Column

Tom Lanoye: ‘Mevrouw Chovanec, wees gewaarschuwd, onze haperende justitie gaat ú nog jarenlang sarren’

Waarom zou ik nieuwe onderzoekselementen afwachten alvorens in te zoomen op de zaak-Jozef Chovanec? Eerdere affaires indachtig zal het ook nu tergend lang duren vóór zich überhaupt nog harde feiten laten losfrunniken uit onze politionele spelonken en spinnenwebben. Maar de finale afloop, een sisser van jewelste, valt niettemin nu al te voorspellen. 

Zeker na de onthutsende persconferentie, vorige week, van zowel onze voormalige minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon als van twee hoge politiepiefen. Marc De Mesmaeker, huidig commissaris-generaal van alle Belgische flikken, en Catherine De Bolle, zijn voorganger ten tijde van de feiten en thans chef van heel Europol. Je kunt alleen maar hopen dat ze, alle drie, hun officiële functie met meer talent vervullen dan de schertsrol die ze zichzelf aanmaten tijdens die amateurvertoning op tv. Ik zag geen excellenties. Ik zag overijverige parapluverkopers. Ze boden bescherming - dit keer wel, ja. Maar niet zozeer tegen mogelijke doodslag in een cel, als wel tegen de regen en de drop ver daarbuiten. Hun pleidooi pro domo betrof het Belgische politieapparaat in zijn geheel en in het bijzonder zijn bedrijfscultuur, zijn communicatiestructuur, zijn bedroevend zelfreinigend vermogen en, tot slot, hun eigen aandeel als baas in de bestendiging van al dat fraais.

Behalve met geopende regenschermen zwaaiden ze met hetzelfde summiere, manifest onvolledige rapport dat hun eertijds vanuit de plaats delict Charleroi werd toegespeeld, en dat aldaar was opgesteld door de betrokken instanties. Alsof die misleidende vod niet juist het duidelijkste bewijs vormt van een ingekankerde malaise bij onze ordediensten! Ze kost onschuldige burgers het leven en ze verwijst de reputatie van alle Belgen eens te meer naar waar ze thuishoort: op het stort van de wereldwijde publieke schande.

'Ik kan de familie van mijnheer Chovanec recht in de ogen kijken,' besloot de huidige politiebaas, inderdaad zonder nu al te verpinken. Was ik de enige die van ongeloof en colère zat te braken voor zijn treurbuis?

HANDJES KUSSEN

Ján Figel' is een Slowaakse politicus, maar hij kent, als voormalig Eurocommissaris voor Onderwijs, onze hoofdstad en haar omstreken goed, dus 'Terzake' interviewde hem. Figel' verwoordde het ietwat anders, maar de achteloze wreedheid waarmee zijn landgenoot was bejegend bewees volgens hem dat West-Europeanen nog altijd naar Oost-Europeanen kijken zoals zijzelf homo's en zigeuners bekijken: als tweederangsburgers. 'Wat was er gebeurd indien het slachtoffer een Duitser was, of Belg?' vroeg Figel' zich retorisch af. Suggererend dat onze dienders en politici zich desgevallend heel anders zouden gedragen.

Echt waar? In juni van dit jaar nam een Duits Europarlementslid foto's van negen agenten die aan het Brusselse Noordstation twee Eritreeërs 'lastigvielen'. Het Duitse parlementslid werd prompt zelf lastiggevallen. Toegegeven: op het eerste gezicht zou niemand - en al zeker geen Brusselse flik - spreken van een doorsnee-Duitser. Pierrette Herzberger-Fofana is een zwarte vrouw van 71 jaar oud. 'Ze hebben mijn telefoon en handtas afgepakt, hebben me met geweld tegen de muur geduwd, benen uit elkaar. Zo wilden ze me fouilleren. Dat ik Europees Parlementslid ben, geloofden ze niet, ondanks mijn Duits paspoort en laissez-passer van het Europees Parlement.' Behalve applaus na haar getuigenis in het Europarlement kreeg ze - na haar officiële klacht tegen politiegeweld - van het Brusselse parket een tegenklacht aan haar broek. Wegens smaad en belediging. Het onderzoek dreigt - hoeft het gezegd? - ingewikkeld en langdurig te worden. Ondanks tal van surveillancebeelden. Maar op zijn minst worden die dit keer aangehaald, door beide partijen. Bij elke vooruitgang moeten we, zelfs in tijden van corona, onze handjes kussen.

FABELTJE

Mij lijkt het een fabeltje dat in ons land een onbekende Belg in nood zich aan beter celbeheer mag verwachten dan een hulpbehoevende Roemeen of Bulgaar. Bijna nergens is de gelijkheid zo groot: we behandelen ze allemaal even klote. De zaak-Chovanec, bijvoorbeeld, vertoont meer dan één ijzingwekkende parallel met die van Jonathan Jacob.

Hij stierf op 6 januari 2010 in een Mortselse cel. In onbedaarbare paniek geraakt als gevolg van druggebruik, dorst en een vergelijkbare psychose als die van Chovanec. Een meerkoppig Antwerps antiterreurteam, de 'bottinekes', viel met veel geweld zijn cel binnen om hem, onder dwang, een kalmerende inspuiting te helpen geven. Jabob gaf, met gescheurde lever, de geest nog voor hij werd geïnjecteerd. De hallucinant gewelddadige beelden werden pas drie jaar later openbaar gemaakt, dankzij 'Panorama' en de wanhopige ouders. Aanvankelijk zelfs tegen de raad in van de advocaten. Net als bij Chovanec.

Pas in februari 2016 werden de betrokken agenten, allen nog steeds anoniem en in dienst, veroordeeld in eerste aanleg. In feite in tweede aanleg, want ze hadden zich op aanraden van hun geslepen advocaten een eerste keer laten veroordelen bij verstek. Na hun veroordeling voor 'onopzettelijke doding' spraken ze voor het eerst met de media. 'Fouten? We zouden vandaag exact hetzelfde doen.'

In beroep, weer een jaar later, kregen zes van de bottinekes - na zeven jaar nog steeds in dienst en zonder tuchtstraf whatsoever - zes maanden celstraf met uitstel. De teamleider kreeg negen maanden met uitstel. Het siert hem dat hij weigerde om in cassatie te gaan. Anders was er met gemak nog een jaartje bijgebreid, aan de beroemde slakkengang van het Belgische gerecht. Zelfs regeringen vormen doen we rapper.

Wie echter denkt dat de affaire-Jacob daarmee ten gronde werd uitgespit, vergist zich. Er is, na zeven jaar, wat voetvolk opgeofferd, al valt hun terechtwijzing mager uit. Maar de waterhoofden boven hen? De opdrachtgevers en verdoezelaars? Zij bleven buiten schot, bij wijze van klassenjustitie binnen justitie.

Te veel structurele vragen blijven onbeantwoord. Wat deed een Antwerps interventieteam op het grondgebied van Mortsel? Op wiens bevoegdheid? Is er een factuur betaald? Zo nee: waarom niet? Wie zag ambtshalve de videobeelden, maar besloot er niets mee aan te vangen? En is dat dan geen schuldig verzuim?

Zulke beelden zijn niet alleen stuitend op zich. Het is, zeker bij Chovanec, de ranzige onbevangenheid van de hoofdrolspelers die choqueert. Zijn ze zich niet bewust van de camera, misschien? De waarheid is wellicht nog erger. Ze weten dat de beelden nooit tegen hen gebruikt zullen worden. Als ze toch uitlekken, staat er een hooggeplaatst waterhoofd klaar om hen in te dekken. Pas vorige week bracht het parket-generaal van Charleroi voor het eerst een reactie naar buiten. Voor doodslag op Chovanec is geen bewijs, want 'je moet die beelden in hun context zien'. Dat klopt. Elk proces moet beginnen met een vermoeden van onschuld. Maar juist die regel lapt uitgerekend het parket-generaal aan zijn laars door te vertrekken vanuit de zékerheid van onschuld.

RIEDELTJE

Ik heb het gehad, met het steeds terugkerende riedeltje dat we 'niet een heel korps mogen blameren voor de fouten van een paar rotte appels'. Als een mand systematisch zoveel rotte appels bevat, moeten we toch eens durven kijken naar de besmette boom.

Er is maar één simpele wet nodig. Sterft iemand na een politietussenkomst in een cel? Dan móéten bevoegde ministers en politiechefs niet alleen de A4'tjes lezen die zijn opgesteld door de betrokkenen. Ze moeten, ambtshalve, zelf de beelden bekijken en vergelijken met het rapport. Bij gebrek aan beelden moeten ze, ambtshalve, zelf een wedersamenstelling eisen alvorens die al dan niet wordt toegestaan, als gunst aan vasthoudende advocaten. De beelden van die wedersamenstelling: ook die móéten de chefs bekijken. Onregelmatigheden moeten ze aankaarten bij de minister, alvorens die het bezoek kán krijgen van ambassadeurs en ereconsuls... Ik schrijf het neer en ik betrap me erop dat ik tegelijk denk: dit gaat nooit gebeuren. Er zal wel weer een achterpoortje zijn, of een juridische wolfsangel die ik over het hoofd zie. Het enige wat mij rest is een bittere waarschuwing aan de weduwe Chovanec.

Beste mevrouw, we hebben u als antwoord op uw tranen geen bal te bieden, behalve ónze wanhoop, angst en woede. Dus wapen u. Ons arsenaal aan uitvluchten is onuitputtelijk. Ons reservoir aan juridische vertragingsmechanismes eveneens. Ja: we hebben op het graf van uw man gedanst, nog voor het was gegraven. Ja: we hebben naast zijn lijk-in-wording de Hitlergroet gebracht, met een twee-vinger-snorretje en alles, om zowel onze gêne weg te lachen als om een stervende gevangene te vernederen in zijn ontreddering. Maar als u dacht dat dit reeds een mensonterende blamage was, denk dan maar snel wat anders. Nu gaan we ú nog sarren, mevrouw. Jarenlang. We gaan u binnenkort aanklagen voor het vrijgeven van die videobeelden. Met extra torenhoge advocatenfacturen erbovenop. We zullen uw dochtertje, nu nog een kind, traumatiseren als puber. Indien ze tenminste niet al volwassen zal zijn tegen dat er een uitspraak volgt.

En de hele tijd zullen onze hoogwaardigheidsbekleders u recht in de ogen onze spijt en ons medeleven betuigen. Alsof wij het zijn die lijden, aan het onvermogen om iets te veranderen aan onszelf. Dus nee: uw man zal niet de laatste zijn in een morbide rij. We zijn helaas niet alleen goed in bier en chocolade. Ook in achterbakse chaos zijn we niet te kloppen.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234