DIKKE Beeld Noortje Palmers
DIKKEBeeld Noortje Palmers

Platen van de week

Een Limburger die even grappig als kwetsbaar is en vier andere platen die deze week uw aandacht verdienen

Er komt elke week meer goeie muziek uit dan er tijd is om die te beluisteren. Voor wie graag recht op zijn doel af gaat, selecteerde Humo’s muziekredactie vijf platen die dringend te degusteren dan wel te negeren zijn.

Joshua MigneauSerge SimonartMark Coenen en Sid Meuris

DIKKE - Beef met mezelf ★★★☆☆

‘Dit is geen grap, het zijn serieuze dingen’, zo opent DIKKE zijn derde plaat. ‘Geen vreugde in me, hoe moet ik dan blije deuntjes zingen?’

De meeste Vlaamse hiphoppers kunnen alleen maar dromen van een nummer 1-hit, maar Mohamed Eddahbi Agounad (25) aka DIKKE schoot bij z’n eerste poging al in de roos: debuut ‘130 kilo’ kwam begin 2021 pardoes op 1 binnen in de Ultratop. Op ‘Beef met mezelf’ bevestigt de Limburgse rapper met Marokkaanse roots wat iedereen weet en weinigen geloven: succes maakt niet gelukkig. ‘Je moet niet denken dat het goed gaat sinds we shinen als een ster’ klinkt het nog in de opener.

DIKKE bouwt een plaat rond de tol én de extase van een leven in stroomversnelling. In ‘Gasolina’ en ‘Alcantara’, de duidelijkste feestnummers, geniet hij van het goede leven. ‘Mindstate: kassa!’ rapt hij in ‘Gasolina’, waarna hij zijn talent etaleert door 11 van de 12 volgende zinnen te laten eindigen met een afkorting: ‘Pakte nummer 1 en werd opeens BV / Ik slide op je bitch, net een ppt’. De beat: een pompende basdrum, een ronkende sportwagen. Vrooommm!

Voor elk fuiflied staan er minstens drie introspectieve tracks op ‘Beef met mezelf’. ‘We bleven rennen, vergeet te remmen, ging bijna crashen’, zo omschrijft DIKKE de nasleep van zijn doorbraak in ‘Mist’, begeleid door een flamencogitaar. ‘Ik had een plan: ik wou verdienen en verdwijnen / Maar ik viel in love met al die leugens van die life’ klinkt het boven de kale beat van het titelnummer.

Vreemd: DIKKE hekelt de commercie, maar zet op ‘Beef met mezelf’ enkele van zijn toegankelijkste en poppyste songs tot dusver. ‘Rustig doen’, ‘Bagage’, ‘Jealousy’, ‘Love Songs’ en ‘Many Men’ hebben gezongen refreinen, veelal klef en door de autotuner getrokken.

Dan liever de DIKKE die zichzelf met The Notorious B.I.G. vergelijkt. ‘DIKKE, DIKKE, DIKKE, can’t you see?’ rapt hij in ‘Wie?’ naar ‘Hypnotize’ van Biggie. Da’s ook de DIKKE die met zichzelf kan lachen: ‘Mijn shirtjes werden strakker na de zomer / Met witte polo lijk ik bijna Homer.’ ‘Laat me FF’ is de absolute hoogvlieger, dankzij een vette beat en een refrein dat ieder van ons in het dagelijkse leven kan bezigen. Zoals: ‘De deadline voor cd-recensies nadert, zegt u? Laat me effe, effe, effe, effe.’

Drie platen ver en DIKKE toont zich nog altijd geen vernieuwer. Zijn songs volgen steevast hetzelfde format: strofe, refrein, strofe, refrein, klaar. De features van Chardy en Tawsen maken bovendien weinig indruk. Het oeuvre van DIKKE zou wel varen bij verrassende beatwissels, plotse versnellingen, onverwachte gasten, epen van boven de zeven minuten, kortom: bij meer dynamiek en experiment. Maar hij blijft een rapper grand cru, met een sterke présence, een innemende flow en het vermogen in één regel zowel grappig, kwetsbaar als dik te doen. (jmi)

Dutronc & Dutronc- ‘Dutronc & Dutronc’ ★★★★☆

‘Ik hang mijn huik altijd naar de wind’: het zijn, vrij vertaald, woorden uit Jacques Dutroncs fantastische jaren 60-hit ‘L’opportuniste’. Dat hij zelfs op gezegende leeftijd van alle markten thuis is, bewijst hij met verve op ‘Dutronc & Dutronc’. Samen met zoon Thomas heeft hij hun beste werk een nieuwe jas aangemeten, die hen beter past dan iets onbetaalbaars uit het laatste defilé van Raf Simons. De boomer in mij neuriet mee met de licht herwerkte klassieken van Jacques en ontdekt onderweg dat Thomas, een begenadigde gitarist, ook beklijvende popsongs blijkt te schrijven: de ontdekkingen ‘Éternels, jusqu’à demain’, ‘Aragon’ en het rollende ‘J’me fous de tout’ bewijzen dat de appel etc. Gooi nog een blok op het haardvuur, luister, en drink er een fijn wijntje bij. Of ga hen bekijken: op 13 december staan - of zitten - ze in Vorst Nationaal. (mc)

Dead Cross - Dead Cross II ★★★1/2☆

Bij het begin van de lockdown amuseerde zanger Mike Patton zich rot, tot zijn stemming omsloeg en zijn gezuip écht problematisch werd. Hij kreeg ook last van agorafobie en durfde z’n kot een tijd niet te verlaten. Tot overmaat van ramp bleek gitarist Michael Crain kanker te hebben. Maar de workaholic in Patton haalde algauw de bovenhand, en terwijl Crain herstelde van zijn chemobehandeling begon Dead Cross - met verder ook drummer Dave Lombardo van Slayer - aan zijn tweede langspeler, die door al die lotgevallen nog nijdiger en verbetener klinkt dan het vijf jaar oude titelloze debuut. Voor velen is Dead Cross onomwonden metal, volgens Patton zelf is het gewoon hardcorepunk. De waarheid ligt ergens in het midden, overgoten met een royale portie typische Patton-gekte. Dat betekent: gekke stemmetjes en ritmes, en bokkensprongen tussen thrashmetal, surfgitaar en shred-klanken die je wit doen wegtrekken. Dat levert niet altijd even sterke songs op - veel andere nevenprojecten van Patton klinken íéts fijnzinniger - maar hoogstaande waanzin is ‘II’ sowieso. (sm)

Lou Reed - I’m So Free: The 1971 RCA Demos ★★★☆☆

De erven van Lou Reed - lees: zijn zus Merrill en zijn weduwe Laurie Anderson - hebben het opportuun geacht om een handvol oude demo’s van hun postume mecenas uit te brengen, daterend van zijn eerste opnamesessie als soloartiest. Een 13 tracks tellende vinylversie van ‘I’m So Free: The 1971 RCA Demos’ verscheen in april op Record Store Day, een 17 tracks lange versie kunt u sinds kort beluisteren op streamingdiensten allerhande. Ik kende Lou genoeg om zeker te weten dat hij dat nooit gewild zou hebben. Hij was een controlefreak die gruwde van half werk en nog meer van het idee dat buitenstaanders een inzicht kregen in zijn zoektocht, zijn aanzetjes tot, zijn probeersels en overschotjes.

Wil dat zeggen dat deze collectie waardeloos is? Allerminst. Wat een belevenis is het om, zeker via de koptelefoon, naar deze intieme opnamen te luisteren: het is alsof ‘de Shakespeare van de rock’ (zijn woorden, en niet onterecht) naast je staat. De demo’s zijn ook een masterclass in arrangeren en productie. Ze illustreren hoe, in de juiste handen, een muzikale kiezelsteen een fonkelende diamant kan worden. De prille versie van ‘Perfect Day’, op akoestische gitaar, is bijvoorbeeld niet meer dan een behoorlijk folkdeuntje, nog niet de magistrale, veel subtielere, simpele en toch gelaagde versie die we kennen van ‘Transformer’ uit 1972. ‘She’s My Best Friend’ zou jaren later vrijwel onherkenbaar opduiken op ‘Coney Island Baby’. En ‘Kill Your Sons’ bewijst de kracht van understatement: hoe minder en hoe koeler Lou zingt, hoe groter de impact van zijn stem. (ss)

White Lung - Premonition ★★★☆☆

Op ‘Premonition’, de vijfde White Lung, speelt het Canadese punktrio zijn slotakkoord. Het verhaal eindigt zoals het in 2010 begon: met een korte en intense plaat gevuld met gebalde gitaarmuziek, ergens tussen Courtney Love, Sleater-Kinney en Mannequin Pussy in. ‘Under Glass’ is - kan het zijn? - een halve popsong. De andere negen tracks laten als vanouds niet af, met verschroeiende speedmetalriffs, trommelvelmishandeling à la Animal van de Muppets en de sirenestem van frontvrouw Mish Barber-Way. Indrukwekkend, al ontbeert ‘Premonition’ de hooks om werkelijk te blijven hangen. Mish wijt de split aan de geboorte van haar twee koters, maar liet in 2014 (omstreeks ‘Deep Fantasy’, hun populairste plaat) al optekenen: ‘White Lung zal niet blijven duren. Tja, jullie moeten maar een andere schreeuwende blondine zoeken.’ Wij hebben die schreeuwende dame al lang gevonden, al is ze niet blond: Brutus-brulboei Stefanie Mannaerts. (jmi)

Luister ook naar onze playlist:

Schrijf je in op onze wekelijkse muzieknieuwsbrief:

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234