Delphine Lecompte Beeld Humo
Delphine LecompteBeeld Humo

ColumnDelphine Lecompte

‘God nam zelfs niet de moeite om mij een aangenaam karakter te geven’

Delphine Lecompte

Ik mag vandaag het podium van de Minardschouwburg delen met de schalkse tomeloze robuuste blasfemische filosoof Johan Braeckman. Ik draag gedichten voor en Johan stelt achteraf plagerige speelse oneerbiedige aartsmoeilijke vragen. Na mijn nasale voordracht van ‘Geen Succes Blues’ vraagt Johan: ‘Wie is guitige Lori?’ Ik zeg: ‘Guitige Lori was mijn aartsrivale in het François Laurentinstituut. Ze was de bolleboos van de klas, ze wist als enige 10-jarige dat Hatsjepsoet geen niesbui maar een farao was. Ze droeg een prachtige groene diadeem en ze werd op handen gedragen door haar perfecte ouders die een lucratieve gordijnkwastenwinkel uitbaatten en ’s nachts zelden of nooit Lori’s slaapkamer betraden om haar kraaknette labia te geselen met Transsylvanische poliertruwelen.’ Het publiek hoeft niet te weten dat ik tijdens een klasuitstap naar het Gravensteen, onder toezicht van de sluwe sletterige innemende juffrouw Gina die altijd een ooglap droeg en een groezelig T-shirt van Frankie Miller, guitige Lori naar de guillotine lokte met de belofte van een smakeloze sticker van een nukkige Maine Coon-kater in een art-decofruitschaal. Het onnozele wicht legde zich gewillig neer op de guillotine, maar een alerte suppoost kwam net op tijd tussenbeide. Hij zei: ‘De guillotine is geen speelgoed.’ Ik zuchtte verveeld en probeerde guitige Lori dan maar naar beneden te duwen tijdens de commotie die er ontstond tussen de forse kantelen van het Gravensteen toen Rachid alweer dreigde te stikken in zijn onafscheidelijke foptarantula. Maar opnieuw werd ik tegengehouden, deze keer door een bemoeizieke vileine puriteinse zeepboomkweker.

Juffrouw Gina stond aan de wieg van mijn dichterschap. Dat ging zo: toen het bijna Moederdag was, zei Gina tegen de klas: ‘Ik wil dat jullie een Moederdaggedicht schrijven. Alle kinderen schreven kleffe sentimentele oden aan hun slonzige cholerieke neurotische manipulatieve bitsige ouzoverslaafde moeders met smetvrees en meer oog voor hun Afghaanse windhonden en wandelende takken dan voor hun kroost.

Ik schreef geen sentimentele troep, ik schreef: ‘Weet je wat? Ik ben mijn moeder zat! / Ze is een tirannieke zaag en ze geeft me te vaak pakken slaag / Ze gaat van bil met louche Moldavische touwslagers en ze luistert constant naar Dylan en CCR / Het mag een wonder heten dat ik haar niet afslacht met een gemummificeerde baardagame / Maar ik ben nu eenmaal erg tolerant en vreedzaam.’ Juffrouw Gina vond het een fantastisch gedicht.

De voorstelling met Johan Braeckman is een schot in de roos. Achteraf signeer ik mijn boeken.

De oude kruisboogschutter staat naast me, we hebben een veiligheidswoord afgesproken. Als mijn fans te hitsig en opdringerig worden, zal ik ‘Vulkaanuitbarsting!’ roepen en dan moet de oude kruisboogschutter mijn fans neermeppen. Helaas vergeet ik het veiligheidswoord. Tevergeefs roep ik ‘Magmadifferentiatie!’ wanneer een wellustige lispelende anemische ex-stierenvechter mijn schrale linkerborst vastklemt en zegt: ‘Ik wil je graag trakteren op een Finse borstvergroting, Fientje!’

‘Kratermond!’, ‘Lavakoepel!’, ‘Spleeteruptie!’, ‘Amputatiefetisj!’, ‘Opblaasorka!’, ‘Nierbekken!’, ‘Rijstpudding van de Lidl!’, ‘Gonorroe opgelopen tijdens de jaarlijkse quizavond van hondenschool De Lankmoedige Bouvier te Lichtervelde!’, ‘Castratieangst!’, ‘Okapistampede!’, ‘Krentenbaard!’ Om middernacht verlaten we eindelijk de Minardschouwburg, de oude kruisboogschutter zegt: ‘Zie je wel dat het meeviel?! Je hebt zelfs geen enkele keer het veiligheidswoord ‘vulkaanuitbarsting’ hoeven te gebruiken.’ Ik zeg dof: ‘Ja, het viel mee.’ Terug thuis in het kneuterige katholieke Brugge luister ik naar ‘God’s Song’ van Randy Newman: ‘You all must be crazy to put your faith in me.’ Ik heb God al lang geleden afgezworen, in 1985. Ik vroeg hem nederig om mij tijdens de jaarlijkse playbackwedstrijd van Immaculata in De Panne te laten zegevieren met mijn koortsige doorvoelde versie van ‘Madhouse’ van Anthrax. Maar ik ging af als een gieter. Bovendien werd ik na de wedstrijd gemolesteerd op het Sloepenplein door een naargeestige alpacafokker die er geen doekjes om wond en ongegeneerd ejaculeerde op mijn nachtbeugel maar ook op mijn heuptasje van de Meli.

Maar het seksuele geweld was klein bier in vergelijking met mijn nederlaag op het podium van Immaculata. Ik werd laatste, ik kreeg als troostprijs een rabarberstengel die grondig was afgesabbeld door een verdorven sponzenverkoper. God heeft nooit een poot uitgestoken voor mij. Hij nam zelfs niet de moeite om mij een D-cup, een aangenaam karakter, een broeierige landerige seksverslaafde 14-jarige Bosnische buurjongen, een sympathieke chowchow, een litho van Topor, en een appetijtelijke g-spot te geven.

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234