null Beeld Humo
Beeld Humo

columnHerman Brusselmans

HLN heeft zich pijnlijk vergist, maar wij hebben de échte naam van het kindje van Herman Brusselmans

‘Herman Brusselmans maakt naam van kindje nu al bekend’, kopte Het Laatste Nieuws. De onthulling in Humo dat de schrijver zijn eerste spruit Noud zou dopen, was natuurlijk niets meer dan een speelse knipoog naar Onze Man, zo besefte ook HLN al snel. Maar dankzij Brusselmans’ nieuwste column kunnen wij nu exclusief bekendmaken: dit is de échte naam van zijn eerstgeborene. ‘Waar ik rekening mee houd, is dat ik, tegen m’n voornemens in, de naam van m’n zoon of dochter op m’n onderarm zal laten tatoeëren.’

Herman Brusselmans

Het (intussen verwijderde) artikel van Het Laatste Nieuws:

null Beeld rv
Beeld rv

Herman Brusselmans gaat iedere week op zoek naar het verhaal achter een opvallende kop in de krant of op een nieuwssite. Deze week: ‘Amper 1 op de 5 tattoozaken in orde met alle regels.’

De regels voor een tattoozaak zijn simpel: het pand moet in goede staat verkeren, de naalden moeten ontsmet zijn, de inkt moet onuitwisbaar zijn, de tatoeëerder moet proper zijn, de stoel waarin de klant zit, mag niet half of geheel kapot zijn, de vloer moet gepoetst zijn, er mogen geen spinnenwebben in de hoeken hangen, huisdieren zijn verboden, als de tatoeëerder een vrouw is, moet ze een diep decolleté dragen en uiteraard geen beha, en de klant mag geen pijn hebben. Of althans niet te veel pijn, want een beetje pijn komt er hoe dan ook bij kijken, wat zou je willen, er worden godverdomme scherpe naalden in je lijf of je kanis geramd. Maar bij vier van de vijf Vlaamse tattoozaken is het een zootje, het stinkt er en vaak is de tatoeëerder ongewassen, ruikt hij onfris uit z’n bekkie of heeft ze een beha aan.

Ik heb nooit begrepen waarom mensen één of meerdere tattoos willen. Vaak hebben ze er een uitleg bij. Als er ‘Petrus 070777’ op hun bovenbeen is geïnkt, luidt de uitleg: ‘Petrus was m’n grootvader en hij is gestorven op 7 juli 1977.’ Of er staat op een rug een enorm Christusbeeld, met als uitleg: ‘Ik geloof in God en dat z’n Enige Zoon aan het kruis is gestorven, ter redding van ons allen, en bij Zijn wederkeer zal de Aarde zich splitsen en allen zullen we erin gezogen worden, op weg naar een andere en betere wereld.’ De gast met z’n Christusbeeld die mij die uitleg verstrekte, was zo zot als een achterdeur, snoof elke dag 7 gram cocaïne, torste een spraakgebrek en had op z’n borst de maagd Maria met een schaal vol tuinbonen in haar handen. Toen hij daarover uitleg wilde geven, maakte ik me als een haas uit de voeten.

De meeste tattoos zijn ook enorm slecht gemaakt. Dat komt omdat slechts één op de honderd tatoeëerders talent heeft om een mooie afbeelding te bedenken en die op zo’n manier te plaatsen dat je niet meteen denkt: wat stelt dat in ’s he­melsnaam voor? Ik vroeg laatst aan een pipo met een afbeelding op z’n schouder: ‘Wat stelt het voor?’ Hij antwoordde: ‘Een Viking die met z’n zwaard een ijsbeer doorboort.’ Ik zei tegen hem: ‘Ik dacht dat het tante Sonja was die een paraplubak naar een Eskimo gooit.’ Hij was op z’n pik getrapt, maar ja, dan moet je je maar niet laten volzetten met volstrekt onleesbare en onbevattelijke tattooshit.

Uiteraard heb ik mezelf voorgenomen om nooit een tattoo te nemen. Niet alleen heb ik een gevoelige huid die last kan ondervinden van gedoe met naalden, maar net zo goed heb ik nooit geweten wat ik zou moeten laten tatoeëren. Alleszins niet een naam. Niet van m’n vader, m’n moeder, m’n vriendinnen, m’n honden, m’n idolen (Woody Allen, John Lennon, Rivelino) of mezelf. M’n vader zou, mocht hij nog leven, heel pissig zijn dat ik z’n naam zou laten tatoeëren. ‘Je hebt al lang haar, je loopt gekleed als een mislukte rockzanger en je rookt je te pletter aan drugs. Laat een tattoo zetten en ik geef je een klap tegen je bakkes.’ Dat ik drugs rookte, heb ik hem ooit wijsgemaakt om hem te pesten, want ik heb nog nooit een halve joint gerookt. Je vader pesten, dat is toch het leukste wat er is? Als ik over een maand of zeven Deo ­volente zelf vader word, hoop ik dat m’n zoon of dochter binnen de vijf jaar volop zal beginnen met mij te pesten. Dat wordt lachen. Ik zal hem of haar natuurlijk terugpesten en pakweg suiker in het zoutvaatje doen voor ze hun friet met vol-au-vent beginnen te eten.

Maar goed, waar ik rekening mee houd, is dat ik, tegen m’n voornemens in, de naam van m’n zoon of dochter op m’n onderarm zal laten tatoeëren. Zo’n naam is het waard om eeuwig op het lichaam van de verwekker te prijken. Dus dat wordt ofwel Dolores als het een meisje is, en Cosmo als het een jongen is. Welke het zal zijn, komen m’n vriendin en ik over twee weken te weten. Ik heb al contact opgenomen met een tatoeëerder, niet toevallig hier in m’n eigen straat, dan moet ik niet ver lopen. Hij heeft me drie lettertypes voorgesteld, en daar heb ik één uit gekozen, een soort Times New Roman, erg eenvoudig en toch bijzonder. De tattoozaak voldoet aan alle regels, en de tatoeëerder draagt geen beha, dat heb ik terdege gecontroleerd. Enfin, het zal raar aanvoelen om ‘Dolores’ of ‘Cosmo’ op m’n arm te hebben staan, maar voor je kind moet je veel overhebben.

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234