Albert II is een nieuwe motor voor de natie: onderschat hem niet.

deel 1
"Zie je nu wel! Ik heb het je gezegd!" glundert de ex-minister die twee jaar geleden voorspelde dat Prins Albert de koningstitel niet zou weigeren als die hem werd aangeboden. De ex-minister zei toen letterlijk: "Al die praatjes over Filip en Astrid zijn toch onzinnig. Albert is de kroonprins! Waarom ziet iedereen hém de jongste tijd over het hoofd? Hij is de eerste onder de opvolgers. En als Boudewijn morgen iets overkomt - wat ik hem niet toewens - dan zal Albert hem overmorgen opvolgen. Daarvan ben ik rotsvast overtuigd. Ik kén Albert. Ik weet wat ik zeg."

Gisteren was het zo ver. Na voor de Verenigde Kamers eeuwige trouw aan de grondwet te hebben gezworen, werd Prins Albert Albert de Tweede van België. Prinses Paola heet voortaan Koningin Paola. De publieke opinie, die al jaren via de meeste media kreeg voorgehouden dat prins
Filip de gedoodverfde nieuwe koning was, reageerde verrast op de bekendmaking van de troonopvolger. Tot zelfs in de ministerraad werden wenkbrauwen opgetrokken toen Jean-Luc Dehaene zijn regeringsploeg meldde dat Albert de troon had aanvaard. Dat die eer de voormalige prinsen van Luik en bewoners van Belvedère alsnog te beurt valt, hebben ze aan drie factoren te danken. Ten eerste aan het feit dat Boudewijn en Albert dit scenario waarschijnlijk hadden afgesproken, ingeval de oudste broer iets zou overkomen vóór hij pakweg 65 werd. Ten tweede aan de internationale geldspeculanten die in de dagen voor de dood van Boudewijn de positie van de Belgische frank belaagden. Ten derde aan het feit dat Albert het koningschap niet heeft geweigerd. Die drie factoren zijn veel minder evident dan ze op het eerste gezicht lijken.
"Ik denk dat de afspraak tussen Boudewijn en Albert over de opvolging vorig jaar is gemaakt, in de dagen vóór Boudewijn die hartoperatie onderging in Parijs", zegt dezelfde ex-minister. "Ik vind het overigens maar normaal dat een staatshoofd dit soort voorzieningen treft; dat hij eigenlijk postuum een woordje meepraat over zijn opvolging. Het zou een onvergeeflijke nalatigheid zijn geweest als hij dat niét had gedaan. Boudewijn moest, zeker sinds vorig jaar, rekening houden met zijn eigen ontijdige einde. Om dezelfde praktische reden zijn Albert en
Filip bijvoorbeeld ook nog nooit aan boord van hetzelfde vliegtuig gegaan."

Voor de leeuwen


Een bevoorrecht hofkenner bevestigt dit catastrofescenario: "Boudewijn had er, ondermeer in zijn laatste 21 juli-toespraak, geen twijfel over laten bestaan dat hij van plan was nog een paar jaar door te gaan. Dat was het scenario waarmee het hof en de topministers rekening hielden: Boudewijn zou koning blijven tot hij 70 zou worden, waarna hij opzij zou stappen ten voordele van Filip, die dan 40 jaar zou zijn. In dat plan zou Albert voor de eer bedankt hebben, aangezien hij op dat ogenblik ook al 68 zou zijn geweest. Maar het plotse overlijden heeft dat scenario overhoop gehaald. Noch de regering, noch het Hof zelf, durfden het aan om nu met Filip in zee te gaan. Dat is trouwens opvallend: de consensus tussen regering en het Hof over de keuze voor Albert."
Officieel heet het dat Boudewijn de scepter heeft doorgeschoven naar Albert omdat de opleiding van Filip nog niet voltooid was. Dat is wat zachtjes uitgedrukt. "Boudewijn is koning geworden toen hij amper twintig jaar was", zegt een minister. "Oké, dat was te jong. Het koningschap is hem door de koningskwestie echt aangedaan. Maar Filip is nu al 33, en hij is er zogezegd nog altijd niet rijp voor. We mogen ons onderhand beginnen afvragen of hij er ooit klaar voor zal zijn. Boudewijn heeft de laatste jaren ook met die vraag geworsteld. Dat blijkt bijvoorbeeld uit de grondwetswijziging van de lente van 1991, waardoor de vrouwelijke loten van het geslacht van Saksen-Coburg plotseling toegang kregen tot de troon. Dat was een initiatief van Laken, en het was duidelijk bedoeld om prinses Astrid in stelling te kunnen brengen als het met Filip uiteindelijk niet zou lukken.
"Verder waren er de 60-40 festiviteiten van vorig jaar. Boudewijn heeft Filip toen het hele jaar door in zijn zog meegesleept, en dat is - we moeten eerlijk zijn - op een mislukking uitgedraaid. Filip bleek het niet te hébben, hij sloeg niet aan. Papa en mama laten hun kleine jongen uit, dat was het eigenlijk. Ik denk dat Boudewijn uiteindelijk het zekere voor het onzekere heeft gekozen, en het met zijn broer Albert op een akkoordje heeft gegooid."
"De vergelijking met Boudewijn is oneerlijk", vindt een andere minister. "Hij is op twintigjarige leeftijd koning geworden, maar in een totaal andere maatschappij. Boudewijn heeft zich bijna in een cocon verder kunnen ontwikkelen, volledig beschermd tegen de boze buitenwereld. Je zat toen nog niet in een mediamaatschappij. Bovendien heeft hij de eerste tien jaar volbracht onder het voortdurende mentorschap van zijn vader Leopold III. Ook Boudewijn was een laatbloeier, die pas de laatste tien jaar is uitgegroeid tot die morele autoriteit die het koningsschap bijna oversteeg.
"Het zou bijna onmenselijk geweest zijn Filip nu helemaal alleen in de piste te sturen. Je had hem evengoed voor de leeuwen kunnen gooien. Een onervaren jonge kerel, die moet opboksen tegen dat bijna-heilige imago van zijn oom, voortdurend op de vingers gekeken door de media, die hem iedere blunder meteen onder de neus zouden wrijven... En dat in een België dat net was omgevormd tot een federale unie. Je moet ook niet om moeilijkheden vràgen.
"Aan de andere kant, dat moet ook toegegeven worden, vréésde iedereen wel voor Filip. Hij is geen hoogvlieger, dat is sinds de verklaringen van oud-hofmaarschalk Herman Liebaers destijds in De Morgen geen geheim meer. En de analyse van Paul Goossens, die schreef dat Filip een prins is met een gedachtengoed zo vlak als het voetpad van de Avenue Louise, is nooit, zelfs niet door de meest royalistische pers, tegengesproken."
Een intimus van het hof bevestigt dat: "Hij kent de institutionele problemen niet zo goed, en hij kent vanzelfsprekend ook veel minder politici dan zijn vader Albert. Dat is voor Dehaene en voor het establishment het doorslaggevende element geweest om met Albert scheep te gaan. Het contrast tussen Boudewijn en Filip zou te groot zijn geweest. Het is niet alleen een probleem van intellect, zoveel filosofen en geleerden heeft het geslacht Coburg nooit in huis gehad, maar ook van ingesteldheid, karakter. De weinige publieke optredens van Filip waren, om het beleefd uit te drukken, niet erg geslaagd. De man is volledig verkrampt en verstijfd, voortdurend verlamd door de angst toch maar niets fout te doen. Hij kan blijkbaar de druk nog niet aan, en ik kan me voorstellen dat hijzelf met enige opluchting heeft gereageerd toen men hem vertelde dat hij de kelk deze keer nog aan zich voorbij kon laten gaan."

Geef hier die beker


De geldspeculanten die vorige week de Belgische frank onder druk zetten, hebben natuurlijk niet bepaald wié de opvolger van Boudewijn zou worden. Maar ze hebben er premier Jean-Luc Dehaene wel toe aangezet om binnen de kortste keren, en in zijn typische doortastende stijl, met een opvolger voor de pinnen te komen die de stabiliteit en de eenheid van het pasgeboren federale België niet in het gedrang zou brengen. Dat verklaart ook waarom Dehaene samen met Melchior Wathelet prompt naar Motril afreisde, ook al had hij daar officieel eigenlijk niets te zoeken. Alleen Wathelet was er écht nodig om de overlijdens- en repatriëringsdocumenten te ondertekenen. Natuurlijk ging Dehaene ook naar Spanje om zijn medeleven te betuigen aan koningin Fabiola, maar tegelijk, en vooral, om van Albert de bevestiging te krijgen dat hij de troon zou aanvaarden. Dat wordt op verschillende kabinetten bevestigd: "Mocht Albert vanuit Cannes niet zelf naar Motril gevlogen zijn, dan was Dehaene éérst naar Cannes gegaan."
Dehaene heeft in elk geval niet rustig de tijd genomen om met zijn ministers over het profiel van het toekomstige staatshoofd te palaveren. Een minister: "De snelheid waarmee Jean-Luc één en ander heeft afgewikkeld was bedoeld om een dubbele speculatie te vermijden. Hij wou niet dat in de komende dagen in de media oeverloos gespeculeerd zou worden over de verkeerde opvolger, want dat proces zag je nu al op gang komen: verschillende kranten hadden op hun vroege pagina's al portretten van Filip gebracht, en ze hebben dat nog maar net op tijd kunnen corrigeren. Het weekblad Time bijvoorbeeld zat al fout: die hebben Filip tot koning uitgeroepen.
"Maar nog belangrijker was de monetaire speculatie: de frank werd nog steeds aangevallen op de wisselmarkten, en zonder een duidelijk signaal zou het psychologisch klimaat nog verder verslechterd zijn. De strategie van Dehaene is ook gelukt: na zijn aankondiging, en natuurlijk ook na de beslissing het EMS-stelsel tijdelijk losser te maken, is de frank door de speculanten met rust gelaten."
Tenslotte is er het merkwaardige gegeven dat Albert niet voor de eer bedankt heeft; want dat werd nu toch al zowat tien jaar lang overal voorspeld. Niemand heeft Albert ooit publiekelijk enige ambitie in de richting van de troon weten ten toon spreiden. Integendeel, al die tijd leek het dat Albert maar al te blij was dat zijn broer het lastige karwei opknapte en dat hij zijn eigen leven kon leiden in de luwte van de Belgische geschiedenis. Waarom gunde hij het niet aan één van zijn kinderen? Ook hier geven onze bronnen een aantal elementen die, weliswaar in bijkomende orde, een rol hebben gespeeld.

De dorre tak

Naast de twijfel over de capaciteiten van Filip, is er de nuchtere vaststelling dat hij tot op heden ongehuwd en kinderloos is. Daar is niets op tegen, maar in de wereld van de Europese vorstenhuizen blijkt zulks een probleem te zijn. In eerste instantie van praktische aard: monarchieën hebben een voorliefde voor rechtstreekse afstamming. Dan lopen ze geen risico's op intern geruzie met ooms en tantes en neven en nichten en moeten ze de bevolking niet overtuigen van de kwaliteiten van kroonprinsen die ze niet zelf op de wereld hebben gezet. Filip zou al de neef van zijn voorganger zijn, en zonder kinderen zou na hem de troon weer verder moeten gaan via zijn zus en haar kinderen. Die verwaterde lijn zou het aanzien van de monarchie geen goed doen. De vraag of Filip ooit wel nakomelingen zal hebben is niet puur hypothetisch. Het is een publiek geheim dat met name Koningin Fabiola de afgelopen jaren heel wat inspanningen heeft geleverd om hem kennis te laten maken met een bij voorkeur Spaans en streng-katholiek baronesje of gravinnetje - Scandinavische of Britse prinsessen zagen Boudewijn en Fabiola, met een blik over het Kanaal, niet zo zitten - maar dat is tot hiertoe keer op keer mislukt. Daaruit zou men in Laken nog geen voorbarige conclusies hebben getrokken. Het siert Boudewijn en Fabiola overigens dat ze Filip niet hebben verplicht zich te schikken naar de toekomst die zij voor hem hadden uitgestippeld; dat is in koningskringen wel eens anders geweest - maar men is wel gaan nadenken over een eventueel alternatief.
Dat alternatief was prinses Astrid. Zij heeft, samen met haar gemaal aartshertog Lorenz van Oostenrijk-Este, al drie nazaten: Amadeo, Maria-Laura en Joachim. Dat feit heeft geleid tot de recente grondwetswijziging, duidelijk na een initiatief van het Hof, waarbij de kroon voortaan ook in de vrouwelijke lijn kan worden doorgegeven. De reden waarom nú niet aan Astrid werd gedacht, is tweevoudig. Op dit ogenblik is ze volgens de grondwet pas de derde in lijn, en in één klap twee grondwettelijke troonopvolgers passeren is een beetje van het goede te veel. Bovendien zijn met name vanuit Waals- socialistische en liberaal-vrijzinnige kringen duidelijk signalen gegeven dat een keuze voor Astrid wel eens oude demonen wakker zou kunnen maken. Astrid zelf is diep-religieus en, net zoals koningin Fabiola en andere leden van de koninklijke familie en hofhouding, betrokken bij de Pinksterbeweging, een katholieke versie van de Amerikaanse charismatische beweging. Haar echtgenoot zou, volgens eensluidende indiscreties, zelfs een belangrijke functie bekleden in de rechts-conservatieve katholieke lekenbeweging Opus Dei.
"Lorenz is een echte Habsburger, met inbegrip van de rechts-autoritaire trekjes", vertelt een voormalig toppoliticus, die meent te weten "dat zelfs aan het Hof de wenkbrauwen even omhoog gingen toen Lorenz zich een paar keer liet ontvallen dat het Belgische koningshuis in de toekomst nood heeft aan een sterke opvolger". Dat soort opmerkingen is voor een politieke klasse, die zich nog levendig de autoritaire Leopold III en de koningskwestie herinnert, voldoende om collectief te beginnen huiveren.

undefined

Albert de Goedlachse


"Een extraverte, goedlachse, voorzichtige en intelligente man die houdt van een uitgelezen maaltijd met een dito glas wijn." Dat is het tot vervelens toe herhaalde cliché, dat eenieder die ooit de hand van de nieuwe koning heeft geschud, vorige week paginabreed in de kranten mocht opdissen. Maar in al zijn clichématigheid duidt het tegelijk het wezenlijke verschilpunt met Boudewijn aan: de asceet tegenover de Bourgondiër. Boudewijn als immer gespannen, wantrouwige tobber, Albert de openhartige, relativerende bon-vivant. Boudewijn de halve heilige, Albert de man-van-de-wereld met een lichte voorkeur voor aardse geneugten. Net als alle andere karikaturen moet dit beeld genuanceerd worden, maar het basisverschil klopt wel.
"Man-van-de-wereld, dat is de juiste term", zegt een zakenman die de nieuwe koning regelmatig vergezelde op buitenlandse reizen. "Albert heeft, als ere-voorzitter van de Belgische Dienst voor Buitenlandse Handel, tientallen economische missies geleid. Hij is, in alle uithoeken van de wereld, met honderden zakenlui en diplomaten in contact gekomen. Hij spreekt vlot Italiaans, uitstekend Engels, goed Duits, en Nederlands en Frans. Geloof me, hij heeft minstens evenveel mensenkennis als wijlen Koning Boudewijn. Als hij de politici behandelt zoals hij de zakenlui altijd heeft behandeld - met dossierkennis, maar ook met een kameraadschappelijke schouderklop en een grote dosis relativerende humor - dan gaat hij een mooie, harmonische regeerperiode tegemoet."
"Ik wil niet oneerbiedig zijn, maar hij heeft iets van een ket", zegt een Minister van Staat. "Guitig, nuchter, en een tikkeltje bourgeois. Hij is de eerste Coburger die geen Pruisische trekken meer heeft. Je zou kunnen zeggen dat hij onze eerste, echt Belgische koning wordt."
"Je moet toch opletten dat je geen karikatuur van hem maakt", zegt de oude hoveling. "Je onderschat Albert beter niet. Hij is wellicht even karaktervast als Boudewijn. Hij is opgegroeid in dezelfde beroerde omstandigheden: moeder jong gestorven, ballingschap tijdens de oorlog, vader van de troon gestoten door de na-oorlogse generatie politici. Hij staat daardoor minstens even wantrouwig tegenover de politici als Boudewijn. Ik denk dat sommige politici - die denken dat de monarchie hen in de nabije toekomst geen strobreed meer in de weg zal leggen - gaan schrikken als ze in een crisisperiode voor het eerst met Albert te maken krijgen. Want dan zal Albert zich willen bewijzen; zijn autoriteit willen vestigen. Albert lijkt naar buitenuit iets goedgeloviger dan Boudewijn, maar in wezen is hij een even onvervalste Coburger. Hij vergeet niets. Je maakt hem geen blaasjes wijs."
"Och, zo'n vaart zal het niet lopen", zegt de rechtsgeleerde. "Albert is in de eerste plaats een zeer voorzichtig man. Ik verwacht dat hij, zeker in het begin, schroomvallig, rustig en ontspannen over het politieke krachtenveld zal laveren. Want wat men ook over Boudewijn moge beweren - dat hij de politici wantrouwde, dat hij er de laatste jaren zelfs zijn buik van vol had - het is een feit dat hij veel beter met de politici heeft samengewerkt dan om het even wie van zijn voorgangers. Ik denk dat Albert de lijn zal doortrekken. En doordat hij een stuk jovialer en makkelijker is in de omgang - omdat hij een veel gemakkelijker en gelukkiger leven heeft geleid dan Boudewijn - zal hem dat ongetwijfeld lukken. Albert zal het beleid van Boudewijn gewoon voortzetten, verwacht ik. En zijn belangrijkste en misschien wel enige credo zal zijn: vermijden dat het land uit elkaar valt. Heel simpel, maar moeilijk genoeg."

Onder vrienden

De karakterverschillen tussen de twee broers stammen vanuit hun prille jeugd, dat bevestigt ook de oud-gouvernante van Boudewijn, mevrouw Margaretha De Jong: "Boudewijn was ingetogen en bescheiden, terwijl Albert lastig kon zijn en driftig, hij durfde wel eens met zijn voeten op de grond stampen. Ik vermoed dat het te verklaren is door de dood van hun moeder. Boudewijn had sterke herinneringen aan koningin Astrid, maar Albert was pas één jaar oud toen ze stierf. Hij heeft dat verdriet veel minder bewust meegemaakt. Een ander element is de houding van hun vader: Leopold kon van Albert veel meer verdragen dan van Boudewijn, en daarom heeft Albert een veel zorgelozer jeugd gekend. Hun voorbestemdheid was daar de oorzaak van: de toekomstige troonopvolger moest zich aan veel meer strakke regels houden, was veel sterker doordrongen van zijn plichten dan zijn jongere broer, die losser werd gelaten."
"Hij is minder een pilaarbijter dan Boudewijn", zegt een invloedrijk journalist, "het type van de grand-bourgeois, terwijl Boudewijn meer de échte, oude, aristocratische waarden belichaamde. In die zin is het een terugkeer naar de familietraditie. Iedereen herinnert zich Boudewijn als de koning die zijn geloof en zijn morele waarden tot centrum van zijn koningsschap maakte, maar zijn voorgangers waren veeleer halve handelaars en ingenieurs. Dat lijkt me ook meer de stijl van Albert. Wat lapidair uitgedrukt: hij heeft meer voeling met de wereld van de markt dan met die van de kansarmoede. We zullen moeten afwachten hoe zijn relaties met de politici zich verder ontwikkelen, maar ik vermoed dat zij met hem meer affiniteit zullen hebben: niet alleen omdat hij minder afstandelijk is, maar omdat ze in hem een beetje zichzelf menen te herkennen: een man die ook al eens een deal kan sluiten, geen Prinzipienreiter
Deals heeft Albert in zijn vorige leven, als delegatieleider van tientallen missies van de Belgische Dienst voor Buitenlandse Handel, veel bemiddeld. Maar niet al zijn inspanningen werden even erg gewaardeerd. Toen hij in 1980 op reis in de Verenigde Arabische Emiraten en Dubaï onderhandelde over wapenleveringen, leidde dat in eigen land tot discrete kritiek. Formeel gezien was Albert wel altijd even buiten gaan staan als de wapenleveringen ter sprake kwamen, maar toch.
Een andere faux pas was zijn bemiddeling voor de bedrijven die het consortium Eurosystems vormden. Die groep verkreeg een miljardenproject voor de bouw van nieuwe ziekenhuizen in Riad en Djeddah in Saoedi-Arabië, maar dat liep uiteindelijk op een financieel débâcle uit. In diverse kranten werd destijds zelfs melding gemaakt van de uitbetaling van smeergelden die in de miljarden liepen en van het inschakelen van een sjiek prostitutienetwerk om de Saoedi's te lijmen. De jonge socialistische voorzitter Karel Van Miert zei toen dat 'de regering, andere hooggeplaatsten en zelfs het Hof zich voor de wagen van een gangster hadden laten spannen.' De zaak koelde uiteindelijk zonder blazen.
Het is natuurlijk gissen in hoeverre dit verleden de koning nog beïnvloedt. Opvallend in dat verband was wel een reportage in het VTM-nieuws waarin Baron Zurstrassen, een rechtse edelman uit Verviers, verklaarde dat hij voor Albert diens Zuidfranse residentie had uitgezocht, en dat ze nog altijd goede buren zijn. Tot die Zuidfranse society-kring rond Zurstrassen behoren ook mensen als Paul Vanden Boeynants, Pierre Salik, Aldo Vastapane en de erven van Charlie De Pauw, allen succesvolle zakenmensen, zij het met een niet geheel onbezoedelde reputatie.

Paola de Op den Duur Vrome


Toen Albert zich verloofde met de Italiaanse Paola Ruffo Di Calabria wreven de verzamelde papparazzi zich vergenoegd in de handen: eindelijk zou er wat sappig mondain nieuws in dat anders zo stijve en gereserveerde Belgische vorstenhuis kunnen worden gesprokkeld. In de beginjaren stelde Paola de roddelpers niet teleur: ze werd gesignaleerd terwijl ze met blote voeten de twist danste, mocht van een suppoost niet binnen in de Sint-Pietersbasiliek omdat ze een te korte minirok droeg, en veroorzaakte zowaar een diplomatieke rel: toen tijdens een bal van de familie Von Bismarck in 1963 het overlijden van president Kennedy werd bekendgemaakt, besloot men de festiviteiten te staken. Waarop Paola zich liet ontvallen: "Dommage, pour une fois oú l'on s'amusait bien." Toenmalig premier Theo Lefèvre kon op het nippertje een diplomatiek incident met de Amerikaanse ambassade vermijden.
De levenslustige prinses had niet alleen af te rekenen met de strenge heren van het protocol, maar kon het na een tijdje ook niet meer vinden met haar man en haar schoonfamilie. Zo werd in de Franse society-pers gesignaleerd dat het prinselijk paar een hoogoplopende ruzie had gehad in een restaurant, nadat er foto's waren verschenen van de prinses in een kuise, maar voor die tijd iets te wulps uitgevallen bikini. De relatie tussen de prinsen van Luik verslechterde zodanig dat zij in de jaren '70 tot '75 feitelijk gescheiden leefden in twee verschillende vleugels van het Belvédère-paleis. Jaren later gaf prins Albert in een gesprek met een Franse journaliste toe dat zijn huwelijk een tijdlang op springen had gestaan.

Hallelujah


Het huwelijk hield uiteindelijk stand, niet in het minst door de niet aflatende druk van Boudewijn en Fabiola, die niet konden aanvaarden dat hun katholieke familie een scheiding te verwerken zou krijgen. Toen de eerste grijze haren opdoken, verdween de rebelsheid van de Italiaanse droomprinses. Zeker sinds de geboorte van haar kleinkinderen zoekt zij naar een nieuwe betekenis van haar leven.
"Ook zij is uiteindelijk bijzonder religieus geworden", zegt een hofkenner, "en maakt samen met andere leden van de familie, zoals haar schoonzus Fabiola en haar dochter Astrid deel uit van de charismatische gebedsgroep van het paleis. Ook van de koninklijke kabinetschef Van Ypersele de Strihou wordt gezegd dat hij aanhanger is van die charismatische beweging. Nu, dat is beleefd gezegd, want zelfs in meer traditionele katholieke kringen wordt die beweging wel eens omschreven als een sekte."
De charismatische beweging is enkele decennia terug ontstaan op Amerikaanse universiteitscampussen, waar biddende studenten plots de Heilige Geest in zich voelden komen en begonnen te praten in tongen, zeg maar in een soort trance, waarbij ze soms talen gebruikten die ze niet geacht werden te kennen of die zelfs niet bestonden. Aanvankelijk werd deze beweging met bijzonder kritische ogen bekeken door de katholieke kerk, niet alleen omwille van haar excentrieke kantjes, maar vooral omdat de leden ervan door dit gebed een persoonlijke relatie met hun God onderhielden, wat de katholieke hiërarchie technisch werkloos zou hebben gemaakt. Toen een afsplitsing van de pinksterbeweging zich echter bereid verklaarde de katholieke hiërarchie te blijven gehoorzamen, werd zij toegelaten in de katholieke kerk. De grote bemiddelaar bij het Vaticaan voor de erkenning van de charismatici was en is kardinaal Suenens, van oudsher de geestelijke die de beste contacten met het koninklijk paleis heeft en die, volgens verschillende politici, Boudewijn geadviseerd heeft bij zijn besluit de abortuswet niet te ondertekenen.
Niet alleen het luidop bidden in tongen doet meer traditionele katholieken de wenkbrauwen fronsen. Ook het geloof van de charismatici in gebedsgenezingen en duiveluitdrijvingen roept wat huiver op. Om te zwijgen over de profetieën, een ritueel waarbij de leden van de gebedsgroep elkaar meedelen welke boodschappen ze van de Heilige Geest ontvangen hebben. Prins Albert neemt met regelmaat deel aan de gebedsgroep, maar zou er volgens ingewijden toch wat gereserveerder tegenover staan, en een meer traditioneel, randkerkelijk gelovige zijn.
Net als zijn broer heeft Albert last met zijn gezondheid. Het valt op hoe, zeker in stress-situaties, zijn handen en zijn hoofd vaak beven. Volgens verschillende intimi van de nieuwe koning zou hij lijden aan een beginnende, onder controle gehouden vorm van de ziekte van Parkinson, maar geen van de bronnen die ons dit bevestigden, heeft de medische kwalificatie om deze diagnose te stellen. Het gegeven ontlokte wel deze cynische opmerking aan een commentator: "Het was dàt, een domoor of een sektelid. Gesteld voor die keuze, vind ik dat de regering het niet eens zo kwaad heeft gedaan."
Yves Desmet, Danny Ilegems & Jaak Smeets

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234