null Beeld BELGAIMAGE
Beeld BELGAIMAGE

columnTom Lanoye

‘Het zal nog even duren voor iemand tegen Assita Kanko durft te zeggen: ‘Hou nu eens twéé seconden je kwek, mens!’’

Mogen we Europees Parlementslid Assita Kanko een bounty noemen? Zij vindt dat een uiting van onduldbaar racisme. Maar laat ik eerst een kleine toelichting geven voor wie erin geslaagd is om dertig jaar diversiteitsgekibbel te rateren. Een ‘bounty’ verwijst naar de gelijknamige gevulde reep. Suikerwitte kokossmurrie gevat in mierzoete nepchocolade. Geen mens die snapt dat zulke viezigheid al decennialang kopers vindt.

In overdrachtelijke zin is een bounty een persoon die vanbuiten bruin of zwart is, maar aan de binnenkant wit qua culturele reflexen, vastgeroeste denkbeelden en geassimileerde vooroordelen. In Angelsaksische landen spreekt men tevens van ‘a coconut’. Hier in Zuid-Afrika bijvoorbeeld noemt een populaire YouTube-comédienne zichzelf Coconut Kelz. Haar bestseller, in zogenaamde bewondering opgedragen aan Donald Trump, heet ‘My Guide to Surviving This Shithole’. Met tal van hilarische tips om je als zwarte jonge vrouw te wapenen tegen ‘black privilege’. (‘Want white privilege is een mythe, hoor! Al mijn witte vriendinnen hebben zich totáál kapot moeten werken om de bedrijven en het wagenpark van hun ouders te kunnen erven.’)

ORAKEL

Maar soit, terug naar onze beginvraag. Mogen we Kanko een bounty noemen, of is dat een kwetsende, mensonterende belediging?

Míjn culturele reflex luidt: haal eerst advies bij het Orakel der Vrije Meningsuiting, de redactie van Charlie Hebdo. En ga vervolgens eens opsnorren wat Kanko’s partij, de Nieuw-Vlaamse Elite, in petto heeft voor al wie anders denkt dan haar eigen leden. In de fruitsector blijvend, noemen zij ieder lid van Groen ‘een watermeloen’: groen vanbuiten, rood vanbinnen. Was het maar waar, denk je soms, kijkend naar Kristof Calvo. Sinds het begin van de Vlaamse Beweging spreken flaminganten ook van ‘franskiljons’. Die zijn aan de buitenkant Vlaming, maar aan de binnenkant diens volstrekte tegendeel. Te weten: losbollig, wuft, spilzuchtig, lui, bij het fietsen niet tuk op poldermodder en onbegrijpelijk verliefd op de Franse taal, alsook op het koninkrijk België. Zodoende werd franskiljon een synoniem voor verrader.

Ik beken: ik ga ook zelf een goede schimpnaam niet uit de weg. De leden van de goedgeklede gymnastiekvereniging Schild & Vrienden bestempel ik weleens als barbecuebriketten. Zwart vanbuiten en zwart vanbinnen. En om de verwarring compleet te maken, kan bounty ook dienen als plaagnaam onder makkers. Sportjournalist Aster Nzeyimana werd vorig jaar geïnterviewd door De Morgen, waarbij hij overtuigend poseerde als het neefje van Lenny Kravitz, met zonnebril en bandana. In de tekst kroonde hij zichzelf evenwel tot bounty. ‘Dat is de bijnaam die zwarte vrienden mij geven en dus mijn geuzennaam, quoi.’

Prompt werd hij op Twitter tot de orde geroepen. Door ene @JoeMbongo. Die is inmiddels ontmaskerd als heteroniem van Dries Van Langenhove. Dat is de Duce van de hogergenoemde schietclub. Zijn nepaccount opent met snurkende zwarten en het onderschrift: ‘Zo slaap ik, wetend dat flamands voor mijn uitkering werken…’ Nog steeds voorwendend volbloed Afrikaan te zijn, spoorde Joe Mbongo Aster Nzeyimana aan tot identitaire strijd: ‘Ik aanvaard van niemand dat die mij het recht ontneemt om zwart te zijn!’

Het antwoord van Nzeyimana was even sec als cool. ‘Niemand neemt me dat af, hoor. Ik heb gewoon weinig meegekregen van het land van mijn vader.’

Ik betwijfel of zulke schouderophalende coolness ook besteed zou zijn aan Kanko. In ‘De zevende dag’ pletwalste ze via Zoom alvast over de arme Lisette Ma Neza heen, over wie straks meer. Het ging natuurlijk weer over de vertaling van ‘The Hill We Climb’, het historische inauguratiegedicht van Amanda Gorman. De bottomline van Kanko kwam neer op een soort über-wokeness. Uitgenodigd als zwarte vrouw zei ze dat ze nooit ofte nimmer zou willen worden uitgenodigd omdát ze zwart en vrouw is, omdat ook dat alweer racistisch zou zijn.

Indien interviewster Lisbeth Imbo consequent ware geweest, had ze, uit respect, toen al de Zoom met Kanko moeten verbreken. Maar je zag in Imbo’s ogen de paniek van inmiddels een soort drievoudige correctheid. Kán ik de verbinding wel verbreken met een zwarte vrouw die een andere zwarte vrouw uitschijt omdat nooit iemand áls zwarte vrouw zou mogen worden uitgenodigd, zonder dat ikzelf achteraf als witte vrouw twee keer beticht zal worden van racisme? Het zijn zware tijden voor Vlaamse journalisten die hun eerste stappen zetten op het mijnenveld van de superdiversiteit. Het zal om te beginnen nog een tijdje duren voor iemand onvervaard tegen Kanko durft te zeggen wat ik zo vaak, en meestal terecht, te horen krijg: ‘Hou nu eens twéé seconden je kwek, mens!’

LISETTE’S GOT TALENT

Nu we het over mezelf hebben: waarom zijn ze mij niet komen vragen voor die vertaling van Gormans gedicht? Het had iedereen veel kopzorg bespaard. Want anders dan de inmiddels ook al afgeserveerde Catalaanse vertaler – die grosso modo mijn profiel bezit: zestiger, man en fan van Shakespeare en Homerus – zou ik de klus niet hebben aanvaard.

Niet uit dedain of zelfhaat. Ik zou naar waarheid hebben opgebiecht dat ik mij, oog in oog met deze specifieke tekst en zijn noodzakelijke voordracht, zou voelen als een krultang naast een bonenstaak. En dat er, indachtig dit vers en zijn impact, veel betere opties waren dan mijn belegen en voorspelbare ik. Ik zou, met naam en toenaam, Lisette Ma Neza hebben gesuggereerd. En als doorslaand argument zou ik verwezen hebben naar VTM.

Lisette nam daar deel aan ‘Belgium’s Got Talent’. In haar eentje, zonder muziek of dans, als slam poet. Ze kreeg de zaal aan haar voeten en alle handen langdurig op elkaar, voor haar combattieve en toch lekkere gedichten. Aangaande – het is slam poetry, hè – vrouwenrechten, ongelijkheid en onbeantwoorde liefdes. Niet zonder milde humor en altijd vol van hoop. Lisette ís gewoon de Amanda Gorman van de Lage Landen, quoi! Ze woont als Nederlandse met Rwandese roots in Brussel, is niet weg te slaan van Hollandse podia, won het Belgisch kampioenschap Poetry Slam, werd in Parijs Europees vicekampioen en in Rio de Janeiro vicewereldkampioen. Ze heeft bovendien dreadlocks en van die guitige kuiltjes in haar wangen en ze draagt meestal van die funky bottekes tot aan de knie. Als ik ooit hetero word, stuur ik haar negenhonderd sms’en.

Wat is er méér nodig voor een uitgeverij om te denken aan iemand als Ma Neza? Bij een performancetekst par excellence, die tournures bevat als ‘(This) time / Where a skinny black girl / Descended from slaves / And raised by a single mother / Can dream of becoming president…’ Moet een ouwe zak als ik dat gaan vertalen én als eerste performen? Want dat is een onontbeerlijk onderdeel van deze vorm.

Het is meteen de crux van deze hele deconfiture. Het meest levendige, jonge, spannende en diverse deel van onze literatuur speelt zich al jaren af in drukbezochte zalen waar geen literatuurpaus zich laat zien zonder zijn neus op te halen. ‘Slam poems? Slijm inderdaad! Niets dan knittelverzen en aanstellerij zonder diepgang!’ Maar als er opeens toch een wereldberoemd gedicht valt te vertalen, komen de zelfverklaarde gedegen duiders plots uit de coulissen tevoorschijn om alle anderen opnieuw van het voortoneel weg te wurmen. Schermend met Hölderlin en Rimbaud. En nooit eens met Jules Deelder of Linton Kwesi Johnson. Laat staan Seckou Ouologuem of Carmien Michels.

LE CITOYEN

Is Assita Kanko een excuustruus? Ze komt de N-VA alleszins goed van pas in alle diversiteitsdiscussies, in zoverre dat je mag gewagen van een passe-partout. Niet alleen bij poëziediscussies, overal staat Kanko als eerste in de rij klaar om, als zwarte vrouw, te betogen dat zwarten of vrouwen geen zetjes of aandacht verdienen omdát ze zwart of vrouw zijn. Haarzelf levert dat, paradoxaal genoeg, veel zetjes en aandacht op. Vooral omdat haar ene opinie telkens weer wordt uitvergroot bij een achterban die al op voorhand haar mening deelt en die nu, naar haar wijzend, kan zeggen: ‘Zie je wel? Ze zeggen het zelf!’ Ook al zeggen nog zoveel anderen het tegendeel.

Ik zie iemand die, overspringend van Franstalige liberalen naar uitgerekend Vlaams-nationalisten – van de Gilles van Binche naar letterlijk de garnaalvissers van Oostduinkerke – niet eens het gebruikelijke etiket van platte opportunist kreeg opgeplakt. Juist omdat het voor velen nog steeds zo onwennig aanvoelt om een zwarte vrouw even zwaar te kritiseren als een seriële mossel van het type Siegfried Bracke. Zoiets noem je een voorrecht en een voordeel.

Het is echter Kanko’s goede recht om dat voordeel ten volle te benutten. Ik geloof zelfs dat ze gelooft in wat ze betoogt. Omdat ze, juist via haar dubbele Franse roots (Burkina Faso en WalloBrux), nog altijd meer doordesemd is van la citoyenneté dan van garnaalvissers en mattentaarten.

Anders dan in Amerika erkent de Franse cultuur geen parallelle Native Americans, Asian Americans, African Americans… Het Franse model erkent alleen De Burger, en die mág geen zier verschillen van alle andere burgers. Naar de heilige idealen van de Franse Revolutie. Geen integratie van onderuit, maar assimilatie, opgelegd van bovenaf. Geen eenheid in verscheidenheid, maar eenheid tegen de verscheidenheid in. Uniformiteit zonder gelijke kansen.

Mij doet die citoyen in zijn gelijkheidsclaim te veel denken aan de vroegere Sovjetburger. Die was zogezegd ook overal en altijd gelijk, ontslagen van godsdienstige, klasse- en culturele verschillen, met z’n allen in dienst van Vadertje Staat. Maar achter de façade bloeide het tegendeel. Een nomenklatoera voor apparatsjiks, en voor het plebs een scala aan ongelijkheden die niet mochten worden benoemd.

Geef mij dan maar de ingewikkelde kluwen van meervoudige identiteiten en de erkenning dát diverse lagen bestaan. Ook al dragen ze soms onsmakelijke namen als bounty.

Tom Lanoye Beeld Tom Lanoye
Tom LanoyeBeeld Tom Lanoye
Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234