null Beeld

75 JAARDebbie Harry

Blondie: Debbie Harry (71) en Chris Stein (67) blikken terug en vooruit

Debbie Harry en Chris Stein vormden net een stel toen ze in 1974 één van de belangrijkste bands van de popgeschiedenis oprichtten: voor Blondie schreven ze hits als ‘Denis’, ‘Heart of Glass’ en ‘The Tide Is High’. Dik veertig jaar later hebben ze ‘Pollinator’ klaar. Hun elfde studioplaat is een kruisbestuiving met het jonge geweld van vandaag, en vast weer een financiële meevaller. ‘Wil je weten waarom ik de band opnieuw bij elkaar heb geroepen? Ik had geld nodig.’ Punk!

'We hadden veel meer geld kunnen verdienen, maar dat zou óók niet goed afgelopen zijn'

– Jullie kennen elkaar bijna een halve eeuw. Lang waren jullie een koppel, en jullie zijn nog altijd goed bevriend. Herinneren jullie je de eerste ontmoeting nog?

DEBBIE HARRY «O, ja. Ik heb een paar keer geprobeerd die te verdringen, maar het is me niet gelukt.»

CHRIS STEIN «In 1973 was dat. Debbie zong bij The Stilettos, en een vriend nam me mee naar een optreden van hen. Ik was meteen gefascineerd door haar.»

HARRY «Na de show hebben we elkaar backstage gesproken.»

STEIN «Ik kende Elda Gentile vrij goed: zij had de groep opgericht, en diezelfde avond vroeg ze me of ik lid wilde worden.»

HARRY «De mannen in de band overstegen amper het amateurniveau. Tot Chris opdook.»

– Wie heeft de ander het eerst aangesproken?

HARRY «Dat weet ik niet meer. Maar hij was me al in het publiek opgevallen, en wat ik zong, zong ik voor hem. Ik kon zijn gezicht niet precies onderscheiden, maar zijn silhouet raakte me. Hij leek wel langs achteren verlicht, zodat zijn gezicht niet te zien was. Dat zag er interessant uit.»

STEIN «Wil je weten hoe Debbie er toen uitzag? Ik heb haar diezelfde avond gefotografeerd. (Haalt zijn smartphone boven en toont een foto met drie jonge vrouwen; Debbie kijkt schuchter in de lens en heeft kort zwart haar) Kijk, ze staat helemaal links. Pas een halfjaar later was ze blond.»

HARRY «Klopt, ik werkte toen in een schoonheidssalon in New Jersey. Op sommige dagen was het er zo druk dat je amper tijd had om te ademen, en op andere dagen had je domweg niets omhanden. En dan begin je je collega’s onder handen te nemen (lacht). Zo ben ik op een dag aan mijn blonde coupe geraakt, bijna tegen wil en dank.»

STEIN «We waren op dat moment al een stel. Ik was sprakeloos toen ik haar geblondeerd zag.»

– Maar wie heeft wie tot een afspraakje kunnen verleiden?

HARRY «Dat is nooit met zoveel woorden gezegd. Je ging gewoon met elkaar uit.»

STEIN «Ik ben twee keer met Elda op stap geweest, maar dat is toen niets geworden.»

HARRY «Roseanne (Ross, het derde Stilettos-lid, red.) was ook helemaal wild van jou.»

STEIN «Roseanne?»

HARRY «Wist je dat niet?»

STEIN «Nee.»

HARRY «Ik weet niet of ik nu in detail moet treden. Ach, het is ook al zo lang geleden. Ze was erg te spreken over een bepaald lichaamsdeel van jou. Het is een compliment, hè (lacht).»

STEIN «Volgende vraag, graag.»

– Is Blondie een democratie? Wie heeft het laatste woord?

HARRY «We luisteren naar elkaar, hoor. Het gaat er min of meer democratisch aan toe.»

STEIN «Mja... Ik zou het toch eerder een democratische monarchie noemen.»

HARRY «Iemand moet uiteindelijk de knopen doorhakken, en bij Blondie zijn dat wij tweeën. We hebben een duidelijk idee over wat er kan bij Blondie en wat niet.»

null Beeld

STEIN «Wat de muziek betreft, ben ik niet meer zo dictatoriaal als vroeger. En bij onze nieuwe plaat ‘Pollinator’ had de producer (John Congleton, red.) het laatste woord, moet ik toegeven. We hadden hem alle vertrouwen gegeven, dan moet je achteraf niet komen mekkeren. Ik waak nu vooral over de stijl en het imago van Blondie. Ik beslis bijvoorbeeld hoe de cd-hoes er zal uitzien.»

– Wat zeggen de bij en de bloem op de hoes van ‘Pollinator’ over Blondie?

STEIN «Dat we oud geworden zijn. Het is de eerste hoes waar we niet zelf op staan. Daar zijn we niet toonbaar genoeg meer voor.»

HARRY «Meen je dat nu? Bedankt, hoor! We staan dan toch op de achterkant, mag ik hopen?»

STEIN «Dat wel. Maar ik hoop vooral dat we een groot en jong publiek kunnen aanspreken.»

– Jullie hebben ‘Pollinator’ opgenomen in de New Yorkse studio waar jullie oude strijdmakker David Bowie zijn laatste opnames heeft gemaakt. Hebben jullie aan hem gedacht?

STEIN «We zijn daar kort na zijn dood aan ‘Pollinator’ begonnen, en de stemming was bedrukt. Bij alles wat we deden, moesten we aan hem denken. Wellicht heeft hij ook onze muziek beïnvloed.»

HARRY «Tegelijk voelden we ons bevoorrecht dat wij nog leefden.»

STEIN «Ik heb hem vier jaar geleden voor het laatst gezien, kort nadat Lou Reed was gestorven. We waren allebei in shock en hadden het de hele tijd over ziektes, de levertransplantatie van Lou en de dood. Een merkwaardige ontmoeting.»

– Wat betekent de titel van jullie cd eigenlijk?

HARRY «Aha, die was mijn idee. Een pollinator is elk insect dat stuifmeel op de stamper van bloemen overbrengt, waardoor bevruchting mogelijk wordt. Toen ik dat aan Chris uitlegde, vond hij het ook wel geschikt voor een titel. Het past prima bij de status van Blondie in dit millennium. Voor deze plaat hebben we jonge collega’s zoals Sia en Charli XCX songs laten schrijven. Toen zij jonger waren, hebben ze zich door ons laten inspireren, en nu bevruchten zij ons met hun ideeën.»


LIEVELINGSVIJANDEN

– Er circuleren veel verklaringen voor de groepsnaam. Welke versie klopt er nu?

HARRY «Het is gewoon straattaal: ‘Hey, Blondie!’ Meer hoef je er niet achter te zoeken.

»Eerst heetten we Angel and the Snake, maar dat klonk maar zozo.»

STEIN «We hebben ook maar twee weken zo geheten.»

HARRY «Ik weet wel nog exact hoe ik op Blondie ben gekomen. Ik wandelde van Little Italy naar ons appartement, en plots viel me in dat dat de ideale groepsnaam voor ons was. Ik liep opgewonden onze flat binnen en riep: ‘Ik heb de perfecte naam gevonden!’ Daarna heb ik geprobeerd iedereen zover te krijgen dat ze ook hun haar blond zouden verven, maar dat vonden ze een minder goed idee (lacht).»

– Hoe zou je de Blondie-filosofie van toen omschrijven?

HARRY «Gebrek aan respect voor alles en iedereen. Smalend doen, daar waren we goed in.»

– Waarover dan?

STEIN «Over de mainstreammuziek halfweg de jaren 70 in de VS, vooral de Eagles. Dat waren mijn lievelingsvijanden. Telkens als ze ‘Hotel California’ op de radio speelden, gaf ik een draai aan de knop – de hele tijd, dus. Je kon gewoon niet aan dat gejengel ontsnappen. Ik word nog altijd kotsmisselijk als ik de Eagles hoor.»

HARRY «Ik was wel verdrietig toen ik hoorde dat Glenn Frey was overleden. Ik heb ooit eens met hem in een tv-show opgetreden. Een heel keurige kerel.»

STEIN «Dat zullen ze bij de Eagles wel allemaal zijn, maar hun muziek werd er niet beter door. Ik voelde me toen echt bedreigd, omdat ze zo alomtegenwoordig waren. En ik niet alleen: andere New Yorkse bands als de Ramones, Television of The Heartbreakers dachten er net zo over. Wij besloten, zonder dat we het van elkaar wisten, terug te keren naar de roots van de rock-’n-roll. Terug naar de rauwe garagerock in al zijn variaties.»

– Maar die bands hadden geen Debbie Harry.

STEIN «Knap zijn is niet alleen een voordeel voor een zangeres, hoor. Dat heeft Carlos Santana nog maar eens aangetoond, toen hij zich laatdunkend over Beyoncé Knowles uitliet. ‘Ja, ze ziet er fantastisch uit, maar ze zingt lang niet zo goed als Adele,’ iets in die trant. Hij kreeg een storm van verontwaardiging over zich heen en moest zijn kritiek nuanceren, maar hij had het toch maar mooi gezegd. Met Debbie hebben we ook zulke toestanden beleefd.»

HARRY «Onlangs zei een journalist me dat je zangers die dansen niet ernstig kunt nemen. Als je goed wilt zingen, moet je je daar helemaal op concentreren, vond hij. En wie er leuk uitziet, kan ook geen échte kunstenaar zijn. Voor de videoclip van ‘Heart of Glass’ wilde ik per se dansen, maar dat vond de regisseur te oppervlakkig. Hij wilde dat ik stil bleef staan en alleen mijn lippen bewoog. Vroeger moesten zichzelf respecterende kunstenaars een grote boog maken rond alles wat naar show rook. Dat is vandaag gelukkig wel veranderd.»

– Voelt u zich onderschat?

HARRY «Mensen durven weleens over het hoofd te zien dat ik meer dan één steengoede song heb geschreven. Maar of ik me onderschat voel, hangt ook af van de toestand waarin mijn ego zich op dat moment bevindt.»

STEIN «Dat hele debat over aantrekkelijkheid is ook zo discriminerend. Hoe vaak zou Mick Jagger een aantrekkelijke man genoemd zijn? Maar Debbies uiterlijk was echt een issue.»

HARRY «Ach, ik heb ermee leren leven.»

– Binnen de groep vond niet iedereen het even fijn dat Debbie Harry met de meeste aandacht ging lopen. De platenfirma liet zelfs speldjes maken met daarop ‘Blondie is de naam van de groep’. Wiens idee was dat?

STEIN «Dat kwam uit de koker van die idiote manager die we toen hadden. De rest van de groep heeft nooit een probleem gehad met de status van Debbie. Hij liet die speldjes maken zonder onze mening te vragen; hij vond het best grappig, maar dat was het helemaal níét.»

HARRY «Een vreselijke vent: hij probeerde me zelfs te overtuigen om de groep te verlaten en een solocarrière te beginnen, uiteraard met hem als manager. Hij heeft werkelijk alles geprobeerd om Blondie te gronde te richten. Hij beledigde ons en probeerde ons tegen elkaar uit te spelen. Tegen mij zei hij bijvoorbeeld: ‘Debbie! Die jongens houden alleen maar jouw carrière tegen. Maak je er toch eens van af!’ Hij drong er zelfs op aan dat ik mijn relatie met Chris zou beëindigen, omdat die mijn ontwikkeling zogenaamd afremde.»

STEIN «En tegen mij zei hij dat Blondie met een andere zangeres nog veel meer succes kon hebben.»

'We zijn vrienden gebleven, maar ons huis hebben we moeten verkopen. En een paar Warhols.’ Beeld
'We zijn vrienden gebleven, maar ons huis hebben we moeten verkopen. En een paar Warhols.’

– Met producer Mike Chapman hadden jullie meer geluk. Hij had een neus voor hits en wist jullie te overreden om ‘Heart of Glass’ op te nemen, een nummer waar jullie niets in zagen.

STEIN «Toen Chapman erbij kwam, vroeg hij ons om een paar nummers te spelen. Toen we klaar waren, was hij niet bepaald enthousiast. Of we nog meer hadden, wilde hij weten. Toen hebben we ‘Disco Song’, zoals ‘Heart of Glass’ eerst heette, uit ons archief opgediept.»

– Later heeft Chapman meermaals verteld dat hij Blondie afblafte als een soort Hitler, omdat de band het niet gewend was om hard te werken.

STEIN «Chapman was nooit grof, hij wist alleen erg goed wat hij wilde, en dat deed ons op één of andere manier wel deugd. Hij bracht ons de basics van het professioneel musiceren bij. Bijvoorbeeld dat je niet de eerste de beste opname op plaat zwiert, zoals we voor onze eerste twee platen hadden gedaan, maar dat je aan de verschillende onderdelen van een song werkt tot die echt goed klinkt.»

HARRY «Hij wist hoe je een nummer moest opnemen zodat het ook op de radio zou werken. Het was net alsof we naar school gingen: bij hem leerden we hoe je een hit schrijft.»

– En of ‘Heart of Glass’ een hit werd. Wanneer hoorden jullie dat het zover was?

STEIN «We waren op tournee in Italië en de stemming was nogal in mineur. Tot Chapman ons belde: hij wilde meteen komen om ons iets te zeggen. Hij omarmde elk lid van de band en zei met tranen in de ogen dat ‘Heart of Glass’ op nummer één stond in de VS.»

HARRY «We waren door het dolle heen, maar onze oude makkers begonnen ons scheef te bekijken: volgens de Ramones hadden we onze integriteit opgeofferd. Disco was allesbehalve cool, en nu had de rockband Blondie een hit met die horrorsound! Iedereen dacht ook dat we daardoor in het geld zwommen, maar dat klopte jammer genoeg niet. We zaten tot over onze oren in de schulden, dankzij ‘Heart of Glass’ hadden we hoogstens wat minder schulden (lacht).»

'Het is de eerste hoes waar we niet zelf op staan. Daar zijn we niet toonbaar genoeg meer voor’ Beeld
'Het is de eerste hoes waar we niet zelf op staan. Daar zijn we niet toonbaar genoeg meer voor’

BELASTING VERGETEN

– Na verloop van tijd raakten jullie er financieel wel bovenop. Wat was het eerste dat u zichzelf toen gunde?

HARRY «Dat weet ik nog héél precies: zo’n heerlijk gekke mantel zonder mouwen van Issey Miyake. Herinner je je die nog, Chris? Ik was zó gelukkig!»

STEIN «Je mantel van Miyake, ja. Gelukkig heb je die vaak gedragen.»

HARRY «Hij hing in zo’n winkel waar ik anders nooit kwam wegens véél te duur. Toen ik er binnenging, sloeg mijn hart 200 tellen per minuut. De mantel kostte 300 dollar: voor mij was dat toen een fortuin. 300 dollar voor zoiets waanzinnigs als een jas zonder mouwen! Heb jij al eens van buyer’s remorse gehoord? Zo noemen ze in de psychologie de paniek die een onzeker iemand kan overvallen nadat hij of zij iets heeft gekocht. En ik was écht in paniek! De hele terugrit heb ik zitten trillen van angst. Thuisgekomen draaide ik helemaal door. Ik riep: ‘Ik moet die mantel meteen terugbrengen. Hij is veel te duur voor mij, ik heb mezelf gewoon geruïneerd!’ Maar Chris wist me te troosten, en ik heb die mantel nog altijd. Ik ben er nog net zo dol op als op de eerste dag dat ik ’m had.»

– Wat hebt u zich gepermitteerd, meneer Stein?

STEIN «Eerst niks. Wij een hit? Ik vertrouwde het niet. Toen er meer hits volgden, stroomde er een tijdlang echt veel geld binnen. Debbie en ik hebben toen onze intrek genomen in een herenhuis met vijf verdiepingen in New York. Dat was pure luxe, maar het was wel drie keer te groot voor ons. En ook: wij tweetjes tussen al die superrijken! Als junkiemaatjes bij ons een slaapplaats zochten, sloeg de sfeer helemaal om. Dat konden de buren echt niet hebben.»

HARRY «Wilde tijden waren dat.»

STEIN «Vooral omdat we het geld op den duur sneller uitgaven dan het binnenkwam. Ik had ook een boekhouder die vergat dat ik belastingen moest betalen. Op een bepaald moment moest ik een miljoen dollar ophoesten, geld dat ik uiteraard niet meer had. Dat was het begin van het einde en ook de reden waarom ik het bijna de hele jaren 80 zonder kredietkaarten moest zien te rooien: ik was bankroet. Wil je weten waarom ik de band in 1997 weer bij elkaar heb geroepen? Ik had geld nodig (lacht).»

– Wanneer had u Blondie opgedoekt?

STEIN «In 1982. We verkochten geen platen meer, onze manager had zich uit de voeten gemaakt, onze drugsconsumptie liep enigszins uit de hand en daarbovenop werd bij mij een levensgevaarlijke huidziekte vastgesteld die mijn immuunsysteem in elkaar deed klappen. Ik heb eerst drie maanden in het ziekenhuis gelegen en daarna had ik nog twee jaar verzorging nodig. Debbie heeft zich toen over mij ontfermd, maar onze relatie is wel op de klippen gelopen in die chaotische tijd. We zijn vrienden gebleven, maar ons huis hebben we moeten verkopen. En een paar Warhols.»

– Maar u hebt er nog?

STEIN «Ja, ik heb er nog enkele. En Debbie heeft het portret nog dat Warhol van haar heeft geschilderd. Hij heeft er zes van gemaakt; Mike Chapman had er één, en een ander is onlangs bij Sotheby’s voor 6 miljoen dollar onder de hamer gegaan.»

HARRY «Ik heb het mijne nog aan de muur hangen. Maar kunnen we het nu over iets anders hebben? We hebben het lang genoeg over die ellendige tijd gehad. Ik heb Chris toen verzorgd en hij zou voor mij net hetzelfde gedaan hebben. Meer valt er niet over te zeggen.»

STEIN «Ik denk weleens: als we destijds waren doorgegaan met Blondie, hadden we veel meer geld verdiend, maar het zou óók niet goed zijn afgelopen. We zouden het beu geworden zijn en ons verveeld hebben. Die gedwongen pauze was dus zo slecht nog niet. Maar als ik er nu op terugkijk, denk ik vooral dat we in de steek gelaten werden. Niemand heeft ons toen geholpen. De platenfirma niet, en onze zogenaamde manager evenmin.»

HARRY «Ik was blij toen het voorbij was. Iedereen koos het hazenpad en nam in één moeite door ons laatste geld mee. Ik wilde alleen nog rust.»

© ZEIT Magazin

‘Pollinator’ van Blondie verschijnt op 5 mei bij BMG.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234