Acteur Michael 'De Ridder' Vergauwen: het pesten, de pijn en de planken

Het geschiedde in die dagen dat het dreigingsniveau weifelde tussen 3 en 4, en de film ‘F.C. De Kampioenen 2: Jubilee general’ volgens klerken met een telraam de 500.000ste bioscoopbezoeker had getrokken. In betrekkelijk veilige omstandigheden ontmoette ik de acteur Michael Vergauwen, in wie het ruime publiek mogelijk Manu Coppens herkent, de administratieve medewerker van Helena De Ridder in de serie ‘De Ridder’.

'Als mensen je opzettelijk kwetsen, moet je zo snel mogelijk weggaan'

Het minder ruime publiek, dat geld overheeft voor theaterbezoek, kent Michael Vergauwen wellicht van Het Toneelhuis, ’t Arsenaal, De Tijd, De Roovers en Cie De Koe. En van Bloet, het ensemble van Jan Decorte en zijn kunstmanen, waarmee Michael heden op tournee is met ‘Geboeid/Prometheus’.

Het geschiedde dus in dagen die nog steeds gekleurd waren door wat beulsknechten in Parijs hadden aangericht. Daden waar geen theater tegen is opgewassen. Of net wel?

Michael Vergauwen «Toen de terroristen toesloegen in Parijs, was ik aan het feesten na de première van ‘Geboeid/Prometheus’. De volgende dag vroegen mensen op Facebook ons al: ‘Gaan jullie vanavond wel spelen?’ Ze hadden de Franse driekleur op hun gezicht. Ik dacht meteen: ‘We gaan door met wat we ons hebben voorgenomen.’ Wat op zich al een statement is. Niet dat ik dat dapper vind, hoor, want ik ben helemaal niet zo dapper. Ik was als kind al bang en ik ben lang bang gebleven, maar hoe ouder ik word, hoe minder angst ik voel.

'Angst heeft me geweldig beperkt, ook sociaal – alleen al uit angst voor spinnen durfde ik niet ver op reis te gaan'

»Ik begon nog niet zo lang geleden in te zien dat angst me geweldig beperkt heeft, ook sociaal. Ik ben altijd als de dood geweest voor spinnen – alleen al uit angst voor spinnen durfde ik niet ver op reis te gaan. Onlangs heb ik in Amerika op een wc-deur ergens langs Route 66 een vogelspin van heel dichtbij gezien. Ik trok wel wit weg, maar erger dan dat werd het niet: ik voelde dus niet de aandrang om meteen het eerste vliegtuig naar huis te nemen, wat ik op zich al een stap in de goede richting vond. Vroeger was ik ook bang van donker en diep water, nu duik ik erin. Ik heb er een cursus voor gevolgd. ’t Zijn wandelingen onder water, tussen de waterplanten en het wild dat langszwemt. Een paar jaar geleden kon ik me nog niet voorstellen dat ik dat ooit zou aandurven. Laatst heb ik in het Grevelingenmeer gedoken: 30 meter diep, zichtbaarheid nul. Mijn vriendin, die ook duikt, en ik hielden elkaar vast. Ik was volkomen rustig.»

HUMO Om op het toneel te gaan staan, in het schootsveld van een publiek, ben je dan weer niet bang.

Vergauwen «De Nederlandse theatermaker Jan Joris Lamers zou ooit gezegd hebben dat toneelmensen verslaafd zijn aan premières, en verslavingen zijn sterker dan angst. Wel, ik ben in ieder geval niet verslaafd aan premières. Ik geloof ook niet dat je daaraan verslaafd kúnt zijn. Premières zijn angstaanjagend, maar er is geen weg terug als je eenmaal met een raar pak aan op het toneel staat. Nu, ook repetities zijn angstaanjagend. Vandaar dat je vaak half repeteert – je vertoont een soort uitstelgedrag, zo van: ‘Ik doe het later wel goed.’ In plaats van het nú te doen. Wat dat betreft, ben ik superstreng voor mezelf geworden: ik doe het nú, en dan ook meteen volle bak. Iemand als Jan Decorte eist dat ook. Voor ‘Geboeid/Prometheus’ repeteerden we één uur per dag. Dan moest het ten volle gebeuren, elke dag weer, in dat ene uur. Meteen totale inzet in het hier en nu, en voorbij de angst, ook al zit je er nog zo deerniswekkend ver naast.»

HUMO Wat zie je zoal in Jan Decorte?

Vergauwen «Dat hij een zeldzaam kunstenaar is, radicaal in z’n hoogstpersoonlijke esthetiek. Ik vind het een eer om met hem te kunnen spelen, maar daar wil ik nu ook weer niet onder gebukt gaan: ik wil als gelijke met hem op het toneel kunnen staan en in het café kunnen zitten. Ik heb tot nog toe altijd bij gezelschappen gespeeld waar ik ook graag naar ga kijken. Ik heb met Jan Decorte mijn eindproef gedaan in de toneelschool. Hij vond twee maanden lang meestal dat er niets aan ons deugde: ‘Jullie zijn geen createurs, maar amateurs!’ Hij was hard, ook voor mij, maar de laatste week begonnen we elkaar erg goed te begrijpen. Kijk, een jonge acteur associeert iemand als Jan Decorte met een bepaalde stijl. Hij denkt dat hij met die stijl moet meegaan, maar dat wil Jan Decorte helemaal niet. Hij wil net dat je met je eigen persoonlijkheid iets tegenover zijn stijl plaatst. Als dat je lukt, dan is je artistieke ontmoeting geslaagd. Als je gaat spelen als Peter Van den Eede bij Cie De Koe, dan ben je vanzelf een mindere Peter Van den Eede.»

HUMO Ik heb weleens gehoord dat Jan Decorte heel weinig aanwijzingen geeft.

Vergauwen «Geen zelfs. ‘De helft van mijn regiewerk is de keuze van mijn acteurs,’ zei Lucas Vandervost ooit. Dat geldt zeker ook voor Jan Decorte. De rest is vertrouwen, dat bij Jan Decorte van meet af aan maximaal is.»


Dora zonder gedoe

HUMO In je tekst ‘Van je ziel een ambacht maken’ heb je zes jaar geleden, toen je zelf docent aan het Herman Teirlinck Instituut was, geprobeerd iets te zeggen over de manier waarop wijlen Dora van der Groen al die voortreffelijke acteurs heeft opgeleid. Je hebt het in die tekst over ‘ziel’ en over ‘de ontdekking van je wezen’. Wezen en ziel: ik gebruik die woorden ook weleens als me dat goed uitkomt, maar ik kan me er weinig anders bij voorstellen dan dat het nogal ronkende woorden zijn.

Vergauwen «Laat ik je om te beginnen zeggen dat Dora van der Groen (foto rechts) totaal geen behoefte had aan een nalatenschap – voor haar hoefde het niet te worden opgeschreven. Ze is al bij haar leven een beetje een mythe geworden, en mythes worden altijd van buitenaf gecreëerd. Je hebt het nu wel over ‘wezen’ en ‘ziel’, maar de lessen van Dora van der Groen vond ik verre van zweverig, ze waren juist heel concreet. Ik weet ook niet wat ik met ‘ziel’ kan aanvangen, maar als je iemand ziet spelen, zijn er momenten waarop je denkt dat je ineens de mens achter de acteur gewaarwordt. Sommige acteurs spelen zo goed dat je de indruk krijgt dat ze iets intiems vrijgeven. Spelen is vaak heel veel buitenkant – virtuoos maniërisme – maar Dora moest het niet hebben van dat gedoe. ‘Spelen is loslaten en toelaten,’ zei ze in de eerste les, waarna ze haar boeltje pakte en zei: ‘Hier kunnen jullie wel een week mee voort.’»

HUMO Wat laat je eigenlijk los als je ‘loslaat’?

Vergauwen «Kijk, een repetitieproces is een periode van maximaal twee maanden, waarin je een rol zo intens mogelijk verkent – je werkt je in de tekst in, en je leest er vaak ook van alles omheen. Op de duur wéét je van alles over je rol, en vooral díé kennis moet je loslaten, voor bekeken durven te houden als je speelt. Want als je zou spelen wat je weet, dan ben je alleen maar een uitvoerder. En wat ‘toelaten’ betreft: in ‘Zone stad’ speelde ik ooit een scène waarin ik tijdens een studentendoop helemaal bloot was en met allerlei rotzooi werd besmeurd. En ondertussen maakten de andere studenten, zo’n dertig figuranten, mij aan één stuk door uit. Ik moest daar uiteraard helemaal kapot van zijn. ’t Was een moeilijke scène, waar ik bepaald bang voor was, zodat ik er ook geweldig tegen opzag. Maar die scène lukte wonderwel: een schriel mannetje dat hulpeloos staat te grienen. Een schrijnend tafereel. Die dertig figuranten deden het zó goed dat ik haast niet anders kon dan ‘het toelaten’. Het gebeurde, zodat ik niet langer moest doen alsof het gebeurde.»

HUMO Ben je dan niet veeleer een echt slachtoffer in plaats van iemand die een slachtoffer speelt?

Vergauwen «Neen, je blijft je ervan bewust dat je meegaat in iets fictioneels – ’t blijft een spel. ’t Kan je op het toneel ook overkomen dat bepaalde momenten je ineens ongelofelijk echt toeschijnen. Die voelt het publiek meteen aan: er is iets gaande in het hier en nu. Tussen zulke momenten van totale magie door moet je een beroep doen op je ambacht, want een voorstelling is zelden aan één stuk door zo geïnspireerd.

»Samen met Tanya Zabarylo vorm ik het theaterduo Tanya en Vergauwen. We maken voorstellingen op basis van goede boeken, bijvoorbeeld ‘Aan Chesil Beach’ van Ian Mc_Ewan. Daar is heel veel ruimte voor improvisatie bij, en dus ook voor dingen die echt gebeuren, of zelfs fout lopen, waardoor we elkaar verrassen in het hier en nu – we weten nooit wie wat gaat zeggen. Juist door dat soort gevaar op te zoeken, hebben we ‘Aan Chesil Beach’ honderd keer kunnen spelen. Elke voorstelling moest nieuw zijn. We legden ook niet vast wie waar moest gaan staan of zo; we vertelden het boek, en als ons dat uitkwam, speelden we ook dialogen, waardoor we ineens in een andere dimensie schoten. Die voorstelling duurde een dik uur, we waren maximaal geconcentreerd en telkens weer waren we na afloop helemaal kapot.»

HUMO Laat ik je nog eens citeren: ‘Omdat de studenten geherprogrammeerd worden om ze dichter tot zichzelf te brengen, wordt gesproken over een ‘wedergeboorte’.’

Vergauwen «‘Geherprogrammeerd’ klinkt in de context van terrorisme en Syriëgangers heftiger dan gewoonlijk. Dat herprogrammeren gaat volgens mij voornamelijk over het afleren van gewoontes. Toen ik aan de toneelschool begon, had ik heel veel paniekaanvallen, en ik hyperventileerde ook geregeld. Die aanvallen had ik als kind al – ’s nachts maakte ik me over van alles zorgen: over de toestand van de wereld, maar evengoed omdat ik niet lief genoeg tegen mijn ouders was geweest, en dan wou ik plots midden in de nacht een cadeau gaan kopen. Daar kwam dan paniek van. Op de toneelschool heb ik opnieuw leren ademen zoals een kind ademt: kinderen hebben een ongelofelijk stemvolume, en baby’s kunnen ongelofelijk lang heel luid krijsen zonder hees te worden. Door te leren ademen heb ik nooit meer een paniekaanval gekregen, en ik heb ook nooit meer gehyperventileerd.»


Intimiteit, intimidatie

HUMO Je hebt theaterwetenschappen gestudeerd voor je aan de toneelschool begon. Kwestie van eerst een echt diploma te halen?

Vergauwen «Toen ik 18 was, heb ik toelatingsexamen gedaan bij Dora van der Groen, en ik was geslaagd. Ik heb toen ook deelgenomen aan de toelatingsproeven bij Studio Herman Teirlinck – een volle week – en daar sloeg de schrik me ineens om het hart. Ik ben toen maar naar de universiteit gegaan, zogezegd omdat ik ‘eerst van alles wilde begrijpen’, terwijl ik nog steeds niets begrijp. Nu ja, iets ouder zijn is geen ramp als je naar de toneelschool wil. Ik wist niets van theater af toen ik 18 was. Ik wist niet eens wie tg STAN was en ik had nog nooit van Cie De Koe gehoord.»

HUMO Maar je voelde je wel tot het theater aangetrokken.

Vergauwen «Ik zat op een steinerschool. Toen ik 6 was, stond er in een rapport van die school: ‘Michael verdwijnt in de klas. Je ziet hem niet. Hij wordt pas zichtbaar als hij toneelspeelt.’ Blijkbaar bleek toen al dat ik op het toneel meer mezelf durfde te zijn dan erbuiten. Toen ik een jaar of 8 was, speelden we met de steinerschool ‘De rattenvanger van Hamelen’: ik herinner me nog steeds hoe aangenaam ik het toen vond om op te komen en een volle zaal te voelen. Het genoegen zat ’m ook in het idee dat ik dan iemand anders was. Ik ging helemaal op in de fictie. Ik weet ook nog dat ik naar Pierke van Gent ging, een folkloristische poppenkast. Alle andere kinderen zaten erdoorheen te schreeuwen – dat hoorde erbij – maar ik kon dat niet verdragen, want het leidde me af van de handeling, het verhaal waarin ik helemaal wilde opgaan. Enfin, later voelde ik een soort urgentie om acteur te worden. Ik heb als kind en als schooljongen ook vaak bij het Speelteater van Eva Bal gespeeld. Ik heb mijn hele jeugd toneelgespeeld, maar altijd op plekken waar mij niet op een schoolse manier van alles werd aangeleerd, maar waar vertrokken werd van de persoonlijkheid van de speler.»

HUMO Toen ik nog een fatsoenlijk mens was, ben ik vijf jaar lang acteur geweest. Al bij al heb ik, hoewel ik alleen maar acteur wilde worden in mijn leven, zonder al te veel hartzeer afscheid genomen van dat oude kunstambacht. Pas onlangs dacht ik voor het eerst: ‘Wellicht hield ik te weinig van het publiek.’ Hoe zit dat met jou?

Vergauwen «Na een repetitieproces ben ik altijd blij dat er eindelijk publiek mag komen. In het dagelijkse leven heb ik dat totaal niet, dan verstop ik me graag een beetje. Speechen, bijvoorbeeld, vind ik de hel. Toen mijn moeder hertrouwde, had ik een mooie speech voorbereid. Ik moest die voor de genodigden uitspreken, en ik was zo zenuwachtig en zo emotioneel dat ik er meteen een derde van vergat. Mijn grootmoeder zei na afloop: ‘Michael, je bent een amateur. Wat heb jij op die toneelschool geleerd?’ Maar ik stond daar als mezelf, en ‘mezelf’ mag door het publiek, in dit geval de genodigden op het huwelijksfeest van mijn moeder, niet verward worden met de acteur die ik ben. Los van het toneel blijf ik ongelofelijk verlegen. Zodra ik op het toneel sta, geldt er een andere code. En toneel wordt pas toneel in aanwezigheid van een publiek – ‘Zonder publiek is toneel Chinees,’ zegt Peter Van den Eede altijd. En het genoegen van acteren zit ’m altijd in het livemoment-met-mensen, dat zalige moment van nu of nooit. En in de ogen van je tegenspelers zien: ‘Nu doen we iets wat we niet alleen kunnen doen.’»

HUMO Een acteur wordt voortdurend beoordeeld, vaak ook op zijn uiterlijk.

Vergauwen «Friedl’ Lesage schreef ooit in een column over ‘De behandeling’, een film van Hans Herbots waarin ik een pedofiele zwemleraar speel. ‘Het zal je maar overkomen dat je als acteur de vraag krijgt een handtastelijke zwemleraar te spelen omdat je dat geloofwaardig zal doen.’ Ik schrok daar wel van. Moest ik me van haar afvragen of ik misschien de look van een pedofiele zwemleraar had? Moest ik me daar zorgen over maken? Ik sta ver van een pedofiel af en ook ver van een zwemleraar, zodat ik meteen door die rol was uitgedaagd. Hoe speel je een pedofiel? ’t Is simpel: je speelt ’m uiterlijk vooral niet, want om te beginnen valt pedofilie niet aan iemands uiterlijk af te lezen. Ik was als jonge acteur overigens superblij dat die rol me overkwam.»


Monstertje Michael

HUMO Wat voor jongen was je in je schooltijd?

Vergauwen «Speels. En tegelijk de hele tijd bang voor zowat alles. Ik zat meestal in m’n eigen wereldje. Vaak stil op de achtergrond, vaak in mezelf gekeerd.»

HUMO Solitair.

Vergauwen «Ik vrees het. Als kind ben ik ook drie jaar lang gepest. Dat begon in het vierde leerjaar, toen ik naar een andere school ging. Het begon al slecht: in de vakantie was ik zwaar gevallen en op de eerste schooldag lag mijn gezicht helemaal open. Je eerste dag op een nieuwe school, en je bent een monstertje. Je dochter zat toen bij me in de klas. Veel later vroeg ze me: ‘Waarom ben jij niet naar de reünie geweest?’ Ik heb toen gezegd: ‘Weet jij niet hoe hard ik in die klas gepest werd?’ Daar had ze geen idee van. Je dochter was geen pestkop – ze is de enige van die klas die ik nog geregeld zie – maar ik denk dat zelfs de pestkoppen niet weten wat ze me toen hebben aangedaan. Dat ging vooral over uitschelden, uitsluiten, nooit uitgenodigd worden op een verjaardagsfeestje. Of er werd iets stinkends op mijn jas gespoten. In die tijd heb ik elke middag na het middageten als vrijwilliger de eetzaal helpen schoonmaken. Om toch maar aan mijn kwelgeesten op de speelplaats te ontsnappen. Dat de onderwijzers het niet vreemd of verdacht vonden dat een kind per se elke middag de eetzaal wil helpen schoonmaken, vind ik achteraf bekeken erg raar.

'Op de lagere school hielp ik na het middageten de eetzaal schoonmaken, om aan mijn kwelgeesten op de speelplaats te ontsnappen'

»Ik had toen ook aanvallen van vreselijke hoofdpijn, waardoor ik vaak thuisbleef. Ze dachten dat ik een tumor had: ik herinner me dat ik toen met allerlei noppen en elektroden op mijn hoofd door een scanner moest. Er bleek natuurlijk niets aan de hand te zijn, ik wilde gewoon niet naar school. Er was ook niets in die school dat mij aansprak: ik hield van het woord, van praten, ik speelde op woensdagmiddag toneel bij Eva Bal, maar in de eetzaal moest je ’s middags zwijgen. Je zat met dezelfde mensen aan dezelfde tafel en het enige wat je hoorde, was gekauw en het metalige geluid van bestek op borden.

»Thuis pingpongde ik, ik badmintonde, ik speelde hockey en ik ging vaak zwemmen, maar op school werd tijdens de gymnastiekles alleen maar agressief met zware ballen gegooid – krachtbal heet het. Of anders: tussen twee vuren. Ik was keer op keer het meest voor de hand liggende mikpunt, en uiteraard haatte ik dat.

»Ik had 51 procent toen ik klaar was met het zesde leerjaar. Met de hakken over de sloot, maar dat cijfer zei vooral: ‘We hebben ons best gedaan om hem niet te laten zakken, maar eigenlijk heeft hij niet eens de capaciteiten om die 51 procent te verdienen. Waardoor ik uiteraard het advies kreeg om naar het beroepsonderwijs te gaan. Nog een geluk dat mijn moeder toen heeft gezegd: ‘We zullen het toch in het ASO proberen.’»

HUMO De school neemt in een kinderleven veel tijd in beslag. Was je ook weleens gelukkig toen?

Vergauwen «Ja, natuurlijk. In de vakantie na het zesde leerjaar mocht ik meespelen in een korte film van Vincent Bal – zijn eindwerk voor de filmschool. Iedereen gaf me op die set het gevoel dat ik van alles kon. Terwijl ik dacht dat ik juist niets voorstelde: noch intellectueel, noch sociaal. 51 procent. Die ervaring was voor mij een keerpunt. Dat pesten, dat zou mij niet meer overkomen. Ik zag het echt als een nieuwe start. In het middelbaar ging ik heel graag naar school en haalde ik meteen 94 procent.»

HUMO Ik neem aan dat je ooit zal hebben gedacht: ‘Ik zal jullie nog wel een poepje laten ruiken?’

Vergauwen «Dat zal wel een drijfveer zijn geweest, ja. Ik weet dat veel acteurs gepest werden op school. Dora zei vaak: ‘Pijn is dé reden.’ Je speelt alles uit pijn, zonder daarom met die pijn en haar oorsprong te koop te lopen.»

HUMO Ik weet dat Dora van der Groen overgevoeligheid een onontbeerlijke kwaliteit voor een acteur vond.

Vergauwen «Ja, acteurs moesten volgens haar ‘een huidje te weinig’ hebben. Afwijzing en teleurstelling zijn ook vaak een motor. Dat zie je ook bij mensen die door Dora van der Groen zijn afgewezen. Een aantal van die mensen behoren ondertussen tot de beste acteurs van het land, omdat ze kennelijk dachten: ‘En toch word ik acteur.’»

HUMO Dora van der Groen heeft destijds de geboren leidersfiguur Gert Verhulst geweigerd.

Vergauwen «Ik las eens een interview met hem waarin hij zei: ‘Dora van der Groen heeft mij niet tot de toneelschool toegelaten, maar kijk eens hoe ver ik het geschopt heb.’ Misschien zag Dora dat hij toch niet gelukkig zou geweest zijn in de toneelschool, misschien heeft ze hem wel uit liefde geweigerd. Er zijn veel toneelscholen, en ik zou me ook niet op elke school goed gevoeld hebben, of zelfs toegelaten zijn.»

HUMO Ben je genezen van de pesterijen die je destijds hebt ondergaan?

Vergauwen «Ja en nee. De herinneringen blijven natuurlijk, maar uiteraard heb ik daar geen pijn meer van.»

HUMO Er waren in je naaste omgeving geen volwassenen die je nood zagen. Hoe vreemd. En hoe wrang ook.

Vergauwen «Ik denk niet dat gepest worden bespreekbaar was, toen. Het is ook niet zo makkelijk te detecteren. Als ik thuiskwam van school, ging ik meteen met mijn broers en mijn zus spelen, en was ik gelukkig. ’t Zou best kunnen dat ik mijn verdriet thuis verborgen hield. Elke woensdagmiddag ging ik toneelspelen bij Eva Bal, en in het weekend hadden we voorstellingen. Ogenschijnlijk was er niets aan de hand, ook al dacht ik in het weekend: ‘Maandag moet ik weer naar die school.’ Thuis was voor mij een compleet veilige omgeving. Ik ben blij dat ik vandaag, in tijden van cyberpesten, geen gepest kind hoef te zijn, want nu gaat het pesten ook door in een veilige omgeving: de pestkoppen achtervolgen je desnoods tot diep in de nacht. Ze pesten je nu ook met gênante foto’s waarop je gepest wordt, of ze bestoken je met berichten.»

HUMO Heb je die pestkoppen later ooit op hun pestgedrag aangesproken?

Vergauwen «Neen. Dat waren kinderen van 10 jaar. Hun verwijt ik niets. Het is meer het mechanisme van het pesten, en het falen van een schoolsysteem op dat moment, waar ik kwaad van word. Ik ben er niet overheen, maar dat hoeft ook niet. Ik wil niet eens een harnas om me er beter tegen te beschermen. Als mensen je opzettelijk kwetsen, moet je zo snel mogelijk van hen weggaan.»


'Soms zie je iemand spelen van wie je denkt: 'Er scheelt iets aan, maar ik kan er de vinger niet op leggen.' Dat raadsel of dat vermoeden is zeer aantrekkelijk'


HUMO Wist Dora van der Groen dat je als kind gepest werd?

Vergauwen «Neen, daar was ook geen reden toe. Hoewel ik een aantal keren bij haar over de vloer ben geweest, spraken we nooit over persoonlijke aangelegenheden. Ook niet in de lessen. Ook het geheim van een acteur is interessant. Soms zie je iemand spelen van wie je denkt: ‘Er scheelt iets aan, maar ik kan er de vinger niet op leggen.’ Dat raadsel of dat vermoeden is zeer aantrekkelijk. ‘Wat moet die al niet meegemaakt hebben,’ denk je dan. Maar wat hij precies heeft meegemaakt, hoef je niet te weten. Het is privé. Nu ja, dat ik vroeger gepest werd, wil ik dan weer wel openbaar maken. Ik vind dat iemand die gepest werd, daarvan moet getuigen en duidelijk maken wat pesten zoal kan aanrichten in het hoofd van een kind.»


God als vader

HUMO We beleven onvrolijke tijden, waarin godsdienst helaas weer helemaal terug is in de maatschappelijke discussie. Jij bent in de pinksterbeweging opgegroeid, hè?

Vergauwen «Ja, op een bepaald moment heeft mijn familie, om te beginnen mijn grootouders, zich in mijn kindertijd bekeerd tot de pinksterbeweging, een tak van het protestantisme die niet erg radicaal is – een sekte is de pinksterbeweging al helemaal niet. Wat in de Bijbel stond, was ineens niet langer een reeks verhalen maar de absolute waarheid, zonder ruimte voor discussie. Vooral daardoor ben ik op de duur in de knoop geraakt. Ik was heel gelovig in mijn kindertijd, en de helft van mijn familie is dat nog steeds – mijn broer is predikant in Nederland. Maar goed, we gaan uiteraard respectvol en liefdevol met elkaar om.

»Mijn moeder heeft vier kinderen alleen opgevoed – mijn ouders zijn gescheiden – en soms denk ik dat het handig was dat er toen nog een gezaghebbende God de Vader was die de orde kon helpen handhaven. Houd vier tieners maar eens in bedwang als je er als moeder alleen voor staat. Ik heb dat geloof overigens nooit als drukkend ervaren, maar ik ben er wel beetje bij beetje van afgestapt. Zoals bij elke godsdienst draait het ook bij de pinksterbeweging om het contrast tussen ‘wij’ en ‘de wereld’. ‘Wij’ is niet ‘de wereld’, want die is fout en zondig.

»Nu, ik heb geen zin om het Boek, die ene waarheid, letterlijk te volgen, want dat maakt de dialoog onmogelijk. In de kunsten vind ik het net zo interessant dat allerlei zienswijzen mogen botsen. Aan de universiteit mogen ideeën en meningen ook volop tegen elkaar indruisen, want daar kwamen juist de interessantste gesprekken uit voort. Uit één onverbiddelijke, dogmatische Waarheid ontstaan zulke discussies nooit.»

HUMO Wanneer ben je het gelukkigst?

Vergauwen «Het afgelopen jaar ongetwijfeld tijdens het duiken met mijn lief, tijdens die gewichtloze onderwaterwandelingen. Op 30 meter diepte moet je je erg concentreren, want als er dan iets misgaat, kan het fataal aflopen. Je bent alleen maar dáár, en je hebt niets anders aan je hoofd dan daar te zijn. En alleen maar daar zijn, helemaal in dat moment opgaan, is een voorwaarde voor geluk. Het leven lijkt ook aangenaam traag te gaan onder water, en ineens – zoals twee weken geleden in de Nekker in Mechelen – glijdt er dan een meerval van wel anderhalve meter langs. Alleen maar dáár zijn is ook eigen aan toneelspelen, want in die omstandigheden kun je je niet afvragen: ‘Waar heb ik mijn huissleutels gelaten?’ Of: ‘Welke boodschappen moet ik morgen doen?’»

HUMO Heb je al wezenlijke dromen waargemaakt?

Vergauwen «Ja. Ik herinner me hoe blij ik was toen ik voor het eerst op het toneel van de Vooruit en de Minard stond: theaters waar ik Cie De Koe en De Roovers voor het eerst zag, gezelschappen die ooit een wereld voor me deden opengaan. Dan had ik zin om mijn lief van vroeger te sms’en, mijn lief van toen alles nog moest beginnen: ‘Het is gebeurd! Ik sta nu zelf in de Vooruit!’ En nu sta ik in de Humo. Veel gekker moet het allemaal niet worden (lacht).»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234