Achter de schermen bij 'Reizen Waes'

Topless diensters in Washington State, een partijtje squash met de president van Sierra Leone, openbare dronkenschap in Georgië en – wij verzinnen dit helaas niet – zachtjes in urine van kleine jongetjes gekookte eitjes in China: yep, ook het derde seizoen van ‘Reizen Waes’ belooft weer alles te bevatten wat het programma voor een kleine anderhalf miljoen kijkers per aflevering zo onweerstaanbaar maakt, de stoere five o’clock shadow van de presentator nog buiten beschouwing gelaten.

'Overal ter wereld hebben we al pinten gedronken'

Drie seizoenen, dat zijn in totaal 27 afleveringen: gezien het concept van het programma (reizen door landen die toeristen om meer dan begrijpelijke redenen links laten liggen) levert dat een tot over de rand gevulde grabbelton aan anekdotes op, de ene nog sappiger dan de andere. Hadden wij klankentapper Pascal Braeckman, regisseur Bert Ceulemans en cameraman Nico Surings (Tom Waes zelf gaven we voor één keer platte rust) niet tijdig het zwijgen opgelegd, ze waren nu nog aan het vertellen.

Bert Ceulemans «Voor een aflevering over Sierra Leone uit het derde seizoen trokken we naar het natuurreservaat Tiwai. We wisten dat we er drie dagen en nachten helemaal in ons eentje zouden zitten, want sinds de ebola-uitbraak in 2014 waagt geen toerist zich meer in de buurt. Op voorhand hadden we dus een ruime voorraad bier ingeslagen, die we op onze eerste avond al enthousiast aan het aanspreken waren. Tegen een uur of één, toen we allemaal goed in de olie waren, is Tom gaan slapen, en bleef ik nog even buiten zitten met Jef Van Den Langenbergh, de cameraman. Niet veel later hoorden Jef en ik tot onze grote verbazing een ritmisch gebonk in de verte. ‘Hoe kan dat nu, hier in the middle of nowhere?’ Na een tijdje begon het ons te dagen dat er een feest aan de gang moest zijn in een dorp aan de overkant van de rivier. Wij dus in het pikkedonker richting oever, waar we wisten dat er een motorboot lag – we dachten: we varen daarmee naar de overkant. Ter plekke bleek die boot op slot, maar voor ik het wist, was Jef al de kano die ernaast lag naar de rivier aan het slepen: ‘Komaan, we gaan peddelen!’ Stel je voor: in het holst van de nacht zijn we niet helemáál nuchter in een kano een rivier opgegaan waarvan we wisten dat-ie vol met krokodillen zat – er is een réden waarom ik mijn vriendin dit verhaal pas onlangs heb durven te vertellen, én waarom ze er niet mee kon lachen (lacht). Vijf minuten moet het geduurd hebben: toen stopte ineens de muziek, en merkte ik dat we met de stroom mee aan het varen waren in plaats van ertegenin. Als zotten zijn we dan de andere kant op beginnen te peddelen – de adrenaline die op zo’n moment vrijkomt, geeft je een enorme energieboost. ’t Heeft ongeveer een kwartier geduurd voordat we weer aan onze startplek stonden; we zijn dan toch maar gaan slapen.»

Pascal Braeckman «Da’s vaste prik bij ons: zowat overal ter wereld hebben we al pinten gedronken.

»Doet me eraan denken: in Paraguay hebben we een paar nachten verbleven in een hotel waar Goebbels indertijd nog ondergedoken heeft gezeten. Behoorlijk groot was het daar, en ik vermoed dat we op dat moment de enige gasten waren. Toen we ’s avonds laat weer eens wilden kaartspelen, was de bar dan ook gesloten: het rolluik hing naar beneden. Uit alle macht hebben we geprobeerd om dat ding omhoog te duwen, maar we slaagden er maar half in: we wisten op anderhalve meter hoogte enkel een spleet van een centimeter of veertig vrij te maken, precies groot genoeg om je erdoorheen te wurmen wanneer je eerst een forse aanloop nam en op de richel sprong. De rest van de avond heeft dus om de beurt iemand zijn hoogspringerskwaliteiten mogen tonen om nieuwe flessen bier te gaan halen (lacht). We hebben ze de volgende ochtend wel netjes betaald, al trok het hotelpersoneel grote ogen toen ze al die lege 75-centiliterflessen op een rijtje zagen staan. En ’t waren er véél, want van kaarten krijg je dorst.»

Ceulemans «Nooit in mijn leven ben ik zatter geraakt dan in Zuid-Ossetië, Abchazië en Transnistrië, drie streken die we in één aflevering hebben gecoverd. Er wordt daar getoost op álles: op de mooie bloemen, op een kat die voorbij komt gewandeld, op de eeuwigdurende Transnistrisch-Belgische vriendschap. Hónderd keer heb je getoost voordat eindelijk, twee uur later, het eten op tafel wordt gezet. Ik herinner me ook een dorp waar ze je een met wijn gevulde hoorn in de hand stopten, die je in één teug diende leeg te drinken. ‘Als ik zo’n hoorn leegdrink,’ zei Tom ons, ‘dan jullie ook.’ Zo gezegd, zo gedaan: Tom drinkt een hoorn ad fundum voor de camera, waarna hij ’m opnieuw met wijn vult en aan mij geeft: ‘Ceulemans, nu gij.’ Wat ik niet wist, was dat er bij hem maar een scheutje wijn in had gezeten, terwijl mijn hoorn tot aan de rand gevuld was – ik moest dus een liter wijn in één keer opdrinken. Een geluk dat de opnames er juist opzaten, want terwijl de rest aan het eten was, heb ik daar twee uur strijk gelegen op de grond. Achteraf ontdekte ik dat ik een stuk of vijftig foto’s genomen had van de bomen boven mij (lacht).

»Tom hanteert die regel ook wanneer het over eten gaat: als híj één of ander walgelijk traditioneel gerecht moet binnenspelen, dan de rest van de ploeg ook. Dat bevordert het groepsgevoel, en zo is hij achteraf niet de enige die met de schijterij zit. In Zuid-Korea heb ik een keer vers afgesneden inktvispoten gegeten die nog bewogen, en waarvan de zuignappen nog werkten. Tien minuten heb ik zitten vechten om die zuignappen van mijn tong te krijgen; pas daarna kon ik proberen dat taaie ding in stukken te bijten. Vrij smaakloos, helaas.»

Nico Surings «In Noord-Korea zijn we in een restaurant gaan eten waar ze hond serveerden. Een paar keer probeerden we bij onze lokale gidsen die uitstap uit te stellen, maar na een tijdje waren onze excuses opgebruikt en hingen we eraan. ‘Hét hondenrestaurant van Pyongyang’ bleek in werkelijkheid een voos gebouwtje in één of andere gore achterbuurt, waar het al bij het binnenkomen naar natte hond rook. Gezelligheid nul, ook al omdat wij de enigen waren in dat door een groene tl-lamp verlichte hok. We kregen daar een menukaart met bij ieder gerecht een onscherpe foto waarop je toch nog tamelijk goed de hondenkoppen, -poten en -lijven kon herkennen. Ik heb dan maar voor het soepje gekozen, en dat bleek geen al te slechte keus: ’t was met pikante kruiden afgewerkt die de smaak van het taaie stuk hondenvlees maskeerden. Ik herinner me dat één van ons een grap maakte waarin het woord ‘doggybag’ viel, maar ik ben vergeten hoe-ie precies ging.»

Braeckman «En omdat ik de dikste van de hoop ben, krijg ik altijd weer het bord met het meeste erop (lacht).

»Noord-Korea was sowieso niet bepaald mijn favoriete land. Ik had daar constant het gevoel dat ik weer twaalf was en op schoolreis ging: ik mocht niet roken of drinken of naar de meisjes kijken, en alles werd voor mij bepaald.»

Ceulemans «Het land waar ik de slechtste herinneringen aan overhoud, is Zuid-Soedan. Ik kom nochtans graag in Afrika, maar Zuid-Soedan is op alle denkbare vlakken een ramp: het is er vreselijk warm, er is niks te zien, iedereen is er corrupt, niks functioneert er naar behoren en de hotels zijn er abominabel. In één hotel werd ik de eerste avond al geëlektrocuteerd, en diezelfde nacht werd ik wakker met een kakkerlak van tien centimeter op mijn borstkas. Ik had als Tom moeten doen: die had zijn tentje op zijn bed gezet en veilig dichtgeritst.»

Surings «Het eerste wat ze ons zeiden toen we in Zuid-Soedan aankwamen, was dat we naar het ‘Ministry of Media’ moesten, om alle toestemmingen in orde te krijgen. Ter plekke bleek dat Ministry of Media een nogal dure naam voor een goedkope container met een bordje ‘Ministry of Media’ boven de deur, en een typemachine uit 1970 op het bureautje. Na ongeveer een uur schrijf- en tikwerk zeiden ze ons: ‘Jullie weten dat jullie ook nog naar het Ministry of Information moeten?’ – ‘Ah, nee, dat wisten we niet’. Bij dat Ministry of Information hebben we vervolgens wéér een uur moeten wachten, waarna de kous nog altijd niet af bleek te zijn: eerst moesten we nog naar het Ministry of National Security, waar ze ons na anderhalf uur paperassenwerk wisten te melden dat we zéker ook langs het Ministry of Tourism dienden te gaan. Drie dagen heeft dat spel daar geduurd – ’t is geëindigd met een envelop met geld die we bij ik-weet-al-niet-meer-welk ministerie overhandigd hebben. Niet lang daarna is Tom opgepakt en ondervraagd, omdat hij het had gewaagd om een foto van het presidentieel paleis te nemen – strikt verboden in Zuid-Soedan.»

Ceulemans «En daarna kwamen we er ook nog eens achter dat onze gids was gaan lopen met het geld dat we hem hadden toevertrouwd om één en ander voor ons te regelen – we begonnen argwaan te krijgen toen we vaststelden dat hij iedere dag een nieuw pak aanhad, en op een gegeven moment ook met het nieuwste model smartphone kwam aanzetten (lacht).»

Surings «Maar kom, al bij al is er geen mooiere job denkbaar dan ‘Reizen Waes’.»

Ceulemans «Mocht het kunnen, dan zou ik dit mijn hele leven blijven doen.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234