‘Ook na een lange brief wilde Dirk Frimout niets met ons te maken hebben’Beeld Guy Kokken

InterviewJelle Denturck (DIRK)

‘De vraag die ik mij in mijn leven al het vaakst heb gesteld: wat dóé ik hier?’

DIRK., derde in Humo’s Rock Rally 2016, is al een heel jaar niet van de radio weg te slaan. Eerst was er de lockdownsingle ‘Stay Indoors’, in de loop van de stille zomer volgden ‘Hit’ en ‘Artline’. De band zorgde zelfs voor een primeur door met die drie singles tegelijkertijd in ‘De afrekening’ te staan. En terwijl we dit schrijven, is er alwéér een nieuwe single gelost, ‘Toulouse’, die het laatste opstapje is naar de release van de nieuwe plaat ‘Cracks in Common Sense’ op 20 november.

‘Cracks in ­Common ­Sense’, op­­genomen met Reinhard Vanbergen, is een toegankelijkere, betere én langere plaat dan de slechts acht songs tellende splinterbom ‘Album’, die twee jaar geleden verscheen en waarop zanger-tekstschrijver-­bassist ­Jelle Denturck (31) onder meer de dood van zijn moeder probeerde te verwerken.

Vandaag zijn we bij Denturck thuis om over de nieuwe plaat te praten, en terwijl de gastheer thee zet, ga ik door zijn vinylplaten. Ik stuit op een hoes die ik ken, maar niet kan thuisbrengen, en waarvan de afgesleten zijkant me niet wijzer maakt. Het blijkt – shame on me – om ‘In Through the Out Door’ van Led Zeppelin te gaan.

JELLE DENTURCK «Sinds ­Spotify ken ik zelf ook steeds minder hoezen en titels van platen en songs. Toen ik in Gent op de kunstschool zat, moest ik elke dag om zes uur opstaan en twee treinen nemen. Ik nam mijn discman mee en twee cd’s. Ik ging zitten, luisterde en deed niks anders. Je luisterde toen veel intensiever naar muziek. Josh Homme heeft het ook eens gezegd: ‘Sinds ik een iPod heb’ – het was toen nog iPod – ‘ken ik geen titels van songs meer.’»

HUMO Ik wist niet dat je op de kunstschool had gezeten.

DENTURCK «Het SKI in Gent, of in de volksmond: den Ottogracht – da’s de naam van de straat. Daarvoor zat ik in een heel strikte, brave, katholieke en nogal elitaire school in Tielt. Ik volgde er Latijn. Maar in het derde middelbaar deed ik mee aan een school­toneel en werd voor mij duidelijk: dit wil ik doen, dit wil ik worden. Ik schepte daar zo’n enorm plezier in, en ik kreeg goede reacties. Maar ik mocht niet van mijn ouders, ze wilden dat ik eerst mijn Latijn afwerkte. Ik ben dan beginnen te rebelleren en er mijn voeten aan beginnen te vegen, waardoor ik in het derde jaar een B-attest had en naar economie moest – verschrikkelijk. Vervolgens heb ik het nog bonter gemaakt en het jaar erop ben ik geëindigd met een C-attest. Ik moest dat jaar opnieuw doen, en toen zijn mijn ouders gekraakt (lacht). Ik mocht naar de kunstschool. Een wéreld die openging! Ik kwam van die katholieke, brave school in Tielt waar niets mocht, en daar in Gent stond iedereen op de speelplaats te roken! Dat op zich was al mind-­blowing. Leraren hadden er ook geen achternaam, je sprak ze met de voornaam aan. Het waren meer maten, eigenlijk. Ik weet nog dat dat roken in mijn eerste jaar werd verboden, en dat de leerlingen samen met de leerkrachten op de koer stonden te protesteren: wij willen ons recht op roken terug! (lacht) Ik heb er ogen opengetrokken. Maar ik heb er vooral geleerd om met mensen om te gaan, alle soorten mensen.»

HUMO Je bent niet in één vloeiende beweging doorgestroomd naar Studio Herman Teirlinck?

DENTURCK «Ik had intussen nogal een liefde voor cabaret ontwikkeld – klassiek cabaret: Kommil Foo, De ­Nieuwe Snaar, dat soort dingen. Ik had er ook mijn eindwerk over gemaakt en een liedje geschreven in de stijl van Kommil Foo. Dat was de richting die ik uit wilde. Ik heb meegedaan aan het Vlaams Cabaret Concours en meteen gewonnen. Nog een wedstrijd ergens in Nederland gewonnen. En plots belde er een manager, iemand die hier in België het kleine circuit regelde voor de grote namen: Wim Helsen, Bart Cannaerts, ­Kamagurka… Ineens mocht ik overal gaan spelen.»

HUMO Je speelde vooral liedjes?

DENTURCK (knikt) «Echt zoals Kommil Foo, maar dan iets minder melig. Kommil Foo is mij soms iets te… letterlijk. En ik vind dat ze een ergerlijke visie hebben op de liefde. Veel te romantisch. Veel te… (denkt na) ja, melig, dat is het woord. Die alles-of-niets-liefde, met nul nuance. Het is ofwel supergelukkig zijn en de meest intense liefde beleven, ofwel heartbroken zijn en van ’s morgens tot ’s avonds in tranen zitten. Dat is niet hoe ik liefde tot nu toe heb ervaren. Enfin, ik speelde dus liedjes aan de piano, afgewisseld met sketchachtige dingen.»

Ik ben bezig aan een Nederlandstalige plaat, met heel bewust de bedoeling om de dood van mijn moeder te verwerken. Als ik er de juiste woorden voor vind, wordt het misschien vatbaarder.’Beeld Guy Kokken

HUMO Grappen?

DENTURCK «Absurde grappen vooral. Onder de komieken stond ik bekend als ‘­diene gast met zijn banaan’. Dat kwam door mijn ‘­Concerto con legumo’, een concert dat door de pianist – ik dus – werd gespeeld met groenten in de mond. Dat begon met een wortel, dan een komkommer, enzovoort. Daar plakte ik dan een Klara-stemmetje over: (geaffecteerd) ‘We luisteren thans naar het ‘Concerto con legumo’ van de Italiaanse componist Antonio Papedipupidi, die voor­namelijk bekendstaat voor zijn ‘Concerto con frutos tropical’, maar daar hebben we vanavond geen tijd voor.’ Je raadt het: bij de bissen ging ik dan aan de piano zitten en haalde ik een banaan boven – waarop het publiek al meteen… (imiteert het geluid van een lachende zaal). En dan speelde ik effectief piano met een banaan. Wat uiteraard een vreselijke smurrie gaf op de toetsen. Na tien voorstellingen begon dat ook verschrikkelijk te stinken. Ik probeerde het achteraf altijd wel op te kuisen, maar die pap kroop tussen de toetsen. Op den duur was het zo erg dat als ik één toets indrukte, er tien naar beneden gingen. Maar goed, ik heb mij daar een tijd echt mee geamuseerd, en er het gevoel bij gehad dat het was wat ik wilde doen.

»Ineens stonden er ­grote managementbureaus te zwaaien met contracten, met de vraag om avondvullend te gaan spelen. Ik was 21 of 22 jaar en ik vond dat veel te vroeg. Ze kwamen bovendien net op een moment dat ik was vastgelopen. Ik had anderhalf jaar min of meer dezelfde set gespeeld en ik vond niks nieuws meer. Ik had steeds vaker het gevoel dat ik met iets wegkwam. Het publiek lachte, maar ikzelf vond het te flauw. Of niet urgent genoeg. En de nieuwe dingen die ik schreef, waren nog minder goed dan wat ik al had. Dus heb ik op een bepaald moment tegen iedereen gezegd: niks meer boeken, ’t is gedaan.»

HUMO Met studeren was je toen al gestopt?

DENTURCK «Na de kunstschool was ik filosofie gaan studeren in Gent. Ik vond: je wilt op een podium staan en iets vertellen, maar, beste Jelle, jij hebt helemaal nog niks te vertellen. Je kunt niet nadenken over de wereld, jij weet nog van niks. Dus ben ik gaan leren nadenken (lacht). Na mijn tweede jaar ben ik gestopt omdat het cabaret steeds beter begon te lopen en ik meer in Nederland zat dan in België.

»Maar na het cabaret had ik dus plots niets meer, en moest ik baantjes beginnen te zoeken om rond te komen. Ik ben bij Key Music in Sint-­Niklaas gaan werken, als piano­verkoper. Bij momenten best een toffe job, maar het heeft mij altijd verbijsterd hoe weinig de mensen er met muziek bezig waren. Het is een business, er moeten vooral dingen verkocht worden. En de dure instrumenten, vaak nodeloos duur, worden niet verkocht aan professionele muzikanten, maar aan hobbyisten die denken: als ik 3.000 euro geef aan een gitaar, zal ik er wel geraken. Dat heeft bij mij altijd gewrongen.

»Omdat ik het beu was om crappy jobs te moeten doen, ben ik twee jaar geleden opnieuw gaan studeren. Ik zit nu in mijn derde jaar Design & Development, hier in Kortrijk. Ik moet mijn stage nog doen en dan ben ik ervan af. Ik wilde iets waarvan ik wist dat ik er werk in zou ­vinden; liefst freelance, zodat ik het kan combineren met mijn muziek. Een rationele keuze. Mijn moeder heeft mij altijd kwalijk genomen dat ik geen plan B had, en dit was een bewuste keuze voor zo’n plan B. Een goed plan B. Iets wat ik graag ga doen en mij de vrijheid geeft om muzikaal te blijven doen wat ik wil.»

Massaal veel Nirvana

HUMO Ik wil nog even terug naar het cabaret en de comedy. Het lijkt mij één van de eenzaamste beroepen die er zijn. Vooral het contrast tussen een – in het beste geval – enthousiaste zaal en de stilte achteraf lijkt mij redelijk ondraaglijk.

DENTURCK (knikt) «Dat is een heel grote factor geweest om ermee te stoppen. Ik speelde in het voorprogramma van Kamagurka, Henk Rijckaert en Xander De Rycke, en mijn vrienden zeiden: ‘Dat moet daar nogal plezant zijn in die backstage!’ Maar meestal is dat dus oersaai, want iedereen zit daar aan een tafeltje in zijn eigen wereldje zenuwachtig te zijn en te wachten tot het aan hem is. Er waren uitzonderingen, maar het was zelden echt plezant.

»Twee jaar geleden heb ik het even weer opgepikt en getourd in het voorprogramma van Wouter Deprez. Ze hadden mij overtuigd: ik was net gestopt met mijn vorige band, Protection Patrol ­Pinkerton, en had weer wat meer tijd. Wouter was heel lief, een pracht van een mens die mij ongelooflijk op mijn gemak kon stellen. Toen was het wél plezant in de backstage. Maar niet op het podium. Ik herinner me dat hij mij aan het aankondigen was, we hadden al een show of acht gedaan: ‘Hij is vroeger al met comedy bezig geweest, hij is daar toen mee gestopt, maar de goesting om weer op dat podium te staan was te groot…’ En ik stond in de coulissen te wachten en dacht: dat is zo níét waar. Ik zou nu overal willen zijn, behalve op dat podium. Toen besefte ik dat het voor mij definitief voorbij was. Ik heb er mooie vriendschappen aan overgehouden, maar ik ga nooit meer terug.»

HUMO Je hebt het tot dusver enkel over de piano gehad, maar bij DIRK. speel je bas.

DENTURCK «Toen we met DIRK. begonnen, hadden we een gitarist, een drummer en een zanger, maar geen bassist, dus ben ik dat maar gaan doen. Ik heb de basgitaar van mijn vader gekregen – zijn eerste bas, die hij als tiener gekocht heeft en die nu nog altijd meegaat naar elk optreden. Ze is ondertussen wel de reservebas geworden, want het moet zo ongeveer de slechtste bas zijn die ooit is gemaakt. In de ­finale van Humo’s Rock Rally heb ik erop gespeeld, omdat ik wist dat mijn ouders er waren. Een jongensdroom die uitkomt, hè, in de AB mogen spelen! In de finale van de Rock ­Rally! Mijn ouders apetrots. En ik dacht: als papa nooit in de AB gaat spelen, dan toch zijn bas­gitaar. Hij speelt nu contrabas in een covergroepje, samen met zijn broer, nonkel Hans. De ­Wilfrieds heten ze, genoemd naar hun vader, Wilfried ­Denturck.»

HUMO Ik las ergens dat je vader fan is van Pearl Jam en Red Hot Chili Peppers.

DENTURCK «Vroeger was hij fan van punk, The Clash vond hij fantastisch. Maar toen ik opgroeide, was het thuis vooral Pearl Jam, Pixies, ­Nirvana… Massaal veel Nirvana. De Peppers waren meer mama’s groep.»

HUMO Muziek die jij graag hoort?

DENTURCK «Pearl Jam doet mij niet zo veel, ik vind Eddie ­Vedder solo interessanter. ‘Ten’ van Pearl Jam werd thuis grijsgedraaid, maar de pathos daarvan deed het niet voor mij. Dan hoorde ik veel liever ‘Nevermind’ van ­Nirvana. Die urgentie, die energie: man toch. Als ik een nummer als ‘Stay Away’ hoor, wil ik nog altijd door een muur lopen. Als ze mij ooit vragen naar de tien platen van mijn leven, zal Nirvana er zeker tussen zitten.»

'De roes opzoeken, ik doe dat wel graag. Een joint roken is gewoon echt plezant. Of eens een xtc’tje: fantastisch tof. Je zietiedereen dan zo graag! En je durft het ook te zeggen.'Beeld Guy Kokken

HUMO Wat was de eerste groep die helemaal van jou was?

DENTURCK (denkt na) «­Wilco. Dankzij Humo. Alles wat goed besproken werd, ging ik halen in de bibliotheek. Ik herinner mij de bespreking van ‘Sky Blue Sky’, waarin stond dat ‘Yankee Hotel Foxtrot’ het meesterwerk was. Dus ik dacht: dan moet ik daar maar mee beginnen. De eerste keer was met mijn discman in de trein naar Gent. Het eerste nummer was ‘I Am Trying to Break Your Heart’: niets dan gebliep en lawaai. Ik wist totaal niet wat ik daarmee moest, heb het zelfs af­gezet. Een hele tijd later toch nog eens naar teruggegrepen, en ineens was ik hooked. Maar echt: verslaafd. Er zijn weinig platen die ik zoveel heb gedraaid als ‘Yankee Hotel Foxtrot’. In diezelfde periode: ‘Paradisiac’ van Millionaire. In Humo stond dat je er tien keer naar kon luisteren zonder mee te zijn, maar dat ze de elfde keer helemaal openbarstte. En dat was exact wat er bij mij gebeurde. Dus bij dezen: dank u, Humo.»

Mormonenpraat

HUMO Schrijf je de songs voor DIRK. aan de piano?

DENTURCK «Nee, zeker niet. Alles wat ik schrijf, is behoorlijk melodieus. Ik hou van de gouden zanglijn, maar met DIRK. was het net de bedoeling om niet té melodieus te zijn. Dus schreef en schrijf ik meestal in het repetitiekot, op de bas. Of ik zet aan met halve ideeën, zodat er nog genoeg ruimte is die de gitaristen met lawaai en scheve shit ­kunnen invullen. Dingen waar ik nooit zou opkomen. We zeggen altijd ‘DIRK. is a band’, en dat moet ook zo blijven.»

HUMO Zijn die halve ideeën genoeg om je ei kwijt te kunnen?

DENTURCK «Ik heb heel veel eigen dingen liggen die ik niet voor DIRK. gebruik, en ik ben eigenlijk pas dit jaar in een fase gekomen waarin ik solomuziek ook werkelijk zou durven uitbrengen. Het zal er nog weleens van komen. Ik vind het vooral moeilijk om één lijn te kiezen. Zo ben ik bijvoorbeeld bezig aan een Nederlandstalige plaat. Eén plaat moet dat maar worden, met heel bewust de bedoeling om de dood van mijn moeder te verwerken. Vanuit het idee: als ik er de juiste woorden voor vind, wordt het misschien vatbaarder. Of tastbaarder, zodat ik het vervolgens aan de kant kan schuiven. En ik ben de laatste tijd veel nummers aan het schrijven voor een soort zondagochtendplaat, heel erg geïnspireerd door mensen als Jeff Tweedy en Andy Shauf. En af en toe vind ik eens een liedje terug van toen ik 15, 16 jaar was en waar ik nog altijd content van ben. Met zelfs teksten die best oké zijn. Dus daar kan ik misschien ook nog iets mee.»

HUMO Wat ik erg waardeer aan jou als songschrijver, is dat je in je teksten niets zegt als je niets te zeggen hebt. Dat het soms ook gewoon helemaal nergens over mag gaan. Bij veel beginnende groepen denk ik vaak: thanks for sharing, maar wat moet ik met al die info?

DENTURCK (lacht) «Dat zie je vaak, hè, die drang van beginnende songschrijvers om datgene waarmee ze worstelen bijna letterlijk in hun songs te steken? Zelf vertrek ik ook altijd wel van een gevoel of van iets dat ik wil zeggen, maar vervolgens stuur ik daarvan weg. Richting humor, of het absurde. En ik leen graag quotes. In ‘Hit’ zit de regel: ‘Why did they put you in here? Because I wore a pink T-shirt.’ Dat komt letterlijk uit ‘The Simpsons’.

»Helemaal in het begin van DIRK. was ik totaal niet bezig met tekst, toen zei ik manifest niets. In de eerste tien songs die we geschreven hebben, heb ik enkel ­quotes gebruikt uit ‘The Book of Mormon’. Ik had dat gekregen van een Amerikaan, een mormoon. Daar stond zulke rare, absurde shit in, ik kon dat gewoon letterlijk overpennen. Heel leuk om dat dan ­vervolgens heel intens en gemeend te brengen. Maar goed, het mocht geen gimmick worden, dus ben ik er maar mee gestopt en zelf teksten beginnen te schrijven. Maar dat referentiële heb ik nog altijd wel graag.»

HUMO En toch, las ik ergens, schrijf je soms maanden aan een tekst.

DENTURCK «En dan nog vaak aan de teksten waarvan je zult denken: dit is absurd gezever. Maar ik vind: het moet dan wel goeie zever zijn. Op de eerste plaat zing ik ergens: ‘I want you to milk me, I like dairy porn.’ Ik vond dat een vree geinig zinnetje, ik was content toen ik het gevonden had. Maar er gaat wel denkwerk aan vooraf. Het is zitten aan een tafel, met een wit blad voor je, en denken. Maar ik doe dat graag.»

HUMO Voorafgaand aan de release van de plaat zijn er al drie singles verschenen. Bij de vorige geen enkele.

DENTURCK «Toen wilden we echt een album droppen, punt gedaan, take it or leave it. Maar het is een feit dat een albumcampagne tegenwoordig stopt zodra het album is uitgekomen, alles ervóór is veel belangrijker geworden dan de plaat zelf. Ik vind dat jammer, maar het is wel hoe het werkt. En we moeten er eerlijk in zijn: we willen een stapje hogerop zetten. Dus hebben we de raad van de manager opgevolgd: ‘We gaan langer teasen.’ We worden al het hele jaar gedraaid op de radio, en nu zijn er verwachtingen. Heel benieuwd wat het gaat geven.»

HUMO De nieuwste single heet ‘Toulouse’. Ook weer een woordgrapje.

DENTURCK «Inderdaad, to lose it all. Heb ik jaren geleden al bedacht – ik was net terug uit Frankrijk (lacht). Ik heb toen nog met een stel maten boven een kaart van Frankrijk gehangen om te kijken of er nog andere woordspelingen te vinden waren, maar Toulouse was veruit de beste (lacht).

»De nieuwe plaat ging trouwens aanvankelijk ‘Frimout’ heten. Heb je ’m? DIRK. Frimout (lacht)? Het was meer dan een woordgrapje, hoor. Ik heb er zelfs een lange brief voor naar Dirk Frimout geschreven, om het uit te leggen en om zijn toestemming te vragen, maar hij wilde er categoriek niks mee te maken hebben.»

Stemmetje in je hoofd

HUMO Om af te ronden een kleine aanloop naar een simpele vraag. Ik was eens in een school waar avondschool­cursisten hun schilderijen tentoonstelden. Ik kon een onderscheid maken tussen de mensen die al wat verder stonden dan de rest, en de mensen met meer talent dan de anderen. Maar slechts één schilderij wist mijn aandacht te trekken en mij te raken, en dat bleek bij navraag van een cursist met een mentale afwijking te zijn. Ik wil jou geen mentale afwijking toedichten, maar hoe komt het volgens jou dat de beste kunst voortkomt uit een worsteling met het leven?

DENTURCK «Als je fluitend door het leven stapt, zul je geen kunst maken, of toch geen boeiende kunst. Dan zit er geen urgentie in. Zelf heb ik mij altijd op de één of andere manier een uitzondering gevoeld. Niet in de zin van ‘ik ben uitzonderlijk’, maar als in, euh… (Denkt na) Ik was altijd anders dan de mensen om mij heen. Ik ben opgegroeid in Ingelmunster, een brave gemeente vol brave ­Vlamingen. De mensen denken er heel normatief: ‘Een mens moet zich zó gedragen, met díé dingen bezig zijn in het leven.’ De clichés: een huis, een tuin en kindjes. Ik heb mij daar altijd een rare vogel gevoeld, en dat gevoel was wederzijds. Nu nog zeggen mensen in Ingelmunster tegen mijn vader: ‘’t Is altijd al een beetje zo ene geweest, hè.’ Maar in Gent op de kunstschool was ik ook anders: ze waren daar zo vrij, open en extravert dat ik ineens toch weer van Ingelmunster was. Dan ben ik filosofie gaan studeren en zat ik tussen mensen die zichzelf allemaal filosoof vonden en heel manifest filosoofje zaten te wezen. ‘Kijk eens hoe abstract en interessant ik kan denken.’ Daar voelde ik mij ook niet op mijn plek. Over comedy en cabaret hebben we het al gehad. De vraag die ik mij in mijn leven al het vaakst heb gesteld, is: wat dóé ik hier? Ik kan mij zo enorm ver­loren voelen. Een soort on­behagen dat altijd ­aanwezig is. Het is dat stemmetje in je hoofd dat altijd aan het meedenken is, alsof je aan het toekijken bent op je eigen leven. Ik kan dat maar voor ­korte momenten kwijtraken. Bijvoorbeeld tijdens een optreden, zeker met DIRK., wat altijd heel intensief is.»

HUMO Ooit andere dingen geprobeerd? Therapie, medicatie, drugs, drank, meditatie?

DENTURCK «Al die dingen (lacht). Drugs… De roes op­­zoeken, ik doe dat wel graag. Een joint roken is gewoon echt plezant. Of eens een xtc’tje: fantastisch tof. Je ziet iedereen dan zo graag! En je durft het ook te zeggen. Ik zie er niet zoveel nadelen aan. Drinken is iets anders, dat is gevaarlijker. Daar moet ik echt mee opletten. Als ik begin te drinken, vind ik het heel moeilijk om te stoppen. En ik hou niet van die afhankelijkheid. En het is gewoon ook niet goed voor mij. Ik word er zo ongelooflijk moe van. Alles is me dan te veel. En levensvreugde is bij mij al iets fragiels.

»Mediteren doe ik af en toe, en dat doet me goed. Het kan mij op een plek brengen waar het lawaai even stopt. Ze vergelijken het met een oceaan: aan het oppervlak is het woelig en kan er van alles gebeuren, maar daaronder is het altijd kalm. Die kalmte heb ik al een paar keer mogen ervaren en dat doet enorm veel deugd. Dat geeft energie, niet normaal. Ik kan er dingen vlugger door van mij afzetten, en relativeren. Je moet dat actief doen: leren relativeren. Al moet ik toegeven dat ik dat altijd al heb gedaan, en soms zelfs iets te veel. Toen we derde werden op Humo’s Rock Rally, dacht ik onmiddellijk: hoeveel groepen zijn er al niet derde geworden in de Rock Rally? En 90 procent ervan bestaat al niet meer.»

HUMO Maar DIRK. bestaat nog. Waarvoor dank, alsmede voor het gesprek.

‘Cracks in Common Sense’ verschijnt op vrijdag 20 november bij Mayway Records.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234