Eurosonic 2023 Beeld Ben Houdijk / Bart Heemskerk
Eurosonic 2023Beeld Ben Houdijk / Bart Heemskerk

concertEurosonic Noorderslag

Onze Man ontdekt in Groningen de muzikale toekomst: ‘De beste nieuwe Britse band is Frans? Als daar maar geen slag bij Hastings van komt’

Omdat je niet eeuwig aan de feestdis kunt blijven zitten, zet de Europese muziekindustrie elke januari een punt achter de eindejaarsgezapigheid. Er moet gewerkt worden, vooruitgeblikt op het nieuwe jaar, en dus blaast iedereen verzamelen in Groningen voor het showcasefestival Eurosonic, dat de muzikale toekomst laat horen. Na twee onbevredigende digitale edities trok Onze Man opnieuw naar het Hoge Noorden, en kwam terug met deze ontdekkingen.

Matthieu Van Steenkiste

Heartworms

Militaire baret, lange leren jas, zonnebril op de smoel. Haar look ademt Spanje anno 1936 met een vleugje Ché, en zo stoer blies Jojo Orme het stof uit onze oren. Heartworms mag zijn naam dan gehaald hebben bij een zonnig Shins-album, ook dit vijftal tapt uit de rijke postpunkader die door Engeland loopt en zijn thuisbasis vindt in de Londense Windmill. Het was ook daar dat de groep met een sessie de aandacht trok van producer Dan Carey (Kae Tempest, Black Midi …). Voor Orme mag het echter nog wat donkerder dan die voorbeelden. Een streepje meer mascara onder de ogen was een evidentie, industriële klanken begeleiden haar praatzang.

Heartworms was tegelijk lastig én toegankelijk. Alles schuurde en knarste, de afstandelijke cool op Justine Frischmann (Elastica) wilde je wegduwen, maar nooit verloor de groep een gevoel voor melodie uit het oog. In single ‘Consistent Dedication’ kwam daar nog een vette groove bij die de boel vooruitstuwde tot het moment dat Orme niet anders kon dan van zuchtzingen naar krijsen over te schakelen. Alweer zo’n moment dat tegelijk weerzin opriep, maar niet om zijn eigen aanstekelijkheid heen kon. Heartworms is een weerbarstig groepje, maar eentje dat er helemaal klaar voor lijkt. In maart volgt een eerste EP, en die zou wel eens de moeite kunnen zijn.

Vlure

Het zootje ongeregeld dat Vlure heet, stormde woensdagavond het podium van de VERA – denk de Groningse Trix, maar dan met meer geschiedenis – op als een stelletje coked up ravers uit eind jaren tachtig, en zo klonken ook de synths van Alex Pearson. Dit is echter geen second summer of love, zoals toen in 1988, maar na drie jaar crisis en pandemie, een druilerige winter of discontent. Enter frontman Hamish Hutcheson die opkwam met een Schotse vlag in handen, en zich ontpopte tot woeste hooligan met meer dan een paar dingetjes die hem dwars zitten. ‘Show Me How To Live Again’, raasde hij, maar ook wij hadden de antwoorden niet. Hoefde ook niet, zolang hij dit maar mag doen bij wijze van therapie.

Vlure is de perfecte band voor deze tijd: feestelijk en kwaad tegelijk, escapistisch en confronterend in gelijke delen, en het best live beleefd. ‘Heartbeat’ is een liefdesbrief aan het fuiven over beukende 4/4-drums en kathedralen van synths. En zo eindigde alles toch in ‘Euphoria’, de titeltrack van hun eerste EP, en een aan Maxi Jazz opgedragen cover van Faithless’ ‘God Is A DJ’, omdat de VERA een avond lang ook de kerk van Vlure was. Ik heb zo’n vermoeden dat dit vijftal het goed zal doen komende festivalzomer.

Avalanche Kaito

Het begin verbeeldde meteen de frontale botsing die Avalanche Kaito is. Gitarist Nico Gitto en drummer Benjamin Chaval legden op het podium een dreunende freejazzgroove neer, van achter in de zaal wandelde Kaito Winse luidkeels zingend naar voor. Wat volgde was niet minder explosief, een samensmelting onder hoge druk van witte en zwarte invloeden tot een nucleaire reactie niet kon uitblijven.

null Beeld Bart Heemskerk
Beeld Bart Heemskerk

Het triggerde onoplosbare vragen over je witte blik, over exotisme. Winse laaft zich immers bandeloos aan zijn Burkinese roots, is de authentieke griot die ook niet vies is van een paar traditionele danspassen. Ongemakkelijk werd het zelfs toen hij zijn publiek vroeg om mee te doen met zijn keelgezang, wapperend handje voor de mond. Zijn we hier niet bezig met cultural appropriation, of is het ok als hij ons zijn zegen geeft? Geen idee, mijnheer, maar misschien moeten we weigeren hierover na te denken en ons gewoon overgeven aan de zinderende noiserock die zijn Brusselse tegenspelers er tegenover zetten. Avalanche Kaito was in één woord verbluffend, maar de grootste vaststelling blijft toch hoe belachelijk het is dat wij driehonderd kilometer moeten reizen om te ontdekken wat over onze taalgrens gebeurt.

Structures

Newcastle? Ja. Arsenal? Zeker. Manchester? De vraag is hoogstens of het City of United is. Maar een sjaal van Amiens SC? Dat hadden we nog nooit op een rockpodium zien wapperen. Het Franse Structures – u mag het desondanks op zijn Engels uitspreken – eert echter net zo goed zijn eigen voetbalhelden, en even Brits als die gewoonte, is hun potig postpunkgeluid. In de gitaren van nieuw bandlid Ingrid Samitier zit behoorlijk wat new wave – beetje Cure, beetje Sisters Of Mercy – maar de zang van Pierre Seguin heeft meer van nieuwe bands als Yard Act of Shame. Op songs als ‘Arabian Knights Club’ klikte het live allemaal geweldig in elkaar, de muzikanten grooveden als een machine, Seguin scandeerde er autoritair boven. De beste nieuwe Britse band is Frans? Als daar maar geen slag bij Hastings van komt.

The Bug Club

Ze doen het zo moeiteloos lijken. Sam Wilmett schrijft naar verluidt liedjes tussen neus en lippen, die klinken ook zo, maar toch stond The Bug Club op Eurosonic met het soort aplomb dat hun talent weggaf. Hier hoorden we een vleugje Velvet Underground, daar dachten we even aan The Beatles (‘My Baby Loves Rock & Roll Music’), en heel vaak kregen we herinneringen aan The Moldy Peaches, zeker wanneer Wilmett en liefje/bassiste Tilly Harris full duet gingen voor ‘Going Down’.

Dit is ongein-indie van de betere soort, die waarin Jonathan Richman ooit cum laude afstudeerde, vooraleer They Might Be Giants en Violent Femmes met zijn erfenis aan de haal gingen. Op Eurosonic raasde The Bug Club door zijn set met het vertrouwen van een band die weet dat er na elk nummer nog eentje volgt dat even goed is. Klopte ook. ‘If My Mother Thinks I’m Happy’ was een heerlijk popliedje, ‘It’s Art’ Lou Reed in luimige mood. En als afsluiter was er de filosofische vraag ‘How many times can you say fuck in a love song?’. Ze telden het zelf voor u: negen.

null Beeld Ben Houdijk
Beeld Ben Houdijk

Neen, The Bug Club gaat nooit in het Sportpaleis staan, maar dat is niet erg. Geef ze één hit à la ‘Birdhouse In Your Soul’ en ze kunnen fijne liedjes blijven schrijven tot hun pensioen.

O.

Nog maar één nummer op Spotify, maar wel al meegevraagd door Black Midi als voorprogramma. Dat krijg je als die single op het Speedy Wundergroundlabel van superproducer Dan Carey – daar is hij weer – verschijnt. En O. gooide dat ‘OGO’ ook maar meteen voor de leeuwen; konden drumster Tash Keary en saxofonist Joe Henwood verder met nieuw materiaal dollen.

Dat het een baritonsax is, ontlokte VERA-presentator Peter Weening verwijzingen naar Morphine, maar met Mark Sandman heeft O. weinig te maken. Henwood toeterde er lustig op los, Keary roffelde, klopte en kletste alsof ze vijf armen heeft; als het maar groovede. En gaat hij even loos in improvisatie, houdt zij in. Uiteindelijk laat het duo de set ontsporen in razende drum-’n-bassritmes en een zwaarder geluid, om een kwartier voor tijd alweer te verdwijnen, een spoor van opengevallen monden achterlatend. O. leverde het spannendste nieuwe geluid van dit Eurosonic.

Big Joanie

De bebrilde bibliothecaresse (een gokje, dat beroep, maar het zou passen) die liedjes schrijft. De diva die drumt omdat je dat het snelst onder de knie krijgt en zich opwerpt als de bandleider. De verlegen langbenige bassiste. De leden van Big Joanie zijn bijna personages die hun eigen origin story a la ‘We Are Lady Parts’ verdienen, toch is deze zelfverklaarde ‘black feminist punk band’ meer dan zomaar een punkgroepje.

Dat de wortels in een garage liggen hoorden we aan ‘Happier Still’, maar ‘Cranes In The Sky’ liet een andere kant horen. Van het origineel van Solange maakte het Londense trio – met een vierde huurling achter hen weggestopt – een monotoon bezwerend nummer dat dreigend voortkroop. Het beste was echter ‘What Are You Waiting For?’, een dreigend gebalde vuist richting con men die loom voortrolde, maar even onontkoombaar was als een denderende pletwals. Big Joanie is getekend op Kill Rock Stars, het label waar de Riot Grrrls thuis waren, en dat is niet meer dan gepast; ook met dit trio heeft u liever geen ruzie.

Francis Of Delirium

De beste bozemeisjeswenkbrauwen van Eurosonic zagen we bij de Luxemburgs-Canadese Jana Bahrich, die Francis Of Delirium ooit oprichtte met de dertig jaar oudere Chris Hewett op drums. Op Eurosonic was ze omringd door twee leeftijdsgenoten, maar de grungesound die haar voormalige kompaan uit Seattle meebracht is gebleven. Bahrich dealde ook nu in het soort gruizige rocksongs die we sinds de jaren negentig nog zelden hoorden. Haalde ze uit, dan dachten we al eens aan Dolores O’Riordan; goeie zangeres dus, maar aan de songs haperde het soms nog wat. Het was pas wanneer ze in ‘Quit Fucking Around’ wat echte emotie liet zien dat alles ook echt klikte. Bahrich is nog maar 21, er is nog groeimarge. Wat ze nu al liet horen doet ons in elk geval uitkijken naar meer.

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234