Tom LanoyeBeeld Tom Lanoye

Corona in KaapstadTom Lanoye

‘In heel Afrika spreken steeds meer kwatongen niet van het Chinese, maar van het Europese virus’

Schemeroorlog, zo luidt de mooie vertaling van drôle de guerre en phoney war. Allemaal termen voor de onbehaaglijk stille periode vlak vóór het krijgsgeweld in volle omvang losbarst.

Zo voelt na Antwerpen ook Kaapstad aan, in het midden van de maand maart tijdens dit hellejaar 2020. Iedereen beseft dat de catastrofe onvermijdelijk is, maar de sfeer blijft voorlopig beschaafd bezorgd, zelfs geforceerd luchtig, ondanks de alarmerende berichten in alle media. De regering van Cyril Ramaphosa schakelt over van adviezen naar steeds strengere maatregelen. Stapsgewijs gaat mijn tweede vaderland het eerste achterna. Maar de ravage, vrees ik, wordt hier onvermijdelijk groter.

MADE IN TURKEY

'Ach, het waait wel over,' schokschoudert mijn kleermaker niettemin, als ik mijn nieuwe pak kom afhalen. Ik ben net terug van een korte retourtrip naar de Lage Landen, voor de Foire du Livre in Brussel en de Boekenweek in Nederland. Dat hij me deze keer niet de hand schudt, weerlegt zijn zorgeloosheid, die - alle begrip - neerkomt op middenstandswanhoop: wat staat zijn jonge zaak te wachten? Naarmate ik hem, op zijn voorzichtige vraag, voorzichtig uitleg in welke noodtoestand ik Europa heb achtergelaten, neemt hij voetje voor voetje meer fysieke afstand van me, in zijn kleine, opeens beklemmend lijkende winkel. Ik begrijp dat, maar hoeveel zin heeft zijn plotse social distancing? Iedere dag passeert hier ongekuist en ongefilterd de hele wereld. Mijn verstelde pak is 'Made in Turkey', de naaister is Zimbabwaans, haar collega's zijn coole sapeurs uit Kinshasa, het garen, de scharen en de naaimachines zijn van Chinese makelij, de huidige klant is een Belg, de vorige was een Texaan en de uitbater - verloofd met een Argentijnse - was drie generaties geleden volbloed Italiaan. Ziedaar de globalistische samenvatting van slechts één pand met een grondoppervlak van 60 vierkante meter in de hipste straat aan de voet van de Tafelberg. Ook Afrika bestaat nog amper, zeker in de grote steden. Alles is overal geworden. Overal en nagenoeg tegelijkertijd.

'En toch komt alles dik in orde,' stelt mijn kleermaker zichzelf gerust. Cash betalen hoeft deze keer niet, de factuur zal hij me digitaal mailen, het pak reikt hij met uitgestrekte arm aan. Het draagt een beschermende hoes van zwart cellofaan, zoals altijd. Maar deze keer straalt het laagje plastic iets sinisters uit. De werkelijkheid is het sterkste theater.

BOEKENBAL

Ik hoop dat uit het bovenstaande tafereel geen greintje leedvermaak spreekt. Ik herken me juist in die slecht gecamoufleerde angst. Op het etentje voorafgaand aan het Boekenbal stond ik nog extra opzichtig te huggen met Connie Palmen en Mano Bouzamour: 'Het jaarthema is toch 'De literaire rebel'? Uit protest tegen de tuttige gedragsvoorschriften die we net nog kregen toegemaild, zouden we elkaar zelfs moeten tongzoenen.' Tot dat laatste liet geen van beiden zich lijmen. Voor de rest lapten we de gedragsvoorschriften grandioos aan onze laars.

Op het Boekenbal la même chose. Overal ongegeneerde high fives en knuffels, regelrechte zoenen, in elkaar gehaakte armen, monden die te dicht bij andermans oren een schreeuwende roddel ten beste gaven, tegen de bruisende dansmuziek in... Terugkijkend lijkt het op tangodansen in een smeulende kruitfabriek. In hoeveel romans zal er de komende jaren naar verwezen worden, als keerpunt? Ik had het niet willen missen. En toch. Voelend wat ik nu voel, zou ik niet meer gaan.

MOEDERSTAD

Wat ik wel nog steeds zou doen, is vanuit Europa meteen terugvliegen naar The Mother City, zoals Kaapstad liefkozend wordt genoemd, ook door wie er niet woont. Er is weinig waar we zo'n virus dankbaar voor moeten zijn, allicht is dit het enige: het maakt finaal zonneklaar waar je hart zich bevindt. Mijn vent was niet meegereisd, dus ik kon niet snel genoeg weer aan zijn zijde staan en slapen. Dat was het enige wat telde. Desnoods maar samen ten onder. Toen het vliegtuig opsteeg in Schiphol en zijn neus richtte naar Kaap de Goede Hoop, elf uur verder, moest ik zowaar denken aan een verbasterde slotscène van 'Casablanca': 'You'll regret it if you stay. Maybe not today, but soon and for the rest of your life.' Het rampgebied onder ons, keurig Hollands ingedeeld en aangeharkt, werd al snel kleiner in het ovale vliegtuigraampje.

Eén blik op de grafieken in Kaapse kranten maakte duidelijk dat het rampgebied mij achternareisde. Niet eens te paard, maar met een racewagen. Het hamsteren was ook hier al begonnen. Met één lokale touch: vooral bevroren braaivleis en boerewors raakten uitverkocht. De universele touch liet zich raden: alleen de verkoop van wc-papier liep beter dan die van worsten. Daarover braken ook hier de commentatoren zich het hoofd. De origineelste uitleg? Voor velen moet de zindelijkheidstraining als kleuter zo traumatiserend zijn geweest dat ze in tijden van crisis onderbewust nog altijd aan mammie willen bewijzen dat ze minstens hun drol de baas zijn. De illusie van controle is beter dan helemaal niets.

'Wij, Zuid-Afrikanen,' zo sms'te onze hartsvriendin en journaliste Marianne Thamm, 'hebben een groot gevoel voor zwarte humor. We hebben de apartheid overleefd, een bijna-burgeroorlog, president Zuma én de wereldbeker voetbal. Door nooit te stoppen met lachen. Dat moet ook deze keer lukken.' Vorige week - een eeuwigheid geleden, dus - leek dat inderdaad nog te lukken. In de haven van Kaapstad meerden zeventienhonderd passagiers aan in een Cypriotisch cruise- en cargoschip, genaamd MV Corona. Twitter ging uit zijn dak. 'Geen wonder dat het zo snel gaat: ze verspreiden het nu ook per cargo!' En wat betekende in godsnaam 'MV'? Volgens de ene 'Miss Venezuela', volgens de andere was het Cypriotisch voor 'Mexicaanse bierboot'.

Maar vlak na het afmeren, een paar dagen later, bleken twee bemanningsleden wel degelijk besmet te zijn. De MV Corona ligt nu in quarantaine buiten de havenwateren en wordt met mondmaskers bevoorraad per helikopter.

HET EUROPESE VIRUS

Zelf weet ik nu ook un poco hoe het moet aanvoelen om als Chinees rond te lopen op een rally van Donald Trump. In heel Afrika spreken steeds meer kwatongen niet van het Chinese, maar van het Europese virus. In Senegal, waar mijn neef met zijn gezin van drie kinderen woont, gooien de bedeljongens je niet langer 'Smerige toubab!' naar het hoofd als je weigert iets te geven. Ze roepen 'Corona!', waarmee ze hetzelfde bedoelen.

In Zuid-Afrika werd de zwarte humor danig op de proef gesteld door een Nederlandse toerist die in Stellenbosch een paar dozijn wijnhuizen had bezocht en pas na thuiskomst ontdekte dat hij al die tijd besmet was geweest. Alle wijnhuizen sloten meteen hun deuren. De twitterati klonken opvallend sarcastischer dan bij de MV Corona. 'Typisch! In 1652 stuurden ze Jan van Riebeeck en zijn onderdrukkende Verenigde Oost-Indische Compagnie. Nu komen ze ons als zuiptoerist een tweede keer ruïneren.'

Zo'n opmerking was eens te meer bedoeld als grap. Iedereen beseft maar al te goed dat zuipende en andere toeristen de belangrijkste bron van inkomsten vormen, na de mijn- en de fruitbouw. Maar de onmacht en onverwerkte rancune zijn er niet minder om. En bovenal de benauwenis. Wie daar geen begrip voor toont, is een hond.

HAPPY BIRTHDAY

De Kaapse metropool telt dik drie miljoen inwoners, dat is de helft van heel Vlaanderen. Een aanzienlijk deel daarvan leeft in townships of erger: informele squatter camps die lijken op vluchtelingenkampen overal ter wereld. In die omstandigheden pleiten voor strikte social distancing en handhygiëne is geen zwarte humor meer. Het is ongewild cynisme. Hoe leg je aan mensen die nauwelijks iets kunnen kopen uit dat ze niet moeten hamsteren? En aan hamsteraars dat ze juist die stakkers het leven zuur maken, door de prijzen de hoogte in te jagen met hun geschraap?

De hoop leeft dat Covid-19 zich laat afremmen door het late zomerweer - in de vroege herfst is Kaapstad op zijn mooist. Het stijgende aantal besmettingen weerspreekt helaas die magere hoop. In de supermarkten ontsmetten de caissières na elke afrekening hun handen met gel die thuis niet iedereen zich kan permitteren. Wie hier zijn job verliest, heeft meestal niets om op terug te vallen, spaargeld noch compensaties. Freelancers en dagloners maken het leeuwendeel van de werkende bevolking uit, de Uberchauffeurs zijn in hoofdzaak Zimbabwanen zonder papieren. De ziekenzorg is uitmuntend, voor wie ze kan betalen tenminste. De kerken en de scholen zijn al dicht, de sportclubs laten nog slechts één sporter per 10 vierkante meter toe. De duurste restaurants hebben uit eigen beweging allemaal hun deuren gesloten. Maar hoe dwing je de sluiting af van shebeens, de illegale kroegen in voorsteden als Gugulethu en Khayelitsha? Een ander inkomen hebben de uitbaters niet.

In dat licht zijn onze muizenissen verwaarloosbaar. Op de dag dat ik dit schrijf, wordt de liefde van mijn leven 58. We hebben een aardbeientaart en een flesje vonkelwijn in huis gehaald, en Mozambikaanse scampi's, te bereiden met veel knoflook, boontjes en wat rijst. Een bitterzoet feestje in de slagschaduw van wat geschieden zal. Maar wel: zij aan zij, face to face, ik en hij.

Het nagelbijten herbegint morgen. Hoelang blijft ons retourticket van Ethiopian Airlines gehandhaafd? En willen we wel het risico nemen om tijdens de transit in Addis Abeba te stranden, de Afrikaanse draaischijf voor het Verre Oosten, waar twee maanden geleden al meer reizigers en werknemers mét mondmasker rondliepen dan zonder? In het licht van wat onze geliefde Capetonians te wachten staat, zijn het futiele zorgen. Wij eten met z'n tweeën aardbeien en heffen het glas. Kome wat komen moet.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234