Agatha Christie: veertig jaar na haar dood nog altijd springlevend

Even Brits als de brexit maar een stuk beter doordacht: dat zijn de boeken van Agatha Christie. De Queen of Crime is veertig jaar na haar dood (en honderd jaar sinds de schepping van Hercule Poirot) nog altijd springlevend, met twee op stapel staande biopics, nieuwe verfilmingen van klassiekers als ‘And Then There Were None’ en ‘Murder on the Orient Express’ en een videogame (‘The A.B.C. Murders’) voor op uw pc of playstation. Maar het ware genot ligt in het (her)lezen van haar vele kleine meesterwerkjes.

'Van een scheutje bloed knapt een verhaal altijd op'


1. Het motief

Waar u vruchteloos naar zult zoeken, zijn cijfers. Niks over het aantal boeken dat Agatha Christie heeft verkocht (4 miljard in 44 talen, enkel de Bijbel doet beter) of het aantal opvoeringen van haar toneelstuk ‘The Mouse Trap’ (meer dan 26.000 keer sinds oktober 1952). U zult hier evenmin lezen dat in 1974, naar aanleiding van de succesvolle verfilming van ‘Murder on the Orient Express’, het boek zelf meer dan drie miljoen keer over de toonbank gleed, of dat de erven Christie jaarlijks nog altijd bijna 4 miljoen euro aan royalty’s binnenrijven. Zoals die goeie ouwe Miss Marple zou zeggen: ‘Fuck that shit, dear. Had je De Tijd maar moeten kopen.’


2. De dader

Tien kleine weetjes over het leven van de dader:

• Agatha Christie werd op 15 september 1890 geboren als Agatha Miller. De schrijversnaam ‘Christie’ sleepte ze in 1928 uit de brand bij de scheiding van haar eerste man, Archie Christie. Hij kreeg de caravan.

• Het huwelijk liep op de klippen omdat Archie op een andere vrouw verliefd werd. Toen hij het Agatha vertelde, reageerde die door eind 1926 tien dagen lang van de aardbol te verdwijnen. Het hele land ging naar haar op zoek, en de verdwijning haalde de voorpagina van The New York Times.

• Tijdens de verdwijning liet haar eminente collega en overtuigd spiritist Arthur Conan Doyle een medium aan een handschoen van Christie snuffelen. Sherlock Holmes was helaas verhinderd: hij was gaan wandelen met de hond.

• In 1930 schreef Christie het eerste van zes romantische boeken onder het pseudoniem Mary Westmacott. Pas in 1949 werd duidelijk dat Agatha en Mary één en dezelfde persoon waren. Wat geen van beiden overigens tegenhield om verder te schrijven.

• Over één van de boeken van Westmacott, ‘Absent in the Spring’, beweerde Agatha in haar autobiografie dat ze het in drie dagen geschreven had, en dat het de enige roman was waarover ze 100 procent tevreden was.

• Over die autobio deed Christie dan weer vijftien jaar, van 1950 tot 1965. En toen had ze nog niet eens een slot.

• Agatha hertrouwde in 1930 met Max Mallowan, een archeoloog die veertien jaar jonger was dan zijzelf. Ze bleven getrouwd tot haar dood in 1976.

• Max moest voor zijn werk vaak naar het Midden-Oosten, Agatha reisde mee en deinsde er niet voor terug zelf fluitend (‘Tea for Two’?) een artefact af te borstelen. De fraaie couleur locale in boeken als ‘Moord op de Nijl’ en ‘Moord in Mesopotamië’ heeft ze dus uit eerste hand.

• Van de boeken die ze onder eigen naam schreef, vond Christie ‘Het kromme huis’ en ‘Doem der verdenking’ de beste – twee boeken zonder Miss Marple of Hercule Poirot.

• Agatha Christie is iedereens oude tante, maar zelf had ze maar één dochter: Rosalind, nog een geschenk van Archie. Rosalind had tot haar dood in 2004 een dagtaak aan het bewaken van haar moeders erfgoed.


3. Het wapen

De top twee van populairste misverstanden over de boeken van Agatha Christie:

1. Ze zijn er alleen voor puzzelaars en amateurdetectives.

2. Ze zijn onderling inwisselbaar.

Wie het laatste beweert, heeft de verkeerde boeken gelezen: niet alle van de 66 romans en 150 verhalen zijn even origineel, maar haar oeuvre telt meer invalshoeken dan een bommentapijt. Wie ons niet gelooft: lees ‘Moord op de Nijl’, ‘Het ABC-mysterie’ en ‘Tien kleine negertjes’ na elkaar.

Het eerste misverstand wordt met klem tegengesproken door onder meer Shakespeare-aficionado Kenneth Branagh, die op het punt staat ‘Murder on the Orient Express’ opnieuw te verfilmen. Het werd in 1969 ook treffend weerlegd door de Britse schrijver P.G. Wodehouse, in een brief aan zijn dierbare vriendin Agatha: ‘Ik vind niet dat je, als je weet hoe het afloopt, het boek niet meer hoeft te lezen, omdat de karakters zo interessant zijn.’ De nagel op de kop, en de hamer heeft het gedaan. Christies psychologisch inzicht was groot, en ze kon met weinig woorden véél zeggen – over personen, families of een heel milieu – op een manier die niet veel ernstige schrijvers haar nadoen. Neem nu de eerste alinea van ‘Een handvol rogge’, zomaar een Christie uit het jaar 1953: ‘Het was de beurt van juffrouw Somers om thee te zetten. Juffrouw Somers was de nieuwste en minst bekwame typiste. Ze was niet jong meer en had het goede, zorgelijke gezicht van een schaap. Het water kookte nog niet toen juffrouw Somers de thee opschonk, maar de arme juffrouw Somers was er nooit helemaal zeker van wanneer het water kookte. Dat was één van de vele moeilijkheden van haar bestaan.’

Wie graag grinnikt, moet Agatha Christie lezen.


4. Grijze celletjes

Vijf kleine weetjes over de uitbundig besnorde detective die Agatha rijk en beroemd maakte.

• Dat hij een Belg was, is bekend. Poirot heeft, voor de Eerste Wereldoorlog hem ertoe bracht naar Engeland te vluchten, als politiechef in Brussel gewerkt. Z’n jeugd bracht hij door in de buurt van Spa.

• Christie zelf was niet bijzonder tuk op Poirot, maar het publiek kreeg maar niet genoeg van hem. Gevolg: ze schreef ‘Curtain’, het boek waarin hij het loodje legt, al in de jaren 40, maar het werd pas in 1975 gepubliceerd, een jaar voor haar dood.

• Na de publicatie van ‘Curtain’ kreeg Poirot een overlijdensbericht op de voorpagina van The New York Times – de enige keer dat die eer een fictieve figuur te beurt viel. Tot Michael Jackson stierf.

• Poirot verft zijn haar, al formuleerde hij dat zelf graag anders: ‘Ik geef het z’n natuurlijke kleur terug.’

• Ze zijn schaars, de boeken waarin Hercule níét aangeeft dat hij zich uit de speurneuzenbusiness wil terugtrekken. In ‘De moord op Roger Ackroyd’ (1926) heeft hij zich op z’n echte passie gestort – het kweken van pompoenen – tot er iemand wordt vermoord. Wij zijn even kwijt wie.


5. Een oude vrijster

Het dorpje St. Mary Mead telt niet meer dan tien inwoners en de spreekwoordelijke schapenkop, maar het omringende platteland heeft misdaadcijfers om Mexico City te doen blozen. Een beetje zoals bij ‘Midsomer Murders’, inderdaad. Hier woont Jane Marple, een spinster met een brein dat niet moet onderdoen voor de little grey cells van Hercule Poirot. Miss Marple vindt in St. Mary Mead alle archetypes van het menselijke ras terug, én ze denkt altijd het slechtste van de mens: meer heeft ze niet nodig om elke moordenaar die haar pad kruist, te ontmaskeren.

'Waar het om gaat, is dat er genoeg lijken zijn!'

Hoewel er in de boeken een paar aanwijzingen zijn dat Marple en Poirot zich in hetzelfde universum ophouden, hebben ze elkaar nooit ontmoet – laat staan dat ze samen een zaak hebben opgelost. In haar autobiografie legt Christie uit waarom:

‘Ik denk dat geen van beiden een ontmoeting op prijs zou stellen. Zeker Poirot, met zijn enorme ego, zou het niet pikken dat een oude vrijster hem de les spelt. (...) Nee, ze zijn allebei sterren, en daar hebben ze niemand bij nodig. Ze zullen elkaar dus nooit ontmoeten, tenzij ik daar plots en onverwacht de behoefte toe zou voelen.’


6. Film

Vorige week werd op de Humo-redactie een brief besteld waarin, in knipletters, vier uitstekende Christie-verfilmingen stonden opgelijst. Afzender onbekend. Geen vingerafdrukken, geen huidschilfers, niks – zelfs geen verdwaalde krul. Perfect gedaan, zou je zeggen, ware het niet van één detail dat onze scherpe blik niet ontging: de dader had rechts onderaan tussen haakjes z’n initialen geplakt, met letters geknipt uit een oud exemplaar van Hustler – (es) stond er te lezen. Dramatische muziek!

• ‘And Then There Were None’ (1945): één van de grootste Christie-klassiekers in dreigend zwart-wit, gemaakt door de Franse grootmeester René Clair. Te bekijken bij het licht van één enkele kaars.

• ‘Witness for the Prosecution’ (1957): De enige echte Billy Wilder liet Marlene Dietrich schitteren in deze glorieuze rechtbankthriller, die binnenkort een remake krijgt van (en helaas ook met) Ben Affleck. Bekendste quote: ‘Wanna kiss me, ducky?’

• ‘Murder on the Orient Express’ (1974): Sidney Lumet propte de bekendste trein ter wereld tjokvol sterren (Lauren Bacall, Ingrid Bergman, Sean Connery) voor zijn klassieke verfilming van een nog klassieker boek. Voor de remake zou Kenneth Branagh aan onder meer Johnny Depp en Michelle Pfeiffer een Go Pass hebben verpatst.

• ‘Evil under the Sun’ (1982): heerlijk campy vertier van Guy Hamilton, een man met vier Bond-films op z’n conto – twee met Sean Connery en twee met Roger Moore. Peter Ustinov is met zes verschijningen de op één na meest iconische Poirot-vertolker.


7. TV

De nummer één laat zich raden: als wij Poirot lezen, dan zien wij net als de halve wereldbevolking de karaktervolle tronie plus nepsnor van de Brit David Suchet voor ons – net zoals James Bond altijd Sean Connery zal zijn, en The Hobbit Siegfried Bracke. De BBC pakte ‘Agatha Christie’s Poirot’ dan ook grondig aan: tussen 1989 en 2013 werden in zeventig afleveringen zowat alle boeken en verhalen verfilmd waarin de rare Belg ooit de hoofdrol speelde.

Na de verfilming van ‘Curtain: Poirot’s Last Case’, zei Suchet: ‘Ik kan niet ontkennen dat de laatste draaidag de moeilijkste van heel mijn loopbaan was. Ik beschouwde Poirot als een heel goede vriend, familie bijna. Hij heeft me de carrière geschonken die ik anders wellicht nooit had gehad.’


8. Captain Hastings

‘Poirot,’ zei ik, ‘ik heb zitten denken.’

‘Een uitstekende oefening, mijn vriend. Ik zou ermee doorgaan.’

Sinds Edgar Allan Poe, met wie wij u een heerlijke winter bij de open haard toewensen, in 1841 het moderne detectiveverhaal uitvond (‘The Murders in the Rue Morgue’), heeft elke goeie speurneus z’n eigen sidekick: een net iets minder geniale gezel (m/v) die dienstdoet als verteller, klankbord, vriend en occasionele pispaal. Ga maar na: Sherlock Holmes had Watson, Morse had Lewis en Herbert Flack had z’n borsthaar, dat op een keer undercover ging als het haarstukje van een pooier en een heel prostitutienetwerk oprolde (‘Aspe’, seizoen 5, afl. ‘De perfecte scheiding’).

Hercule Poirot heeft meer dan één pispaal versleten, maar onze favoriet is Captain Hastings, de verteller van enkele van de meest geroemde Christie-boeken (‘Peril at End House’, ‘The A.B.C. Murders’). Hastings is niet overdreven slim maar wel overdreven Brits, en op en top een gentleman (een beetje een vrouwengek ook), met een buitengewone en vaak onverklaarbare genegenheid voor zijn toch behoorlijk irritante boezemvriend. Als het op Poirot aankomt, heeft hij bovendien af en toe een lucide moment: ‘Ik bedacht dat Poirots gevoel van vernedering merkwaardig veel leek op de verwaandheid van andere mensen.’


9. Ariadne Oliver

Zoals Alfred Hitchcock al eens graag z’n eigen films binnenwandelde, zo voerde Christie af en toe een schrijfster op die verdacht veel op haar leek: Ariadne Oliver. Heeft een reeks uiterst succesvolle detectiveboeken op haar naam, met in de hoofdrol een Finse vegetarische detective, Sven Hjerson. Werkt aan haar boeken in bad, terwijl ze aldoor appels eet en de klokhuizen op de vloer gooit. Is trots op haar vrouwelijke intuïtie, maar als detective is ze compleet waardeloos – vraag maar aan Hercule Poirot. Nee, als Mrs. Oliver wordt opgevoerd, is dat om u eens goed te laten lachen. En het genie van Christie aan te tonen, natuurlijk, want zelfspot is het begin van alle wijsheid.

In ‘Poirot speelt bridge’ speelt Christie bij monde van Ariadne open kaart met haar lezers:

‘Eerlijk gezegd interesseert me die nauwkeurigheid geen fluit. Wie is er nu nauwkeurig? Niemand toch, tegenwoordig? Als een verslaggever schrijft dat een beeldschoon meisje van 22 lentes sterft door de gaskraan open te zetten – na eerst over de zee te hebben uitgekeken en haar lievelingshond, de labrador Bob, een afscheidskus te hebben gegeven – kan het iemand dan wat schelen dat het meisje 26 was, dat haar kamer over het land uitkeek, en dat het hondje een Sealyham terriër was en Bonnie heette? (...) Waar het om gaat, is dat er genoeg lijken zijn! Als het verhaal een beetje saai dreigt te worden, knapt het altijd aardig op van nog een scheutje bloed. Iemand zal net iets gaan vertellen – en dan wordt hij vermoord. Dat gaat er altijd in als koek.’

Wie graag grijnst, moet Agatha Christie lezen.


10. De beste

Afsluiten doen we met een top negen, samengesteld door de Agatha Christie-fans op de Humo-redactie – u herkent hen aan de gebruikte theebuiltjes op hun bureau. Waarom negen en geen tien? Simpel: als u van de voorgaande negen lemma’s de beginletters van elke regel in de juiste volgorde zet, weet u per boek meteen wie het gedaan heeft. Geen dank!

1. ‘Tien kleine negertjes’ (‘And Then There Were None’, 1939)

2. ‘De moord op Roger Ackroyd’ (‘The Murder of Roger Ackroyd’, 1926)

3. ‘Het kromme huis’ (‘Crooked House’, 1949)

4. ‘Moord op de Nijl’ (‘Death on the Nile’, 1937)

5. ‘Het ABC-mysterie’ (‘The A.B.C. Murders’, 1936)

6. ‘Moord in de Oriënt-Expres’ (‘Murder on the Orient Express’, 1934)

7. ‘Wie adverteert een moord!’ (‘A Murder Is Announced’, 1950)

8. ‘Poirot speelt bridge’ (‘Cards on the Table’, 1936)

9. ‘Een handvol rogge’ (‘A Pocket Full of Rye’, 1953)

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234