brusselmans column web Beeld Humo
brusselmans column webBeeld Humo

ColumnHerman Brusselmans

‘Treinreizigers stinken naar de overblijfselen van een ouwe zonderling die pas drie weken na z’n overlijden wordt gevonden in een plas lijkvocht’

Herman Brusselmans gaat iedere week op zoek naar het verhaal achter een opvallende kop in de krant of op een nieuwssite.

Was het niet Seneca die zei: ‘Reizen is zoals je verplaatsen: je komt er ergens anders mee’? Nee, volgens mij was het Plato. Of nee, bij nader inzien paus Johannes de Drieëntwintigste. Die heeft wel meer wijsheden de wereld ingestuurd, zoals: ‘Seks voor het huwelijk is even vies als seks na het huwelijk’, ‘Zonder abortus zouden er veel meer kleuters zijn’, en ‘Jezus zei: volg mij, ik loop achteraan.’ Wie het ook zei, het is waar dat reizen nederkomt op je verplaatsen en zodoende ergens komen waar je voorheen niet was. Ik zal een voorbeeld geven: veronderstel dat iemand een 63-jarige schrijver in Gent is, en ook hij leeft al meer dan een jaar met de coronaperikelen, met als gevolg dat hij zich al die tijd heeft opgesloten in z’n kleine doch gezellige loftje, en de enige redenen die hij kan verzinnen om naar buiten te komen zijn wandelen met de hond, sigaretten kopen, samen met z’n vriendin in het Sluizekenpark aardappelschillen voeren aan de vogels, en de aardappels zelf naar voorbijgangers gooien, die klootzakken. Gedurende die vele maanden haatte hij voorbijgangers, zeker als ze een geruite pet droegen, spataderen hadden in hun kuiten, goedendag naar elkaar riepen, of met een boek van Lize Spit in hun poten over straat dweilden. De aandachtige lezer zal zich afvragen: die 63-jarige schrijver in Gent, ben jij dat? Ik moet inderdaad toegeven dat ik het ben, en die geschilde aardappels gooien naar iedereen wiens of wier smoel me niet aanstaat, dat is een soort van drang, een behoefte, een noodzaak, en laatst gooide ik een aardappel tegen het voorhoofd van een ongeveer 27-jarige voorbijgangster, en ze viel ten gronde, en ik rukte het boek van Lize Spit uit haar poten, en stak het met m’n Zippo in brand. Maar verder ben ik dus, met m’n vriendin en m’n hond, die hele ellendige periode binnen m’n vier muren gebleven, en het wordt tijd dat hier verandering in komt. Derhalve ben ik content dat reizen zeer binnenkort weer tot de mogelijkheden behoort. Naar waar zullen m’n vriendin, m’n hond en ik ons begeven? Nou, ik dacht aan een leuk chaletje in Noord-Frankrijk. Het liefst zou ik met de motor naar ginder sjezen, met m’n vriendin achterop, maar ja, dan kan de hond niet mee. Er zijn mensen die hun hond meenemen op de motor, waarbij het beestje in een bak op de bagagedrager zit, maar dat is dierenmishandeling. Als je een bocht mist en tegen een muur vlamt, is de kans groot dat de hond, net als het baasje en z’n vriendin, door de klap morsdood is, en als dat geen dierenmishandeling is, wat dan wel? Daarom zullen we met de trein reizen. Nochtans hou ik niet van treinen, omdat er altijd van die verschrikkelijke andere mensen in zitten, die brabbelen in rare talen, die lelijk en zelfs afstotelijk zijn, die met hun vieze monden droge worsten, rauwe ajuinen en peulvruchten zitten te vreten, en die stinken naar de overblijfselen van een ouwe zonderling die pas drie weken na z’n overlijden wordt gevonden in een plas lijkvocht, en ja, een zonderling was hij, die niemand groette, die in zichzelf liep te mompelen, en die in z’n krot muizen ving om ze de kop af te bijten, de buik open te rijten met z’n Zwitsers zakmes dat hij kocht in een winkeltje aan de rand van het Zwarte Woud in 1949, en de ingewanden van de muis te verorberen. Naar zo’n sujet stinken de reizigers in de trein allemáál. Bovendien is de kans groot dat de bestuurder een halve gek is, die tijdens het uitoefenen van z’n job continu tussen z’n tanden sist: ‘Ontsporen! Ontsporen! Ontsporen!’ Als we geluk hebben, arriveren m’n vriendin, m’n hond en ik alsnog in het chaletje in Noord-Frankrijk, en dan luidt de vraag: wat nu? Nou, een fikse boswandeling. Uren en uren wandelen we door dat verdomde bos, en het enige wat ons opvalt, is dat er vele bomen in staan. Van die irritante kutbomen, weet je wel, en die staan daar maar, verder niks, en dan ziet m’n hond een konijn, hij rent erachteraan, en hij scheurt het dier aan stukken, en ik zeg tegen hem: ‘Aquí, was dat nu echt nodig, ook dit konijn was een schepsel Gods,’ waarna m’n hond achter een struik gaat schijten. Zo brengen we een week door in ons chaletje in Noord-Frankrijk, en dan reizen we weer naar huis, en we besluiten dat we net zo goed dit huis niet hadden kunnen verlaten, en binnen hadden kunnen blijven, om oneindig veel aardappels te schillen.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234