Sleater-KinneyBeeld web

Concert★★★★☆

Sleater-Kinney in Botanique: ‘In duistere tijden wordt er ook gezongen over duistere tijden’

Wilde Sleater-Kinney, een in de Pacific Northwest geboren en getogen vrouwengroep, in Brussel laten zien dat ze waardig oud kunnen worden als riot grrrls? Tuurlijk niet. Van de paar platen van de jaren negentig die hen in dat riot grrrl-kotteke deden belanden - ‘Dig Me Out’, ‘The Hot Rock’, ‘All Hands on the Bad One’ - werd slechts hier en daar iets gespeeld. De plaat die Sleater-Kinney onlangs maakte - ‘The Center Won’t Hold’ - dié plaat stond centraal: elf songs staan erop, ze hebben er tien van gespeeld.

De eerste woorden van de avond zijn van Carrie Brownstein (haarkleur bruin): ‘I need something pretty / to help me ease my pain / I need something ugly / to put me in my place’. Corine Tucker (haarkleur blond) is ook al aan het zingen, ze herhaalt immer dezelfde zin: ‘The Center Won’t Hold’. Er is veel neonlicht, het concert begint als iets traags van Depeche Mode, de song spat uiteindelijk open als een puist van Courtney Love’s groepje Hole.

Het vinnige ding ‘Hurry On Home’ is ondertussen al begonnen. Brownstein is in strofe één dressdownable, uptownable, hairgrabbable en grandslammable. In strofe twee ligt ze al sinds de middag in bed en is ze unfuckable, unloveable, unlistenable en unwatchable.

Even naar het podium kijken. Duidelijk afwezig: Janet Weiss. Indrukwekkende dame. Machtige drummer. Ze besloot na het maken van ‘The Center Won’t Hold’ niet meer mee te touren. Droog statement: ’The band is heading in a new direction and it is time for me to move on’. Er zijn vanavond in Brussel drié mensen nodig om Weiss te vervangen: drummer Angie Boylan en twee multi-instrumentalisten, ik geef Katie Harkin en Toko Yasuda ook hun namen.

Van het door St. Vincent in veel lasagna-lagen electronica geproducete ‘The Center Won’t Hold’ weet ik nog steeds niet goed wat ervan te vinden, maar het daaruit gelichte ‘The Future Is Here’ in de versie van 21/02/2020, Botanique, Sint-Joost-ten-Noode, Belgium is alvast heel goed. Het is een Corine Tucker-lied: ‘I start my day on a tiny screen / try to connect the words, they’re right in front of me’. 2020 zal later in de set, in ‘Can I Go On’, nog een keer de jaren tachtig worden met daarbij de vloek en de zegen van die kleine schermpjes die we vandaag allemaal meezeulen: ‘Everyone I know is wired to machines / it’s obscene’. En ook: ‘Everyone I know is happy / But everyone I know is napping’. Haha.

Ik wil vanavond geen partij kiezen, maar ik word heel de tijd naar Carrie Brownstein getrokken, naar hoe ze voor zich uit stampt, altijd net te laat lijkt te komen maar toch precies op tijd is, haar gitaar omhoog houdt, molenwiekt, kopjes gaat geven aan haar rots en branding Corine Tucker (wier gitaar iets meer als een bas klinkt), echt op Tucker gaat leunen, Tuckers stem minder schel maakt, op de grond gaat liggen, lacht met mondhoeken die bijna tot bij de oren komen, de oude song ‘Start Together’ schreeuwzingt zoals Polly Styrene vroeger bij X-Ray Spex schreeuwzong.

Kijk, ik hou absoluut niét van een song als ‘RUINS’: gaat over een demon die mogelijk wat van president Trump heeft (‘You’re a creature of sorrow / you’re the beast we made’). Het lied doet aan stadionrock denken, aan te grote, er met de grove borstel op gekliederde emoties en angsten. Maar dat is allemaal niet erg, want Sleater-Kinney komt in zo’n rotvaart dat je bij die paar mindere songs al snel weet: hierna duikt opnieuw een oud of nieuw pareltje op, eentje met scherpere gitaaraccenten en een vlammender betoog.

Neem nu ‘Jumpers’, dat gaat over zelfmoordenaars op de Golden Gate Bridge: het wordt vroeg in de set gespeeld met een energie die veel groepen zelfs niet in hun bissen kunnen stoppen. ‘All Hands on the Bad One’ en ‘A New Wave’ zijn fun, doen goed, zien niet om. ‘What’s Mine Is Yours’ en het geweldige ‘The Fox’ hebben allebei een break waarin Tucker en Brownstein vel tegen vel (en gitaar tegen gitaar) kunnen praten, plagen, lachen, discussiëren.

‘Can I Go On’ doet me minder, hier wordt exact op de seconde getimed de knop met ‘Wij willen handen zien’ ingedrukt. En ‘Broken’, een bis met alleen piano en zang, is gewoon klef: mocht Janet Weiss zijn weggegaan om dit soort ellende niet avond aan avond mee te maken, yo comprendo. In ‘Modern Girl’ zingt de hele zaal ‘My whole life was like a picture of a sunny day’. Er was geen ‘I Wanna Be Your Joey Ramone’ bij, geen ‘Call the Doctor’, geen ‘Step Aside’, geen ‘Oh’. In de plaats kwam in de bissen een doorleefde cover van ‘Angst in my Pants’ (!) van Sparks, een song die leek te zijn gekozen om het helemaal – even opzoeken – 1982 te maken.

Ik moet de hoogtepunten nog vermelden.

1. ‘Entertain’, woede en schwung in twee even grote helften: ‘You come around looking 1984 / You’re such a bore, 1984! / … / You come around sounding 1972 / You did nothing new, 1972 / …. Where’s the ‘fuck you’? / Where’s the black and blue?’ Fantastisch!

2. ‘One More Hour’, dat eindelijk eens mag opgenomen worden in lijstjes met beste break-upsongs aller tijden.

3. ‘Words and Guitar’: Tucker droomt in de break van zachte, lieve songs, Brownstein wil vooral al het lawaai in haar hoofd uitdrijven.

4. Afsluiter ‘Dig Me Out’ (‘Dig me out / dig me in / out of this mess / out of my head’) klinkt als het sap van drie geperste appelsienen ad fundum opdrinken, en verdient een plek naast het beste en meest neurotische van pakweg The Buzzcocks en IDLES.

Sleater-Kinney heeft in de persartikels die ik over hen las ook een boekentip verstopt: ‘There There’ of ‘Er Is Geen Daar Daar’ van Timmy Orange. Het boek begint met een citaat van Bertolt Brecht:

‘In duistere tijden

zal er dan ook gezongen worden?

Dan zal er ook gezongen worden.

Over duistere tijden.’

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234