heleen debruyne teaserBeeld Humo

columnHeleen Debruyne

Heleen Debruyne: ‘Het kan evengoed een keer eindigen in een gebroken kaak, of een plas bloed’

Het is bijna middernacht, de buren schreeuwen weer. Ik gun iedereen een goede middernachtelijke scheldpartij. Zelf zijn we ook niet de meest discrete ruziemakers, we verheffen onze stemmen samen naar een catharsis toe om dan beduusd in elkaars armen te liggen, geschrokken van ons eigen geluid. We horen het dus even aan. Dan verandert er iets in het geschreeuw: het is niet meer boos tegen boos, maar boos tegen bang. ‘Laat me los,’ horen we. Er begint een kind te huilen, en nog eentje. Het geschreeuw en gehuil houdt aan. Aanbellen willen we niet, dat werd ons eerder al kwalijk genomen. ‘Laat hem los,’ paniekerig nu. Bij gebrek aan een beter idee bellen we de politie. Ik trek een kamerjas aan en ijsbeer van het open raam naar de sofa en terug. Geen combi in zicht. Het wordt stil - dat is geen opluchting. Pas na twintig minuten zie ik het witte politiebusje de straat inrijden. Ze bellen aan bij een andere buurvrouw, ze staat in een pastelkleurige pyjama en bijpassende pluizige slippers in het deurgat. Zij heeft kennelijk eerder gebeld, ik zie haar wijzen naar waar er wordt geschreeuwd. Twee agenten stappen naar het huis en bellen aan. Achter de gesloten gordijnen gaat een licht uit, niemand doet open. Ze wachten heel even, bellen nog eens, wachten nu minder lang. De deur blijft dicht en zij stappen terug de combi in. Nu sta ik in mijn deurgat, wuif naar de combi. Er gaat een raampje naar beneden. ‘Ja?’ ‘Kunt u even hierheen komen? Ik maak me een beetje zorgen...’ ‘Als u wat te zeggen heeft, mag u naar me toe komen!’ ‘Ja maar, euh,’ aarzel ik, ik heb geen kleren aan, ik vrees plots de woede van de schreeuwende buurman, ik denk aan die kinderen, ik ben in de war. ‘Als u ons niet vertrouwt, hoeft het niet hoor,’ snibt de agent. En weg rijden ze.

Nog verwarder en vooral boos bel ik de politie nog een keer. Een vermoeide stem verzucht dat hij niets kan zeggen over de interventies van zijn collega's en dat hij erop vertrouwt dat zij de situatie correct hebben ingeschat. Op mijn ‘Maar de deur ging niet open! Ze hebben haar niet gezien, de kinderen niet,’ herhaalt hij dat hij niets kan zeggen. ‘Is er niets anders?’ vraagt mijn lief. Ik herinner me 1712, ‘de professionele hulplijn bij vragen over geweld’, volgens mijn smartphone. Daar moeten we zijn. Een computerstem meldt dat ik met elke vraag over geweld elke werkdag kan bellen, tussen negen en zes. Want geweld houdt zich aan de kantooruren. Ik kan ook chatten met een medewerker, morgen vanaf één uur. Of mailen.

De buurvrouw zie ik de volgende dag op straat, de kinderen voetballen op het pleintje. Het geschreeuw klonk misschien erger dan het was. Maar het kan evengoed een keer eindigen in een gebroken kaak, of een plas bloed. Als het niet zo ver komt, is dat niet dankzij de bevoegde instanties. We besluiten volgende keer weer aan te bellen.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234