‘Ik hoop mijn speelsheid nooit kwijt te raken’ Beeld Daniil Lavrovski
‘Ik hoop mijn speelsheid nooit kwijt te raken’Beeld Daniil Lavrovski

'De Colombus'

Charlotte Adigéry: ‘Toen ik hoorde dat ik zwanger was, dacht ik even: daar gaat mijn carrière’

Muzikante Charlotte Adigéry (30) was gisteren te zien met Wim Lybaert in ‘De Columbus’. Eerder dit jaar gaf ze een groot interview over haar debuutplaat, de lockdown en de komende baby. Hieronder kunt u dat stuk teruglezen.

Ze zou haar beklag kunnen doen. Terugblikken op de gemiste kansen van het voorbije jaar. Het album dat ­vertraging opliep. Een tournee die werd stopgezet, een optreden op het Britse Glastonbury dat werd afgelast.

Maar Charlotte Adigéry overschouwt de coronachaos door een wonderlijke roze bril, een genetisch cadeautje dat ze blijkbaar van haar mama meekreeg. Ze wijst naar een uit de kluiten gewassen plant in de hoek van de woonkamer. ‘Mijn aloë vera staat in bloei. Weet je hoe zeldzaam dat is? Echt, dat is dus iets dat mij de voorbije maanden super­gelukkig heeft gemaakt.’

BIO * geboren op 6 augustus 1990 in Narbonne in Frankrijk, groeide op in Gent * volgde even opleiding journalistiek en kleuterleidster, studeerde af aan de pop- en rockschool PXL-Music in Hasselt * zong als achtergrondzangeres bij Arsenal en Baloji * brengt muziek uit onder de bandnaam WWWater, en onder haar eigen naam samen met Bolis Pupul, aka Boris Zeebroek, de zoon van Kamagurka * nam in 2019 een ‘Yin Yang Self-Meditation Tape’ op, te beluisteren via haar YouTube kanaal * maakt deel uit van het Deewee-label van de ­Soulwax-broers Stephen en David Dewaele * woont in Gentbrugge met haar man en twee ­pluskinderen, is zwanger van haar eerste baby

Ik googel het wanneer ik thuiskom: ‘In tropische landen staat de aloë vera ongeveer drie maanden per jaar in bloei. Bij een huiskamerplant in ons klimaat komt dit haast nooit voor.’ Nee, niets in het universum van Charlotte Adigéry legt zich neer bij de wetten der voorspelbaarheid.

Het was bruusk remmen, toen de wereld vorig jaar in maart tot stilstand kwam. Charlotte Adigéry had net een ­uitverkochte show gespeeld in New York, de maanden ­daarvoor had ze in de Verenigde Staten, Canada, Europa en Australië getoerd.

‘En toen zat ik plots thuis, en besefte ik pas hoe gejaagd ik had geleefd. Vaak herinnerde ik me nauwelijks wat ik de dag ervoor had gedaan. Dat is zoals een landschap bekijken terwijl je in een sneltrein voorbijzoeft. Je kunt pas echt iets waarderen als je even stilstaat. Dat probeer ik nu, om alles bewuster te beleven.’

Haar carrière kwam net op kruissnelheid. Elk artikel over haar doet aan hetzelfde rondje namedroppen: dat Iggy Pop zich als fan outte, net als Kae Tempest, Fever Ray en Jamie Cullum. Dat haar muziek te horen was in de NBC-serie Good Girls en de trailer van de Netflix-reeks The New Pope. Dat ze niet weg te branden is van BBC Radio 6 en mee op tournee mocht met Neneh Cherry. Dat Pitchfork en Vogue met lof van de ‘wildly experimental singer’ spraken. Maar op de nieuwe single ‘Bear With Me’, die vorige maand uitkwam, zingt Adigéry: ‘I’m scared you’ll forget my name’.

‘Natuurlijk was er in het begin veel onrust en ­onzekerheid, en ook nu nog kan niemand voorspellen welke toekomst er is voor livemuziek. Hoe relevant zijn wij straks nog?

‘Maar ik wil vooral een carrière van vele jaren uitbouwen, geen hype zijn. Dus moet ik erop vertrouwen dat er een basis is gelegd, waarmee we straks verder kunnen. Het is fijn om te merken dat de muziek haar weg wel vindt, ook als ik hier thuis in de zetel hang. Dan komt er op Instagram een berichtje binnen uit Argentinië, van iemand die de songs via een of andere playlist heeft ontdekt. Dat geeft me veel troost en bevestiging.

Charlotte Adigéry: ‘De baby is heel welkom. Maar het was niet gepland en in het begin voelde ik eventjes paniek. Ik heb altijd gedacht dat ik eerst mijn carrière goed op de rails moest krijgen.’ Beeld Daniil Lavrovski
Charlotte Adigéry: ‘De baby is heel welkom. Maar het was niet gepland en in het begin voelde ik eventjes paniek. Ik heb altijd gedacht dat ik eerst mijn carrière goed op de rails moest krijgen.’Beeld Daniil Lavrovski

‘Ik besefte dat ik jaren vooral bezig was geweest met mezelf als artiest, maar opnieuw moest ontdekken wie ik daarnaast was. Ik heb een man en twee pluskinderen, hen achterlaten om op tournee te vertrekken is niet altijd ­makkelijk. Ik heb ervan genoten om veel thuis te zijn, hier in onze veilige cocon, en stil te staan bij kleine huiselijke ­dingen. Het voelde een beetje als een tweede honeymoon. Er was eindelijk weer tijd voor elkaar. Rustig samen ­ontbijten, een muziekje opzetten, babbelen, dansen in de living. Ik heb genoten van de rust en de vertraging.’

- En daar komen dus lockdownbaby’s van. Was dat een meesterlijk plan, even snel bevallen nu alle optredens toch stilliggen?

CHARLOTTE ADIGÉRY «Nee, allesbehalve. (lacht) Ik had altijd al een kinderwens, dus de baby is heel welkom. Maar het was niet gepland en in het begin voelde ik eventjes alleen maar paniek. Daar gaat mijn carrière, dacht ik. Net nu het goed begint te lopen, zal ik door de muziekindustrie worden uitgestoten.»

- Zijn er anno 2021 niet genoeg voorbeelden van artiesten die het ouderschap met een carrière combineren?

ADIGÉRY «Absoluut, het is gek hoe die ouderwetse overtuigingen toch in mij vastgeroest zaten. Mijn omgeving reageerde alleen maar enthousiast; mijn manager zei direct dat mijn moederschap en mijn carrière elkaar nooit in de weg zullen staan.

»Het was meer een obstakel in mijn hoofd dat ik moest wegwerken. Ik had altijd gedacht dat ik eerst mijn debuut­album moest uitbrengen, en mijn carrière goed op de rails moest krijgen. Ik vond ook dat ik nog aan mezelf moest ­werken, om meer rust en stabiliteit te hebben voor ik klaar zou zijn voor het moederschap. Er was een hele lijst met voorwaarden die ik moest afvinken voor ik aan een baby durfde te denken. Tot ik mezelf toeliet om gewoon heel blij te zijn, en te vertrouwen. Dat is altijd de grootste uitdaging voor mij geweest, om te durven zeggen: ‘Charlotte, je bent goed genoeg’.»

Het is een valkuil, zegt Adigéry, dat eeuwige geloof in zelf­optimalisatie. ‘Dat is echt dé kwaal voor vrouwen van mijn generatie. We zijn altijd bezig met aan onszelf te werken.’

Het is alsof ze als mensen voor eeuwig in de steigers staan, en nog afgewerkt moeten worden. Er is altijd wel een of andere alternatieve therapie of detoxkuur of wellnesshype die je belooft slanker, mooier, rustiger of juist energieker te maken. ‘De laatste keer dat ik een extreme detoxkuur heb gedaan, moest ik overgeven van alle rauwkost. (lacht) Ik weet dat dat onzin is, en dat je lichaam zichzelf reinigt als je gewoon goed eet. Enfin, het is gedaan nu met diëten en detoxen.’ Ze aait over haar buik. ‘Ik moet gebakjes eten nu.’

‘Moeten Dalilla Hermans, Elodie Ouédraogo en ik  de spreekbuis zijn van een hele grote, diverse groep? Dat legt te veel druk op onze schouders.’ Beeld Daniil Lavrovski
‘Moeten Dalilla Hermans, Elodie Ouédraogo en ik de spreekbuis zijn van een hele grote, diverse groep? Dat legt te veel druk op onze schouders.’Beeld Daniil Lavrovski

Eén grote horde op de to-dolijst is ondertussen ­overwonnen: het album is klaar. ‘We hebben er megazot lang aan gewerkt.’

‘We’, dat is Charlotte Adigéry en Bolis Pupul, aka Boris Zeebroek. Boezemvriend en muzikale compagnon. Zoon van een Chinese mama en een Belgische papa die u kent als Kamagurka. ‘We zijn heel complementair, en ik denk dat we beiden door ons ‘anders’ zijn op een heel originele manier naar de wereld kijken.’

De release werd verschoven naar volgend voorjaar, maar ondertussen worden mondjesmaat enkele singles gelost. ‘Om elk nummer zo goed mogelijk tot zijn recht te laten komen, want niemand luistert nog aandachtig naar een heel album.’ Terwijl Charlotte en Boris heel wat te vertellen ­hebben. ‘Een tijdcapsule’, noemt ze het, van ‘twee ­millennials die als drones over de wereld zweven en hun leefwereld observeren.’

‘We hebben het onder andere over politieke correctheid. Wat is oprechte verontwaardiging, en wat is zelfpromotie? Je kunt je volgens het boekje ‘correct’ uiten op sociale media, maar zegt dat iets over je overtuiging of gaat het niet verder dan wat oppervlakkigheid? Je voelt dat de wokeness en ­cancelcultuur op hun eigen limieten botsen. Natuurlijk vind ik dat we moeten vechten tegen onrecht, discriminatie, ­vooroordelen. Maar door de manier waarop we nu dit debat voeren, vrees ik dat straks niemand nog vragen durft te ­stellen, uit angst om iets verkeerd te zeggen. Terwijl ik juist geloof dat we meer openheid en communicatie nodig ­hebben.’

- Waarom vind je het belangrijk om maatschappelijke kwesties in jullie nummers aan te kaarten?

ADIGÉRY «Muziek is voor mij een veilige haven om op mijn eigen manier over die complexe zaken te spreken. Tijdens de Black Lives Matter-protesten van vorig jaar werd ik vaak door de media gecontacteerd om mijn verhaal te doen en over racisme te getuigen. Misschien moet ik dankbaar zijn dat ik mijn stem mag laten horen, maar het is ook dubbel. Het groepje ‘bekende zwarte vrouwen’ is zo klein, hoe jammer is dat? Moeten Dalilla Hermans, Elodie Ouédraogo en ik de spreekbuis zijn van een hele grote, diverse groep? Dat legt te veel druk op onze schouders, en we zijn allemaal heel ­verschillend.

»Ik kan alleen maar hopen dat er ooit een moment komt waarop wij niet alleen meer in een artikel worden opgevoerd als het over Black Lives Matter gaat. Dat een zwarte artiest niet per se een rapper moet zijn, en dat een zwarte acteur niet alleen in een misdaadfilm mag meespelen. Dat het ­normaal wordt om zwarte mensen in een ‘gewone’ rol te zien, om de hokjes en stereotypes te doorbreken. Ik hoop dat ik iets mee in beweging kan zetten door gewoon … er te zijn.

»Pas op, ik wil hier niks minimaliseren. We moeten soms met onze vuist op tafel slaan en problemen zoals politie­geweld niet onder de mat vegen. Maar ik ben geen activist, en me mengen in het publieke debat vergt te veel van mij. Daar ben ik te kwetsbaar voor, ik ben te bang om ­misbegrepen te worden, te onzeker om met grote statements naar buiten te treden.

»Laat ik als artiest maar vragen en twijfels uiten. Boris en ik trekken ook graag alles in het belachelijke. Dat mis ik ­vandaag: de bereidheid om met alles te kunnen lachen.»

- Je hebt Frans-Antilliaanse roots, met een mama uit Martinique en een papa uit Guadeloupe. Dat maakt je zelfs een minderheid binnen de minderheden in België.

ADIGÉRY «Je wilt niet weten hoe vaak ik hier de vraag krijg uit welk Afrikaans land ik kom. Die onwetendheid is soms ­kwetsend, alsof de complexiteit en de pijn van onze geschiedenis er helemaal niet toe doet.»

- Bij Martinique denken we aan een tropisch vakantieparadijs, maar daarachter schuilt een gruwelijke koloniale geschiedenis van onderdrukking en uitbuiting.

ADIGÉRY «Ja, en die bestaat nog altijd, al is het een beetje meer gesuikerd. De armoede is er niet zo zichtbaar, maar alles is nog in handen van dezelfde witte families van slavenhandelaars, die zich niet met de lokale bevolking vermengen. Normaal reis ik elk jaar naar Martinique. Ik heb er veel familie, en het heeft me sterk gevormd tot wie ik ben. Mijn man zegt: jij bent echt een Gentse. Maar als ik in Martinique ben, voel ik hoe hard die cultuur deel uitmaakt van mijn identiteit.

»Mijn mama is écht Antilliaanse. Ze is één brok joie de vivre, terwijl ze vreselijk veel ellende heeft meegemaakt. Ik had haar gisteren aan de lijn. ‘Ik stond net voor de spiegel te dansen,’ zei ze, ‘je moest me bezig zien, het was hilarisch.’» (lacht)

- Je hebt ook je muzikaal talent via je mama meegekregen.

ADIGÉRY «Zolang ik me kan herinneren ging ik met haar mee naar repetities en optredens. Ze zingt reggae, maar ook jazz en Franse chansons. Waar mijn mama is, is er muziek en ambiance.

»Dat is prachtig, maar soms is haar humor ook een afweermechanisme. Onlangs was ze gevallen, en dan stuurt ze me selfies waarop ze gekke bekken trekt met een halve, afgebroken tand. Het is mooi om met jezelf te ­kunnen lachen, maar soms is het ook tragisch.

»Als iemand zegt: je ziet er goed uit, dan zegt zij: moet je mijn bril even opzetten? Dan denk ik: aanvaard dat ­compliment toch gewoon. Ze mag trotser zijn op zichzelf.

»Op het nieuwe album staat een duet samen met mijn mama, en daar zingen we in het Creools: ‘Zie jezelf graag zoals je je dochter graag ziet’. We vinden het altijd ­makkelijker om lief te zijn voor de ander, dan lief te zijn voor onszelf.»

Je bent opgegroeid met jullie tweetjes. Vind je het moeilijk om je los te maken van je mama?

ADIGÉRY «Ja, even waren er spanningen. Er was nog een navelstreng die moest worden doorgeknipt toen ik al ver in de 20 was. (lacht) We waren altijd erg hecht, twee handen op één buik, wij twee tegen de wereld.

»Ik vind het moeilijk om niet zo streng te oordelen over de keuzes die ze maakt. Dat is uit bezorgdheid, ik wil haar beschermen tegen pijn en verdriet. Ik werk er zelf hard aan om niet meer over me heen te laten lopen, en ik vind dat zij ook meer voor zichzelf moet opkomen. Het lijkt een beetje de omgekeerde wereld: mijn mama staat veel ­spontaner en naïever in het leven dan ik.

‘Mijn mama en ik waren altijd erg hecht, twee handen op één buik, wij tegen de wereld. Toen ik al ver in de 20 was, was er nog een navelstreng die moest doorgeknipt worden.’ Beeld Daniil Lavrovski
‘Mijn mama en ik waren altijd erg hecht, twee handen op één buik, wij tegen de wereld. Toen ik al ver in de 20 was, was er nog een navelstreng die moest doorgeknipt worden.’Beeld Daniil Lavrovski

»Als ik volgens haar te ‘carré’ ben, te strikt, dan zegt ze: ‘Charlotte, doe niet zo Vlaams!’ (lacht) Ze heeft een heel Antilliaanse invulling van tijd en afspraken.»

- Ben jij zo stipt?

ADIGÉRY «Nee. Maar vergeleken met haar wel. (lacht)

»Ik heb wel haar optimisme geërfd. Net als mijn mama ben ik haast altijd vrolijk en goedlachs. Als je even down bent, pick yourself up. Het positieve overheerst altijd.»

- In je muziek zit ook altijd een dosis speelsheid.

ADIGÉRY «Ja, dat hoop ik nooit kwijt te raken. Ik noem dan altijd mijn eeuwige grote voorbeelden: David Byrne en Grace Jones, omdat zij bewijzen dat je heel intelligente, gelaagde muziek kunt maken die toch speels en campy is. Bij Deewee (het platenlabel van de broers Stephen en David Dewaele van Soulwax, red.) hebben we daarvoor de perfecte omgeving gevonden. Daar wordt spelen en experimenteren juist aangemoedigd; ik heb nog nooit druk gevoeld om artistieke compromissen te maken.»

Misschien is het een afwijking die we aan een jaar van Zoom-interviews hebben overgehouden. We zijn out of focus. In plaats van onze blik scherp te stellen op het stralende gezicht van onze gesprekspartner aan de eettafel, turen onze ogen naar de titels in de boekenkast achter haar.

Daar staat Girl, Woman, Other, het boek waarmee Bernardine Evaristo als eerste zwarte vrouw ooit de Booker Prize won. Ik spot de Nigeriaanse dichter Ben Okri, Maya Angelou en James Baldwin. Waarom ik niet meer met witte mensen over racisme praat van Reni Eddo-Lodge. En ook: Just Kids van Patti Smith, en Rip it Up and Start Again van Simon Reynolds, over de nadagen van de punkcultuur. Met daar­tussen een knoert van een kanariegele boekenrug, met de biografie van N-VA-politicus Jan Peumans. Heerlijk toch, als mensen je een klein beetje in de war kunnen brengen?

Ze schatert. ‘O, Peumie! Zo’n lieve man!’ Het blijkt een souvenir te zijn van het programma Vrede op aarde, het jaaroverzicht op Eén met Sven De Leijer waaraan Adigéry ooit deelnam. Medejurylid Jan Peumans gaf zijn eigen boek cadeau in de ‘secret santa’. Op de eerste pagina schreef hij ‘Leuk en lief mens die ik alle succes toewens!’ en ook ‘Blijf vooral jezelf!’ Ze lacht: ‘Jan schrijft me nog regelmatig berichtjes. Als hij ergens een interview ziet verschijnen, dan stuurt hij een foto van dat artikel met een duimpje erbij.’

Misschien kent u Charlotte Adigéry van haar opzwepende optredens, de acrobatische stem, haar glamoureuze ­podiumoutfits en kleurrijke pruiken. Dan bent u niet ­helemaal voorbereid op de vrouw die hier aan het woord is, als haar eigen charmante zelve. Die kruidentheetjes schenkt en vraagt of ik graag een soucoupke wil voor mijn theebuiltje. Die er prachtig uitziet zonder make-up, maar veel kwetsbaarder dan op de gestylede foto’s. Meer meisje dan diva, in haar baggy boyfriend jeans waar ze nog net in past. ‘Ik heb wel juist heel ongegeneerd mijn bovenste knoopjes open­gezet.’ Weer een schaterlach, en we moeten Peumans gelijk geven: wat een leuk en lief mens.

Veel te lief zelfs, zoals ze af en toe met scha en schande ondervindt. Zoals enkele dagen eerder, toen ze door een buitenlandse radiojournalist werd geïnterviewd die duidelijk geen idee had wie ze was, en vroeg welke job ze eigenlijk had naast het maken van muziek. ‘Toen ik antwoordde dat ik al een tijdje voltijds muzikante ben, reageerde hij héél verbaasd. ‘Really? No way!’ Best wel gênant eigenlijk. Ik blijf dan geduldig en beleefd en aardig, maar dagen later spookt dat toch nog door mijn hoofd. Ik wil absoluut niet als een bitch overkomen, ik hou niet van conflicten. Maar het gevolg is dat ik nog vaak over me heen laat lopen. Af en toe een streep trekken en respect eisen, dat blijft moeilijk. Enfin, we leren elke dag bij.’ Schaterlach.

- Wanneer was de laatste keer dat je nog een andere job dan muziek maken hebt gedaan?

ADIGÉRY «Een jaar of drie geleden, denk ik? Ik heb jarenlang allerlei jobs gedaan om rond te komen, in de horeca, in een kledingwinkel. Zelfs een leuke job als muzieksamensteller voor Radio 1 was onmogelijk te combineren met de vele ­optredens. Ik ben opgelucht dat ik eindelijk van de ­financiële stress verlost ben, en nu alle energie in mijn muziek kan stoppen.

»Dat wordt erg onderschat: je hebt als artiest een context nodig die speelsheid en creativiteit toelaat, maar dat is een luxepositie die maar voor heel weinigen is weggelegd. Mijn man is ook artiest (je vindt zijn streetart op Instagram onder zijn artiestennaam @dick_tate, EM), en met de baby op komst zoekt hij een job met wat meer zekerheid. We hebben twee inkomens nodig, maar het is toch niet onredelijk om niet zomaar elke job aan te nemen, en je artistieke talent te willen ontplooien? Ik heb het geluk dat ik nu een artiestenstatuut heb, maar als deze pandemie vijf jaar geleden was uitgebroken, dan zaten we echt in de rats, zoals dat voor veel jonge artiesten nu het geval is. Toen ik bij Deewee begon, en mijn allereerste nummer bij hen uitbracht (voor de soundtrack van de film ‘Belgica’, EM) zat ik nog zwaar in de schulden. Ik heb lang gedacht dat ik nooit zonder het OCMW zou kunnen.»

- Hoe kwam je in de schulden terecht?

ADIGÉRY «De cocktailbar van mijn mama is failliet gegaan, door ­wanbeheer van iemand die zij vertrouwde. Die berg ­schulden is allemaal op haar persoonlijk afgewend, en dan raak je al snel in een haast uitzichtloze spiraal. Voor mij hield dat in dat ik op mijn achttiende een beperkt leefloon kreeg van het OCMW, onder studiecontract. Binnen de vier jaar moet je je diploma halen, en dat is mij niet gelukt, want ik moest nog even zoeken welke richting ik uit wilde. Toen ik muziek ging studeren (aan de PXL-Music in Hasselt, EM) was mijn uitkering gestopt en deed ik al allerlei jobs om op eigen benen te kunnen staan.

»Gisteren kreeg ik een verwittiging omdat ik een parkeerboete was vergeten te betalen, en bij het zien van zo’n brief voel ik meteen de stress in mijn lijf. Gelukkig kan ik dat nu meteen betalen, maar vroeger was dat vaak niet het geval, en dan kreeg ik te maken met de arrogantie van ­incassobureaus en deurwaarders, die me neerbuigend behandelden alsof ik de grootste crimineel was.»

- Voel je ooit nog die angst om in geldproblemen te komen?

ADIGÉRY «Ik denk dat ik vooral trots ben dat ik uit die situatie ben kunnen ontsnappen. Ik kan er echt van genieten om geld uit te geven, en mezelf eens te soigneren. Ik weet nu dat ik altijd mijn plan zal kunnen trekken.

»Als kind heb ik ook nooit het idee gehad dat we in armoede leefden. Zelfs in de moeilijkste omstandigheden zorgde mijn mama ervoor dat ik niets tekortkwam. Chapeau, voor een alleenstaande mama. Ik kreeg de ­mooiste, nieuwe schoenen. Omdat dat belangrijk is in onze cultuur, je moet er gewoon altijd piekfijn uitzien.»

- Wist je vroeger al dat je zelf een gezin wilde?

ADIGÉRY «Ja, dat was altijd de droom. Ook omdat ik hier in België nauwelijks familie heb. Als mijn mama en ik met ons ­tweetjes kerst vierden, dan vond ik dat altijd een beetje ­triestig. Nu is ze door het dolle heen natuurlijk, dat er een kleinkind op komst is.»

- Het lijkt alsof je heel bewust naar een gezond en evenwichtig leven streeft. Ver weg van de romantische mythe van een destructief artiestenbestaan.

ADIGÉRY «Ja, dat is wel typisch voor mijn generatiegenoten, merk ik. Boris en ik zullen na een optreden weleens doorzakken, maar dan nog liggen we op tijd in ons bed om de volgende dag fris te zijn. Dat staat ver af van de wilde tourverhalen die ik soms hoor, vol drank en drugs en seks. Het wildste dat wij doen, is een elektrische fiets huren voor een ritje door Barcelona. (lacht)

‘Soms denk ik: shit, wij zijn zo saai. Maar ik zou die ­uitspattingen gewoon niet aankunnen, je betaalt er altijd een prijs voor. Voor Boris en ik komt de muziek op de eerste plaats. Ik kan me niet voorstellen dat we niet 100 procent zouden performen omdat we een kater hebben.

»Weet je wat het is: ik heb nooit nood gehad aan ­escapisme. Voor mij was uitgaan op mijn veertiende een hele nacht dansen in De Vooruit op één cola of Looza Ace. Mijn vriendinnen waren ook zo. Pinten kappen tot je moet kotsen, dat was in onze ogen echt iets voor ‘oudere mensen’. (lacht)

»Stephen en David (Dewaele) zeggen vaak dat Boris en ik – de ‘millennials’ – voorzichtiger en met meer verantwoordelijkheid in het leven staan dan zij op onze leeftijd. Voor een deel is dat goed natuurlijk, dat wij bijvoorbeeld nooit strontzat achter het stuur zullen kruipen. Maar soms heb ik de indruk dat onze generatie zo hard bezeten is van ‘het juiste’ te doen, dat we zijn vergeten om lol te hebben. Soms mis ik wat onnozelheid en fun.»

- Het nachtleven ligt al meer dan een jaar volledig stil, terwijl dat een motor is voor veel creativiteit en nieuwe muziek. Mis jij het uitgaan?

ADIGÉRY «Ja, maar zelfs voor corona zat ik een beetje op mijn honger. Als student dacht ik ook vaak: waar gebeurt ‘het’ nu? Ik wilde muziek maken, mensen ontmoeten, inspiratie opdoen. Het nachtleven was toen al heel versplinterd, er was niet één place to be. En als ik op een hip feestje stond, zat iedereen op zijn telefoon te staren. Iedereen leek ergens anders te willen zijn, en niemand was er echt.

»Damn, ik was héél graag in de club CBGB in New York geweest in de jaren 70.»

- Of in Gent in de jaren 90.

ADIGÉRY «Ja, zelfs dat. (lacht) Ik kan soms jaloers worden van de verhalen van Stephen en David, over de goeie ouwe tijden net voor de sociale media. Toen werd er nog echt gefeest.

‘Alles is nu zo somber en ernstig geworden. Ik snap ­helemaal dat gezondheid en solidariteit nu primeren, maar ik snak naar een goed vet feest deze zomer. Die roaring twenties die ze ons beloven, ik ben er helemaal klaar voor.»

- We willen geen pretbederver spelen, maar wanneer is je baby uitgerekend?

ADIGÉRY (lacht) «Eind augustus. Oké, het zal een heel bescheiden, nuchter feestje worden. En toch ga ik dansen.»

Charlotte Adigéry en Bolis Pupul treden op tijdens de uitreiking van de Ultimas, op 18 mei om 19 u, digitaal te volgen via VRT Nu.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234