illustratie Ratatouille v2 Beeld humo
illustratie Ratatouille v2Beeld humo

ColumnDelphine Lecompte

Delphine Lecompte: ‘Ik haat anjers. Je kunt er zelfs geen recalcitrante onderwaterlasser mee vergiftigen’

Dichteres Delphine Lecompte bericht enthousiast over drankmisbruik, baldadigheden en amoureuze perikelen.

Mijn poëzievoordracht voor een seniorenvereniging in Kortessem loopt op wieltjes. Na mijn voordracht zijn er helaas twee lokale dichters die ook enkele versjes mogen declameren. Als dat neerbuigend klinkt, dan heb ik het zo bedoeld. De versjes gaan over hun verschrikkelijke kleinkinderen en over de natuur. ‘Maak anjers tot je vrienden’, is met voorsprong de meest schabouwelijke deerniswekkende regel waar ik het slachtoffer van word. Anjers zullen nooit mijn vrienden worden. Zelfs als ik erin slaag om een oude bittere door iedereen in de steek gelaten 80-jarige dragonder te worden in een bouwvallige hoeve in Koolkerke, met als enige gezelschap een weerspannige papegaai die om de haverklap Jean-Paul Sartre verkeerd citeert, een gewiekste ex-kooivechter die mijn financiën beheert, veertig ondankbare Roemeense zwerfkatten met aids, 197 lege keukensherryflessen en 225 vergeelde krantenartikels die bezoekers die nooit komen en Wit-Russische thuisverpleegsters die mijn beenzweren draineren van mijn glorietijd moeten overtuigen, zelfs dan zal ik nooit in de verleiding komen om vriendschapsbanden te smeden met anjers. Ik haat anjers. Anjers zijn stompzinnig en ongevaarlijk, je kunt er zelfs geen recalcitrante onderwaterlasser mee vergiftigen, mocht je dat willen.

De ene lokale dichter is sympathiek en zegt na zijn declamatie dat zijn versjes weinig voorstellen, dat het een hobby is, een manier om de verveling te verdrijven en te vergeten dat hij een ongeneeslijke hersentumor en een koppige zoon heeft die in Maleisië een castingbureau uitbaat voor fascistische dwergen, guitige buiksprekers en bijgelovige walvisvaarders. De andere lokale dichter gunt me geen blik waardig, hij waant zichzelf een miskend literair talent dat door de mediagenieke strapatsen van aanstellerige over het paard getilde trutten zoals ik schandelijk onderbelicht is gebleven. De tweede lokale dichter is de anjerdichter, uiteraard. De oude kruisboogschutter eet driftig Limburgse pruimenvlaaien, terwijl mijn schichtige bastaardhondjes op de zenuwen werken van werkelijk iedereen, vooral op de mijne. Nee, je kunt zelfs geen schichtige bastaardhondjes vergiftigen met anjers. Daarvoor heb je krokussen nodig. Deze middag besluit ik krokussen tot mijn vrienden te maken. Daarna mag ik signeren: ‘Aan de bekoorlijke duizelingwekkende Lieve’, ‘Aan de lankmoedige ontwapenende Frans’, ‘Aan de slimme roekeloze integere Manolito’, ‘Aan de formidabele charmante weergaloze Sarah-Jane’ enzovoort.

Tijdens de terugrit naar Brugge jammert de oude kruisboogschutter over het leed dat ik hem heb aangedaan door op 15 augustus 2019 in dronken toestand op de ruit van de voormalige vrachtwagenchauffeur te tikken, binnen te worden gelaten, naar ‘Car Wheels on a Gravel Road’ te luisteren, mijn kleren uit te trekken, te vragen om gepenetreerd te worden, niet begrepen te worden, de vraag traag te spellen, gespietst te worden, gelukzalig na te knorren, en de volgende dag niet tot inkeer te komen maar alles te herhalen.

Nee, ik ben niet tot inkeer gekomen. Ik hou nog steeds van de voormalige vrachtwagenchauffeur, en ik ben dan ook dolgelukkig als ik om halfacht zijn beschimmelde huurwoning kan betreden. Maar er wacht me een koude douche: hij zet de bloemetjes buiten in herberg Walhalla. Er ligt een briefje op de tafel: ‘Ben pintjes gaan drinken met Ria en Gerard in Walhalla, ik heb ten minste maten! Zal morgen alles goedmaken. Kwakamol kopen en je beffen. Sorry, xxx.’

Ik kan niet kwaad zijn op mijn lieve naïeve vileine sentimentele ex-trucker, die constant groene Mexicaanse smurrie voor me koopt en nooit aangespoord moet worden om mijn vulva te likken. Dat hij van twaalf uur ’s middags tot zeven uur ’s avonds zombieachtig naar ‘Abandoned Engineering’ en documentaires over incestueuze goudzoekers kijkt met een lauwe pils in zijn knuist en een bakje onaangeroerde mosselen in azijn op het bijzettafeltje, vind ik niet eens zo ergerlijk. Zeker niet sinds ik me bijna elke dag van twaalf uur tot achttien voor één ’s middags verdiep in de uitvaartrituelen van de Natchez-indianen, en daarna tot zeven uur ’s avonds afwisselend masturbeer met een bronzen beeld dat een zonnebadende sabelwolf voorstelt en met een fraaie Friese scheepsbel zonder wandbeugel, terwijl ‘Carry That Weight’ van The Beatles door mijn sinistere slaapkamer galmt.

Maar vandaag heeft mijn voordracht in Kortessem roet in het eten gegooid, dus ga ik naar het dichtstbijzijnde park en geef ik een wanhopige troosteloze pijpbeurt aan de eerste de beste ontslagen kraanmachinist. Na de pijpbeurt worden we geen maten.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234