20 jaar na de Bende Van Nijvel (slot): opgeruimd staat netjes


Eind 1990 verhuizen de Bende-dossiers van Dendermonde naar Jumet bij Charleroi. Verreweg de meeste stukken zijn in het Nederlands opgesteld, en het duurt nog tot 12 maart 1992 voor de vertaling rond is. Dan kan het uitwissen van het spoor-De Staerke beginnen.

'Als er in de jaren tachtig DNA-onderozek had bestaan, hadden we de Bende opgerold'

Johnny de Staerke zelf geeft de aanzet. Op 13 maart 1991 stuurt hij een brief aan het weekblad Panorama, waarin hij schrijft dat hij medeplichtig is aan de drie bloedigste aanslagen van de Bende van Nijvel: in Overijse, Eigenbrakel en Aalst. Het is een coup de théâtre: voor de overval in Aalst is hij door onderzoeksrechter Freddy Troch in staat van beschuldiging gesteld, maar van Overijse en Eigenbrakel wordt hij niet eens verdacht.

Twee weken later herhaalt hij zijn bekentenis in een brief aan onderzoeksrechter Pierre Hennuy, die het dossier inmiddels onder zijn hoede heeft. Als Hennuy hem daarop ondervraagt, bijgestaan door een speurder uit Dendermonde, wil De Staerke alleen kwijt dat er in het dossier voldoende bewijzen zitten om een doorverwijzing naar het hof van assisen te rechtvaardigen. Na afloop geeft hij zijn bewakers te verstaan dat de 'schuldbekentenis' zijn enige kans is om voor assisen te verschijnen - iets waar hij in Dendermonde al vaak en vergeefs op had aangestuurd, kennelijk omdat hij hoopte dat hij voor assisen zou worden vrijgesproken.

Claude Michaux, de magistraat die in Jumet voor het dossier verantwoordelijk is, vindt de merkwaardige bekentenis ‘enigszins amusant’, maar in Dendermonde zijn ze not amused. Als De Staerke bij ons bekend zou hebben - zo formuleert onderzoeksrechter Troch het ongeveer tijdens zijn verhoor voor de tweede parlementaire Bendecommissie - dan zouden we drie dingen gedaan hebben. Om te beginnen, zegt hij, zouden we iedereen onder handen genomen hebben die De Staerke een alibi had bezorgd.

FREDDY TROCH (in de Kamercommissie) «Daarna zouden we iedereen opgepakt hebben die ooit bezwarende verklaringen over hem had afgelegd. En tot slot zouden we geprobeerd hebben, met wat bluffen, De Staerke te pakken op zijn eigen brief (aan onderzoeksrechter Hennuy, red.). Dan zouden we tenminste de morele voldoening hebben gehad dat we dat spoor voor honderd procent hadden nagetrokken.»

Maar in Jumet vinden ze die manier van werken 'onethisch', klinkt het voor de enquêtecommissie. In Dendermonde vallen ze van hun stoel.

SPEURDER «Het zou inderdaad onethisch zijn als je het verhaal van die brief verzonnen had. Maar De Staerke had hem zelf geschreven en opgestuurd! Het is juist onethisch om die strohalm niet te grijpen.»


Het oog van Moskou

Na de stunt van De Staerke ligt het onderzoek jarenlang stil. Pas in november 1995, als de Bendecommissie haar werk afgerond heeft, krijgt de cel in Jumet mensen en middelen om het spoor-De Staerke opnieuw op te graven. Deltaspeurder Roger Romelart besluit voortaan elke dag naar Jumet te sporen om zijn collega's daar te gaan helpen.

ROGER ROMELART « Mijn vrouw had gezegd: 'Roger, doe het. Probeer er nog iets van te maken.'

»Ik ben dan voor twee maanden gedetacheerd naar Jumet, en het is de grootste ontgoocheling van mijn leven geworden. Bij Delta werkten we altijd goed samen met de BOB, maar toen ik binnenkwam op mijn allereerste vergadering in Jumet, hoorde ik BOB’er Lionel Ruth achter mij sissen: ‘Oppassen, want het oog van Moskou is gearriveerd.’ (Slaat met de hand tegen zijn voorhoofd) Omdat ik niet van de rijkswacht ben! Mensenlief dacht ik, in wat voor een nest kom ik hier terecht.

»Ik heb daar twee maanden met mijn vingers zitten draaien. ‘Doe jij maar Oproep 2020,’ zeiden ze. Dat heeft me zo’n pijn gedaan, daar hebt u geen idee van. Eén keer moest ik in Oostende een man gaan verhoren die de speurders telefonisch een tip had bezorgd. Die man reageerde korzelig toen hij me zag komen: ‘Maar meneer, het is twee jaar geleden dat ik getelefoneerd heb! Ik ben dat al helemaal vergeten!’

»Ik ben dan maar op eigen houtje aan de slag gegaan. Ik had opgevangen dat Johnny’s boezemvriend Stereo, die in Frankrijk terechtstond wegens poging tot doodslag, was vrijgesproken op basis van procedurefouten. Ik wilde weleens weten waar hij uithing, en ik heb toen vanuit Jumet twee faxen gestuurd naar mensen binnen het politieapparaat die ik kende. Maar voor elke fax die je verstuurt, drukt het apparaat een bewijsje af. Een kermis dat dat geworden is! Ik was over de schreef gegaan: dat was het einde van mijn korte carrière in Jumet.»

Het was vermoedelijk ook het einde van de allerlaatste poging om nog iets te maken van het spoor-De Staerke. Voor de Bendecommissie zouden de speurders van Jumet later een wel erg opmerkelijke reden aanhalen waarom ze het spoor hadden begraven: De Staerke 'had hun geen bewijzen bezorgd waaruit zijn schuld moest blijken'.


Een mysterieuze getuige

In 1995, vier jaar na de overheveling van het dossier naar Jumet en tien jaar na de laatste Bende-aanslagen, dient de procureur des konings van Charleroi het verzoek in om tien verdachten niet langer te vervolgen. Twee jaar later, in januari 1997, willigt de rechter voor negen van de tien het verzoek in; Johnny de Staerke zal pas op 5 april 2002 definitief buiten vervolging worden gesteld.

Inmiddels had De Staerke de Belgische staat voor het Europese Hof van de Rechten van de Mens in Straatsburg gedaagd: hij vond dat het onderzoek tegen hem 'onredelijk lang' aansleepte. Eind april van dit jaar gaf het hof hem gelijk. Speurders van het Delta-onderzoeksteam vinden de uitspraak niet meer dan terecht: het onderzoek heeft inderdaad veel te lang geduurd - maar dat lag niet aan hen, maar aan hun collega's in Jumet.

Dat het onderzoek zoveel vertraging heeft opgelopen, had onder meer te maken met een merkwaardig incident in 1999. Toen dook er bij de politie van Aalst warempel nog een ooggetuige op: iemand die in de Delhaize was toen de Bende daar acht mensen doodschoot en nu, veertien jaar na de feiten, ‘verdacht gedrag’ kwam melden. Wat hij of zij precies gezien heeft is onbekend, maar het moet te maken hebben met Johnny de Staerke, want volgens het arrest van het hof in Straatsburg was die getuige de reden waarom de beslissing om De Staerke buiten vervolging te stellen alwéér bijna een jaar vertraging opliep.

Wie was die getuige, en wat had hij te melden? En waarom heeft hij daar al die jaren mee gewacht? In Jumet kunnen ze Humo niet wijzer maken.

JUMETSPEURDER «Een ooggetuige met nieuwe informatie? In 1999? Het zegt me totaal niets.»

Marie-Jeanne Callebaut, weduwe van één van de slachtoffers in Aalst, is niet het soort vrouw dat wacht tot de Bende zelf bewijst dat ze de Bende is. Ze heeft met beide handen de kans gegrepen om, als nabestaande, het dossier door te nemen. Daaruit had ze onthouden dat Johnny aangetrouwde familie had in het vroegere zigeunerkamp van Hofstade bij Aalst.

MARIE-JEANNE CALLEBAUT «Op die manier ben ik zelf een interessante getuige op het spoor gekomen - al weet ik natuurlijk niet zeker of het ging om de persoon die in 1999 naar het gerecht is gestapt.

»Mijn getuige was de vader van iemand die in de Delhaize was toen de Bende toesloeg. Toen ik hem vertelde dat mijn man tijdens die raid was doodgeschoten, reageerde hij geschokt. ‘Maar madame,’ zei hij - en toen stokte het. Hij moest naar adem happen en begon te huilen. Toen hij wat bedaard was, vertelde hij dat zijn zoon die avond één van de daders had herkend. 'De politie weet het, maar ze treden niet op. Het was de Gitane, madame.»

Op een mooie zomermiddag ga ik met Marie-Jeanne Callebaut en een vriend op zoek naar die zoon. We gaan zonder afspraak, maar we hebben geluk: als we voor zijn huis staan, komt de man net naar buiten. Als we uitleggen wie we zijn, reageert hij beleefd maar terughoudend.

De man bevestigt dat hij de schutter op het parkeerterrein van de Delhaize herkend heeft. Het was De Staerke, zegt hij. ‘Hij leek op jacht, hij liep daar rond alsof hij een doelwit zocht.’

HUMO De gangster droeg een bivakmuts. Hoe kunt u dan zo zeker zijn dat hij het was?

GETUIGE «Ik herkende zijn postuur en zijn manier van lopen. Hij had een heel speciale stap, een stap die zei: ‘Hier ben ik, allemaal uit de weg.’»

De man doet hem zwierig na.

GETUIGE «Ik kende Johnny van lang geleden uit het uitgaansleven. Hij was toen al nergens bang van. Als het moest, pakte hij in zijn eentje tien Turken aan.

»Ik heb hem wel pas later herkend - niet meteen, niet tijdens de schietpartij. Mijn frank is gevallen toen hij gearresteerd werd en ik zijn foto in de krant zag staan.»

HUMO Als u hem herkend hebt, bent u dan niet bang dat hij u op zijn beurt herkend heeft, en u zal zoeken? Er zijn destijds getuigen van de raid in Aalst geweest die bezoek kregen van nepagenten.

GETUIGE «Ik ben niet bang van hem. Ik heb hem trouwens al teruggezien sinds hij vrij is. Het was op een markt. Hij reed in een jeep met aanhangwagen, en er zat een vrouw naast hem.»

HUMO Bent u de getuige die in 1999 aangifte gedaan heeft bij de politie van Aalst?

De man kijkt ons onbegrijpend aan. Zou er dan toch nog een andere getuige zijn?

‘Ik ging ervan uit dat wij, voor zover wij juist zaten, eigenlijk niet zoveel meer nodig hadden om er te komen,’ heeft onderzoeksrechter Freddy Troch voor de tweede parlementaire Bendecommissie gezegd.

De mysterieuze getuige van 1999 had het laatste ontbrekende puzzelstukje kunnen zijn.


Verhaal zonder einde

Anno 2005, twintig jaar na de laatste Bende-overvallen, is het spoor-De Staerke morsdood. De details vervagen, maar de vaststelling dat Johnny de Staerke een paar uur vóór de raid in de Delhaize van Aalst is geweest en de dag nadien een valies is gaan begraven in het bos, blijft overeind.

Naast die zekerheid hebben de Deltaspeurders van toen ook een overtuiging: als Johnny betrokken was bij de Bende van Nijvel, heeft hij zich laten inhuren door een extreem-rechtse organisatie.

SPEURDER «Net als in Italië wilde extreem-rechts hier de Strategie van de Spanning uittesten. En dan is De Staerke heel geschikt om mee aan boord te nemen: je mag hem onder druk zetten zoveel je wil, hij blijft zwijgen.»

COLLEGA «Mij is altijd opgevallen dat de Bende een spel gespeeld heeft met de politie, zeker in 1985. In de buurt van Aalst waren er verschillende Delhaizes die een veel makkelijker doelwit voor een overval vormden - die van Ninove bijvoorbeeld. Je moet goed gek zijn om de Delhaize van Aalst te overvallen langs het parkeerterrein achteraan, zoals de Bende heeft gedaan. Daar zit je als een rat in de val: als de politie de uitrit van de parking had afgegrendeld, was het inferno niet te overzien geweest. Tenzij het juist de bedoeling was om een bloedbad te veroorzaken.»

SPEURDER «En waarom zijn de overvallen na Aalst stilgevallen? Omdat we het bij het rechte eind hadden? Misschien waren we nog niet echt doorgestoten tot de harde kern van de Bende, maar kreeg die harde kern het toch al te heet onder de voeten?

»Ze wáren nog iets van plan, dat blijkt uit het feit dat ze de wapens van Aalst hebben achtergehouden: twee riotguns en een Ingram-machinepistool zijn nooit teruggevonden. Volgens mij zijn ze na Aalst van mening veranderd - zij het niet omdat hun zogenaamde leider bij die overval dodelijk gewond was geraakt, zoals je weleens hoort. Misschien had het wel te maken met alle arrestaties die wij en onze collega's in Nijvel begin 1986 hebben kunnen verrichten? Of misschien vonden de opdrachtgevers dat het politieke landschap ondertussen wel degelijk veranderd was, en het doel dus bereikt?»


De grot van Ali Baba

Maar het politieke spoor was niet het enige. Kan een beetje detective bijvoorbeeld uitsluiten dat de raids bedoeld waren om de firma Delhaize af te persen?

De Delta-speurders hebben altijd met die hypothese rekening gehouden. Uit de Delhaize-boekhouding blijkt nergens dat er ooit losgeld zou zijn betaald, zo wordt zowel in Jumet als bij Delta vernomen. Aan de andere kant: dat soort betalingen zouden natuurlijk nooit in de officiële boekhouding terechtkomen. Als er losgeld is betaald, dan moet het dus om zwart geld zijn gegaan.

Bij het natrekken van die hypothese zijn de speurders op een heel ander spoor gestoten - een zijspoor, zo zou blijken, maar niettemin een buitengewoon interessant zijspoor. In 1985 werd België opgeschrikt door de zaak-Feluy: een complete olieraffinaderij was gekocht met valse cheques. Toen de financiële sectie van de Brusselse BOB in het kader van dat onderzoek een huiszoeking deed bij de Generale Bank aan het Cantersteen, ontdekten ze een ware grot van Ali Baba: duizenden anonieme, zwarte rekeningen van de allerrijkste Belgen, voor in totaal 30 miljard frank. Eén van de rechercheurs vertelde aan substituut Willy Acke dat hij er onder meer conto’s gezien had van leden van het hof en de hoge clerus. De speurders dachten dat ze beet hadden toen ze onder de begunstigden ook 'de gebroeders Delhaize' zagen staan, houders van de rekeningen 20503, 21740, 10428 en 21741. Helaas pindakaas: bij navraag bleken de gebroeders niets te maken te hebben met de gelijknamige warenhuisketen.

Dat de Bende vooral toesloeg in supermarkten van Delhaize, had volgens de speurders in Dendermonde niks met afpersing te maken. Maar toeval was het evenmin.

SPEURDER «Het antwoord is veel simpeler: Delhaize was op dat moment de slechtst bewaakte warenhuisketen van België.»

BOB’ER «De gerant van de Delhaize van Genval (begin 1983 door de Bende overvallen, red.) heeft dat zelf toegegeven. De keten beschikte over minder telefoons en minder personeel dan de GB. Daar was in de kassa’s ook een vertragingsmechanisme ingebouwd - bij Delhaize niet. Pas in oktober 1983 heeft Delhaize eindelijk een privé-bewakingsbedrijf ingehuurd - GB en ook Colruyt hadden toen al videobewaking in de winkels. Bij de GB stond de kluis in de kelder; bij Delhaize gewoon in het kantoor van de directie.»

BOB’ER «Delhaize was in die tijd ook de enige keten waar de inkomsten maar één of twee keer per week werden opgehaald. Voor mij is het duidelijk dat de Bende wist wanneer de geldkoerier langs was geweest: de overvallen gebeurden telkens een paar dagen later, als er dus weer geld in huis was - soms ettelijke miljoenen franken. Vooral op vrijdagavond rond zeven uur, want dan zaten ze vól.»

Precies omdat het ‘gemakkelijke’ Delhaize het doelwit was, geloven enkele BOB’ers van Halle niet in het politieke spoor.

BOB’ER «De Bende wilde gewoon geld. De gangsters sloegen en schopten het personeel om ze te dwingen de kassa’s en de brandkoffer open te maken. Dit was geen staatsgreep, dit waren stomme overvallen.

»Ik zie de Bende van Nijvel als de Bende van de Sukkels. In mijn ogen waren dat amateurs - knoeiers die geld wilden en wat inside-informatie hadden. Ze konden niet eens fatsoenlijk een auto stelen. En dan al dat schieten! In Beersel schoten ze op voetgangers die tegenover het warenhuis op de bus stonden te wachten. Aan de Delhaize van Ukkel hebben ze gevuurd op iemand die aan de overkant van de straat liep. Ze waren schrikschijters, ze schoten omdat ze bang waren.

»Ik heb al een paar keer inbraken gezien op de video’s van bewakingscamera’s: je ziet een paar gasten met een kap over hun kop in een bestelwagen dwars door de deur rijden, patat, en grabbel-grabbel-grabbel. Maar de Bende van Nijvel? Die rijden in een gestolen Saab naar de Colruyt van Nijvel, en beginnen daar een gat te lassen in de metalen poort! Terwijl je met een beetje voorbereiding moet weten dat Colruyt uitgerust is met een driedubbel alarmsysteem. Dan weet je toch niet waar je mee bezig bent?»

HUMO Advocaat-generaal Claude Michaux kwam tot een heel andere conclusie: gewone dieven doen zoiets niet - en 'dus' ging het wellicht om terroristen.

BOB’ER «Terroristen zijn toch zéker niet zo stuntelig? Neem de moord op de nachtwaker van de taverne van Jef Jurion. Daar heeft de Bende een .22 gebruikt, een heel licht kaliber is dat. Geen wonder dat ze die man acht kogels door het hoofd geschoten hebben: ik ken in Lembeek iemand die zeven van die kogels in zijn kop gekregen heeft en nog altijd door het dorp fietst.

»Dat de Bende nooit geklist is, komt eenvoudig omdat ze hoerenchance gehad hebben. Vergeet dus maar de De Staerkes: als die schieten, dan weten ze hoe én waarom. Die zie ik echt niet in die Bende van Nijvel.»


Volkstheater

Dat de Bende-overvallen ooit nog opgehelderd worden, gelooft inmiddels niemand meer - al hoopt een enkeling nog op sterfbedbekentenissen, liefst mét handige wegbeschrijving naar de plek waar nog ergens de Bendewapens van Aalst moeten liggen, verstopt in een grijze, gepantserde Golf GTI.

BOB’ER «Vergeet het. In Jumet leggen ze in mijn ogen niet de zin voor detail aan de dag die je nodig hebt om klaarheid in deze zaak te scheppen. Er zijn daar best gedreven speurders, maar ze verdoen hun tijd aan hypotheses die gebouwd zijn op drijfzand, aan getuigenverhoren onder hypnose, twintig jaar na de feiten... Ze gooien er geregeld een pak duikers, graafmachines en helikopters tegenaan, zodat de buitenwereld onder de indruk is, maar het levert niks op. Criminelen moet je zoeken waar ze zitten: in de onderwereld.»

COLLEGA «Ik vind het erg voor de families van de slachtoffers dat we niet het harde bewijs gevonden hebben dat een duidelijke veroordeling mogelijk zou hebben gemaakt, maar ik denk dat we bijna alles gedaan hebben wat toen mogelijk was om dat bewijs boven water te halen.»

DELTALID «Ik ben ervan overtuigd: als er toen al DNA-onderzoek had bestaan, dan hadden we de Bende opgerold. Dan waren de raids in Overijse, Eigenbrakel en Aalst misschien zelfs nooit gebeurd. We hádden een lok blond haar van één van de daders van de moorddadige overval op de zeilmakerij in Temse (gepleegd door de Bende, red.). Die lok hebben we voor onderzoek naar het lab gestuurd - maar toen ze terugkwam, was ze totaal onbruikbaar geworden, zo ondeskundig waren ze er daar mee omgesprongen.»

SPEURDER «We hadden zelf ook slimmer moeten zijn, en onze vaststellingen, confrontaties en getuigenverhoren veel zorgvuldiger moeten aanpakken. Dan zouden we nu een stuk verder staan.»

LUC BOEVE (toenmalig Delta-speurder) «Ik ben er destijds onderdoor gegaan, en nu zit ik met het gevoel dat het werk niet af was. Dat is echt een trauma voor mij. Ik geef nu les aan de politieschool, maar ik gebruik dat dossier niet in mijn cursus. Ik praat er nooit over, met niemand. Ik lig er nog altijd wakker van. De nacht van 9 november 1985 vergeet ik nooit. We waren er zo dichtbij - dat maakt de mislukking dubbel zo erg.»

MARIE-JEANNE CALLEBAUT (weduwe Bendeslachtoffer) «Zolang het gerecht het mysterie niet opheldert, zal niemand me tegenhouden om zelf getuigen op te zoeken. Je staat er soms van te kijken wat die mensen allemaal te vertellen hebben - dingen die je niet in het dossier vindt.

»Ik blijf ook naar de vergadering met de nabestaanden gaan die ze elk najaar organiseren in Jumet. Het is volkstheater, dat weet ik best, maar volgens mij hopen ze daar op een afvallingskoers, zodat ze uiteindelijk het ‘gebrek aan interesse’ kunnen gebruiken als excuus om het onderzoek helemaal op te doeken. En dat wil ik ze niet gunnen.

»Het zou me soelaas geven als ze in Jumet mea culpa zouden slaan en zouden toegeven dat ze het verprutst hebben. Wij hadden hier tenminste een hoofdverdachte, iemand van wie we zeker weten dat hij met de Bende te maken had. En net die man laten ze in Jumet links liggen. Wat wil je dan dat wij nog zeggen?»

Die man, Johnny de Staerke, is sinds een paar jaar weer op vrije voeten. Kort daarna moest de politie op een zondag tussenbeide komen op de vlooienmarkt op het Brusselse Vossenplein: er waren problemen met een man die er samen met een vrouw potten en pannen stond te verkopen. Toen ze zijn identiteit controleerden, stelden de dienders vast dat het om Johnny de Staerke ging.

Op 10 september 2001 schreef De Staerke een allerhoffelijkste, aangetekende brief aan het handelsregister met de vraag hem als leurder te schrappen. Hij had vast werk gevonden, want 'dat geeft meer zekerheid in het leven'.

Hij betrok een woning in Brussel. Een collega-journalist ging daar op een dag aanbellen.

COLLEGA «Op de bel stond ‘Mme De Staerke.’ Ik belde aan, en na een tijdje stak een vrouw haar hoofd door het raam. Ze vroeg wat ik moest. Ik riep dat ik Johnny de Staerke wilde spreken. Die kende ze niet, riep ze terug. Ik vroeg waarom zijn naam dan op de bel stond. Oh, was dat zo? Daar had ze werkelijk geen idee van.»

Deze serie kwam tot stand met de steun van het Fonds Pascal Decroos.

Einde

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234