null Beeld

2017, het jaar van de doorbraak: 'Ik kan me inbeelden dat er mensen zijn die er genoeg van hebben om me op de radio te horen'

De muziek moest dit jaar weer een paar illustere iconen laten gaan, maar 2017 bracht ook enkele nieuwe gezichten, artiesten die tussen januari en december kwamen aankloppen aan de grote poort. Zoals deze vijf wereldburgers: twee Belgen, twee Amerikanen en een Britse met Kosovaarse roots.


Tamino: ‘Iedereen was in tranen’

Tamino werd dit jaar sneller een Zanger-met-hoofdletter dan een drietrapsraket haar topsnelheid bereikt. In nauwelijks een half jaar tijd ging de Nachtegaal van Mortsel van nergens naar Werchter. Kon hij de G-krachten van het succes aan, of trokken de afgelopen twaalf maanden in een waas voorbij?

null Beeld

undefined

'Die volle tent op Werchter, dat was een shot euforie'

TAMINO «Toch dat laatste. Pas nu het stof aan het neerdalen is, begin ik te beseffen wat er allemaal gebeurd is. Het ging zo snel dat ik het niet kon registreren. Maar ik heb ervan genoten, hoor. Nu voel ik ook hoe hard ik dit jaar ben geëvolueerd. Niet dat de Tamino van januari me niet meer zou herkennen, maar ik ben wel veranderd. Als muzikant, maar ook als mens. Ik ben nu veel zekerder van mezelf, ik trek me minder aan van kritiek.»

HUMO Veel kritiek kreeg je toch niet te verduren? Je bent net niet bedolven onder de lof.

TAMINO «Klopt, maar ik kan me wel inbeelden dat er ook mensen zijn die er even genoeg van hebben om me op de radio te horen. Vroeger ontdekten muziekliefhebbers me omdat ze naar me op zoek gingen, online of in de cafés waar ik speelde. Het idee dat mensen die misschien helemaal geen zin in mij hadden me ook zouden horen, vond ik in het begin beangstigend. Al ben ik daar ondertussen wel overheen (lacht).»

HUMO In het voorjaar bracht je een eerste ep uit en daarna ging je op tournee. Moest je zoeken naar de juiste manier om je songs live te brengen?

TAMINO «Ja. Aanvankelijk dachten we dat we elk nummer met de hele groep moesten spelen, maar dat was een slecht idee. Niemand verwacht dat van een soloartiest als ik. De band werkt het best als een aanvulling, zij zijn een extra element, niet de kern. Dat heb ik moeten leren. Tom Pintens (ex-Flowers For Breakfast, ex-Zita Swoon, nu lid van Het Zesde Metaal, red.) is daar heel belangrijk bij geweest. Hij was al even mijn mentor, dus was het logisch dat hij in mijn liveband zou spelen. Het moest ook snel gaan: de eerste keer dat ik met Tom en Ruben (Vanhoutte, drummer, red.) optrad, was in mei in de AB Club, en een maand later stonden we al op Werchter. Dat moet toch het meest absurde en waanzinnigste moment van het jaar geweest zijn.»

HUMO In je broek gedaan daar?

TAMINO «Gek genoeg niet. ’s Ochtends kreeg ik geen hap door mijn keel, maar eenmaal op het podium zat ik helemaal in het moment. Die volle tent zien, dat was een shot euforie. Het was bizar om daar te staan, maar het voelde goed. Dat concert is voorbijgevlogen, en achteraf was iedereen in tranen. Heel bijzonder.»

HUMO Ik kreeg al een paar persberichten over jou uit Engeland. Daar zit iemand aan jouw doorbraak te werken?

null Beeld

TAMINO «Dat is het plan, ja. Mijn label heeft een promoman in de arm genomen om ‘Cigar’ te promoten in Frankrijk en Engeland, en dat heeft toch gewerkt. Er zijn artikels over me geschreven in The Independent en in Les Inrockuptibles, en ik heb al in Frankrijk en Engeland opgetreden. Vooral in Parijs, waar ik als voorprogramma van Warhaus speelde, was het publiek geweldig. Toen had ik hetzelfde gevoel als bij die Radio 1-sessie met Het Zesde Metaal, een jaar geleden. Voelen dat je mensen kunt overtuigen die je nooit eerder hebben gezien, is best prettig.»

HUMO Ondertussen woon je opnieuw thuis. Went dat na een jaar op kot in Amsterdam?

TAMINO «Het was de juiste beslissing, denk ik, om even dicht bij de mama te zijn. En ja, dat lukt. Ik ben natuurlijk ook nauwelijks thuis geweest (lacht). Maar als ik eens niets te doen had, was het fijn om bij mijn familie te zijn. Ik merk wel dat ik ondertussen weer nood heb aan een eigen werkplek, waar ik kan schrijven en opnemen. Daar ga ik binnenkort naar op zoek.»

HUMO Heeft je vader, die in Koeweit woont en werkt, je al zien spelen?

TAMINO «Ja hoor, hij is komen kijken toen ik op Pukkelpop speelde. Daar heb ik hem zien huilen. Ik denk wel dat hij trots op me is.»

HUMO Ik las dat je nu een stemcoach hebt. Is dat nodig in een wereld waarin jonge zangers al te vaak na een hevige start optredens moeten afzeggen omdat hun stembanden het dreigen te begeven? Kijk maar naar Sam Smith enkele jaren geleden.

TAMINO «Ik kan me inbeelden dat het zo loopt, maar ik heb er nog geen last van gehad. Ik volgde zanglessen aan het Amsterdamse conservatorium. Nu ik opnieuw in België woon, zet ik die lessen verder met een leraar van hier. Ik raak niet altijd op mijn afspraken, maar ik probeer mijn stem toch te verzorgen. Als je elke dag moet optreden, moet je je stem gezond houden, en dan kan een stemcoach wel handig zijn. Ik moet vooral zorgen dat ik na een optreden genoeg slaap, zodat mijn keel kan recupereren. En verder: niet roepen op café. Als ik daarop let, komt het wel goed.»

HUMO Geen wilde feestjes in de backstage voor Tamino?

TAMINO «Behalve als ik de dag erna niet moet optreden (lacht).»

HUMO Over kelen gesproken: dit jaar is Chris Cornell gestorven, een held van jou. Geschrokken?

TAMINO «Ik was daar niet goed van. Hij heeft mijn kijk op songschrijven en zingen erg gekleurd. Ik wist ook niet van zijn problemen, maar naar wat ik op het internet lees, was het een ongelukkige samenloop van omstandigheden. Als iemand hem op tijd had gevonden, was hij de volgende dag oké geweest.»

HUMO De toekomst dan maar. Wat brengt 2018?

TAMINO «Ik ben nu aan het opnemen, dus volgend jaar komt er hopelijk een full-cd uit. Ik voel dat ik alweer aan het evolueren ben in mijn schrijven. De nummers liggen in het verlengde van de ep, maar je zult ook andere kanten van me horen.»

HUMO Ik heb artiesten gesproken die er gek van werden dat ze nieuw materiaal niet konden laten horen, omdat de platenfirma nog geen datum had om het uit te brengen.

TAMINO «Gefrusteerd ben ik zeker nog niet, maar natuurlijk is zoiets vervelend. Ik ben een songschrijver, ik wéét hoeveel nummers ik heb liggen. Dan is het sneu als de buitenwereld daar maar een fractie van mag kennen. Het vraagt geduld, ja, en ik zou het jammer vinden als ik plots songs zou moeten brengen die al lang achter me liggen. Dat wil ik absoluut vermijden.»

HUMO Ik noteer: in 2018 móét dat debuut er liggen, en dan praten we nog eens over het jaar van Tamino.

TAMINO (lacht) «Ik hoop het.» (mvst)


Christian Scott: ‘Jazz is weer hot’

Een beetje lullig dat iemand die al meer dan de helft van zijn leven onafgebroken muziek uitbrengt, pas nu zijn doorbraakjaar beleeft, maar toch is het zo: Christian Scott aTunde Adjuah (34) bracht naar aanleiding van honderd jaar jazz de platentriptiek ‘The Centennial Trilogy’ uit en drukte daarmee definitief zijn stempel op het genre. In Leuven, voor zijn optreden in Het Depot, maakt hij al tijdens de soundcheck indruk. Hij regelt alles tot in de puntjes en wanneer hij eindelijk tevreden is over de klank van zijn zelfgeboetseerde gouden trompetten, neemt hij plaats in de zaal om zijn band een rondje te laten spelen en bij te sturen waar nodig. Het moet juist zijn.

null Beeld

'Fuck de puristen en fuck ook degenen die vinden dat jazz móét innoveren'

HUMO Merk je dat je dit jaar populairder bent dan ooit?

CHRISTIAN SCOTT «Nee. Ik doe mijn werk, zonder aandacht te besteden aan wat er over mij gezegd wordt. (Denkt na) Ik krijg wel meer pers over de vloer: dit jaar heb ik grote artikels in Rolling Stone en GQ gekregen. Dat zou een paar jaar geleden nooit gebeurd zijn. De perceptie in Amerika is dat jazz weer hot is, en dat er dus opnieuw aandacht aan mag worden besteed.»

HUMO Heb je een verklaring voor die populariteit?

SCOTT «In de jaren 70 en 80 was er een revival van klassieke jazz, waarbij muzikanten, na jaren van de door rock beïnvloede fusionsound van Miles Davis, weer gingen letten op wat wel en niet mocht volgens ‘de regels’. Daardoor voelden veel mensen zich niet welkom, alsof jazz een clubje was waar je maar bij mocht horen als je aan specifieke voorwaarden voldeed. Jazz wordt weleens omschreven als de klassieke muziek van Amerika, maar zo steek je het genre onder een stolp, en laat dat nu vooral níét de essentie zijn: jazz heeft zuurstof nodig, vrijheid! Nu staan er mensen op zoals Kamasi Washington, Makaya McCraven, Robert Glasper en ikzelf, die muziek maken die relevant is voor de wereld waarin ze tot stand komt. Jazz mag weer bruisen.»

HUMO Je was 12 toen je met de band van je oom op tournee vertrok. Hoe is het on the road voor een jonge puber?

SCOTT (luid) «Fun as hell! Ik kan het iedereen aanbevelen. Niet alleen mijn oom, die toen als een vader voor me was, maar álle mannen die mee waren, gaven om mij. Ze wilden dat ik het goed had, dat ik mezelf ontwikkelde op méér dan alleen muzikaal vlak. Vooral de oude bandleiders: zij waren altijd nieuwsgierig naar waar ik mee bezig was. En zelf viel ik hen de hele tijd lastig (lacht).»

HUMO Klinkt als een geborgen omgeving. Ik stelde mij al sloten drank en gewillige vrouwen voor.

SCOTT (lacht) «Er wáren natuurlijk kerels die het cool vonden om ‘de puber’ na het optreden een lijntje cocaïne onder de neus te duwen. Maar dat was niet de standaard. Daarbij: ik ben opgegroeid in een heel ruige buurt, dus ik was geen onschuldig hertje dat van niks wist. Niemand zou mij iets hebben laten doen dat ik niet wilde doen. Ach, de feestjes stelden misschien 2 procent voor van het leven toen. De gesprekken, díé herinner ik me.»

HUMO Toen je aankondigde dat je dit jaar drie platen zou maken, dacht ik: ‘Yeah, right.’

SCOTT (lacht) «Zoals de meeste mensen. Maar we hebben het geflikt. Niet zo moeilijk: ik had het idee voor ‘The Centennial Trilogy’ al van toen ik een kleine jongen was.»

HUMO Hoe oud was je?

SCOTT «14 jaar, misschien? (Plots) Wist je dat de eerste jazzplaat – de directe aanleiding voor mijn platen – satire was? De groep die ze opnam, heette de Original Dixieland Jass Band. ‘Jass’ met twee s’en. Dat woord heeft een donkere etymologie, even donker als ‘negro’ of ‘nigger’. Als je het woord jazz uitspreekt tegen mijn overgrootmoeder, slaat ze je in elkaar. Mensen zeggen mij weleens: ‘Hoe durf jij te zeggen dat je niet houdt van het woord jazz? Blasfemie!’ Dan kan ik alleen denken: ‘Fuck you, jij weet niet waarover je spreekt. Ik kom uit de Tremé-wijk, de plek in New Orleans waar dit spul vandaan komt. Gelóóf me.’ Maar ik wijk af (lachje).»

HUMO Jazzpuristen zullen je wel rauw lusten.

SCOTT «Ja, maar fuck ’em (lacht). Fuck de puristen en ook degenen die vinden dat jazz móét innoveren. Niemand heeft gelijk! Iedereen die zegt: ‘Jazz moet zus of zo zijn’, moet zijn mond houden. Als je zo nog eens iemand hoort, stuur ze maar naar mij (lacht).

»Daar gaat ‘The Centennial Trilogy’ ook over. We zitten nu in de tweede eeuw van creatieve geïmproviseerde muziek – jazz, dus – en ik wilde iets doen om die eerste honderd jaar te gedenken. Tegelijk wil ik ook duidelijk zeggen dat jazz álle muziek behelst die uit onze traditie is voortgekomen. Niet alleen Louis Armstrong, Miles Davis en Christian Scott aTunde Adjuah (lacht luid). Maar ook Little Richard, The Beatles, Jimi Hendrix en Radiohead. ‘The Centennial Trilogy’ gaat niet over enkele twijgjes, maar over de hele boom!»

HUMO Je wilt muzikale muren slopen?

SCOTT «Ja, dat maakt er deel van uit. Vooral omdat hokjes voor raciale breuklijnen zorgen. Denk eens aan een klassieke muzikant. En denk nu aan een rapper. Zie je? Ik vind dat kwalijk. En betuttelend. Luisteraars kunnen zogezegd alleen begrijpen wat er gebeurt als muziek vasthangt aan één specifieke cultuur. Da’s gevaarlijk: laat mij maar invloeden uit de hele wereld plukken.»

HUMO Je staat erom bekend dat je het geluid van de trompet haat – daarom zou je ook je eigen hoorns ontwikkelen – maar klopt dat?

SCOTT «I fuckin’ hate it, man. Echt waar. Jij vindt dat raar, zie ik (lacht).»

HUMO Een beetje.

SCOTT «Ik vond een trompet gewoon nooit een mooie klank hebben; de enige reden dat ik het instrument heb opgepikt, is omdat mijn oom saxofonist was. Als ik óók voor de saxofoon had gekozen – veel mooier – dan had ik nooit met hem op tournee gekund.

»Wat ook niet helpt: je zou kunnen zeggen dat de trompet het moeilijkste instrument uit de westerse canon is. Je hebt er onnoemelijk veel fysiek uithoudingsvermogen én technische kunde voor nodig. De trompet is een motherfucker. Het is slopend om ze avond na avond te moeten bespelen. En als je eens één dag vrijaf neemt, lijkt het alsof je een maand niks hebt gedaan: the bitch bites! (lacht)»

HUMO Hoe maak jij je eigen instrument? Kun jij lassen?

SCOTT «Dat niet. Maar je moet er wel een stevige technische kennis voor hebben, en weten welk metaal je moet mengen met welke legering om de juiste klank te krijgen. Gelukkig werk ik samen met Miel Adams, één van de grootste instrumentenbouwers ter wereld, én heb ik in m’n leven in genoeg muziekwinkels vertoefd om één en ander opgepikt te hebben. (Ernstig) Je kunt niet tot op dit niveau komen zonder elk facet van de muziek volledig te begrijpen.»

HUMO Het getuigt wel van ballen om zomaar te zeggen: ‘Die trompet is het toch niet, ik maak even iets beters.’

SCOTT «Ja (lacht). Ik geloof niet dat één of andere snoeshaan tweehonderd jaar geleden een béter idee had over de optimale klank dan ik.»

HUMO Jij laat je moeilijk intimideren door het verleden, hè?

SCOTT «Waarom zou ik? Miles Davis was óók maar een kerel die deed wat hij wilde.»

HUMO Miles komt vaak ter sprake bij jou.

SCOTT «Dat heb ik zelf ook al gemerkt. Vroeger werd ik héél vaak met ’m vergeleken: mensen zien een parallel tussen wat hij gedaan heeft, en wat wij vandaag proberen te doen. Eerst vond ik die vergelijking niet leuk, maar nu ben ik toch gevleid: als ze je spiegelen aan één van de beste muzikanten aller tijden, dan moet je je hoofd buigen en het compliment aanvaarden, en er vooral níét nukkig over doen (lacht). Maar ik ben niet bang van hem. Als hij hier nu was, zou hij ook niet willen doen wat hij vroeger deed. Ik heb eens een interview met ’m gezien waarin hij gevraagd werd naar Louis Armstrong. Waarop hij: ‘Zie ik eruit alsof ik wil klinken als Louis Armstrong? Heb je mijn kleren al gezien?’ (lacht) Ik kan mij daarin vinden. Daarbij: wie zegt dat Miles niet meer te evenaren valt? De muziek van nu is wonderbaarlijk.»

HUMO Wie zijn zo volgens jou de muzikanten van het jaar?

SCOTT «Vic Mensa uit New Orleans, met wie ik net het nummer ‘Freedom Is a Word’ heb uitgebracht. Ik wacht angstvallig op nieuwe muziek van Sufjan Stevens, die ik altijd bewonderd heb. En St. Vincents ‘Masseduction’ is fantastisch. Annie (Clark, red.) is een coole griet. We zijn nog samen naar school gegaan.»

HUMO Serieus?

SCOTT «Ja, ik ken haar van toen ik een kind was, al is het nu wel even geleden dat ik haar heb gezien. Je hebt onlangs haar show gezien? Knap, hè! Typisch Annie. Toen we op Berklee College of Music zaten, was ik helemaal smoor op haar.»

HUMO Wat ga je in 2018 doen? Achteroverleunen met een biertje?

SCOTT «Hell, no! Iedereen wil dat ik er even tussenuit knijp. Zeker omdat veel van mijn naasten in zekere zin voor mij werken, dus als ik niet stop met werken, zij ook niet (lacht). Maar nee: ik geniet veel te hard van de respons van het publiek – ik wil er zijn voor hen – en wij zijn hier op een missie. Ik mág niet stoppen.»

HUMO Bedankt voor het gesprek.

SCOTT «Da’s niks. Ik heb dit jaar twee écht leuke interviews gedaan: eentje met Rolling Stone en nu eentje met Hoe-mow. Bedankt, Hoe-mow!» (vvp)


Moses Sumney: ‘Seks zonder verliefd te zijn’

Met ‘Aromanticism’ leverde Moses Sumney één van de mooiste debuten van het jaar af. De titel betekent ‘afwezigheid van romantische liefde’, want ook al zijn artiesten wel vaker eenzame lui, er zijn er weinig zo moederziel alléén op de wereld als hij. In het Brusselse café waar we afspreken, bestelt de boomlange Sumney in heel voorzichtig, maar correct Frans een ‘toast aux champignons, s’il vous plaît’. En dan zijn we vertrokken.

null Beeld

'Misschien wíl ik helemaal niemand om de rest van mijn leven mee te delen'

HUMO Hoe heb je de respons op ‘Aromanticism’ ervaren?

MOSES SUMNEY «Ze is goed ontvangen, hè? Het is geen muziek voor iedereen, I guess, maar ik heb het gevoel dat mensen die de plaat wíllen kennen, hun weg ernaartoe vinden. Ik hoor vaak dat het even duurt voor ze onder je huid kruipt, en dat vind ik wel leuk. Terzijde: ik heb de plaat gemaakt die ik wilde maken.»

HUMO Waar kwam je de term ‘aromanticism’ tegen?

SUMNEY «Tijdens een toevallige nachtelijke Googlesessie. Ken je WebMD? Da’s een Amerikaanse website waar je kunt opzoeken aan welke ziekte je zou kunnen lijden, naargelang je symptomen. En het resultaat is altijd dat je kanker hebt (lacht). Maar goed: ik was nog nooit verliefd geweest – het idee van romantische liefde is mij min of meer vreemd – en ik maakte me daar zorgen over. Dus ging ik zoeken of er nog mensen waren die daarmee worstelden. Wat bleek: er waren er heel wat.»

HUMO Aromantisch wil nog niet zeggen: aseksueel. Hoe zit het op dat vlak?

SUMNEY «Goed dat je ’t zegt, want da’s inderdaad niet hetzelfde (lacht). Je kunt pakweg verliefd worden zonder seks te willen of seks willen zonder verliefd te zijn. Ik val in de tweede categorie (lacht). Waar ik zit op de seksuele schaal? No comment!

»Nu heb ik de plaat heel nauwgezet opgebouwd rond aromantiek, maar ze gaat wel degelijk over méér. Eigenlijk wil ik vooral vastgeroeste normen en waarden aan gort slaan. Er is zoveel dat we zomaar aannemen, ‘omdat het nu eenmaal zo is’. Het beeld van de romantische liefde is er maar één van. Ik hoop dat mensen dankzij ‘Aromanticism’ gaan beseffen dat alles wat voor hen normaal en routineus is, misschien niet voor iederéén normaal en routineus is.»

HUMO Zonder je jezelf graag af van de rest?

SUMNEY «Niet echt. Ik heb veeleer het gevoel dat de maatschappij mij buitensluit. Ik zit... op een andere golflengte. En dan kan ik kiezen: er iets over zeggen, of zwijgen. Een evidente keuze (lachje).

»Maar het is niet altijd gemakkelijk. Zelfs met mijn vrienden kan ik niet over de plaat praten, want zij begrijpen het niet. Weet je hoe vaak ze sinds de release al hebben gezegd: ‘Maak je geen zorgen, je bent nog jong, je vindt wel iemand.’ Elke dag! En dat is zo neerbuigend! Misschien wíl ik helemaal niemand om de rest van mijn leven mee te delen.»

HUMO Je hebt de plaat – zeer toepasselijk – in afzondering gemaakt.

SUMNEY «Twee jaar geleden ben ik naar de bergen in Californië getrokken. Een maand lang was ik er helemaal alleen, behalve de keren dat ik de stad in ging om een kopje thee te drinken. Ik had geen internet of telefoon. Daar heb ik de kiem voor de plaat geplant. Later zocht ik terug de bergen op om muziek te schrijven – ik heb overal ter wereld mooie gebieden bezocht. Niet uit één of andere artistieke overweging, maar gewoon omdat ik toch altijd op tournee was: met Sufjan Stevens, James Blake, Karen O, Beck... Wanneer ik even tijd had, werkte ik aan mijn plaat. Daarom heeft het ook zo lang geduurd.»

HUMO Je telt veel beroemdheden in je kennissenkring: zo hielp je Solange met ‘A Seat at the Table’. Van wie heb je ’t meest geleerd?

SUMNEY «Dave Sitek van TV On The Radio heeft me mijn allereerste 4-track gegeven, in 2013. Het was het toestelletje waarmee hij het vroegste TV On The Radio-materiaal had opgenomen; zelf heb ik er mijn debuut-ep’tje mee gemaakt. Wat Solange betreft: zij is natuurlijk een schatje, een hartsvriendin van me. Maar om eerlijk te zijn, praat ik niet graag over haar. Sorry (lachje).»

HUMO Iets anders dan: toen je 10 was, heb je zes jaar in Ghana gewoond.

SUMNEY «Dát was nog eens isolement. Ik werd als doodverlegen kind in een vreemd land gedropt. Het is me nooit gelukt om me aan te passen; de lokale cultuur trok me niet aan, ik had er geen vrienden en ik zat altijd in mijn eigen hoofd. (Denkt na) Weet je, in Amerika heb ik me nooit op mijn plaats gevoeld – ook niet toen ik op mijn 16de terugkwam – maar in Ghana heb ik gemerkt dat ik, als puntje bij paaltje komt, wel degelijk een Amerikaan ben.»

HUMO Als ik je zo hoor, heb ik een beetje medelijden met je. Ben je wel gelukkig?

SUMNEY (lacht) «Dat wisselt van dag tot dag. Ach, weet je, artiesten zijn er niet om zich op hun gemak te voelen of om te voldoen aan de norm. Laat ons maar op het systeem inbeuken en vraagtekens zetten. Waarvoor dienen we anders?» (vvp)


Few Bits: ‘Opgepikt door hippe blogjes’

Ze stonden met een song op de soundtrack van de Amerikaanse film ‘Princess Cyd’ en gingen op tournee met The War On Drugs: 2017 was een boerenjaar voor de Belgische shoegazeband Few Bits en frontvrouw Karolien Van Ransbeeck.

null Beeld

undefined

'De frontman van The War On Drugs heeft al gevraagd of we volgend jaar opnieuw met hen op tournee gaan'

KAROLIEN VAN RANSBEECK «Onze singles ‘Summer Sun’ en ‘Anyone Else’ waren al door hippe blogjes opgepikt, maar plots werd er online heel veel over ons geschreven, waardoor we op belangrijke showcasefestivals als SXSW in Texas en CMW in Toronto mochten spelen. Dat leverde nog meer aandacht op sociale media op, en zo raakten we in allerlei lijstjes op Spotify, waardoor nog meer mensen ons ontdekten. Later vroeg regisseur Stephen Cone of hij ‘Summer Sun’ mocht gebruiken in zijn film ‘Princess Cyd’. Toen ik de scène zag, begreep ik meteen waarom hij dat nummer zo goed vond passen. ’t Is ook een mooie film, die terecht heel wat prijzen heeft gewonnen.»

HUMO Die tour met The War On Drugs viel ook niet uit de lucht, hè?

VAN RANSBEECK «Neen, ik stond in 2014, meteen na ‘Lost in the Dream’, al in hun voorprogramma tijdens een tournee door Scandinavië. Ze hadden mij leren kennen door een gemeenschappelijke vriend, die hen getipt had. Fijne gasten hoor, ik mocht zelfs mee in hun tourbus. Nu heeft Adam Granduciel (frontman van The War On Drugs, red.) me zelf gemaild of we opnieuw mee wilden, deze keer met de hele band van zes muzikanten. Niet vanzelfsprekend voor een supportact, want die moet het liefst zo compact mogelijk zijn. Een geweldig aanbod dus, en ze waren heel lief voor ons: we kregen genoeg plaats op het podium, genoeg tijd om te soundchecken, en hun technici mochten ons ook helpen.»

HUMO De omstandigheden waren ook anders dan drie jaar geleden. Nu speelde The War On Drugs, en Few Bits dus ook, in gigantische arena’s. Knikkende knieën?

VAN RANSBEECK «Toch wel even, toen we eind november in Oslo de eerste show speelden in het Spektrum. Maar zodra we op het podium stonden, vielen alle zenuwen weg en heb ik er alleen maar van genoten om voor zo’n groot publiek te staan.»

HUMO Ik had in de Lotto Arena het gevoel dat jullie ook iets steviger zijn gaan spelen.

VAN RANSBEECK «Dat is zeker niet bewust. Live spelen we graag wat vrijer dan op de plaat. Met ons zessen kunnen we lekker veel laagjes leggen als het nummer daarom vraagt, maar net zo goed kleden we alles helemaal uit. We spelen al heel lang samen, dus we zijn goed op elkaar ingespeeld. Ik denk wel dat ik door deze tour wat zelfverzekerder ben geworden op het podium. Voor zo’n massa zingen, het hééft iets (lacht).» (mvst)


Dua Lipa: ‘In bh op het podium’

In februari 2016 speelde Dua Lipa – echte naam: Dua Lipa! – het allereerste optreden uit haar carrière. In november 2017, amper anderhalf jaar later, stond ze traantjes weg te vegen toen ze in België haar eerste concerthal kwam vullen, de Lotto Arena. 2017 was veel dingen, maar zeker ook het jaar waarin Dua Lipa een superster werd.

null Beeld

Lipa heeft inmiddels bijna vier miljoen volgers op Instagram, een half miljard YouTube-views en ze tourde met onder anderen Bruno Mars en Coldplay. ‘New Rules’, haar grootste song tot nog toe, is de beste scorende single van een vrouwelijke soloartiest sinds ‘Hello’ van Adele.

De zangeres heeft Kosovaarse roots, maar Londen zal altijd haar thuis zijn: toen haar ouders tijdens haar kindertijd van hun mooie Londense optrekje terug naar Kosovo verhuisden, bleek al snel dat ze het daar niet zou trekken. Op haar 15de keerde ze alleen terug naar de Engelse hoofdstad.

DUA LIPA «Ik heb vanaf m’n 11de enkele jaren in de Balkan gewoond. Kosovo is een klein landje, er wonen minder dan twee miljoen mensen. Ik had het gevoel dat iedereen er iedereen kende, zeker in de hoofdstad Pristina. Omdat mijn vader Dugi vroeger een beetje bekend was als zanger van rockband Oda, kende iedereen mij als ‘Dugi’s dochter’. Nu is hij is ‘Dua’s vader’ (lacht).»

- Je bent op je 15de vertrokken. Was je er niet graag?

LIPA «Jawel, ik was er best gelukkig. Het was een geborgen omgeving. Wat deed ik zoal? Ik danste op de muziek van Pink en Nelly Furtado, en ik deed mee aan rap battles in het park (lacht). Ik wilde doodgraag een carrière in de popmuziek. Als kind in Londen had ik die ambitie nog niet, ook al ging ik er elke zaterdag naar de toneelschool. Maar in Kosovo begon het te dagen hoeveel ik van performen houd. Ik wilde ontdekt worden! En niemand wordt ontdekt in Kosovo.»

- Wel straf dat je ouders je zomaar lieten gaan.

LIPA «Ik had het enorme geluk dat een ander Kosovaars meisje net aan de London School of Economics zou gaan studeren. Haar ouders kenden mijn ouders en samen wisten we hen te overtuigen dat ik bij haar zou kunnen inwonen.

»Dat was een prima situatie. Ik heb zelfs leren koken – méér dan een spiegelei, ja (lacht). Ik woonde overigens niet in het centrum van Londen, maar in Gordon Oaks in Camden, waar ik naar school ging. Ik heb aan die tijd een paar hartsvriendinnen overgehouden die nog altijd enorm belangrijk voor me zijn.»

- Had je nooit heimwee?

LIPA «O, ja, maar dan kwamen m’n vriendinnen langs om te zien of ik oké was, en bleven ze slapen. En ik facetimede voortdurend met m’n ouders. De gemiddelde dag zag er ongeveer zo uit: ik werd wakker, liet mama weten dat ik wakker was; ontbeet, liet mama weten dat ik ontbeten had; ging naar school, liet mama weten dat ik op school was; enzovoort (lacht). Het was niet dat ze me zomaar loslieten in de grote enge wereldstad.

»Het is wel een schok om op zo’n jonge leeftijd al zo zelfstandig te moeten zijn. Op bepaalde momenten besefte ik dat er in de nabije omgeving niemand was die écht op me lette. Daar had ik het best moeilijk mee. Ik moest uit mijn comfortzone komen, wat ik achteraf gezien erg positief vind. Die tijd heeft me gemaakt tot wie ik nu ben.

»Londen blijft ook mijn favoriete plek ter wereld. Ik ben intussen al overal geweest, wat enorm leuk is, en een onwaarschijnlijk voorrecht. Maar zelfs wanneer ik in het prachtige Los Angeles aan een zwembad lig, mis ik de zachte plensbuitjes van Londen.»

- Om bij het weer te blijven: je muziek klinkt veelal zonnig, maar in je teksten regent het.

LIPA «Ik haal mijn inspiratie vooral uit liefdesverdriet en hartzeer: een onuitputtelijke inspiratiebron. (Denkt na) Ik vermoed ook dat dat is wat me apart zet in het poplandschap: er waait iets droevigs door mijn muziek, iets melancholisch.»

- Dat zal ook wel aan je diepe fluwelen stem liggen.

LIPA «Dat zou best kunnen, ja (lacht). Al heb ik vroeger vaak genoeg op die stem gevloekt. Toen ik klein was, heb ik eens auditie gedaan voor een koor en toen heeft de pastoor mij afgewezen: ik kon de hoge noten niet halen en hij vond dat ik niet kon zingen.

»Ik heb echt aan mijn stem moeten wennen. Toen ik pas begon met touren – vorig jaar dus (lachje) – verloor ik mijn stem nog te vaak. Ik heb een stemcoach gezocht, die me ook helpt om in gesprekken lichter te praten. En in de studio moet ik zingen met een glimlach: dat haalt blijkbaar veel druk van je stem.»

- Je had het daarnet over liefdesverdriet. Lastig: nu je beroemd bent, wordt je liefdesleven elke dag uitgespit door de Britse tabloids.

LIPA «Ja, zo werd mijn familievakantie deze zomer half verpest door een fotograaf die foto’s van me kwam nemen terwijl ik lag te zonnebaden. Dat is fucking bullshit, ik háát het. Het was een aanslag op mijn privacy en ik kon er niks tegen beginnen: ik voelde me machteloos en tegelijk ook onzeker. Want op vakantie sta ik ’s ochtends geen uren voor de spiegel; dan doe ik mijn haar in een dot en kom ik mijn kamer uit. Maar toen ik de foto’s zag, dacht ik: ‘O jee, misschien moet ik toch meer m’n best doen.’ Maar ik zou daar beter niet aan toegeven. Ik ben hier niet om een show op te voeren voor de paparazzi!»

- Je kreeg zelfs kritiek: ‘Op het podium draagt ze zelf onthullende outfits, wat is dan het probleem?’

LIPA «Belachelijk! Ik draag bh’s op het podium, ja. Maar dan kies ík exact wat mensen wel of niet zien. Net zoals ik kan kiezen wat ze wel of niet over me weten. Het is balen als die controle je ontnomen wordt.

»De geruchten zijn ook niet mis. Toen het uit was met mijn vorige lief (Isaac Carew, model en kok, red.) werd elke man met wie ik gespot werd, plots een minnaar. Ik ging eens lunchen met Harry Styles en toen kopten de boekjes overal: ‘Zijn ze aan het daten?’ Kan iedereen niet gewoon chillen? Er zit ook een seksistisch kantje aan al die geruchten.»

- Gelukkig wordt seksisme steeds minder getolereerd.

null Beeld

LIPA «Women are the fucking future. We gaan de wereld veroveren! Dat geloof ik echt. En ik geloof ook: als je geen feminist bent, dan ben je een seksist. Dat geldt voor vrouwen zowel als mannen. Feminisme betekent niks meer dan gelijkheid. Dat moeten we doorgeven aan de nieuwe generatie. Dat is misschien wel de belangrijkste boodschap die ik mee te geven heb.»

- Ik zie dat er ‘Patience’ op je hand staat getatoeëerd. Waarom geduld?

LIPA «Mooi, hè? Da’s mijn laatste tattoo. Die staat op mijn hand zodat ik ’m altijd kan zien. Omdat geduld misschien wel – na vriendelijkheid – de belangrijkste deugd is. Hoe snel het op dit moment ook voor me gaat (lacht).» (© IFA / Richard Godwin. Vertaling en bewerking: Vincent Van Peer)

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234