Bob Marley Beeld ADRIAN BOOT
Bob MarleyBeeld ADRIAN BOOT

De erfenis vanBob Marley

‘Bob Marley was een 150 procent schone mens met een buitengewoon talent’

Stel dat u nog niet zo goed weet wat u met uw bloedeigen 2021 gaat aanvangen, dan raad ik u dit aan: loop tijdens één van uw toekomstige essentiële verplaatsingen eens bij de platenboer langs. Daar hebben de nazaten van wijlen Bob Marley – op 6 februari zou hij 76 geworden zijn – voor uw en mijn vertier enkele interessante items achtergelaten.

Op meervoudige cd’s, op gewoon zwart of helemaal red, gold and blue gekleurd vinyl, via diverse digitale stromingsdiensten en binnenkort wellicht ook in smeerbare vorm voor op uw boterham, is daar de hernieuwde box ‘Songs of Freedom: The Island Years’ te koop, tegen prijzen die men tussen zeer redelijk tot tamelijk duur kan omschrijven. Bovendien wordt zeer binnenkort nog een cd-boxset van Bob Marley & The Wailers verwacht, met daarin alle officiële lp’s. En alsof dat niet genoeg was, komt er ook een bulk werk aan dat Marley in zijn vaderland heeft gemaakt, toen hij alleen nog maar op Jamaica bekend was. Noot: als u alleen uit bent op een voorwerp met daarop Marleys grootste hits, ga dan voor de onverbiddelijke bestseller ‘Legend’.

Terloops, en voor de snotneuzen onder u, een kleine anekdote. Tot niet zo lang geleden had ik een broer die van alles kon, ook met een vliegtuig vliegen. Dat bracht hem weleens in de steppen van Siberië, in bergdorpen van de Andes of in de drukste straten van Bamako. En als ik hem vroeg wat hij daar zoal had geleerd, dan zei hij: ‘Dat ze in al die steppen, in al die bergdorpen, in al die straten maar twee dingen écht gemeen hebben: ze zijn er allemaal even gek van Coca-Cola als van Bob Marley!’ Dat zegt iets over Coca-Cola. Maar nog meer over Bob Marley.

Hij had dat wereldsucces niet te danken aan de verkoop van ongezond bruin suikerwater, maar aan slechts één enkel ding, en dat was zijn buitengewone talent. Talent als liedjesschrijver, als zanger, als bandleader, als inspirator en als 150 procent schone mens. Ik leerde zijn werk in 1973 kennen toen een vriendelijke buurman mij zijn exemplaar van ‘Catch a Fire’ liet horen (aka de lp met de hoes die als een Zippo-aansteker openfloept) en was er meteen helemaal van onder de indruk, en ook blij dat er een tweede Bob in mijn leven was gekomen.

Geprikkeld door de man en zijn muziek ging ik daarop in groezelige winkeltjes aan het einde van Portobello Road in Londen op zoek naar Marleys vroege werk, om thuis te komen met een handvol singletjes op het kleurrijke Tuff Gong-label. Zo werd ik met terugwerkende kracht getuige van de geboorte van een toekomstige wereldster, een man die de eerder primitieve folkmuziek van zijn land zou ombouwen tot wat wij nu reggae noemen. Hij deed dat zeker niet alleen, maar hij was wel de enige die reggaemuziek aanvaardbaar maakte voor de blanke oren van het rockpubliek. Hardcore reggaefans hebben een hekel aan die verwestersing van Marleys muziek, maar dan hebben ze er toch geen enkele weet van met hoeveel zorg Island-baas, producer, mentor, landgenoot en vriend Chris Blackwell is omgegaan met Bobs oeuvre. Hij is er altijd voor blijven zorgen dat de Jamaicanen hun Bob konden behouden, terwijl de rest van de planeet uit de bol ging op ‘Get Up, Stand Up’, ‘Lively Up Yourself’, ‘Natty Dread’, ‘Jamming’, ‘Could You Be Loved’, ‘Easy Skanking’, ‘No Woman, No Cry’, ‘Stop That Train’ of ‘One Love’. De hele Marley die uw gids is op de lange zit die het beluisteren van ‘The Island Years’ met zich meebrengt, is nog steeds even begeesterend als de huppelende messias die ik op 18 juli 1975 zag dansen op de planken van het Lyceum Theatre in Drury Lane. Er staan maar heel weinig stinkers op ‘The Island Years’, en zelfs die zijn draaglijk wanneer ze rondwaren in een parfum van ganja. Ze nopen vaak tot dansen én tot denken, iets wat niet van het gehele opus van Sam Gooris gezegd kan worden.

TESTAMENT

Ooit had ik het geluk om bij Bob Marley thuis een namiddag lang aan de keukentafel te zitten. Het was in de warme nazomer van 1979, ter gelegenheid van de aankomende lp ‘Uprising’. Hij zette een stevige pot thee voor mij en zichzelf. Hij luisterde naar mijn vragen en antwoordde op rustige en verstaanbare toon. Helemaal anders dan de vorige keren dat ik hem ontmoette in hotellobby’s, backstageruimtes of een bezemhok in het hoofdkwartier van Island Records.

Hij was mijn attente gastheer, daar in dat mooie huis aan 56 Hope Road, in één van de betere buurten van Kingston. Na het gesprek liet hij mij beneden in de studio een simpel liedje horen om te weten wat ik ervan vond. Het ging om ‘Redemption Song’. Ik zei dat ik het écht mooi vond. Hij vond dat ook. ‘Wel geen reggae,’ wilde ik nog zeggen, maar voor één keer hield ik mijn mond. Gelukkig meldde ik ook niet dat het een beetje op een testament leek, want dat was het wel. Ik wist niet dat hij toen al erg ziek was, maar hij wist dat al wel. Ik bedankte voor de ontvangst en stapte in een klaarstaande taxi. Zijn beetje slappe wuifhandje toen ik 56 Hope Road verliet, zal ik niet licht vergeten.

‘Songs of Freedom: The Island Years’ van Bob Marley is uit bij Island Records.

‘Songs of
Freedom: The
Island Years’ van
Bob Marley is uit
bij Island Records. Beeld Humo
‘Songs ofFreedom: TheIsland Years’ vanBob Marley is uitbij Island Records.Beeld Humo
Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234