Sonny RollinsBeeld ©John Abbott

90 jaarSonny Rollins

‘Een betere saxofonist worden zal niet meer lukken, maar ik kan nog altijd een beter mens worden’

Op de berg Olympos der Jazzsaxofonisten staat hij enkele treden onder John Coltrane en dus kilometers bóven al de rest: Sonny Rollins, of zoals zijn bijnaam en de titel van zijn grootste plaat luiden, de Saxophone Colossus. De enige overlever van de gouden jaren van de jazz wordt begin volgende week 90, een jubileum waarvoor hij mij bij hoge uitzondering uitgebreid te woord wilde staan vanuit zijn kluizenaarsoptrekje in Woodstock, New York.

Vijf dingen die u over Sonny moet weten. 1) De eerste keer dat hij naast John Coltrane speelde, vatte Miles Davis dat zo samen: 'Sonny maakte Trane gewoon bang. Hij blies hem weg, draaide er cirkeltjes rond, set his ears and his ass on fire.' Sonny en Trane werden wel goede vrienden. 2) Hij inspireerde niet één maar twee personages in 'The Simpsons': zichzelf en Lisa's sax-icoon Bleeding Gums Murphy. 3) In 1959, toen hij naar conservatieve schatting een meesterwerk of tien op rij had opgenomen voor labels als Blue Note en Prestige, trok hij zich drie jaar terug uit de openbaarheid om te oefenen. Zijn uitleg is een somber refrein dat hij graag blijft herhalen: 'Het was niet goed genoeg.' 4) Sonny is te horen op 'Tattoo You' van The Rolling Stones. Over die ervaring liet hij optekenen: 'Mick Jagger begreep niet wat ik deed, en ik begreep niet wat hij deed: pikten The Rolling Stones niet vooral van zwarte bands?' 5) Live was Sonny naar eigen zeggen op z'n best: 'In de studio zitten is als cyberseks, live spelen, dat is écht de liefde bedrijven.'

Sonny, op wie de natuur en een jarenlange heroïneverslaving weinig vat hebben gehad, kon alles. Tot hij het niet meer kon. In 2012 moest 's werelds grootste melodische improvisator door gezondheidsproblemen stoppen met optreden, nog eens twee jaar later zou hij zijn sax aan de haak hangen, als een plotsklaps impotent geworden Ron Jeremy. Hij moet z'n laatste jaren uitzingen zonder muziek. Dan maar praten.

HUMO Hoe gaat het met u?

Sonny Rollins «Wacht, ik zet eerst even de radio af. Altijd maar dat virus... Ach ja. Laat mij eerst vragen hoe het met u gaat.»

HUMO Normaal ben ik niet nerveus bij een interview, maar nu wel. Het is een hele eer.

ROLLINS (lacht) «O, maakt u zich geen zorgen, ik ben een bescheiden kerel. Het is een plezier voor mij om met ú te spreken.

»Wat mij betreft: ik heb me in mijn hele leven nog nooit zo goed gevoeld. En dan heb ik het voor de duidelijkheid niet over mijn fysiek. Op dat vlak is het... wel oké. Maar spiritueel gezien - ook al heb ik een gloeiende hekel aan dat overgebruikte woord - gaat het formidabel. Ik zit met mijn gedachten al bij de andere wereld. (Plots) Wat denkt u dat ik bedoel met 'spiritueel'?»

HUMO Het gevoel dat er iets is buiten het onmiddellijk waarneembare.

ROLLINS «Hm (blijft stil).»

HUMO Met andere woorden: u bereidt uw overgang naar die andere wereld voor?

ROLLINS «Ook. Maar onze tijd op aarde draait altíjd om 'een voorbereiding op het volgende'. Of dat nu het hiernamaals is of de dag van morgen. Weet u hoe ik mij voorbereid? Door te leven volgens de Gulden Regel: 'Behandel anderen zoals je door hen behandeld wilt worden.' De Gulden Regel is de enige manier om te leven, ze hebben het erover in alle religies, van het taoïsme over het christen- en jodendom tot de islam. Ik ben er al mijn hele leven mee bezig, al heb ik er nu natuurlijk meer tijd voor. Een betere saxofonist worden zal niet meer lukken, maar ik kan nog altijd een beter mens worden.»

HUMO Het was niet mijn bedoeling om meteen over de dood te beginnen, maar u bent er duidelijk niet bang voor.

ROLLINS «O nee, ik kijk ernaar uit. Niet om te sterven, maar om het hiernamaals tegemoet te treden. Ik geloof in reïncarnatie, maar verder is het belachelijk om na te denken over wat ons precies te wachten staat. Als menselijke wezens kunnen wij dat niet vatten. Weten wij veel wat het universum is.»

HUMO Vooruitkijken is moeilijk, dan maar terugblikken?

ROLLINS «Ik zal mijn best doen, maar ik ben hier al 90 jaar, dus die herinneringen durven weleens in elkaar over te vloeien (lachje).»

HUMO Jazz is voor mij het toppunt van cool: de kleren, de zonnebrillen, de muziek... Was dat voor u ook al zo toen u in de vroege jaren 40 een klein Sonny'tje was?

ROLLINS «Oh yeah. Toen ik voor het eerst jazz hoorde, was ik 2, 3 jaar oud. Kent u de pianist Fats Waller? 'I'm Gonna Sit Right Down and Write Myself a Letter'? Toen ik hém hoorde... Boy, it just lit up the whole world, alsof de zon opkwam voor iedereen tegelijk. That was it: ik wist dat ik muzikant zou worden.

»Ik heb het gevoel dat ik ben opgegroeid in een speciale tijd, op een speciale plaats. In Harlem was er overal muziek. Als ik naar school ging, kon ik een ommetje maken langs de Cotton Club - de originele, die in 1940 de deuren sloot. Ik ging naar het Apollo Theatre, op straat zag ik Duke Ellington en Coleman Hawkins de wereld in hun handpalm houden... Zelfs in mijn muziekgroepje op school speelde ik verdorie samen met Jackie McLean, Kenny Drew, Art Taylor... Toen ik als muzikant begon te werken, belandde ik na één sessie met Babs Gonzales al in de studio met de grote Bud Powell. In 1949 moet dat zijn geweest. Gouden tijden.»

HUMO U werd snel een lokale held: 'Bij de jonge muzikanten van Harlem was Sonny een legende, een god,' schreef Miles Davis.

ROLLINS «Ik kreeg een flinke reputatie, een niet onprettig gevoel. Maar ik maak mezelf niets wijs: ik kon doen wat ik deed omdat de natuur me welgezind was geweest, niet omdat ik zelf zo geniaal was. Mijn enige verdienste was dat ik plichtbewust was. Ik oefende als een gek. Oefening is de leidraad in mijn leven. En hoe ouder ik werd, hoe méér ik oefende.»

HUMO Waar komt die eindeloze drang om béter te worden vandaan?

ROLLINS «Mijn ouders wilden al erg vroeg dat ik piano zou leren spelen in een formele opleiding. Maar wat interesseerden muzieklessen mij nu toen ik 6 was? Ik wilde stickball spelen op straat, ravotten, kattenkwaad uithalen. En omdat ik de jongste was, die doorgaans het meest verwend wordt, liet mijn moeder dat toe. Uit liefde, ik neem het haar niet kwalijk. Maar ik heb toen véél tijd verspild. En daardoor heb ik altijd het gevoel gehad dat ik aan een eindeloze inhaalrace was begonnen. Ik heb die achterstand nooit kunnen goedmaken. Er zat maar één ding op: oefenen, oefenen, oefenen.»

HUMO Wanneer bent u begonnen?

ROLLINS «Toen ik 7 was en mijn moeder me mijn eerste saxofoon kocht. Ik zat in mijn kamer en toen mijn moeder riep dat ik moest komen eten, hoorde ik haar niet. Jaren later was ik nog altijd zo. Na een optreden liep de zaal leeg, het licht ging uit en de muzikanten trokken de deur van de zaal achter zich dicht. Maar ik had dat amper door, ik bleef gewoon spelen.»

HUMO Toen u net een platenrek vol klassiekers had uitgebracht - 'Way Out West', 'Saxophone Colossus', 'The Sound of Sonny'... - hield u het uit onvrede voor bekeken. In 1959 nam u een beroemde sabbatical die duurde tot het einde van 1961. In die tijd woonde u in de Lower East End van New York en ging u elke dag oefenen op de Williamsburg Bridge: een verhaal dat elke jazzliefhebber kent en dat uiteindelijk leidde tot één van uw succesvolste platen, 'The Bridge'. Hoelang stond u elke dag op die brug?

ROLLINS «Het kwam mij daar prima uit. Mijn vrouw werkte overdag, ik was gezond en sterk. Het was een perfect repetitiekot, er was - vreemd genoeg - níémand. Dus ik bleef zo lang ik maar wilde. Als ik even naar het toilet moest, dan ging ik naar een bar. Ik dronk op dat moment nog niet zoveel whisky, maar zo nu en dan, wanneer het erg koud was, deed ik handschoenen aan en ging ik een glaasje brandewijn halen. Op een slechte dag stond ik er acht uur, op een goede dag makkelijk het dubbele.»

HUMO Enkele jaren geleden is er een petitie gestart om de Williamsburg Bridge te herdopen tot de Sonny Rollins Bridge. Hoe is het daarmee gesteld?

ROLLINS «Ik weet het niet. Een aantal politici vond dat destijds geen goed idee. De actie krijgt alleszins niet veel publiciteit meer. Misschien komt het er wel van als ik er niet meer ben (lachje).»

MESSI EN RONALDO

HUMO De jazzwereld in de jaren 50 was een competitieve scene waar muzikanten voortdurend boven elkaar wilden uitstijgen.

ROLLINS «Oh yeah.»

HUMO Was het mogelijk om echte vriendschappen uit te bouwen met collega-muzikanten?

ROLLINS «Hm. De jazz werd vóórtgestuwd door rivaliteit. Al was die er ook ter wille van het publiek: voor de toeschouwers was er niks opwindenders dan twee getalenteerde artiesten het tegen elkaar te zien opnemen, als Muhammad Ali en George Foreman die zich in de ring hesen. Maar we hadden wel een enorm respect voor elkaar. En met de meesten kon ik goed opschieten.»

HUMO U leek een speciale relatie te hebben met Miles Davis. Jullie waren vaak in uw appartement in Edgecombe te vinden, dat uitkeek op het Yankee Stadium. Jullie gingen graag naar de bar Bells, waar Miles het nummer 'Sippin' at Bells' over schreef.

ROLLINS «Bells, potverdorie. Dat is waar, daar hebben wij nog veel brandewijntjes besteld (lacht).»

HUMO Miles beweerde zelfs dat hij degene was die Prestige-eigenaar Bob Weinstock ervan overtuigde om u uw eerste sessie als bandleider te geven.

ROLLINS «Dat weet ik niet zeker, ik heb het hem nooit gevraagd. Maar het zou zeker kunnen. Miles hield van de manier waarop ik speelde.»

HUMO Weinstock is volgens de legende dan weer de man die u de bijnaam Saxophone Colossus gaf.

ROLLINS «Nee, dat klopt niet. Ik heb daar veel later namelijk uit nieuwsgierigheid onderzoek naar gedaan: blijkbaar was de naam een vondst van een gewone Prestige-werknemer. Die man is al lang geleden overleden, ik heb hem nooit ontmoet.»

HUMO Miles en uzelf gaven elkaar ook graag bijnamen. U noemde zijn cabriolet, een Dodge uit 1948, de Blue Demon. Hij noemde u Newk - vandaar de titel van één van uw Blue Note-platen, 'Newk's Time'. Waar komt de naam Newk vandaan?

ROLLINS «Miles vond dat ik sprekend leek op de destijds beroemde honkbalspeler Don Newcombe, de pitcher van de Brooklyn Dodgers. En hij was niet de enige. Op een dag zaten Miles en ik in een taxi wanneer de chauffeur zich omdraaide: 'Ha, meneer Newcombe, ik ben grote fan! Hoe gaat het met u?' Ik heb hem ticketjes beloofd voor de wedstrijd van die avond, en in het lang en het breed uitgelegd hoe ik van plan was om te werpen (lacht). Arme man. Zulke dingen vonden we grappig. Anyway, vanaf dan is Miles me altijd Newk blijven noemen.»

HUMO Was Miles spiritueel?

ROLLINS «Als je zo kunt spelen, man, dan móét je wel een spirituele ziel zijn. Waarom vraagt u dat?»

HUMO Omdat hij meestal wordt beschouwd als een harde, kille man. Maar als hij het over spiritualiteit heeft, doet hij me vaak aan u denken. Zo geloofde hij dat de geesten van de muzikanten met wie hij nog gespeeld had, hem soms kwamen bezoeken, net als de geesten van zijn vader en moeder.

ROLLINS (aangedaan) «Ik wist niet dat Miles daar ook zo over dacht. Ik denk élke dag aan de muzikanten met wie ik nog gespeeld heb. Aan Miles en aan John, maar ook aan Dizzy Gillespie, aan Charlie Parker, aan Thelonious Monk... Ik draag hen met mij mee, als een talisman. Ik heb niet het gevoel dat ze weg zijn: als ik aan hen denk, voelt het alsof ze hier zijn, bij mij. De echt goede muzikanten vergeet je niet.»

HUMO U hebt nooit, zoals Miles, een autobiografie geschreven.

ROLLINS «Ik vond dat ik niet voldoende had gedaan. Ik vond het verstandiger om mijn tijd nuttig te besteden in plaats van terug te blikken, terwijl er nog zoveel werk was.»

HUMO Mag ik iets factchecken? Klopt het dat u in de vroege jaren 50 met Davis en Coltrane hebt opgetreden in de Audubon Ballroom - de plek waar later Malcolm X is vermoord - en dat u Coltrane toen van het podium speelde?

ROLLINS «Yeah well, you know. Maar ik beschouw mezelf niet als beter, hoor. O nee. Als ik nog maar in dezelfde zin wordt vernoemd als hem, dan kan ik alleen maar zeer dankbaar en nederig zijn.»

HUMO In het voetbal steken twee spelers er met kop en schouders bovenuit: Cristiano Ronaldo en Lionel Messi. Volgens de volkswijsheid zou geen van hen ook maar in de buurt zijn gekomen van z'n huidige niveau zonder de ander. Had u een gelijkaardige relatie met Coltrane?

ROLLINS «Eerst luisterde ik naar Fats Waller, daarna spiegelde ik mezelf aan Coleman Hawkins en Lester Young, en daarna kwam Coltrane... Coltrane was geen feestneus, hij was statig, als een predikant, en alles wat hij deed, had gewicht. Als we samenzaten, dan ging het nooit over koetjes en kalfjes. Het was een voorrecht om tot op zekere hoogte dicht bij hem te staan.»

HUMO En toch hebt u maar één sessie met hem opgenomen: 'Tenor Madness'. Waarom?

ROLLINS «John deed zijn ding, ik het mijne. Er was geen reden, het kwam er gewoon niet van. We hebben wel vaker samengespeeld, maar daar bestaan geen tapes van. Zo is het meestal: de beste muziek staat niet op plaat.»

GEVANGEN EN VRIJ

HUMO Als Art Blakey vond dat één van zijn bandleden in de legendarische groep The Jazz Messengers zijn streng niet trok, dat gooide hij die ontegensprekelijk buiten. Was u even meedogenloos?

ROLLINS «Yes, I was. (Zwijgt) Ik heb zovéél muzikanten op straat gegooid. Alleen zult u hun namen misschien niet kennen, want ze waren effectief niet goed. Niet goed genóég.»

HUMO Als u zo toegewijd was, eiste dat dan nooit zijn tol op andere aspecten van uw leven?

ROLLINS «Muziek spelen wás mijn leven, wat bedoelt u met andere aspecten? Hoe dan ook: die betekenden weinig voor mij. Ik ben twee keer getrouwd geweest. Daarnaast had ik maîtresses, girlfriends and all that kind of stuff. Maar daar draaide het niet om. De echtgenote met wie ik het langst getrouwd was (Lucille Rollins, die overleed in 2004, red.) wist dat. Muziek kwam vóór haar op de eerste plaats. Pas op, dat is moeilijk om te accepteren voor een vrouw. Maar zo was het.»

HUMO Zelfs vrouwen konden u niet afleiden. En drugs?

ROLLINS «Als er één ding was dat mij had kunnen wegjagen van de muziek, dan drugs wel. Maar nee hoor. Toen ik zwaar begon te gebruiken, kon ik nog altijd spelen, opnemen en optreden. Ik heb er veel idiote dingen door gedaan. Maar als ik eerlijk ben, hebben de drugs mijn muziek geen kwaad gedaan. 

»U merkte daarstraks op dat ik niet bang ben om te sterven. Maar als ik bang was om te sterven, dan was ik nooit in de drugs gesprongen. Wij konden allemaal op om het even welk moment doodvallen - wat veel van ons ook is overkomen. Wat wij allemaal in onze aderen stopten, dat was bijna suïcidaal.»

HUMO Charlie Parker, de grote oppergod van elke jonge saxofonist in de jaren 40 en 50, geloofde dat hij van heroïne een betere muzikant werd. Veel van die jonge muzikanten volgden hem in die logica, onder wie uzelf.

ROLLINS «Hoe oud was ik toen? Een kind! Op dat moment beschouwde ik drugs als een grote hulp. It loosened your inhibitions, je ging er minder door nadenken en je volgde makkelijker je instinct. Met drugs kon ik me makkelijker op één ding concentreren. Alcohol werkt ook zo: het geeft je het gevoel dat je opeens kunt communiceren met... de hogere elementen van het leven. Het is bijna religieus. Wanneer schrijvers, muzikanten en artiesten roken en drinken, it gets you out of the humdrum of everyday living and it puts you right where you wanna be. Als ik gebruikte, voelde ik me zo vrij als een vogeltje.»

HUMO Er is nog iets wat dat gevoel kan oproepen: livemuziek.

ROLLINS «Dat is zo. Als kind, toen ik nog niet wist wat drugs waren, had muziek een gelijkaardig effect op me. Muziek bezorgt je dat speciale gevoel op een natuurlijke, positieve manier, en drugs op een onnatuurlijke, negatieve manier. Ik heb er veel tijd door verspild.»

HUMO Door af en toe in de gevangenis te belanden, bijvoorbeeld. Op een bepaald moment zat u één jaar vast.

ROLLINS «Dat was dom - stupid, so stupid. Ik was betrokken bij een gewapende overval. Ik had nog nooit in mijn leven een wapen vastgehad, ik wist niks over pistolen. Maar iemand zei: 'Komaan, ik ken een winkel waar we een stick-up kunnen doen, dat is makkelijk verdiend.' Je denkt als verslaafde niet helder na, je redeneert in een waas. En ik was de dommerik die het pistool vasthad toen we gepakt werden. (Stellig) Tot op de dag van vandaag heb ik nooit een kogel afgevuurd. Maar goed, die stommiteit kwam me dus op één jaar cel te staan.

»Een jaar is lang. Gelukkig zaten er in dezelfde gevangenis wel meer muzikanten - niet moeilijk, als je zag hoe er toen in het wereldje met drugs werd omgesprongen en hoe graag de politie binnenviel in de jazz-clubs. We hadden een bandje in de gevangenis, en dat heeft me geholpen. Een grote zegen vanwege onze Schepper, of hoe je Hem ook wilt noemen. Ik zat in een verschrikkelijke situatie, maar ik kreeg de kans om er nog iets moois van te maken. En om te blijven oefenen.

»Maar er was nog iets belangrijkers dat me gaande hield. In de gevangenis waren er bezoekdagen. Ik ben vergeten of die nu elke dag, week of maand plaatsvonden, maar ik weet wel nog dat mijn moeder er élke keer stond. Wat een prachtige, wonderlijke vrouw. Ze was lief, ze stelde me gerust. Als zij er niet was geweest, weet ik niet hoe ik het daar had overleefd. Ik was de jongste, en een moeder heeft altijd een zwak voor haar jongste: verwend, hè (lachje).»

ZWART EN WIT

HUMO Eén van uw composities waar ik tegenwoordig vaak naar teruggrijp, is 'Freedom Suite', één van de eerste jazznummers die racisme ten tijde van de burgerrechtenbeweging aankaartte.

ROLLINS «Na mij volgden Max Roach (drummer, red.) met 'We Insist! Freedom Now Suite', John Coltrane met 'Alabama', en vele anderen. Ik heb er weinig krediet voor gekregen. 'Freedom Suite' heb ik gemaakt met Max Roach en Oscar Pettiford in 1959.

»In mijn kindertijd was mijn grootmoeder erg actief als burgerrechtenactiviste, en toen ik 3 of 4 jaar oud was, marcheerde ik naast haar door 7th Avenue en Lenox Avenue in Harlem. Mensen als Paul Robeson en W.E.B. Du Bois, al die grote zwarte leiders, waren er ook. Zo ben ik opgevoed. 'Als je de top bereikt, doe je dat niet enkel voor jezelf, maar voor je hele volk,' heeft men me altijd ingepeperd. Ik ben altijd fier geweest, en bewust van mijn afkomst. Toen ik de kans kreeg om zelf de onderwerpen van mijn platen te kiezen, heb ik die gegrepen. Zo gebruikte ik graag stukken van het negro national anthem ('Lift Every Voice and Sing', red.). In 1954 schreef ik de song 'Airegin', Nigeria achterwaarts gespeld, die ik opnam met Miles Davis. Als ik met m'n groep in Pittsburgh, Pennsylvania of Cleveland, Ohio speelde, mochten we niet in hetzelfde hotel slapen als de witte muzikanten: wij moesten genoegen nemen met een kot waar de ratten onder de vloerplanken liepen. Daar komt de song 'Funky Hotel Blues' vandaan.»

HUMO De enige mengeling tussen wit en zwart in de muziek gebeurde vroeger op een pianoklavier: verder gebruikten zwarte muzikanten de achterdeur en witte muzikanten de voordeur. Was dat overal in Amerika zo?

ROLLINS «Ja, maar in New York, wat toch altijd mijn vaste honk is geweest, minder. Ik bleef dus veelal in die buurt. Miles was een kwaaie gast, en zelfs hij had in zijn jonge jaren beslist dat hij niet te ver naar het zuiden wilde afzakken: het was daar gewoon te gevaarlijk voor ons.

»Het verst zuidwaarts dat ik ben gegaan, is Virginia. Ik tourde er toen 'Freedom Suite' net uit was, in het gezelschap van allemaal witte muzikanten: Dave Brubeck, Maynard Ferguson en een vocaal kwartet dat zich The Four Freshmen noemde. Er was veel vijandigheid. De studenten waren kwaad, 'Freedom Suite' werd 'onpatriottisch' en 'on-Amerikaans' bevonden: je kent dat soort termen wel, ze slingeren die nog altijd graag naar het hoofd van mensen als Colin Kaepernick (American footballspeler, red.) wanneer zij uit protest knielen tijdens het volkslied. Ik heb daar alle vuile woorden gehoord, maar die gleden van me af als water van een eend: in 1959 was ik van níémand bang, meneer. Pas later moest ik toegeven dat al die ervaringen - 'Freedom Suite' heeft veel negatieve gevolgen voor me gehad, zoals mensen die me zijn beginnen te mijden - een diepere impact op me hadden gehad dan ik eerst wilde toegeven.

»Ik ben matuurder en intelligenter geworden. Ik begrijp nu meer over racisme. Het zit gewoon verankerd in de wereld waarin we leven. Met oorlog is het net zo. Het is er, punt. Ergens in het begin van de Bijbel beukt Kaïn al de schedel in van Abel. 'O jee, in de jaren 50 was het toch erg met dat racisme,' kun je zeggen. 'Maar nu zijn we op weg naar de oplossing.' Nee, dat is foolishness. Zoiets kun je niet stoppen, omdat de wereld zo in elkaar zit. Mensen vermoorden elkaar elke minuut van elke dag.»

HUMO Vrolijk is die gedachte niet.

ROLLINS «Het is niet omdat déze wereld tot mislukken gedoemd is dat er geen spiritueel antwoord te vinden valt.»

HUMO En dat antwoord is de Gulden Regel?

ROLLINS «Natuurlijk! Haten, vechten, moorden: that's the way of the world. En de enige manier om daarmee om te gaan is om zélf, in je eigen leven, de beste mens te zijn die je kunt zijn tegenover je dierbaren en de mensen die je pad kruisen: 'Do unto others as you would have them do unto you.' Ik ben daar élke dag mee bezig.»

HUMO Altijd streven naar beter.

ROLLINS (knikt) «Altijd streven naar beter.»

HUMO Had uw muzikale queeste op dat vlak ook een eindpunt? Was de perfectie bereikbaar of lag de waarde van wat u deed altijd in het feit dát u het deed?

ROLLINS «Ik weet dat niet. Ik weet wel dat ik door bij te leren ook weer andere dingen verloor: vergaar je met de jaren meer kennis, dan verlies je intussen fysieke kracht. Maar ik bleef stappen zetten. En twee à drie keer per jaar gaf ik een concert waarvan ik dacht: nú kom ik in de buurt.»

HUMO U hebt altijd verkondigd ontevreden te zijn over uw muzikale erfenis. Is die beoordeling in de loop der jaren veranderd - verzacht?

ROLLINS «Nee. Ik ben nooit geraakt waar ik wilde raken. En dan moest ik stoppen met spelen, dus kon ik niet meer beter worden.»

HUMO Mag ik toch nog even beklemtonen hoe waardevol uw muziek is?

ROLLINS «Ik apprecieer het ten zeerste, dat meen ik echt. (Op dreef) Maar denk hier maar eens over na: hoe goed had u mijn muziek wel niet gevonden als ik er zélf tevreden over was geweest?»

HUMO Als u niet uit uw sax kreeg wat u wilde, was u dan ooit geneigd om het instrument de schuld te geven?

ROLLINS (lacht) «Mijn sax heet Henrietta en ik zal nooit een vrouw de schuld geven. Ook al heb ik haar al lang niet meer aangeraakt op de manier die ik zou willen, ik blijf goed voor haar. Zij is ook altijd goed geweest voor mij.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234