11 Flowers

1975: Bernard Thévenet klopte Eddy Merckx in de Ronde van Frankrijk, Teach-In won het Eurovisiesongfestival met 'Ding-a-dong', in Washington woedde het Watergate-schandaal, Pink Floyd bracht 'Wish You Were Here' uit, het lieflijke badplaatsje Amity Island kreeg het bezoek van een vinnige haai, Jack Nicholson ging loos in 'One Flew Over the Cuckoo’s Nest' en Al Pacino in 'Dog Day Afternoon', en RWDM werd landskampioen met negen punten voorsprong op FC Antwerp: miraculeuze tijden die nooit meer terugkeren.

Ondertussen, in het verre China, liep de Culturele Revolutie – bedoeld om alle dromen, vermaak, cultuur en intellectuele veerkracht uit de samenleving te persen – op z’n laatste zwijmelende benen.

Het Chinese meesterwerkje '11 Flowers' maakt al vanaf de eerste minuut duidelijk dat het beklemmende en onbegrijpelijke tijden waren – de meeste mensen, zo vertrouwt een voice-over ons toe, wensten stiekem dat ze ergens anders waren geboren, in een andere tijd, en in een andere familie.

Het verhaal dompelt ons onder in het dagelijkse leven in een armoedig dorpje in de desolate provincie Guizhou: de bewoners dragen er allemaal dezelfde grauwe uniformen, aan de daken opgehangen luidsprekers blazen de godganse dag triomfantelijke marsmuziek door de straten, en in de klaslokalen, waar de al ietwat vergeelde staatsieportretten van Lenin, Stalin en Mao op de schoolbanken neerkijken, zingen de kinderen uit volle borst van 'We houden van ons land!/En van onze rode sjaaltjes!'

In de lucht hangt af en toe al een gevoel van revolte – reizigers brengen nieuws mee over onlusten in de steden – maar de elfjarige Wang, onze hoofdpersoon, is met andere, belangrijker dingen bezig: nu hij op school tot gymnastiekleider is gepromoveerd – wat erop neerkomt dat hij elke ochtend op het podium moet postvatten en op de maat van de muziek allerlei heilzame lichaamsoefeningen moet voordoen – heeft hij dringend een nieuw overhemd nodig (zijn moeder: 'Weet jij wel hoeveel fabrieksbonnen zoiets kost!').

Het witte overhemd groeit voor Wang uit tot een zaak van levensbelang, maar ineens klettert de grotemensenrealiteit zijn universum binnen in de gedaante van een voortvluchtige moordenaar die het overhemd gebruikt om een bloedende kogelwonde te stelpen. In de schemering van de bossen komt het tot een merkwaardige ontmoeting tussen het onschuldige kind en de wanhopige misdadiger...

Nu moeten we eerlijkheidshalve bekennen dat we met lood in de schoenen de zaal binnentrokken: een behoorlijk lange, in 't Mandarijns gesproken prent over een overhemd, fabrieksbonnen, Rode Gardes en over de impact van de Culturele Revolutie op een elfjarige puber?

Hm, het klonk ons net iets minder spannend in de oren dan 'de bemanning van een ruimteschip gaat op een verafgelegen planeet op zoek naar de oorsprong van de mensheid'. Maar zie: ontroerd tot op het bot stapten we twee uur later weer het daglicht in.

'11 Flowers' is niets minder dan een juweel; het moet zelfs van de Amerikaanse klassieker 'Stand by Me' zijn geleden dat we nog eens zo’n gave, grappige, avontuurlijke, verrukkelijke en tegelijk diep op de ziel inhakkende coming of age-film hebben gezien.

De grote kracht van dit schitterende kleinood schuilt in de verrassend speelse aanpak van regisseur Wang Xiao-Shuai ('Frozen', 'Beijing Bicycle'): in plaats van op een breed canvas de Grote Kroniek van China te willen schilderen, kijkt hij naar de Culturele Revolutie door de ogen van één enkel kind.

Met fijne, bijna dromerige penseelstreken borstelt de cineast zijn eigen herinneringen aan dat ene jaar 1975 op het doek: hoe hij voor de allereerste keer van een glas alcohol nipte ('Het brandt!'), hoe hij met zijn vriendjes naar een vrijend koppeltje gluurde, hoe hij telkens een eindje meeliep met zijn vader wanneer die weer eens naar de grote stad vertrok, hoe hij voor de eerste keer werd getroffen door de sensualiteit van een meisje en hoe hij die moordenaar ontmoette.

We zien ook hoe de jonge Wang vanachter een koordgordijn met gespitste oren luistert naar de grote mensen, die op gedempte toon praten over het lijk dat op de oever van de rivier is gevonden; en het is lachen geblazen wanneer diezelfde volwassenen allemaal samen spontaan in een geuzenlied losbarsten – tot ze hun blunder inzien en snelsnel overschakelen op een vaderlandslievende hymne.

Het resultaat is een superentertainend en prachtig vertolkt avontuur waaraan een warme melancholische gloed kleeft – al vergeet de cineast niet om op de juiste momenten de gruwelijke terreur van de Culturele Revolutie te laten binnenspetteren.

'Onthou dit,' zo fluistert de vader op een bepaald moment in het oor van zijn elfjarige zoontje. De zoon heeft het onthouden, en heeft er, zevenendertig jaar na de feiten, één van de allerbeste films van het jaar over gemaakt.

Bekijk de trailer:

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234