez.

Het concert was prachtig, al kan ik niet zeker zijn: want na de aanranding viel ik flauw en werd ik opgelapt in de EHBO-tent. ‘Je hebt vast nog niets gegeten vandaag,’ zei de vriendelijke besnorde hulpverlener en hij propte gauw zeven marsepeinen citroenhaaien in mijn muil. Na het concert werden Line en ik opgepikt door onze moeders. ‘Hebben jullie genoten?’ vroegen onze fantastische moeders in koor. Line verklapte alles: ‘Delphine viel flauw! Het tere broze ziekelijke amechtige wicht heeft amper een flard van Robert Smith meegemaakt.’

De oude kruisboogschutter vraagt: ‘Waar denk je aan? Aan de magnifieke teelballen van de voormalige vrachtwagenchauffeur, zeker?!’ Ik zeg: ‘Nee, zo magnifiek zijn die teelballen niet. Ik ben eerlijk gezegd nog nooit een scrotum tegengekomen dat me in vervoering bracht. Ik dacht aan de stumperige zielenpoot die ik dertig jaar geleden was, en dat er ondertussen zo weinig is veranderd: ik ben nog steeds een stumperige zielenpoot.’ De oude kruisboogschutter protesteert: ‘Je bent een gevierde schrijver!’ Ik mompel: ‘Gevierd, gevierd, wat betekent het uiteindelijk allemaal? Straks ben ik een bittere afatische marginale irrelevante vereenzaamde verbleekte ster en wie zal dan nog gebroken picklesbokalen, Senegalese xylofoons en gietijzeren tuinreigers in mijn vagina willen proppen?! Niemand!’

Terug in Brugge kruip ik ietwat somber in mijn bed. Drie uur later word ik wakker en schud ik een grotesk overdadig gutsend uitbundig autobiografisch gedicht uit mijn mouw. Het gedicht gaat over de vinnige fecale duiveluitdrijving waaraan ik werd onderwerpen op het dak van een lugubere hertenragoutfabriek toen ik zes was. De duiveluitdrijving had gelukkig geen vat op mij. Een schorre haan kraait, ik trek mijn sandalen aan en loop met lekkende genitaliën naar de beschimmelde huurwoning van de voormalige vrachtwagenchauffeur. Maar dan gebeurt er iets vreemds: ik zie zijn naakte dampende alcoholistische lijf en ik heb plots geen zin meer om plaats te nemen op zijn vlekkerige misnoegde tronie en hem te laten slurpen van mijn veelgeplaagde uitgerekte pudenda. Gelukkig hervind ik twaalf seconden later mijn aangeboren amorele geilheid, ik neem plaats op de tronie van de versleten truckchauffeur en beveel: ‘Slurp, hond, slurp!’

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234