Terms

Humo's Rock Rally 2020

En toen zakte de toetsenist domweg door zijn stoeltje: dit waren de halve finales van Humo’s Rock Rally

Twintig bands repten zich op 29 en 30 augustus naar Vilvoorde, alwaar op neutraal terrein de halve finales van Humo's Rock Rally 2020 alsnog plaatsvonden, ongeveer vijf maanden en anderhalve coronagolf nadat ze gepland stonden. Van Klaus Harmony, Humo's vaste Rock Rally-verslaggever, is sinds de aankondiging van 'Operatie Nachtwacht' niets meer vernomen: u zult het dus met mij moeten doen.

Ontdek hier hoe alle kandidaten klonken tijdens de halve finales:

ZATERDAG 29 AUGUSTUS

Geheel volgens de traditie wordt de jury voor de hele en halve finale versterkt met enkele ervaringsdeskundigen uit de sector. Omdat de mening en de oren van een buitenstaander soms nuttig kunnen zijn, jazeker, maar vooral omdat we stilaan hulp nodig hebben om aan alle riders van de geselecteerde halvefinalisten te kunnen voldoen. U wilt niet weten wat voor eisen de creatieve jeugd zoal stelt, meneer.

YOKAN

De jongens van Yokan trapten de halve finale af, en meteen werd duidelijk dat de gevreesde zenuwen ook op het programma stonden: hun sound had aanvankelijk wat last van bibberatie, en hun toetsenist zakte als in een slapstickfilm door zijn stoeltje. Maar 'Don't Wanna Be Insane' was die zaterdag wél het enige nummer dat wij al van bij het begin konden meefluiten. Sometimes, kids, that's all you need. En hun Tom Waits-cover ('Jockey Full of Bourbon' uit 'Rain Dogs') was ook al niet van die aard dat er collocatie aan te pas hoefde te komen. Yokan werd door één jurylid treffend omschreven als 'het soort groepje waarvan je weet dat ze zich op hun eerste plaat door Jasper Maekelberg zullen laten producen.' Desondanks: finalewaarts!

Yokan

SKUMIC

Tijdens de preselecties was 'Duw je kut in mijn gezicht' de meest bijgebleven rhyme van Skumic, ditmaal was 'Hetgeen je ruikt, is mijn anus' er één om in onze zak te steken. Ook in de preselecties maakte Skumic nog een wat morsige, dreigende indruk en dat speelde hem toen vreemd genoeg in de kaart. Nu leek hij meer op het The Opposites-groepslid te veel. Pluspunt: 'Voor een paar stacks meer', een half amusante herwerking van 'For a Few Dollars More', was niet van die orde dat Ennio Morricone na twee weken nog stééds in zijn graf ligt te tollen. Minpunt: de kermis-drum-'n-bass van 'Project Ravy' had voor ons - en voor vermoedelijk de meeste mensen binnen gehoorsafstand - niet gehoeven.

MESKEREM MEES

Meskerem Mees is intussen danig bekend geworden via de radio: dankzij haar zomerhitje 'Joe' en sinds vorige week ook nog door haar nevenverdienste als sidekick bij Michèle Cuvelier op Studio Brussel. Niet onterecht: haar stem was in het voorjaar al één van de revelaties van deze Rock Rally, en in de halve finale werd er het mooist bevestigd tijdens het breekbare 'Don't Ask Me'. Met 'Ederlezi' speelden ze - geruggensteund door twee extra ex-klasgenoten, van wie er eentje via zijn klederdracht de indruk gaf later nog in een maïsveld te moeten gaan werken - weliswaar de beste Goran Bregovic-cover van het weekend, maar voor mij hoeven ze hem in de finale niet per se te herhalen.

BILLBOARD

Poperingse postpunkband die sympathie opwekt, en die weet hoe een redelijk voldragen geluidsmuur op te zetten. Na hun passage in Vilvoorde viel er eigenlijk maar één echt werkpuntje te noteren, maar het was ernstig genoeg om hen uit de finale te houden: wie hen vijf seconden van een nummer hoort spelen, weet daarna perfect hoe de volgende drie minuten zullen verlopen. Hun cover van 'Because the Night' was niet slecht, maar had minder furie en persoonlijkheid dan de okselflora van de oorspronkelijke uitvoerster. Als Billboard het slim aanpakt, gaan ze verder als Bill en Board, en staan ze in 2022 twéé keer in de finale.

WOLKER

Qua cover pakte Wolker 'Dream State' (van Son Lux) bij de kraag met het gemak en de vanzelfsprekendheid waarmee wij de croque-monsieurmachine bedienen. 'Minder geconstipeerd dan het origineel', knikte één jurylid goedkeurend, waar-bij hij keek alsof hij helaas maar al te goed wist waarover hij het had. Drumster Femke Decoene werd door presentatrice Sofie Engelen aangekondigd als de Vlaamse Meg White, maar de 'Crouching Tiger'-achtige manier waarop ze drie songs lang over haar drumstel gekruld zat, suggereerde iets spannenders. In Vilvoorde stónd Wolker er. Ook toen tijdens 'All Nighter' de gitaarriem het plots begaf. Nu, voor iemand die zichtbaar een paar duizend doden stierf, wist Gert-Jan Loobuyck de spanning met één welgemikte 'Amai' toch redelijk goed te ontmantelen.

Wolker

DYCE

Puur muzikaal zit DYCE voor een deel in de hoek van de emorappers. Dat schijnt als neveneffect te hebben dat de songs erg kort en fragmentarisch blijven. Voor je 'Ik denk dat ik stilaan begin te snappen hoe die song in elkaar zit' kon zeggen, was het afgelopen. De cover was er één van Nat King Cole: 'Nature Boy' werd 'Nature Girl', en aangelengd met een latin touch. Zijn performance, compleet met kostuumwissel (van groot blauw carnavalspak tot satijnen pyjama), deed een beetje aan Björk denken. Straks staat hij in de finale: of hij daar het podium zal halen, lijkt me sterk. Maar hij blijft voorlopig intrigeren.

DYCE

IDENTITY

Sinds de voorrondes wisten we al dat de genaamde Identity een potje kan rappen, nu weten we ook dat hij een ferm stuk kan zagen. In elk van zijn songs (de cover van Sinatra's 'My Way' incluis) en in zijn bindteksten klopt hij verbeten op dezelfde nagel: dat hij géén standaardrapper is, dat hij alleen zijn eigen neus volgt en dat hij een unieke stijl heeft. Allemaal goed, maar als je dat voortdurend moet uitleggen in plaats van het gewoon te tónen, is dat nog geen klein beetje een afknapper. Vooral omdat hij in de halve finale - hoewel nergens echt ondermaats - nooit indruk maakte. 'Moet geen hook hebbe' had nog iets (vooral indrukwekkend veel tekst), maar bij 'Ni afkijke' had je het bij de zoveelste 'Het is!' in de refreinen snel gehad.

KIDS WITH BUNS

Waren het de zenuwen, of was er iets anders aan de hand? Zaterdag 29 augustus was niet het dagje van Kids With Buns. Nochtans niets dan sympathie voor de met een mooie, intrigerende stem gezegende Marie Van Uytvanck, en voor de songs die ze schrijft met Amber Piddington (voor de gelegenheid zonder bun). In 'Untitled #2' kwam de vaart er halverwege nog wel in, maar de rest rammelde te veel aan de hengsels, en er was te veel getalm tussen én tijdens de songs. Waardoor de verwondering uitbleef, en ook hun MGMT-cover ('Kids') wat lethargisch ging klinken, en waardoor wij hier voorlopig in verleden tijd over Kids With Buns moeten praten.

AARDE AAN DAAN

'Ontwaak uit je droom / Droog je tranen rustig / Vandaag gaan we, echt / Doe je kleren aan / Voor je vader ons hoort': zo en niet anders begon de Radiohead-cover van Aarde aan Daan, een nummer dat bij leven en welzijn 'Exit Music (For a Film)' heet. Nederlandse Antwerpenaar Daan Hafkamp bleek aanzienlijk meer branie en zelfvertrouwen uit te stralen dan tijdens de voorrondes. Goed! En de beste song werd eerst uit de kast gehaald: 'Projector' koppelde Spinvis-achtige lyriek aan een opbouw waarin straf naar een climax werd gewerkt - ook met dank aan gitariste Helena Mayorga-Paredes (die ook bij Pavlove speelt) en bassiste Hanne Vandekerckhove. Aarde aan Daan heeft iets waar in de toekomst mee te werken valt, maar in Vilvoorde klonken ze in song twee en drie te veel all over the place, te groen, en hier en daar ook wat te vals. Over Aarde aan Daan had een eerst verdeelde en daarna flink bekvechtende jury veel te veel meningen, maar finaal ook te weinig zin om de groep deze jaargang nog eens opnieuw te zien.

ZONDAG 30 AUGUSTUS

Dit wás al langer de raarste en meest uitgestelde Humo's Rock Rally aller tijden, en op zondag werd het ook nog eens de meest uitgeregende. Avanti!

UMA CHINE

Ervaring zat: die van Uma Chine brachten tijdens de lockdown al hun tweede plaat uit, en frontvrouw Nele De Gussem heeft een verleden bij onder meer Future Old People Are Wizards én Rock Rally 2010-finalisten Maya's Moving Castle. Met hun Dirty Projectors-achtige songs zat het ook wel snor, en met hun podiumprésence was - mede dankzij de zusjes Rana en Sherien Holail, die ooit ook in Binti zaten, samen met nóg eens vier zussen - ook weinig mis. Tussendoor hoorde je er de onderliggende machinerie en de truken in doorschemeren, waardoor de grens tussen 'bezwerend' en 'beredeneerd' flou werd, maar ze trokken het pleit finaal naar zich toe met een verstilde, wat bevreemdende cover van 'Vienna'. Quote uit het jurylokaal: 'Ze hebben iets. Maar als dit op plaat ooit te clean geproducet wordt, krijg je steriele Zap Mama.' Tot dan: finale.

Uma Chine

HUGS OF THE SKY

Hugs of the Sky is op punten door naar de finale. Hun piepende en zwalpende psychedelica kon niet elk jurylid overtuigen, maar charmeerde op zijn minst met spelplezier. Hun cover - 'Kontrole' van De Brassers, een song over de uitwassen van de politiestaat - is plots weer akelig bijdetijds en was dus goed gekozen. Brasser Willy Dirkx was die dag toevallig komen opdagen om naar de Rock Rally te kijken. Hugs of the Sky had hij wel net gemist: typisch!

Hugs of the Sky

SPLINTR

De groep met de twee drummers. Hun analoge geknetter was goed, fijn om naar te luisteren, iets jazzyer dan in de preselectie, maar nooit scherp genoeg om écht te overtuigen en je had na afloop moeite om je er veel van te herinneren: zelden een goed teken. Splintrs cover van 'Universal Nation' van Push, al jaren op nummer één in The Greatest Switch van StuBru, klonk droog en funky en oké. Maar in zijn geheel miste de set - blaaskakenwoord van de week - urgentie.

JAKOMO

Jakomo zorgde drie songs lang voor een patchwork van zachte hooks, Pavementiaanse zelfsabotage en groezelige feestjazz à la King Krule. Van alle aanwezige halvefinalisten waren ze vermoedelijk ook de enigen die een nummer van Sean Paul en Blu Canthrell konden doen klinken als een fluistersong van Whitney. Kortom: Jakomo toonde zich een goed op elkaar ingespeelde groep met een al redelijk indrukwekkende controle over zijn kunst. Ze mogen dat in de Ancienne Belgique nog eens komen bewijzen.

ALL-TURN

Wanneer hij niet Jay-Z's 'The Story of O.J.' behendig naar zijn hand zet, rapt All-Turn in zijn eigen songs wel over Tom & Jerry, spruitjes of - direct citaat - 'a bottle of Dreft'. Kortom, precies het soort banaliteiten waar wij voor vallen, vooral als ze gebracht worden met een achteloze vanzelfsprekendheid, een kloek ontwikkeld gevoel voor humor en een aangename LL Cool J-vibe die naar minstens één Rock Rally-passage méér smaakte. Van alle halvefinalisten lijkt de sinds de preselecties zichtbaar matuurder en hoorbaar beter geworden All-Turn - die eigenlijk ook maar gewoon Asante Brochez blijkt te heten, zoals u en ik - bovendien het meest kracht geput te hebben uit de lockdown.

SUNDAY ROSE

In Vilvoorde spatte het spelplezier bij de groep rond Sunday Rose bij momenten vrolijk tegen de zeilen, en uiteraard heeft Rachel Mulowayi, zoals ze echt heet, een stel indrukwekkende pipes in huis. Maar er was daar in Vilvoorde aan Sunday Rose ook heel weinig waarvan je dacht: dit móéten de mensen gezien hebben. De jury had niet de indruk dat ze in de toekomst nog vaak door Sunday Rose op het verkeerde been gezet zou worden. Eigenlijk had de groep nog het meest weg van een geroutineerde coverband, een degelijke headliner op braderieën allerhande. Zelfs hun Stevie Wonder-cover klonk vrijblijvend. De momenten waarop wij eraan herinnerd werden dat soul een fantastisch en rijk genre is, waren veel te schaars.

FRANTZIS

Zorgde Frantzis, een power-popband uit Antwerpen, na zijn passage in de preselecties nog voor verdeeldheid onder de jury, dan viel het oordeel deze keer een stuk sneller: ¡No pasarán! Qua wall of sound en Bastille-achtige bombast kon het tellen, daar niet van, maar je voelde er zo weinig bij. Frantzis was de teflonband van deze halve finale: alle emotie gleed er van af. Ook omdat je nooit de indruk kreeg dat er een hechte groep op het podium stond: Frantzis was een frontman met bijlagen.

DK

Echte naam: David Kawende, en dus niet onmogelijk familie van de al langer aan de weg timmerende Billie Kawende. Zijn cover was 'Mo Money Mo Problems' van The Notorious B.I.G. - 'Ik zing het al sinds ik 2 ben' - en dat zei veel over DK's brand of hiphop: oldskool en zéér Amerikaans. De man kon rappen, en qua podiumprésence stak hij vrij hoog uit boven enkele deelnemers die wél voor de finale geselecteerd zijn. Waarom DK dan niet? Omdat hij te zelden verraste. Omdat je je niet van het vermoeden kon ontdoen dat hij nog lang op precies dezelfde trip zou blijven. Omdat hij geen Humo's Rock Rally nodig heeft om het te maken? Misschien. Omdat er tien finalisten zijn, en geen elf? Zeker.

BE IRVING

Frederik De Clercq, de frontman van Be Irving, beleefde een weekend om niet licht te vergeten: 's zaterdags stapte hij nog in het huwelijk, 's zondags stond hij al op het podium van Humo's Rock Rally, zijn kersverse bruid in trouwjurk tussen het publiek. 'Cold Embrace' was een eigen song die zich makkelijk naast het ijlere werk van Radiohead laat onderbrengen, en waarin De Clercq zich goed bij stem toonde. Muzikaal duidt Be Irving zich in zijn bio 'op het drielandenpunt tussen Damon Albarn, Beach House en Sparklehorse', maar in Vilvoorde deed hun al bekende De Mens-cover ('Zonder verlangen' werd ook in de preselectie 'Without Desire') hen veeleer in de schemerzone rond Customs belanden. En tóch naar de finale: faut le faire!

Be Irving

TERMS

Terms, het project van Dilys Cosemans en Portland-lid Gill Princen, kende in de halve finales een steile groeicurve. Het wat lamme 'Evil' was nog een twijfelgeval, maar daarna trok hun St. Vincent-cover ('Marrow') je al makkelijker mee. En dat je Dilys tot slot het voordeel van de twijfel kon geven in 'Borders' - 'This world has turned to shit a long time ago / Maybe even before you and me were even born' had bij de meeste zangers vandaag pretentieus en puberaal geklonken - beklonk de zaak. Er hoorde een microchoreografie van vinger- en halsbewegingen van de backingzangeressen bij de set. Ik laat me vertellen dat dat in de voorrondes wél een beperkte indruk had gemaakt op enkele juryleden, maar dat lijkt me sterk.

WINTERFORT

Maakte Terms popmuziek met donkere teksten, dan kregen we daarna precies het tegenoverstelde: Winterfort werd voorgesteld als leverancier van 'zwaarmoedige songs voor optimisten'. En de curve die ze doormaakten was ook al de omgekeerde van Terms. Winterfort begon niet slecht - van de 'aaaa-aaaa's in het refrein, de saxriffs, en de 'godverdomme!' achteraf: er was energie en er viel iets te beleven. Tijdens de cover daarna liep het minder: 'You Know I'm No Good' van Amy Winehouse had Winterfort moeten liggen, maar omdat ze er een tamme feestversie van hadden gemaakt, klonken zinnetjes als 'I told you I was trouble' en 'You know I'm no good' hol. Het kwam daarna niet meer goed, al hadden we het hun gegund.

★★★

Dit waren de halve finales van Humo's Rock Rally 2020, vanop een grassy knoll in Vilvoorde, voor een bubbel of dertig. Veel groepen gezien om in het oog te blijven houden, waarvan slechts een minderheid het liefst door het vizier van een dubbelloop. Alles samen was het weekend goed voor één gebroken gitaarriem, enkele radiohits in de dop en acute diarree bij minstens twee juryleden, omdat er alleen blikjes Desperados in de koelkast zaten. En vooral: een bijzonder kloeke affiche voor de finale. Zien we, als het meezit, terug op 18 oktober, in de Ancienne Belgique: Yokan, Meskerem Mees, Wolker, DYCE, Uma Chine, Hugs of the Sky, Jakomo, All-Turn, Be Irving en Terms.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234