CD★★★☆☆

‘The Ascension’ van Sufjan Stevens is een intrigerende plaat, maar geen die echt ontroert of beklijft

Sufjan Stevens is een jongere Beck, maar dan excentrieker en minder funky. Hij lijkt een minder getalenteerde bastaardzoon van David Byrne, en hij is een éénmansorkest dat verwant zou kunnen zijn met The Flaming Lips, al is hij subtieler. Op hun slechtst waren zijn eerdere worpen charmant en apart, op hun best magisch. Maar telkens als hij iets had afgescheiden dat bij mistig weer op een hit leek, ondermijnde hij die doorbraak met een moedwillig contraproductieve zijstap, zoals de film 'The BQE', waarin hij, tevergeefs, à la 'Koyaanisqatsi' de schoonheid van de lelijkheid van een snelweg van, naar en door Brooklyn wilde illustreren, in combinatie met minutenlange close-ups van met hoepels jonglerende zussen.

Sufjan is een artiest die de techniek van het Trojaanse paard gebruikt: hij is mainstream en wil scoren, maar schrikt er niet voor terug om zijn grillige popsongs te kruiden met intellectuele verwijzingen. Weinig andere popartiesten doorspekken hun teksten met namen van dichters, schrijvers en mystici als Thomas Merton, William Faulkner, Robert Graves, Saul Bellow en William Blake. Theologie, theosofie en psychosociologie: Sufjan draait er z'n hand niet voor om. 'The Ascension' is het eerste teken van leven sinds zijn vorige worp bijna zes jaar geleden (al droeg hij ook muziek bij voor de soundtrack van 'Call Me by Your Name'). Ook nu laveert hij van commercie naar obscuriteit en terug. Er zijn songs met haast banale titels als 'Tell Me You Love Me' of 'Run Away with Me', maar ook nummers met wereldvreemd aandoende titels (en onderwerpen) zoals 'Gilgamesh' (een mythische koning die het eeuwige leven najoeg) en 'Ursa Major' (de Grote Beer, een sterrenbeeld). 'The Ascension' wil volgens de bio 'de integriteit en de toekomst van het menselijke bestaan ter discussie stellen' en 'het psychische trauma van onze huidige apocalyptische toestand in kaart brengen'. Eén track, 'America', duurt meer dan twaalf minuten. Dat, en die bio, kun je naargelang je reserves aan empathie en verdraagzaamheid ambitieus of hoogdravend vinden. Maar hoe klinkt het? Als licht excentrieke, sfeervolle, fraai gearrangeerde, inventieve popmuziek die net zo goed in 1989 of 2007 gemaakt had kunnen worden.

Een contingent oververhitte fans wilde dat Sufjan zich kandidaat zou stellen voor het presidentschap van de VS. Op deze plaat denk ik dat hij naar Trump verwijst als hij zingt: 'Don't do to me what you did to America'. Nu mag je van Sufjan niet verwachten dat altijd duidelijk is tot wie hij zich richt, zoals in 'Make Me an Offer I Cannot Refuse' (de eerste 30 seconden denk je dat iemand een track van de nieuwe Radiohead heeft gelekt). Al bij al is dit een intrigerende plaat, maar geen die echt ontroert of beklijft, of zo aangenaam is dat je ze uit vrije wil vaak ter ontspanning speelt.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234