Als kind mishandeld: stellingbouwer Michel Van den Brande, buitenbeentje in 'The Sky Is the Limit'

Stellingbouwer Michel Van den Brande vindt dat hij de enige normale is tussen al die ‘stoefers en dikkenekken’ in het rijkenprogramma ‘The Sky Is the Limit’. Maar ‘normaal’ is een iets te gewone omschrijving voor een bedrijfsleider die zonder omhaal op televisie vertelt dat hij geen ballen meer heeft.

Kanker kostte hem op zijn 29ste zijn twee teelballen. Daarna kreeg hij de ziekte van Peyronie, waardoor zijn penis krom ging groeien. Michel Van den Brande (53) vertelt het met een verbazingwekkende openheid in het programma van Peter Boeckx, terwijl hij de cameraploeg rondleidt in zijn bedrijf Kontrimo, dat stellingen en tribunes bouwt. Met hard werken en een ijzersterk overlevingsinstinct heeft Van den Brande van Kontrimo een bloeiend bedrijf gemaakt met 150 werknemers en 600 werven in heel België. ‘Mensen die mij zien rijden in een Ferrari denken dat ik veel chance heb gehad in het leven, maar ik heb er keihard voor gewerkt,’ vertelt Van den Brande in zijn kantoor in Temse, dat met z’n grote wand vol modelautootjes en helikoptertjes doet denken aan een jongenskamer. ‘Ik heb mijn kinderen niet zien opgroeien. Toen mijn dochter zeven was, vroeg ze aan haar moeder: ‘Mama, wie is die meneer?’’

'Mijn broer heeft zelfmoord gepleegd toen hij 29 was. Ik lag met kanker in de kliniek te vechten voor mijn leven, en die zot snijdt zijn polsen door' Michel Van den Brande

Het heeft veel offers gekost, maar hij is trots op wat hij heeft bereikt.

Michel Van den Brande «Maar ik kan er niet tegen als mensen zeggen dat ik een miljonair ben. Dat is niet waar. Er staat hooguit 15.000 euro op mijn rekening. Al mijn geld zit in het bedrijf. Ik heb hier voor 33 miljoen euro aan materiaal liggen. Ik heb geen spaarboek en geen rekening in Panama. Ik woon niet meer samen met mijn vrouw, maar we kunnen zelfs niet scheiden. We zitten samen in het bedrijf en kunnen elkaar niet uitkopen. De enige foliekes die ik mij permitteer, zijn mijn verzameling sportwagens en oldtimers, en mijn penthouse in Blankenberge. Knokke kon ik niet betalen. Ik leef ook niet zo decadent als sommige andere geportretteerden in het programma.

»Veel van die rijken hebben alles gekregen van hun ouders. Ik heb niks gekregen. Ik heb een harde jeugd gehad. Mijn vader was een klootzak die zijn kinderen mishandelde. Ik ben maar tot mijn 12de naar school geweest. Ik ben van nul begonnen, en ik heb heel mijn leven gewerkt om vooruit te komen.

»In ‘The Sky Is the Limit’ ben ik maar een kleine garnaal, hoor. En eerlijk, die mensen met al hun chichi liggen mij niet. Ik voel mij onwennig tussen al die bontjassen en kostuums. Ik draag nooit een kostuum. Voor Willy Naessens heb ik wel respect. Hij heeft het ook allemaal zelf gedaan, en hij zal ongeveer de rijkste van de hoop zijn. Ik sta ongeveer vanonder, samen met Harry en Olga. Allee, ik denk dat Harry nog onder mij staat (lacht). Overal de grote jan uithangen, maar ik denk niet dat er veel op zijn rekening staat.»

Zijn brute eerlijkheid maakte van Michel Van den Brande al vanaf de eerste aflevering de publiekslieveling van ‘The Sky Is the Limit’.

'Zonder mijn slechte jeugd had ik het nooit zo ver geschopt'

Van den Brande «Mijn ex-vrouw kan er minder mee lachen. Ik heb ergens verteld dat ik anderhalf jaar geleden ambras gemaakt heb met haar. Ik weet niks meer van die avond, ik was te dronken, maar ik heb het huis kort en klein geslagen, en haar erbij. Ik begrijp dat vandaag nog altijd niet van mezelf, en ik heb er veel spijt van. ‘Moest je dat nu gaan vertellen?’ vroeg ze. Maar wat moet ik doen, de brave Michel uithangen? Vroeg of laat komt dat toch uit. En dan zal iedereen zeggen: die Michel hangt de sympathieke uit op televisie, maar hij slaat zijn vrouw. En dan maken ze het nog erger dan het was.»

HUMO Wat is er dan gebeurd?

Van den Brande «Ik herinner me bijna niks meer van die avond. We waren samen gaan eten om over ons huwelijk te praten, want het ging al een tijd niet goed meer – we leefden naast elkaar. We hebben drie, vier flessen wijn uitgedronken, en ik daarna nog een paar Duvels. Dat was natuurlijk niet slim. We kwamen thuis met de taxi: ik ging in de zetel liggen, zij in bed. Ik moet later toch naar de slaapkamer zijn gegaan, en daar is iets gebeurd. Misschien heeft ze mij afgewezen of zo, ik weet het niet meer, maar ik ben door het lint gegaan. Mijn vrouw heeft in paniek de politie gebeld. Automatisch volgt er dan een klacht wegens intrafamiliaal geweld. Maar toen was ik thuis al vertrokken, gaan slapen in het appartement dat we hier in het bedrijf hebben ingericht. Toen ik de volgende ochtend de ravage in ons huis zag, ben ik enorm geschrokken: ‘Miljaar, wat is hier gebeurd?’ Je zou zo nog ongelukken begaan zonder dat je ’t weet. Mijn vrouw had dood kunnen zijn, want als ik kwaad ben, kan ik nogal tekeergaan. Het is maar één keer gebeurd. Mijn kinderen heb ik nooit geslagen.»


Broodje goedkope bazaar

HUMO Jij bent als kind wel vaak door je vader geslagen.

Van den Brande «Hoe ouder ik word, hoe meer ik daaraan denk. We waren thuis met vier kinderen, drie jongens en een meisje. Ik sliep met mijn twee broers op één kamer, en als mijn vader goesting had om iemand een rammeling te geven, riep hij één van ons naar beneden. Onze kamer was op de zolder en als we de trap afkwamen, moesten we vijf deuren passeren. Achter één van die deuren stond hij. Als je daar voorbijkwam, greep hij je vast, en sloeg hij met zijn vuist los erop. Met mijn zus heeft hij andere dingen gedaan. Ik heb dat nooit verteld, maar daar heeft hij op een andere manier aangezeten. Zo’n paljas was dat. Ze heeft er zwaar van afgezien. Eén van mijn broers heeft later zelfmoord gepleegd.»

HUMO Mensen gaan voor minder de gevangenis in.

Van den Brande «Wij spraken daar met niemand over. Ik heb mijn ouders veel te lang in bescherming genomen. Ze waren alleen maar met zichzelf bezig. Wij hebben nooit iets gekregen. Geen zakgeld, geen fiets, geen nieuwe kleren. Ik liep rond met te kleine schoenen die we hier of daar kregen. Op onze boterham lag alleen rood vlees (hespenworst, red.) of salami – goedkope bazaar. Geen heps hoor, dat hielden mijn ouders voor zichzelf. We mochten nooit mee op schoolreis. Zwemmen? Ik kreeg geen zwemgeld en geen zwembroek, dus dat ging ook niet. Ik kan dus niet zwemmen. De dokter zei mij onlangs dat het een goeie sport zou zijn voor mij. Maar ik heb het nooit geleerd.»

HUMO Waarom ben je maar tot je 12de naar school geweest?

Van den Brande «Mijn moeder was zenuwziek. Ze lag hele dagen in bed, koffie te drinken en sigaretten te roken. Ik was de oudste van de vier. Ze hielden mij thuis met ziektebriefjes om het huishouden te doen. Ik moest kuisen, en soep en frikandellen maken. Vanaf mijn 14de moest ik met mijn vader mee gaan werken.»

'Ik heb mijn kinderen niet zien opgroeien. Toen mijn dochter zeven was, vroeg ze aan haar moeder: 'Mama, wie is die meneer?'

HUMO Waarom heb je nooit bijscholing gevolgd?

Van den Brande «Ik had daar geen zin in. Ik heb geen studiekop, ik kan mijn gedachten daar niet bijhouden.

»Als bedrijfsleider is dat natuurlijk een handicap, maar ik trek mijn plan. Ik heb veel geluk dat ik op het bedrijf goeie mensen rond mij heb. Ik laat al mijn post en mails verbeteren door mijn secretaresse, Berlinde, die ik al 25 jaar ken. Zij haalt de dt-fouten eruit en zet de komma’s juist. Ik spreek geen Frans, maar ik heb mensen in het bedrijf die vlot tweetalig zijn. Die zorgen voor de werven in Wallonië. Er zijn wel dingen die ik heb moeten laten schieten. Ik had vroeger een helikopter waarmee ik leerde vliegen. Dat ging heel goed, maar de theorielessen waren er te veel aan. Die graden meten, en dat weerbericht in het Engels… dat ging niet. Ik ben altijd slim genoeg geweest om niet hoger te willen springen dan ik kon, want dat loopt verkeerd af. En dus heb ik die helikopter weggedaan.»

HUMO Wat deed je vader?

Van den Brande «Zo weinig mogelijk (lacht). Mijn vader was deur-tot-deurverkoper voor de zeepcentrale: hij leurde met waspoeder, wc-papier en zeep. Ik moest mee. Kunt ge ’t u voorstellen, zo’n manneke van 14 jaar met een gigantisch pak wc-papier, en dan nauwelijks bij de bel kunnen? Die mensen deden open en zagen alleen dat pak van 48 wc-rollen. En dan riep ik vanachter die stapel: ‘Goeiemiddag madame, zeepcentrale!’»

HUMO Was je goed in verkopen?

Van den Brande «Ik kon het goed uitleggen. Ik werd daar ook slimmer in. Ik moest een manier vinden om aan geld te geraken, want thuis kreeg ik niks. We verkochten badschuim in bussen van vijf liter, voor 250 oude Belgische frank. Ik goot dat badschuim over in flessen van een liter en maakte de mensen wijs dat dat heel speciale badolie was waar hun velletje zo zacht als een perzik van zou worden. ‘Het is wel iets duurder, 90 frank voor een liter.’ En de mensen kochten dat. In Aalst heb ik er zo eens dertig op een dag verkocht. Voor elke bus badschuim van 250 frank maakte ik 200 frank winst. En als ik een paar weken later terugkwam, moesten ze alleen nog maar van die dure ‘badolie’ hebben (lacht). Mijn vader was razend toen hij erachter kwam, maar alleen omdat hij er zelf niet opgekomen was.

»Mijn vader was een luierik. Hij werkte net genoeg om rond te komen en ging voor de rest flipperen op café. Hij deed wel altijd alsof hij heel veel geld had, met zijn kostuum en zijn opzichtige horloges. Maar hij stak zich dan in de schulden en maakte de ene put om de andere te vullen. Zo geraakt ge niet vooruit, hè. Als hij geen zin had om te werken, ging hij naar de bank en haalde hij geld af van de rekening van mijn moeder. Thuis zei hij dan tegen haar dat hij goed verdiend had. ‘Kom eens tellen!’ Dan was mijn moeder haar eigen geld aan het tellen. Het was een echte strekenman. Ik heb dat een tijdje aangezien en ik heb gezegd: ‘Zoals gij werkt, ga ik het nooit doen.’»


De weg naar de top

HUMO Hoe heb jij het dan wel gedaan?

Van den Brande «Ik ben op mijn 18de als stellingbouwer beginnen te werken. Ik werkte hard, ik wilde mij bewijzen, en dat viel op bij de bazen. Daardoor kreeg ik kansen om hogerop te raken. Rond het justitiepaleis van Brussel staan al 28 jaar dezelfde stellingen, weet je dat? Die heb ik daar gezet, in 1987, toen ik nog bij Eurosteiger werkte. Zo kreeg ik altijd maar belangrijker werven.»

HUMO Teelbalkanker gooide roet in het eten.

Van den Brande «En ik was nog geen 30! Ik ging naar de dokter omdat ik een knobbeltje voelde, maar die stelde mij gerust: het was een gewone cyste. Als het groter werd, moest ik terugkomen. Maar ik had daar nooit tijd voor: ik was altijd aan het werk. Zes maanden later zei mijn vrouw dat het zo niet verder kon, dat de mensen naar mijn broek begonnen te kijken. Het was net alsof ik een derde bal had. Ik moest direct geopereerd worden.

»Mijn leven heeft aan een zijden draadje gehangen. Ik ben drie keer geopereerd en mijn teelballen moesten eraf. De dokters hebben mij erdoorheen gesleurd en ik heb twee jaar chemo gekregen. In die periode heeft mijn broer zelfmoord gepleegd. We scheelden maar elf maanden. Ik lag in de kliniek voor mijn leven te vechten, en die zot sneed zijn polsen door. Ik vond dat heel erg, maar ik vond ook dat hij het zichzelf had aangedaan. Ik zou nooit zelfmoord plegen.

»Ik heb die twee jaar chemo doorgesparteld, en toen ik genezen was, ben ik nog harder beginnen te werken, om niet te hoeven denken aan die twee ballen die ik kwijt was. Voor een vrouw is het erg om een borst kwijt te raken, maar ik moet óók mijn broek uitdoen als ik seks wil, hè. Daar was ik bang voor. Door de chemo groeide mijn penis ook krom, het was echt geen gezicht (lacht). Ondertussen staat hij weer recht, hoor, ik ben geopereerd.

»Vanaf toen begon alles ineens heel goed voor mij te gaan bij Eurosteiger. Ik klom in korte tijd naar de top van het bedrijf en werd zelfs gedelegeerd bestuurder. Ik heb het al vaak gezegd: ‘Onze-Lieve-Heer moet gedacht hebben dat hij mij een kloot te veel had afgetrokken, en dat hij mij wat moest helpen.’»

HUMO Je was al 37 toen je als zelfstandige begon.

Van den Brande «Kontrimo was toen een klein stellingbedrijf in Boom, met twaalf werknemers. Ik heb het overgenomen samen met een maat van mij, Marc. Ik heb de villa die ik met mijn vrouw in Temse had gebouwd als borg moeten geven om die firma te kunnen overnemen. Heel Sint-Niklaas zei dat we binnen de zes maanden failliet zouden zijn. ‘Marc en Michel? Die kunnen dat niet.’ Dat moet je dus niet tegen mij zeggen. Marc is er intussen uitgestapt, jammer genoeg, die renteniert nu. Maar ik doe verder. Ik besef nog altijd: als ik ooit failliet ga met het bedrijf, dan lacht heel Sint-Niklaas mij uit. Dat is ook een motivatie om door te gaan.

»Het gaat goed met het bedrijf. We plaatsen veel stellingen aan monumenten, scholen en openbare gebouwen. De basiliek van Doornik zijn we helemaal aan het inpakken, de watertoren in Heist-op-den-Berg, een kerk in Mechelen… Onlangs hebben we al het hout in de stellingen rond het Brusselse justitiepaleis moeten vervangen. Het was allemaal rot. Niet moeilijk, als je ziet hoelang dat spel daar al staat. Met ons ander bedrijf bouwen we tribunes, onder andere voor de Ronde van Vlaanderen. De tribunes op de Koppenberg en de Kwaremont zijn van ons – daar komen ze drie keer voorbij. Ik ga er altijd naartoe met klanten, dan spreek je eens over de koers en de vrouwen in plaats van over het werk.»


Een vechterke

HUMO Je bent een veeleisende baas, wordt gezegd.

Van den Brande «Mijn methode is: verdeel en heers. Ieder van mijn werfleiders en projectleiders heeft zijn eigen verantwoordelijkheid. En ik sta boven hen.

»Eén van de redenen waarom ik meedoe aan het programma is om te laten zien hoe hard onze mannen werken. Ik zou ze graag beter belonen, maar dat gaat niet, omdat de lonen zo duur zijn. Ik probeer hen wel te helpen als ze in de problemen zitten, met de waarborg voor een huurhuis of zo, maar ik moet wel streng zijn. Ze móéten presteren. Ge wordt zo door de staat uitgemolken, dat ge niks overhoudt. Ik werk zelf ook twaalf, dertien uur per dag. Ik sta elke morgen op om halfvijf en ik ben hier om zes uur. Ik ga met mijn mannen ontbijten in een truckerscafé. En in het weekend zit ik hier ook.

»Ik ben hard geworden door mijn jeugd. Ik kan tegen een stootje, en ik heb mij op alle vlakken leren verdedigen. Als ik een beter leven had gehad bij mijn ouders, zou ik het misschien niet zo ver geschopt hebben. Door mijn jeugd heb ik de kracht kunnen verzamelen om ervoor te zorgen dat mijn leven ánders werd.

»Ik was vroeger een vechterke. Ik heb veel gevochten op café. Ik ging voor niemand opzij. Niemand zou mij nog slaan: ik had al genoeg klop gekregen in mijn leven, verstaat ge? Ik ben daar ook een keer of zeven, acht voor de rechtbank voor moeten komen. Dat was dertig jaar geleden, nu doe ik dat niet meer.»

HUMO Toch een kort lontje.

Van den Brande (knikt) «Zoals mijn pa zeker? En als ik gelijk heb, heb ik gelijk. Ik heb al computers door het raam gegooid en deuren ingebeukt. Ik ben een bijter. Ik bijt rap, maar ik ben het daarna ook direct weer vergeten. Mijn vrouw weet dat, maar niet iedereen kan ermee om.»

'De stellingen die rond het justitiepaleis van Brussel staan, die heb ik daar gezet. In 1987!'

HUMO Vorig jaar werd je genoemd in een geval van verkeersagressie op de N16 in Sint-Niklaas.

Van den Brande «Ja, maar dat was eigenlijk een onbenulligheid. Niemand had daar iets van geweten als het niet was gefilmd door een auto met een dashboardcamera. Ik ben nogal een vlotte chauffeur, ik rijd altijd goed door. En als er dan ineens zo’n pezewever heel traag voor jou komt rijden, zodat je je remmen moet dichtgooien, dan durf ik al eens mijn middelvinger op te steken. Lap, prijs: die kerel dwong mij naar de kant van de weg. Ik geef toe dat ik de eerste klap gegeven heb. Hij sloeg terug en heeft mij zelfs een karatetrap gegeven, heel mijn bil zag blauw. Maar uiteindelijk was het niet zo erg. We hebben allebei wat stoom afgelaten en zijn dan verder gereden.»

HUMO In aflevering 2 zagen we naast je bed in Blankenberge een loodjesgeweer liggen. ‘Om op de meeuwen te schieten,’ zei je, ‘zodat ze niet op je kop schijten.’

Van den Brande (lacht) «Dat is mijn motto. Niemand moet mij iets lappen, of ik spring direct uit mijn vel.

»Zoals ik al zei: ik bijt. Behalve naar mijn kinderen. Dat kan ik niet. Toen mijn zoon Dylan nog klein was, wilde hij op een keer niet naar mijn vrouw luisteren. ‘Michel, zeg jij nu eens iets tegen hem,’ zei ze. En ik roep naar boven: ‘Hé, gij daar, Dylan, naar beneden!’ Mijn zoon komt van de trap af, en ik zie in zijn ogen de angst die ik zelf als kleine jongen altijd heb gevoeld voor mijn vader. Ik zag mijzelf terug als bang kind. Ik heb tegen mijn vrouw gezegd dat ik het niet kon, ik ben naar de slaapkamer gegaan en ben beginnen te wenen. Ik zou er nog steeds om kunnen wenen. Ik heb altijd gezegd dat ik mijn kinderen anders zou opvoeden dan hoe mijn ouders het met ons hadden aangepakt.

»Ik heb mijn kinderen nooit iets kunnen verbieden. Ik gaf altijd toe. En ik heb ze enorm verwend. Toen mijn dochter 18 werd, heb ik haar een BMW 33 cabrio gegeven, en mijn zoon een sportwagen. Ze zijn nooit iets tekortgekomen.»

HUMO Ondertussen zijn je kinderen volwassen en heb je ze niet zien opgroeien. Heb je daar geen spijt van?

Van den Brande «Wij wilden vooruit, en dat kon alleen door te werken. Dat was mijn manier om voor mijn gezin te zorgen. Ik bracht wel een zak geld naar huis, hè, het was niet om op café te gaan zitten.

»Ik ben soms wel jaloers op mensen die maar van acht tot vier moeten werken. Die kunnen hun kinderen van school halen, samen tv-kijken, gaan fietsen of iets anders. Ik heb dat nooit gekund, maar ze hebben het mij niet kwalijk genomen. Ze zijn grotendeels opgevoed door hun mama, die uit een warm nest komt. Mijn vrouw heeft dat heel goed gedaan. Maar ja, als je een goeie thuis hebt gehad, dan is dat niet moeilijk, hè. Mijn dochter werkt nu in het bedrijf, maar ze wil het niet overnemen. Mijn zoon heeft een danscafé in Sint-Niklaas. Er is dus niemand in de familie om mijn levenswerk over te nemen. Maar er zitten een paar goeie opvolgers in het bedrijf.»


Angstaanvallen

HUMO Twee jaar geleden zijn je vrouw en jij uit elkaar gegaan, je hebt last van je gezondheid door de jarenlange stress… Was het dat waard, al die offers?

Van den Brande «Achteraf bekeken had ik misschien iets minder hard moeten werken. Als ge het allemaal op voorhand zou weten... Die breuk, dat deed mij wel iets. We zijn 29 jaar samen geweest, hè. Volgende maand zouden we 31 jaar getrouwd geweest zijn. Maar als ge naast elkaar leeft, dan gaat dat niet meer. Privé zou het nu iets beter kunnen gaan met mij... Het zal wel beteren. Ik ben daar alles voor aan het doen, om gelukkig te worden. Ik neem wat meer vrije tijd, ik ga elke dag twee uur trainen in de sportclub: boksen en krachttraining. De dokter zegt dat ik 20 kilo moet vermageren, omdat ik anders suikerziekte zal krijgen. Ik ben gezond aan het eten en ik drink geen Duvels meer (lacht). Alleen nog champagne, op doktersbevel. Er is al 9 kilo af. En ik ben ook in behandeling voor al die dingen uit mijn jeugd.»

HUMO Heb je daar nog veel last van?

Van den Brande «’t Is heel raar, maar ik ben dat eigenlijk pas beginnen te voelen toen mijn ouders dood waren. Vijf jaar geleden zijn ze allebei gestorven, eerst mijn pa en negen maanden later mijn ma. Toen deed mij dat weinig, ’t was als een order dat je mist. Ik ben jarenlang niet meer naar huis geweest – ze vertikten het zelfs om de namen van hun kleinkinderen te onthouden, zulke grootouders waren het. Maar ik ben wel blij dat ik hen in de laatste jaren van hun leven nog geholpen heb. Ze waren ziek en hadden niks meer. Mijn broer heeft mij gebeld en ik heb dan gezegd dat ik zou helpen.

»Mijn vader is 79 jaar geworden, de kloot. Mijn moeder was 67 jaar. Hun dood moet toch allerlei dingen naar boven gebracht hebben. Ineens begon ik last te krijgen van angstaanvallen. Dat zijn die kinderangsten die weer opduiken. Dan begin ik te flippen, ik kan dat niet tegenhouden. Ik ben onderweg met de auto, ineens krijg ik het, en moet ik aan de kant gaan staan. Of in de lift. Dan begin ik te zweten en naar adem te happen en zou ik mijn hemd van mijn lijf scheuren. In een taxi: ik kom van een feestje, ik stap in, die taxi is nog maar 50 meter ver, en ik doe hem stoppen: ik moet eruit. Ik heb hem 50 euro gegeven – die mens was heel verwonderd – en ben terug naar binnen gewandeld. Vroeger vloog ik zo graag met de helikopter; nu durf ik er niet meer in. Ik had een helikopter voor zes man gehuurd om naar de Ronde van Vlaanderen te gaan. Ik ga zitten, ik doe mijn gordel om, en ik krijg het: ‘Ik moet eruit.’ Ik ben er dan met de auto achteraan gereden – ik ben onderweg nog geflitst met 185 kilometer per uur.

»Van dergelijke spanningen heb ik nooit last gehad toen mijn ouders nog leefden. Ik heb dat heel mijn leven opgekropt, en nu komt het eruit. Ik had mijn pa misschien beter eens goed afgerammeld in plaats van hem te helpen (lacht). Ik heb daar vroeger nooit over gesproken, maar op de duur kun je dat niet meer aan. Het lucht wel op om dat te kunnen vertellen.»

HUMO Wat voor behandeling volg je om van je angsten af te raken?

Van den Brande «Ik probeer het met EFT (Emotional Freedom Techniques, red.). Als je een angstaanval krijgt, moet je op bepaalde punten van je lichaam tikken en herhalen: ‘Ik aanvaard mezelf helemaal, ondanks die angsten.’ Dat helpt. Ik heb minder aanvallen dan vroeger, maar ik blijf toch nog naar andere oplossingen zoeken. Bij voetreflexologie voel ik me ook goed. Mijn tenen waren kromgegroeid van de stress, nu staan ze min of meer recht. Ik ga ook bij een emokinesist, die oefeningen doet om de spanningen uit je lijf te krijgen, en ik volg een therapie waarbij ze met een boormachientje in mijn nek boren, op de plekken waar mijn spanningen zitten. De eerste keer dat ze dat deden, ben ik beginnen te wenen, wenen – ik heb het er allemaal uitgegooid.

»En zo ben ik bezig. Ik ga overal waar ze me kunnen helpen.»

HUMO Wat is er eigenlijk van je andere broer geworden?

Van den Brande «Die is computerleraar geworden. Hij is daar tevreden mee.»

HUMO Ben je tevreden over je deelname aan ‘The Sky Is the Limit’?

Van den Brande «Ik ben tevreden over hoe ik overkom. Ik ben wie ik ben, en zo tonen ze mij. Voor het bedrijf is het onbetaalbare reclame. En voor mij blijkbaar ook. Na de eerste aflevering kreeg ik al direct een stuk of tien aanzoeken van vrouwen. Om halftwee ’s nachts heb ik mijn gsm moeten afzetten. Ik beantwoord die berichten niet, maar ik hou ze toch bij. Ge weet nooit, hè.»


Bekijk enkele fragmenten uit 'The Sky Is The Limit':

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234