Gregory Porter Beeld RV
Gregory PorterBeeld RV

interview

Gregory Porter: ‘‘Zing, mijn jongen, zing’: dat waren de laatste woorden van mijn moeder’

Er was een vacature voor een moderne crooner, en die heeft Gregory Porter (50) netjes ingevuld. De Californiër die met zijn unieke mix van soul en jazz volle zalen trekt, heeft een bijzondere nieuwe plaat uit: op ‘Still Rising’, een dubbelaar, verzamelt hij sterk werk van eigen makelij en de beste covers en duetten met – dode! – idolen. ‘Nat King Cole is een surrogaatvader voor me geweest.’

Waarom draagt Gregory Porter altijd en overal een zwarte pet met een band die zijn hals en wangen grotendeels bedekt? Het is de vraag die iedereen zich stelt. Ik heb ze hem níét voorgelegd, omdat ik het antwoord al kende: omdat hij als kind zijn huid verbrand heeft. Over het hoe weidt hij niet uit.

HUMO In oktober was ik in Londen, net voor jij daar vier concerten in de iconische Royal Albert Hall zou geven. Ik zag je op Portobello Road en pas later dacht ik: Gregory droeg geen mondmasker, in een straat vol toeristen van wie sommigen wellicht niet gevaccineerd waren. Als het misgelopen was, had je je hele tournee moeten afzeggen!

GREGORY PORTER «Betrapt! (lacht) Ik was dat even uit het oog verloren, verteerd als ik was door mijn obsessie: ik verzamel vintage camera’s en was op jacht naar mijn volgende exemplaar.

»De coronacrisis heeft in elk van ons een oerinstinct gewekt, hè. Op sommige plekken denk je instinctief: als ik het virus érgens kan oplopen, dan hier wel. Op andere plekken waan je je onsterfelijk. Portobello Road leek die dag zo idyllisch dat ik de pandemie even vergat. Het was indian summer, de herfst oogde prachtig, de hele wereld leek gevaccineerd (lacht). En ik had wel een mondmasker bij me, maar ik zette het af en toe even af om beter met verkopers te kunnen communiceren. Mag niet, natuurlijk. En inderdaad: als ik ziek word, kost dat tientallen mensen een pak geld.

»Los daarvan hoef je mij de ernst van corona niet in te peperen… (Zucht) Mijn oudere broer is eraan gestorven. Hij heeft het virus in New York opgelopen, wellicht toen hij voedselpakketten rondbracht bij behoeftige ouderen.»

HUMO Innige deelneming. Over naar je muziek: op ‘Still Rising’ zing je een aantal duetten met dode iconen, gebruikmakend van oude opnames. Hoe was het om met je idool Nat King Cole samen te werken aan ‘The Girl from Ipanema’? Gedroeg hij zich een beetje?

PORTER (Lacht smakelijk) «Nat was een gentleman. Het hielp dat ik mocht zingen in zijn microfoon, in zijn huis: het iconische Capitol Records Building in Los Angeles. Ze noemen dat gebouw The House That Nat Built, omdat het grotendeels gefinancierd is met de winst die Nats wereldhits voor Capitol hadden gegenereerd. Ik zong op de stoel waar Frank Sinatra ooit zat terwijl mijn hand rustte op Nats piano. Ik kón die grootheden gewoonweg niet negeren. Hun geschiedenis spookte om me heen, en ik trad op meer dan één manier in hun voetsporen.»

HUMO Over honderd jaar zal een zanger zeggen: ‘En terwijl ik dat duet inzong, droeg ik een kostuum van Gregory Porter.’

PORTER «Als ik dat geluk mag hebben (lacht). Ik heb al nagedacht over mijn nalatenschap, hoor, maar niet op dat megalomane niveau. Meer in de zin van: hoe wil ik dat mijn zoon ze later zal beheren? Bij de erfgenamen van heel wat artiesten baart dat vraagstuk alleen maar stress, ruzie en rechtszaken, en dat wil ik vermijden. Ik ben er alleen nog niet uit hoe.»

HUMO ‘Insanity’ is een duet met Lalah, de dochter van de briljante soulzanger Donny Hathaway. Heeft zij je iets over haar vader verteld dat je nog niet wist?

PORTER «Lalah heeft me door zijn werk gegidst, en ik heb haar verteld dat mijn zoontje vaak naar Donny luistert, maar uitgehoord heb ik haar niet. Ik merkte dat ze sowieso al frêle en emotioneel was. Zo’n opname met iemand die haar vader veel te vroeg heeft verloren, terwijl we zijn muziek zingen… It’s a delicate dance. Ik voel daar genoeg empathie voor, want mijn eigen moeder, Ruth, is veel te jong gestorven. Aan kanker, toen ik 21 was. Haar laatste woorden waren: ‘Zing, mijn jongen, zing.’ Ze had zelf jarenlang in het kerkkoor gezongen – liefdesliedjes voor Jezus.

»Als ik een nieuwe plaat inzing, doe ik dat altijd in de eerste plaats voor haar. Telkens weer heb ik het gevoel dat ze meeluistert. Als we op het punt staan om een gevoelig nummer op te nemen, vertel ik de andere muzikanten eerst uitgebreid over haar. Dat wekt een grotere sensibiliteit op en zorgt voor een betere opname.»

HUMO Je vader heb je amper gekend.

PORTER «Inderdaad. Pas op Rufus’ begrafenis kwamen mensen me zeggen: ‘Jouw vader, díé kon zingen!’ Mijn moeder had me dat nooit verteld. Hij heeft me dus niets meegegeven, behalve dat ene talent dat mijn leven volledig bepaalt – waardoor ik ook aan hem veel te danken heb. Lalah Hathaway was de eerste aan wie ik heb verteld dat ik, onbewust, in mijn muziek mijn afwezige vader zoek, en dat Nat King Cole lang een surrogaatvader voor me is geweest.»

‘Voor elk optreden neem ik eerst een lang bad met veel stoom in de badkamer – goed voor de stembanden – en dan strijk ik zelf mijn kleren, óók met veel stoom.’ Beeld RV
‘Voor elk optreden neem ik eerst een lang bad met veel stoom in de badkamer – goed voor de stembanden – en dan strijk ik zelf mijn kleren, óók met veel stoom.’Beeld RV

‘EN NU: PERSEN!’

HUMO Je duetteert op ‘Still Rising’ ook met dode femmes fatales, zoals Julie London en Ella Fitzgerald. Het resultaat klinkt mooi, maar voelden de opnames niet ook een beetje ongemakkelijk?

PORTER «Nee. Ik heb al duizenden keren met die doden geduetteerd, maar dan zonder dat het werd opgenomen en zonder publiek: onder de douche, bij het koken… Altijd en overal. Als ik meezong met registraties van hun concerten, stelde ik me weleens voor dat dat applaus ook een beetje voor mij bestemd was (grinnikt).

»Sommige kinderen hebben ingebeelde vriendjes, ik had mijn muzikale idolen. De eerste elpee die ik als puber met zelfverdiend geld kocht, was er één van Louis Armstrong en Ella Fitzgerald. Mijn eerste cd was er één van Roberta Flack – ook al dood, God hebbe haar ziel. Hun stemmen voelen heel vertrouwd aan. Met hen duetteren was een droom die uitkwam.»

HUMO Voerde je als jongeling ook gesprekken in je hoofd met Nat King Cole, Marvin Gaye en alle anderen?

PORTER «Jazeker, hoe bizar dat ook moge klinken. Vooral met Nat. Met hem sprak ik dus alsof hij mijn vader was. Ik had dat nodig. Nu nog vraag ik me af: voorvoelde hij dat een halve eeuw na zijn dood iemand zo intens naar zijn muziek zou luisteren en met hem zou duetteren? Wíst je ’t, Nat?»

HUMO Vind je zelf dat wat jij doet retro is?

PORTER «Ik vind dat een te enge term. Ik leg de link tussen de standards die crooners zongen, jazz, gospel, soul, blues en r&b. Wat ik doe is zeker rootsy. Vaak vergeten mensen de roots. Toen ik eens handclaps gebruikte, merkte een criticus op dat The Rolling Stones dat ook deden. Oké, maar die hadden het weer van de blues en – later – Motown en Stax. Daar had die vent blijkbaar nog nooit van gehoord.

»Ach, alles gaat in cirkels en golven. Gospel heeft heel lang zowat alle andere muziekgenres beïnvloed, maar de laatste jaren evolueert de moderne gospel dan weer onder invloed van straatgenres zoals hiphop en rap.»

HUMO Heb je nooit de behoefte gevoeld om een genre te zingen waarvoor je fluwelen stem zich in principe niet leent? Speedmetal? Rap? Protestliederen?

PORTER «Echt niet. Da’s de voorzienigheid: mijn stem past exact, en enkel en alleen, bij de muziek die ik graag zing. Als het anders was uitgedraaid, zaten we hier niet. En trouwens: in een protestsong hoef je niet te brullen, fluisteren kan even efficiënt zijn.»

HUMO Welke verrassende verhalen gelinkt aan jouw songs zijn je al ter ore gekomen?

PORTER «Een vrouw vertelde me ooit dat ze ‘Brown Grass’ in een loop had gespeeld tijdens de bevalling van haar eerste kind. (Zingt) ‘On the other side nothing but brown grass’ – ‘En nu: persen! PERSEN!’ (lacht) Ik zag dat tafereel al voor me terwijl ze haar verhaal deed, en wist niet meteen hoe ik moest reageren. Maar ’t is wel mooi, natuurlijk.

»Er was ook een dame die me zei dat haar vader letterlijk zijn laatste adem had uitgeblazen terwijl op de achtergrond de outro van ‘No Love Dying’ klonk. En onlangs vroeg weer een andere vrouw me of ik enkele maten van die song aan de telefoon kon zingen voor haar man, die terminaal was. (Blaast) Ik heb het gedaan, maar heb daarna niets meer van hen gehoord. Misschien was het te laat...

»En o ja, een heel aangename verrassing was dat ‘Liquid Spirit’ te horen zou zijn in ‘The Avengers: Age of Ultron’, de Marvel-film gebaseerd op de comics die ik als kind las. In 2015 was dat.»

HUMO Datzelfde jaar zag ik je in Londen op VE Day 70, het concert waarop het einde van de Tweede Wereldoorlog werd herdacht. Heb je toen de kans gekregen om veteranen te spreken?

PORTER «Ja, heel kort. Ik voelde me een snotneus die nog niets had bereikt en die geen recht van spreken had, en ook zij voelden zich duidelijk ongemakkelijk – omdat zij daar waren en hun aan het front gesneuvelde makkers niet. Het waren stuk voor stuk helden, maar geen van hen gedroeg zich zo. Toen ze duizenden rode klaprozen over het publiek uitstrooiden, moest ik gelukkig niet meer zingen. Ik was helemaal ondersteboven.»

HUMO In de song met de ongewone titel ‘1960 What?’ op ‘Still Rising’ beschrijf je rellen.

PORTER «Die tekst gaat over álle incidenten van onverdraagzaamheid, discriminatie, racisme, vreemdelingenhaat sinds die – hopelijk laatste – wereldoorlog. Je zou denken dat de mensheid na zo’n conflict, dat tientallen miljoenen mensen het leven kostte, haar lesje had geleerd. Dat vreedzaam samenleven daarna vanzelfsprekend zou worden. Blijkbaar niet. Emmett Till werd in 1955 doodgeslagen in de States omdat hij met een blanke vrouw geflirt had. Dertien jaar later werd Martin Luther King neergeschoten. Vorig jaar overleed George Floyd tijdens een arrestatie. Het zijn maar een paar namen uit een lange lijst, en het houdt niet op. In ‘1960 What?’ vraag ik me af: hoe is dat in godsnaam mogelijk? Maar ook: wie zal de volgende zijn? Ik ben een optimist en ik geloof echt dat we vooruitgang boeken, maar het gaat tergend traag.»

(SCHIET VOL)

HUMO Heb je ooit getwijfeld aan de te volgen weg?

PORTER «Niet echt. Ik wist al heel jong dat ik wilde zingen, en ik zong en zong en zong. Al heb ik natuurlijk ook andere dingen gedaan, om te overleven en om mijn arme moeder te helpen, die er alleen voor stond met acht kinderen.

»De kerk is wel een invloed geweest. Geestelijken drukten me op het hart dat ik mijn zangtalent ten dienste van God moest stellen: ‘Anders neemt Hij je talent terug!’ De goddeloze showbusiness was in hun ogen geen optie, maar daar heb ik dan toch voor gekozen. Voorlopig heb ik gelukkig nog een stem en hoest ik geen bloed op (grinnikt).»

HUMO Ben je bijgelovig? De Italiaanse tenor Luciano Pavarotti vroeg zijn manager om voor zijn optredens een verroeste spijker op het podium achter te laten. Door die spijker te zoeken, kon hij zijn zenuwen tot bedaren brengen.

PORTER «Echt? Dat is fantastisch. Ik zie hem plots in een heel ander licht.

»Ik ken een artiest die vlak voor elk optreden drie keer om z’n as wentelt. Zo erg is het met mij niet gesteld, maar ik heb wel een ritueel. Ik neem eerst een lang bad met veel stoom in de badkamer – goed voor de stembanden. En dan strijk ik zelf mijn kleren, óók met zoveel mogelijk stoom. In Amerika leidt dat soms tot problemen: de vakbonden hebben me al verweten dat ik daarmee iemands werk afpak. Toen heb ik gezegd: ‘Oké, die mevrouw mag mijn sokken en mijn broek strijken, maar de hemden strijk ik zélf, ook al zal ik haar ervoor betalen.’

»Na het strijken maak ik nog een paar grapjes met mijn muzikanten, als het kan, en dan ben ik kalm.»

HUMO Is het al gebeurd dat je tijdens een concert volschoot en te emotioneel werd om nog te zingen?

PORTER «Ja hoor. Eén keer, toen ik met een groot orkest ‘When Love Was King’ zong, een song geïnspireerd door Nat King Cole, schoot ik vol tijdens de laatste zin: ‘So seek someplace to call your own / Right next to this mighty shining throne’. Ik voelde de aanwezigheid van mijn moeder, mijn vader en Nat heel sterk. Het was te veel, en tegelijk net genoeg. Je hoort het niet in de opname – denk ik – en er bestaan geen beelden van, maar dat moment zal me altijd bijblijven.»

Gregory Porter speelt op 23 april 2022 in Vorst Nationaal.
‘Still Rising’ is uit bij Blue Note.

Beluister ook onze playlist ‘Humo luistert’

Schrijf je in op onze wekelijkse muzieknieuwsbrief:

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234