null Beeld

50 jaar Rolling Stone: een terugblik en een ode

Op 9 november is het een halve eeuw geleden dat het eerste exemplaar van Rolling Stone verscheen. Een ode aan het eerste muziektijdschrift voor mannen.

Marc Coenen

'Stichter Jann Wenner nam de rockmuziek serieus, en wist daarmee een heel nieuwe markt aan te boren'

In 1977, de tijd dat het Fochplein in Leuven nog het Fochplein heette en niet het Rector De Somerplein, huisde daar de beste tijdschriftenwinkel van de streek. Elke dinsdagochtend ging ik er zuurstof tanken, in de vorm van boekskes over muziek. Humo natuurlijk als eerste, maar ook, altijd, het Engelse New Musical Express en Rolling Stone. New Musical Express voor de baldadigste nieuwste punkgroepjes, Rolling Stone voor de rest. Hoeveel uren ik weggelezen heb: ik schat, bij elkaar opgeteld, toch een paar jaar. En een paar eerste zitten.

Teenagers van nu beseffen nauwelijks dat wij ons in de feestelijke jaren 70 muzikaal hoofdzakelijk moesten laven aan papieren bronnen – naast ‘Vrijaf’ op woensdagnamiddag en zaterdagavond van Radio 2 Omroep Brabant met Luc Janssen en co. was het sappelen op een houtje geblazen, qua popmuziek in de media. Studio Brussel bestond nog niet en Jazz Bilzen lag in Limburg, en dat vonden wij te ver.

Eeuwigdurende lof gaat naar de stichter van het tijdschrift, de kleine, verwende, verwijfde dan wel verfijnde Jann Wenner. Een egomaniakale controlefreak, die de liefdesbrieven van zijn verloofdes terugstuurde, met rode inkt verbeterd. Zijn eerste auto was een Porsche cabrio.

Hij is even oud als Donald Trump, en zijn tegenstanders verwijten hem hetzelfde narcisme en eenzelfde drang om beroemd te zijn: ooit wilde ook Wenner zich kandidaat stellen voor het presidentschap. In de jaren 70 was hij in elk geval al de papieren wereldpresident van de rock-’n-roll: hij maakte en brak carrières, snoof coke met de grootsten en peroreerde zich een weg door de hoogste kringen van het Amerika van Jimmy Carter, dat surfte op de energie van de dolle jaren 60.

Hij verstond als geen ander dat de jaren 60 en het revolutionaire elan dat de jeugd van toen uitdroeg, ook gewoon business kon zijn. Hij maakte het eerste tijdschrift over muziek voor mannen. Tot dan was die markt ingenomen door weemakende vodden voor meisjesidolen, maar Rolling Stone was stoer. Rolling Stone, schreef Wenner in zijn eerste hoofdartikel, gaat niet alleen over muziek, maar ook over alles wat te maken heeft met de nieuwe wereld die dankzij de muziek wordt ontdekt.


Kunstige covers

All the news that fits: dat was de baseline. Zo konden naast Bob Dylan, een blote John Lennon en Mick Jagger (23 keer) ook Dustin Hoffman, Richard Pryor of John Belushi rekenen op een voorpagina, waardoor het magazine ook de liefhebber van breed entertainment en humor aansprak. Rolling Stone nam de rockmuziek serieus, en wist daarmee een nieuwe markt aan te boren, die zo lucratief was dat de weg naar een artikel in het tijdschrift geplaveid was met een leger researchers en eindredacteurs en fotografen die allen vrijelijk hun neus konden dopen in de drugs die niet aan te slepen waren op de redactie of ten huize Wenner. In zijn appartement kwamen de sterren als schoothondjes bedelen om een snuif: Richard Gere verloor het bewustzijn op de divan in de living, Mikhail Baryshnikov en Milos Forman zaten erbij en keken ernaar.

En ondertussen nam Annie Leibovitz de prachtigste foto’s. Elke cover was een kunststukje, waarin ze feilloos het karakter van haar onderwerp naar boven bracht. Dat kwam ongetwijfeld ook omdat ze met zowat iedereen die ze fotografeerde ook naar bed ging. ‘Je zegt niet nee tegen Mick Jagger,’ vond ze. Seks was iets achteloos: je deed het met iedereen en iedereen leek daar gelukkig mee. Het is haast niet te geloven dat in die poel van seks en drugs en harde sjankers ook om de twee weken een tijdschrift werd gemaakt dat jarenlang talk of the town was in heel Amerika en ver daarbuiten. Naast een neus voor Colombiaanse parafernalia had Wenner ook een neus voor toptalent: hij verzamelde een horde straffe pennen om zich heen die de waan van die tijd op prachtige wijze uitschreven in steeds langere stukken, waar steeds langer aan gewerkt kon worden, omdat de scheepsladingen geld die met elk beter verkopend nummer binnenvoeren ook besteed werden aan de schrijvers.

‘Ik zal je vertellen wat Jann deed,’ zei Keith Richards, die Wenner haat omdat die zijn blad zonder toelating heeft vernoemd naar zijn groepje. (Dat hij zelf die naam van Muddy Waters had gestolen, vertelt hij er nooit bij.) ‘Hij verzamelde een bende echt goeie schrijvers. Leuke gasten ook. Niet bang om een vraag te stellen. Daarmee maakte hij geen fanzine van het blad, maar journalistiek waar rekening mee werd gehouden.’


Treurig hoogtepunt

Wenners acolieten waren niet de minsten, wat ook blijkt uit de vlucht die hun carrières weleens namen. Dave Marsh werd hofschrijver, Jon Landau de manager van Bruce Springsteen. Cameron Crowe werd een gerenommeerd cineast. Joe Eszterhas werd rijk met de scenario’s van ‘Basic Instinct’ en ‘Flashdance’. Lester Bangs ging dood. Als Wenner één pluim in zijn swingend gat mag steken, is het die van ontdekker en mecenas van de New Journalism: journalistiek met de auteur in een hoofdrol, waar ervaring en beleving belangrijker waren dan zogenaamde objectiviteit. De grootste talenten waren Tom Wolfe en Hunter S. Thompson. Door zichzelf als uitgangspunt en navel der wereld te nemen, werden zij, naast hun baas, ook symbolen van de jaren 70: de Me Decade. ‘Fear and Loathing on the Campaign Trail’, waarin Thompson in 1972 op hilarische wijze de campagne van de Democratische presidentskandidaat McGovern versloeg, zette Rolling Stone op de kaart als politiek-journalistieke grootmacht. Op de cover staan werd voor presidentskandidaten een zaak van leven of politieke dood.

Hunter S. Thompson schoot zich door het hoofd in 2005, na een leven vol verslaving en razernij: zijn dood was ook het symbolische einde van de oude Rolling Stone, dat steeds meer pluimen en geld begon te verliezen. Het ging, inhoudelijk zowel als financieel, van kwaad tot erger. Met als treurig hoogtepunt een gefingeerd verkrachtingsverhaal op een Amerikaanse studentencampus, wat de onkreukbare reputatie van het tijdschrift helemaal onderuithaalde.

Wenner ruilde in zijn latere jaren de moeder van zijn drie kinderen voor een man en is gelukkig hertrouwd. Jane Wenner kreeg bij de echtscheiding de Picasso die in de living hing. Hun zoon Gus zette het magazine in de etalage. Vijftig jaar na het begin staat Rolling Stone op het punt verkocht te worden tegen slechts 10 percent van de waarde die het ooit had: 40 miljoen dollar. Ongeveer de jaarwinst uit de gloriedagen. De papieren versie van New Musical Express bestaat al niet meer. Alles gaat voorbij.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234