50 jaar Motown

'Calling out around the world / Are you ready for a brand new beat?' vroeg Martha Reeves in de zomer van 1964 aan de wereld. En de wereld antwoordde als uit één mond: 'Ja!' Blank en zwart, arm en rijk, jong en oud: iedereen zong mee met de hits van Motown. Toen, in de sixties, én nu. Het beroemdste platenlabel aller tijden wordt dit jaar vijftig, en dat vieren we: met een reeks van vier cd's met het allerswingendste van Motown, vanaf volgende week voor - gelóóf ons - een aalmoes bij Humo.

'Ik ben lekker aan het cruisen met de auto. Ik hoef me niet druk te maken over parkeerplaats. En heb ik honger, dan hoef ik maar een drive-inrestaurant binnen te rijden en een meisje op rolschaatsen geeft me een hamburger. Dát is het gevoel dat Motown-muziek me bezorgt. Nog steeds.' Aan het woord is James Osterberg alias Iggy Pop, gezworen Motown-fan sinds hij voor het eerst 'Where Did Our Love Go' van The Supremes hoorde, op zijn zeventiende, in een kitscherige souvenirshop in een nationaal park in upstate Michigan, waar hij met z'n ouders op vakantie was (het beeld alleen al!). Vijfenveertig jaar later zweert hij nog altijd bij Motown: als de zoveelste dj het publiek voor een Iggy-optreden probeert op te warmen met stoere blanke punk- en rockplaten, zal Mr. Pop hem op de schouders tikken en vriendelijk suggereren om 'Do You Love Me' van The Contours op te leggen. 'Do you loooove me? / Noooow that I can daaaance?' Dat is pas écht raw power, volgens Iggy.

''Cruisend met de auto, een meisje binnen handbereik: dát is Motown''

Motown is een verkorting van Motor Town, dat wil zeggen: Detroit. Lang voor The White Stripes, voor Eminem, voor Madonna, voor techno, voor Iggy Pop en voor Motown zelf, lang voor er hoegenaamd sprake was van een plaatselijke muziekscene of -stijl, stond die stad synoniem voor de auto-industrie. In het interbellum trokken tienduizenden vooral zwarte arbeiders en hun gezinnen uit de zuidelijke staten naar Detroit om er te gaan werken in de fabrieken van Ford, General Motors of Chrysler. Eén van hen was Berry Gordy Sr. Die kreeg op 28 november 1929 - het gezin woonde toen al in Detroit - zijn zevende kind: Berry Gordy Jr.

De Gordy's waren harde werkers met een neus voor zaken. Toen de jonge Berry in 1959 het Tamla-label oprichtte (de voorloper van Motown), begonnen zijn al even ambitieuze zussen Anna en Gwen met Anna Records - letterlijk een zusterlabel. De kleine, gedreven Berry schakelde Anna Records meteen in om het Tamla-singletje 'Money (That's What I Want)' van Barrett Strong te distribueren. Dat nummer had hij zelf geschreven, en we mogen het gerust lezen als zijn intentieverklaring: geld, dat wilde hij, véél geld. 'Money (That's What I Want)' bracht genoeg op om zijn droom te verwezenlijken: een volwaardig eigen label. En zo geschiedde: op 14 april 1960 richtte hij Motown Record Corporation op, kortweg Motown.

Vanaf volgende week bij Humo: 'HUMOTOWN', of het allerspitantste uit 50 jaar Motown: 80 songs, verdeeld over 4 cd's. Volgende week cd 1 voor slechts 2,50 euro. De volledige tracklisting op humo.be/motown.

Het beste van Motown bij Humo
50 jaar Motown (1)

Motown had twee kindsterretjes. Er was 'Little' Stevie Wonder, zoals hij genoemd werd toen hij in 1963 op z'n twaalfde zijn eerste hit had - het grotendeels instrumentale, live opgenomen en nog steeds onwaarschijnlijk groovy 'Fingertips Parts 1 & 2'. En er was Michael Jackson, die zijn carrière begon als de schattige leadzanger van The Jackson 5.

Bij Motown rolde de ene na de andere nummer 1-hit van de band (de allereerste was 'Please Mr. Postman' van The Marvelettes, 1961), maar het bleef natuurlijk mensenwerk. Al in de gouden jaren zestig waren er rivalen, rebellen en zelfs stakers in de hitfabriek.

Mary Wells, die zichzelf in 1964 met 'My Guy' gebombardeerd zag tot first lady van Motown, verliet het label nog datzelfde jaar: ze was ongelukkig over haar wurgcontract, dat ze getekend had toen ze zeventien, anoniem en onmondig was.

Niemand reed zo'n geaccidenteerd parcours als Marvin Gaye. In 1967 zakte Tammi Terrell, de zangeres met wie hij z'n grootste sixties-hits scoorde ('Ain't No Mountain High Enough' en 'Ain't Nothing Like the Real Thing'), op het podium in Marvins armen ineen. Het genadeloze verdict: hersentumor. Toen ze in 1970 stierf, trok Marvin zich uit de openbaarheid terug.

Een jaar later bracht hij een plaat uit die in niets deed denken aan de geijkte Motown-hitformule, maar wél zou uitgroeien tot het allergrootste album van het label. 'What's Going On' was een mijlpaal: een symfonische soulplaat vol sombere mijmeringen over Vietnam, milieuvervuiling en de sociale wantoestanden in de VS, alles gemarineerd in Gayes unieke, ongeëvenaard zwoele stem.

Lees het volledige artikel vanaf dinsdag 6 oktober in Humo 3605

Vanaf volgende week bij Humo: 'HUMOTOWN', of het allerspitantste uit 50 jaar Motown: 80 songs, verdeeld over 4 cd's. Volgende week cd 1 voor slechts 2,50 euro. De volledige tracklisting op humo.be/motown.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234