null Beeld

Achter tralies: een vader spreekt met zijn zoon

Zeventien jaar geleden bracht Humo een dubbelinterview met een anonieme gedetineerde junkie van negenentwintig en zijn vader. Deze week staat die zoon - Filip De Bolster - opnieuw in Humo. Al vijftien jaar clean ondertussen, vijfenveertig jaar oud, zangleraar en tegenwoordig vooral bekend als de vader van Falko, de androgyne jongen van zestien die via het vtm-programma 'Idool 2011' de cover van Joepie haalde. Wij haalden de belangrijkste passages van het oude dubbelinterview, speciaal voor u, van onder het stof.

Jan Stevens

Koel, afstandelijk, maar vooral: hopeloos naar elkaar zoekend zaten ze in een van de piepkleine advocatenkamertjes van de gevangenis van Gent naast elkaar: de vader, muziekleraar van beroep, 49 jaar, en zijn zoon, een junkie van 28 jaar.

Nog slechts één zaak hadden ze na al die jaren als vader en zoon gemeen: ze waren alletwee nagenoeg geruïneerd.

De zoon werd een maand geleden veroordeeld tot vijf jaar gevangenis. Het was zijn vierde correctionele straf sinds eerste heroïneshot in de zomer van 1986. Daarmee verloor hij een eigen zaak, een vrouw en twee kinderen, en zijn toekomst.

De vader is er zo mogelijk nog erger aan toe. Om de drugsschulden van zijn zoon te kunnen betalen (en de twee kindertjes van zijn zoon een menswaardig leven te kunnen bezorgen), ging hij leningen aan, verkocht zijn twee huizen, en belandde uiteindelijk zelf voor zes maanden in de gevangenis, nadat hij zich, in geldnood, tot een illegale financiële transactie had laten verleiden.

Daarmee was de cirkel rond.

De zoon was vroeger een zogenaamd 'wonderkind', dat al op achtjarige leeftijd op de toneelplanken stond met mensen als Freek Neyrinck, Jenny Tanghe en Walter de Buck. De vader was een man met een onberispelijke reputatie, in Gent bekend als muzikant, schrijver en regisseur van operettes, musicals en toneelstukken. Na zijn correctionele veroordeling verloor hij zijn job.

Een vader, zijn zoon: een moedig getuigenis.

'Al wat ik voelde spoot ik weg'

1981: een avond in mei

De zoon « Ik vergeet dat moment nooit meer; als ik wil zie ik nog elke seconde voor mij. Ik was zestien; ik kwam al een tijdlang 's nachts veel te laat thuis; ik dronk al heel veel. Op een bepaalde avond, ik had weer veel gedronken, kwam mijn vader in een blinde colère naar mij toe gevolgen. Hij greep me echt bij de haren; bij mijn keel; hij was razend. Ik wist niet wat me overkwam. Het was jaren geleden dat ik zelfs maar een tik van hem had gekregen. En toen heb ik hem... hoe of waarom, dat weet ik niet meer... weggeduwd of weggeslagen. Ik zie nog hoe mijn vader dwars door de salontafel viel. Hoe die in duizend stukjes uiteenviel. En hoe mijn vader daar lag - zo hulpeloos, zo verrast, zo vernederd. Ik ben daar zo van geschrokken, ik durfde hem niet meer onder de ogen komen. Ik was beschaamd. Tot op dat moment had ik altijd willen zijn zoals hij, had ik altijd willen doen en worden wat hij deed. Maar plotseling was er die klap en daardoor die muur tussen ons twee. Ik dacht: nu is het gedaan. Nu ga ik mijn eigen weg.»

De vader « Ik voelde mij mislukt, ik vond mijn vaderschap een compleet fiasco. Ook met mijn oudste zoon had ik problemen gekregen toen hij zestien werd; die wou plotseling niet meer studeren maar de wereld zien, grootste avonturen beleven, die had ook een veel oudere vriendin... En toen kwam die vechtpartij met Filip, mijn jongste. Ik weet nog hoe de directeur van mijn school mij na een paar weken aansprak om me te vragen wat er scheelde. Maar ik schaamde me. Ik heb het altijd voor mezelf gehouden. Ik heb thuis het boek: 'Goede ouders bestaan niet'. Twintig keer herlezen, hoor. Iedere ouder heeft ideeën, dromen, idealen over wat hij van zijn kind zou kunnen maken, om het zo te zeggen. Ik had die ook. Ik wou bijvoorbeeld dat ze studeerden. Dee ik daar fout aan? Als leraar zag ik toch wat er gebeurde met jongens die géén diploma's haalden? Ik kon ze toch ook niet zomaar op straat laten lopen.»

1985-1994: kroniek van een junkieleven

Na zijn eerste heroïne-experiment verloopt het leven van Filip zo chaotisch, dat het nauwelijks kan worden gereconstrueerd.

- Hij wordt al snel opgepakt, maar nog dezelfde dag vrijgelaten door de onderzoeksrechter als hij belooft 'het nooit meer te doen'. (De zoon: «Diezelfde avond hebben we ons collectief een nieuwe spuit gezet, grappend en grollend dat 'we het nooit meer zouden doen'»)

- Hij trouwt en krijgt twee kinderen. Op de geboortedag van zijn eerste kind moet hij, door een bijna dodelijke combinatie van whiskycola en heroïne, in allerijl naar een ziekenhuis worden gevoerd. Op de geboortedag van zijn tweede kind hervalt hij, na maandenlang clean te zijn geweest. (De zoon: 'Mijn vrouw waakte er al een tijdje over dat ik geen drugs meer nam. Ik zat gewoon te wachten tot ze in de kraamkliniek zou worden opgenomen.')

- Nog steeds in die beginperiode besluit zijn vader hem op een bepaald moment zelf te gaan aangeven bij de drugbrigade, in de hoop dat het netwerk waartoe de zoon behoort, zou worden opgerold. Na urenlange gesprekken tussen de vader, de zoon en de recherche noemt de zoon namen. Even later wordt de vader op straat beschoten en gemolesteerd. Hoewel hij 'tipgever' speelde, krijgt de zoon een identieke straf als zijn companen. De vader, die bang is, loopt een paar maanden lang met een 9 mm-pistool op zak.

- Het druggebruik van de zoon wordt steeds erger. De zaak die hij van zijn ouders had gekregen en die met hun geld was ingericht, gaat failliet.

- Zijn ouders verkopen ondertussen hun twee huizen, en gaan in een huurhuis wonen. (De zoon: 'Ik ging voortdurend tot min 30.000 frank. Vaak zonder dat vader het wist, zuiverde moeder voortdurend mijn rekening aan.')

- Eind jaren '80 is de financiële situatie van de ouders zeer precair geworden. Op aanraden van een vriend begint de vader een detectivebureau. (De vader: 'Ik kende twee keer niks van die stiel. Maar die vriend vertelde mij dat daar veel en snel geld mee te verdienen was'.)

- In 1989 krijgt de vader/privédetective een voorsteel: hij kan één miljoen frank verdienen in een afpersingszaak. De zaak komt aan het licht. De vader wordt veroordeeld tot 6 maanden gevangenis. Hij verliest zijn job in het stedelijk onderwijs. (De vader: 'Dat was de zwartste periode uit mijn leven. En Filip had weer eens driehonderdduizend frank nodig. Psychisch zat ik er volledig door. Het was de grootste stommiteit uit mijn leven'.)

- De zoon wordt in totaal vier keer veroordeeld: twee keer tot zes maanden voorwaardelijk, en twee keer tot respectievelijk vier en vijf jaar effectief. (De zoon: 'Mijn zoontje is zes, mijn dochter vijf. Ik ben één verjaardag thuisgeweest. De andere keren zat ik in de gevangenis of in een therapeutische gemeenschap.')

- Een keer hervalt de zoon in de gevangenis (De zoon: 'Je zal wel begrijpen dat ik daar niets over kan zeggen. Maar het is totaal geen probleem on in de gevangenis aan heroïne te geraken.')

- Na zijn eerste effectieve gevangenisstraf loopt het eerste huwelijk van de zoon spaak. De moeder begint een relatie met een andere gebruiker. (De vader/grootvader: 'Je kleinkinderen zo te moeten zien opgroeien, dat is niet te beschrijven. Dat is een onmenselijke verschrikking.')

- De zoon begint ondertussen een nieuwe relatie, eveneens met een verslaafde vrouw en moeder van twee kinderen. De vrouw zit op dit ogenblik in de gevangenis, maar komt in september vrij. (De zoon: 'Een paar weken geleden heb ik onze kinderen uitgelegd waarom papa en mama in de gevangenis zitten. Omdat hun papa en mama niet meer gelukkig konden zijn zonder medicamenten te nemen. Maar dat je van die medicamenten dood kan gaan, en dat de politie ons daarom in de gevangenis had gestopt. Ze waren heel lief, maar ze weenden wel. Mijn dochter zei: ik wil niet dat jullie doodgaan.)

- Ook de (stief-) kinderen uit het tweede huwelijk van de zoon werden meer dan een jaar lang door de grootouders opgepast. Nauwelijks twee weken geleden werden ze geplaatst, omdat de ex-vader die meer dan een jaar niets van zich had laten horen, hen was komen opeisen. (De vader/grootvader: 'We zien geen oplossing meer. De kinderen zijn weg, het is zo stil in huis. Bovendien komen er nog altijd rekeningen binnen van Filip: het laatste jaar was hij weer bij ons thuis gedomicilieerd. De kans is groot dat onze inboedel binnenkort moet worden verkocht.)

In de naam van de zoon

De zoon « Het zwaarste moment voor mij, was toen mijn vader in de gevangenis belandde. In die zes maanden heb ik hem maar één keer bezocht. Ik kon het niet verdragen Hoe ik hem daar in die cel zag zitten - met zijn voorste tanden stuk, een blauw oog en een opgezwollen wang van de arrestatie... Dat was er te veel aan.»

» Ik heb nooit zo veel gespoten als toen. Zo is het trouwens altijd gegaan. Morele problemen. Geldzorgen. Ruzies met mijn vrouw. Conflicten met mijn vader. Al wat ik voelde, spoot ik weg.

» Tijdens afkickpogingen herviel ik ook altijd na een conflict; als ik me slecht voelde. Want de eerste verslaafde die zegt dat hij voor zijn plezier drugs neemt, wil ik nog zien. Die bestaat niet. Elke druggebruiker droomt ervan dat hij maar op een knopje hoeft te drukken om nooit meer te hoeven gebruiken.

» Voor mij is de eerste keer altijd de beste gebleven. Hoe langer ik gebruikte, hoe minder de drugs me smaakten. Het probleem is dat je op den duur niet meer stoned wordt, maar dat je die drugs dan nodig hebt om te kunnen functioneren. In periodes dat ik wou afkicken, geraakte ik zelfs niet uit mijn bed. Dan had ik ongelooflijke pijnen, dan droomde en bad ik dat ik zonder pijn zou kunnen opstaan.

» Door die afkicktherapieën heb je bovendien een inzicht gekregen in jezelf en heb je geleerd waarom je gebruikt; waarvoor je op de vlucht bent. Zodra je dat weet, helpen die drugs ook niet meer. Op het laatste kon ik mij bijna geen spuit meer zetten zonder aan mijn therapieën in 'De Spiegel' denken en mij af te vragen: oké Filip, wat is er nu weer?»

HUMO Hoe kijk je op je leven terug?

De zoon « Ik schaam me. Natuurlijk schaam ik me. Het gebeurt vaak dat ik 's avonds in bed lig te wemelen en denk: gij dwaze... Ik ben mislukt hé. Je kan moeilijk meer mislukken dan als drugsverslaafde.»

HUMO Droom je nog ergens van? Dat je ooit opnieuw toneel zou kunnen spelen, bijvoorbeeld?

De zoon « Nee. In feite is er al die jaren maar één ding dat ik echt heb gewild: een gezin, thuis kunnen komen alles kunnen zeggen.

Dat is eigenlijk alles. Een gezin, met kinderen, en alles wat erbij hoort: de ruzies, de zorgen, de problemen... Ik ben nooit ambitieus geweest. Ik heb nooit meer gewild dan gelukkig te zijn met een vrouw en met kinderen.»

HUMO Hoe zie je je vader na al die jaren?

De zoon « Hij heeft veel voor mij gedaan. Natuurlijk heeft hij ontzettend veel voor mij gedaan. Maar ik kan hem nog altijd niet zien, zonder dat ik andere beelden voor ogen krijg. Zoals, ik geef nog een voorbeeld: ik doe mijn legerdienst, ik krijg problemen met een adjudant, ik vertel dat thuis en de volgende week staat mijn vader die adjudant in de kazerne uit te kafferen. In het bijzijn van al mijn vrienden, terwijl ik me rotschaam. Vroeger op school was dat ook zo. Vader wou mijn leven maken. Hij had me meer vrijheid moeten geven. Hij had me meer mezelf moeten laten zijn.»

HUMO Hoe zie je je toekomst?

De zoon « Van mijn vrouw ben ik zeker dat ze nooit meer zal hervallen. Het is haar eerste keer in de gevangenis. Als ik haar tijdens de bezoekuren zie... Die zal dat niet snel vergeten, die heeft het heel zwaar. Ikzelf hoop dat ze op me wacht, totdat ik over vier jaar vrijkom. En dat ze me dan zal steunen. Maar hardop zeggen dat ik zal lukken, durf ik niet meer. Daarvoor ben ik te vaak mislukt.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234