Een Lifetime Achievement Award voor Guy Swinnen en The Scabs: 'We hebben ons nooit anders voorgedaan dan we zijn'

, door (fj)

1009
a1

Op 7 februari worden voor de twaalfde keer de Music Industry Awards uitgereikt. Sinds 2012 beloont de VRT ook jaarlijks het oeuvre van een gevestigde waarde met een Lifetime Achievement Award. Vroegere laureaten zijn De Kreuners, Rocco Granata, Luc De Vos, Will Tura, Toots Thielemans en Raymond van het Groenewoud. Deze keer is het de beurt aan The Scabs, één van de Belpopbands bij uitstek. De Diestse rockers kwamen in 1981 voor het eerst samen en hielden het in 1997 voor bekeken, maar ze zijn weer springlevend.

HUMO Hoe voelt het om een Lifetime Achievement Award te winnen?

Guy Swinnen «Geweldig! Toen we begonnen met The Scabs, waren we een bende jongens uit Diest zonder al te grote ambities. Niemand van ons kon bijvoorbeeld noten lezen. En kijk waar we nu staan. Het is een fantastische erkenning.»

HUMO Vergeleken met andere winnaars als Luc De Vos, Toots Thielemans en Raymond Van Het Groenewoud zijn jullie nog alive and kicking.

Swinnen «Straks gaan we ons nog jong voelen (lacht). Maar voor ons is de award geen eindpunt, geen handdruk of gouden horloge bij het pensioen. Ik zal altijd proberen met nieuwe dingen op de proppen te komen en goede optredens te geven. We vieren nu ons veertigjarige bestaan en touren binnenkort met een akoestische sessie. Daarin interpreteren we onze songs helemaal opnieuw. Zo blijven we onszelf artistiek uitdagen. De eerste reacties zijn lovend, al waren veel fans aanvankelijk bezorgd: ‘Je zult toch niet te flauw worden? Je gaat toch niet de singer-songwriter uithangen?’»

HUMO Hoe belangrijk zijn The Scabs voor jou?

Swinnen «Tot de split in 1997 was het mijn geesteskind. Ons geesteskind. In ’97 liep het door omstandigheden helemaal fout: muzikale onenigheden, drugs, noem maar op. Toen we uit elkaar gingen, viel ik in een enorm zwart gat (Swinnen worstelde zes jaar met een depressie, red.). Gelukkig heb ik afstand leren nemen. Met soloplaten en theaterprojecten heb ik ademruimte kunnen scheppen. Dat heeft ook voor zuurstof gezorgd om opnieuw met The Scabs te beginnen.»

HUMO Hoe belangrijk zijn The Scabs voor België geweest?

Swinnen «Ik merk vooral dat veel fans zich optrekken aan ons. We hebben écht een trouwe fanbase. Ooit kwam een man naar mij die met zelfmoordgedachten had gespeeld. Hij zei dat ‘Nothing on My Radio’ zijn leven had gered. De songtekst had hem ervan overtuigd om er geen eind aan te maken. Daar was ik erg van aangedaan. Toen we in ’97 aankondigden dat we ermee ophielden, kreeg ik een 40-jarige man aan de telefoon die niet kon stoppen met huilen. Op zulke momenten besef je dat je echt iets hebt betekend voor die mensen. Onze succesvolle comeback in 2007 onderstreepte dat. Ouders voeden hun kinderen zelfs op met onze muziek. Soms komen er gasten van 20 jaar naar mij, en dan blijken ze al onze oude platen te kennen. Dat is zo gek!»

HUMO Wat maakt The Scabs zo speciaal?

Swinnen «We zijn echt een Belgische band. We zijn nooit helemaal doorgebroken in het buitenland. Onze fanatieke aanhang zat hier. The Scabs is ook een eerlijke band. We hebben ons nooit anders voorgedaan dan we zijn. We zijn gewoon vier gasten en we like to rock and roll. Ja, we weten dat er in het begin soms haar stond op ons Engels, maar dat maakt niets uit, het draait om de geest van de rock-‘n-roll.

»Live is het altijd onze bedoeling om mensen te amuseren, om ze mee te sleuren. Als dat niet lukt, ben ik ontevreden. Het podium opstappen met een mentaliteit van ‘ik doe hier mijn eigen ding en het maakt me niet uit of jullie het nu goed vinden of niet’, dat is niet rock-‘n-roll.»

HUMO Vind je het jammer dat die internationale doorbraak er nooit gekomen is?

Swinnen «Het zou leuk geweest zijn als we bijvoorbeeld in Duitsland vaste voet aan de grond hadden gekregen. Dan heb je meteen een grotere afzetmarkt. Maar ik laat het niet aan mijn hart komen. Nu worden we in Vlaanderen op handen gedragen. Aanvankelijk hadden we ook veel fans in Wallonië, maar dat ging bergaf na klassiekere platen als ‘Royalty in Exile’.»

HUMO Jullie sound is rond 1990 verschoven van punk naar meer toegankelijke muziek. Eerst werden jullie vergeleken met The Clash, daarna met The Rolling Stones. Welk van de twee is het grootste compliment?

Swinnen «Beide. Ik ben altijd een grote fan van The Clash geweest, en dat hoorde je ook in onze muziek. Toen Willy Willy, een enorme Stones-fan, zich bij de groep voegde, beseften we dat de periode van punk en new wave voorbij was. We zijn dus op zoek gegaan naar de roots van de punk en de rock-’n-roll, en dan kom je onvermijdelijk bij de Stones uit. Ze waren de blanke versie van de blues.»

HUMO In onze recensie van de nieuwe plaat van Black Box Revelation werden jullie als invloed aangehaald.

Swinnen «Dat is een fantastisch compliment. Ik heb altijd het gevoel gehad dat ze in dezelfde vijver als wij zaten. Het heeft misschien ook met Jan Paternosters stemgeluid te maken, ik heb ook een nasale stem.

»In de omgekeerde richting gaat die vergelijking ook op. Op onze verzamelplaat ‘The Singles’ uit 2010 stond als extraatje een nieuw nummer, ‘Why?’. Veel mensen zeiden ons toen: ‘Hé, dat doet me denken aan Black Box Revelation!’»

HUMO Heb je nog tijd om jonge Belgische artiesten te ontdekken?

Swinnen «Dat gebeurt vooral via mijn zonen, die zelf bezig zijn met muziek (Lee Swinnen speelt bij Double Veterans en Tubelight, red.). Als er jonge bands in het jeugdhuis in Diest optreden, blijven ze daarna vaak bij ons overnachten. Zo blijf ik op de hoogte van wat er leeft in de garagerockwereld. Ik hoor regelmatig vernieuwende dingen die rock-‘n-roll nieuw leven inblazen.

»Ik vind het wel jammer hoe groot de rol van de media geworden is. Op Studio Brussel hypen ze Sons en Equal Idiots, alsof het de enige groepen zijn binnen hun genre. Maar ja, dat is de business, zeker? Er zullen ook wel geldschieters en adverteerders achter zitten. Dat is misschien nodig voor het overleven van de radiozenders, maar het is vooral jammer voor de muziekwereld en de bloeiende gitaarscene, die zo over het hoofd gezien wordt.

»Het internet is tegenwoordig een betere manier om nieuwe muziek te ontdekken. In onze tijd had je dat niet, toen was het meer do it yourself. Als een label je album niet wilde uitbrengen, bracht je ’t zelf uit. Als de bladen er niet over wilden schrijven, printte je zelf een krantje.»

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: