Mijn hart bloedt vooral voor de grootste pechvogel van allemaal: mijn jeugdheld ­Peter ­Frampton.

de canon van (ss)

Als een wandelende condoom in het erotiekmuseum

Vijf weken lang heet ik u welkom in mijn Wunderkammer om u te vergasten op al het goede en mooie dat nog wél coronaproof is, als balsem voor de quarantaineziel. Deze week op het menu: een grammofoon op een melkkar, klaarkomen op de fiets en acht minuten verstilde schoonheid.

EEN PREMIÈRE EN ENKELE DERNIÈRES

Muziekfestivals zijn tot nader order een fysieke onmogelijkheid, ook al proberen de Werchters van deze wereld heel creatief diverse doekjes voor het bloeden uit. Maar topnamen die hun reputatie vestigden met imposante spektakels - van The Rolling Stones tot Cirque du Soleil en Royal de Luxe - zullen pas opnieuw touren als ze winst kunnen maken. En je kunt geen winst maken als je optreedt in zalen met een capaciteit van twintigduizend man waar slechts achthonderd mensen kunnen zitten omdat de afstandsregels gerespecteerd moeten worden.

Heel wat Humolezers, onder wie ikzelf, woonden daardoor in de periode vóór maart 2020 zonder het te beseffen hun laatste echte concert of festival bij. Supersterren die nét op tijd wereldwijd langs de kassa passeerden, prijzen zich nu gelukkig. In sommige gevallen konden stokoude artiesten hun afscheidstournee nipt afwerken. Paul Simon en Joan Baez namen twee jaar lang afscheid van het publiek, hun concertverhaal werd mooi afgerond. Ook Roger Waters, Fleetwood Mac, Kiss en Deep Purple konden veelal grote producties laten cashen vóór Covid-19 op tournee vertrok. Het zou voor hen een geldverslindende ramp zijn geweest als het virus één jaar eerder had toegeslagen. Timing is álles in dit leven, en de gelukzakken die na hun farewell tour net terug thuis waren van een slopende tournee, konden tijdens de lockdown uitpuffen terwijl ze hun geld telden.

Heirkracht dwingt levende legenden vervroegd met pensioen, met name legenden die de pensioengerechtigde leeftijd al lang voorbij zijn. De tijd tikt, en heel wat oude helden hebben nu een gigantisch probleem: als je 78 jaar bent, en je stem en je conditie zijn al niet meer wat ze ooit waren, dan garandeert niets dat er over achttien maanden nog geluid weerklinkt als je je stembanden aanzet. Niet toevallig heeft Paul McCartney voor zijn afgelaste Europese tournee (op 21 juni had hij in Werchter moeten schitteren) geen nieuwe data aangekondigd. Eric Clapton: 75 jaar. Randy Newman: 76. Bryan Ferry: bijna 75. Iggy Pop zal volgend jaar 74 worden. Ook Bob Dylans neverending tour has ended, en volgend jaar zal hij, misschien, de 80 gepasseerd zijn. Aerosmith, met die aartsmoeilijke zangpartijen van de tegen die tijd 73-jarige Steven Tyler? Ik geloof er niet in. 'This could be the last time', zongen The Rolling Stones: Mick 'Peter Pan' Jagger lijkt eeuwig jong en draagt geen gram overtollig vet, maar hun gemiddelde leeftijd zal volgend jaar 78 zijn. Uitstel dreigt afstel te worden. Corona heeft op muziekvlak onverwacht het einde van een tijdperk ingeluid. Mijn hart bloedt vooral voor de grootste pechvogel van allemaal: mijn jeugdheld Peter Frampton. Die sympathieke meestergitarist lijdt aan een zeldzame spierziekte waardoor hij binnen afzienbare tijd niet langer gitaar zal kunnen spelen. Voor hem is het bijgevolg onmogelijk om, zoals Brian Wilson en een vracht mindere goden deden, een lange vakantie te nemen en zijn tournee pragmatisch over te hevelen naar 2020. Ook Carlos Santana heeft zijn Europese tournee simpelweg afgelast - nooit eerder voerde ik een exclusief interview met een rockster om een optreden (in het Sportpaleis) te promoten dat werd afgelast op de dag dat het interview verscheen. Zo'n militair geplande wereldtournee afgelasten kost tot tientallen miljoenen euro en het is afwachten in hoeverre de verzekeringsmaatschappijen dat verlies opvangen.

Het eerste muziekfestival in de openlucht was overigens niet, zoals vaak wordt beweerd, Monterey (in 1967) of Woodstock (in 1969), en evenmin de eerste editie van ons eigen Jazz Bilzen vier jaar eerder. Het was een excentriek, door de mist der geschiedenis opgeslokt initiatief in 1909 van een zakenman uit Manchester. Onder de noemer 'festivals' vermeldt Wikipedia het níét, maar de facto was dat de eerste massabijeenkomst ooit waarbij muziek centraal stond. William Grimshaw organiseerde in het gigantische Heaton Park een muziekdag... zonder artiesten. In feite was Grimshaw de eerste deejay, want hij speelde een 78 toerenplaat van tenor Enrico Caruso - de grootste wereldster van zijn tijd. Caruso zelf was op dat moment thuis in Italië. Grimshaw liet zijn stem weerklinken uit zo'n nu aftandse, maar toen revolutionaire koffergrammofoon met een enorme hoorn. Die had zelfs een eigen tourbus: een melkkar waarop de 260 kilo zware grammofoon naar het park werd vervoerd.

Dat nobele initiatief was niet gespeend van enig eigenbelang: 'Gramophone King' Grimshaw verkocht eerst fietsen (verguisd als 'duivelse objecten', tot vrouwen ontdekten dat de wrijving op het zadel tijdens het trappen hen deed klaarkomen), en vervolgens sprong hij op de trein van die 'rare nieuwe reuzenoren waaruit muziek weerklinkt'. Al twijfel ik of het geluidsniveau dat met één hoorn werd gegenereerd, volstond om het geroezemoes te overstemmen van de veertigduizend (!) operaliefhebbers die waren opgedaagd, gekleed in jurken en avondkledij. Overigens was dat niet eens een publieksrecord: een paar weken later verzamelden in Heaton Park tweehonderdduizend suffragettes die het stemrecht voor vrouwen wilden afdwingen.

Groepsseks is voorlopig niet aan de orde in het MEM, het museum voor erotische kunst.

EEN BOODSCHAP VOOR ANHEDONISTEN

Een kennis die in Monaco woont, vertelde me dat daar een miljardair middelmatige sushi uit een plaatselijke winkel per privéjet liet overvliegen naar zijn echtgenote in Moskou - alleen de sushi, geen passagiers! En een vriendin die voor een keten van vijfsterrenresorts werkt, meldde dat een Arabier een pas geopende nebukadnezar vintage champagne (15 liter!) was 'vergeten' op te drinken - kostprijs ongeveer 30.000 euro. De boodschap: hou u niet in als uw wederhelft die niet van decadentie en verspilling houdt, weer op de rem wil trappen.

EEN MUSEUM

Heel wat musea hebben opnieuw de deuren geopend, zij het vaak met onlinereservaties vooraf en een beperkt aantal bezoekers per tijdsblok. Het MSK in Gent is altijd de moeite waard, en in Antwerpen was het Mayer van den Bergh altijd al lockdownfähig, want het is een subtiel museum - een intieme, licht excentrieke en (op de 'Dulle Griet' na) onspectaculaire plek, maar net daarom zo'n weldaad. Mijn favorieten, het Fin-de-sièclemuseum en het Muziekinstrumentenmuseum in Brussel, blijven tot nader order dicht. Het Magrittemuseum en de collectie Oude Meesters van de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten (met werken van Rembrandt, Van Dyck, Rubens en Bruegel) zijn wel geopend.

In Brussel heropende aan de Zavel ook het MEM. In dat unieke museum voor erotische kunst is het in zekere zin toepasselijk dat u het, met mondmasker en handschoenen, als een soort wandelend condoom betreedt. De ontsmettende handgel kan tevens als glijmiddel dienen. Ook daar gelden beperkende maatregelen, zoals een klein aantal bezoekers per uur - groepsseks is dus voorlopig niet aan de orde. Het MEM is in elk geval een buitenbeentje én een buitenkans: het werd in 2012 geopend door de oude dokter Guy Martens en niets garandeert dat het na zijn dood zal blijven bestaan.

Tip: vertrek heel vroeg. Het trucje dat ik al eeuwen in Venetië toepas, werkt sinds de coronapandemie ook perfect in andere steden: dwaal door de stad in de uren vóór het verkeer zich op gang trekt en de sfeer verpest, en kijk omhoog naar de art-nouveaugevels en ander moois dat u anders zou missen wegens gehaast. Op een onzalig uur reizen in eigen stad is een activiteit die social distancing in zich draagt.

Het 'Adagio for Strings' van Samuel Barber: verstilde schoonheid en ontroering.

EEN STREEPJE KLASSIEK

Zogenaamde kenners van klassieke muziek noemen dit werk een cliché, maar wat is een cliché anders dan een door de tijd gelooide en geconsacreerde absolute waarheid? En de waarheid over het 'Adagio for Strings' (opus 11) van Samuel Barber is dat het de kracht bezit om zich als de beste pophit in je oor en meteen ook in je geheugen te boren, zonder dat het zich bezondigt aan een al te voorspelbaar misbruik van strijkers. De violen zijn hier allesbehalve zeemzoet. Voor heel wat luisteraars dragen ze rouw in zich - het adagio is populair op begrafenissen van intellectuelen en gevoelige zielen. Maar ik associeer het geenszins met verlies, alleen met verstilde schoonheid en ontroering. Het is me in dat verband trouwens altijd opgevallen dat veel mensen niet het onderscheid kunnen maken tussen melancholisch en deprimerend. Maar ik wil niet kapotanalyseren waarom iets wat zich zo zacht en frêle en haast aarzelend ontvouwt, alsof het vreest niet welkom te zijn, toch zo'n directe emotionele impact kan hebben.

In het leven van meneer Barber volstonden acht minuten (of zeven, in het geval van dirigenten die het te snel afhaspelen) om de mensheid voor eeuwig te verrijken. En, zo briljant, net als je (bij de goeie dirigenten) na exact zes minuten denkt: dit was het, beter wordt het niet... volgt na een maat stilte die wonderlijke tweede adem. De zeer wijze Confucius, die ik graag had ontmoet, zei: 'We hebben allemaal twee levens. Het tweede begint op het moment dat we beseffen dat we maar één leven hebben.' Mijn tweede leven begon toen ik dit 'Adagio for Strings' voor het eerst hoorde.

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234