Andras Pandy overleden

Andras Pandy is zondagnacht in de gevangenis van Brugge overleden. De Hongaars-Belgische dominee die werd veroordeeld voor de moord op zes familieleden, werd 86. In 2006 had Humo een interview met hem, via briefwisseling.


Humo schreef met dominee Andras Pandy

Verschenen in Humo 3433 van 20 juni 2006

Levenslang: daartoe veroordeelde de jury van het hof van assisen hem voor de moord op zes gezinsleden. Of liever, voor hun verdwijning - want na gedane arbeid liet de Hongaars-Belgische dominee Andras Pandy zelden sporen na. Als een volleerde slagersgast versneed hij hun levenloze lichamen in kwartieren, loste ze op in zwavelzuur en zette daarna de onverteerbare delen in vuilniszakken bij het afval van het slachthuis in Anderlecht. De bloedvlekken liet hij wegpoetsen door zijn dochter Agnes, een willoos instrument in zijn handen. Pandy heeft, bij gebrek aan harde, materiële bewijzen, zijn onschuld altijd staande gehouden. En dat doet hij ook nu nog in Leuven-Centraal, waar hij rustig wacht op de dag des oordeels wanneer 'de misdadigers van het gerecht en de media' zullen boeten voor hun daden: 'God zal de mens vergelden naar zijn werk.'

'Hij las dagelijks voor uit zijn protestantse boeken. In z'n donkere werkkamer, of wat ervoor moest doorgaan. Helemaal aan de achterzijde van het huis. Zonder ramen. Slechts verlicht door een armzalige gloeilamp. Hij had zelf gammele boekenplanken in de muur gevezen, maar de meeste van zijn boeken lagen gewoon op de grond. In een onwaarschijnlijke chaos. 'Zitten en luisteren!' riep hij dan bars. In het Hongaars, want dat was de voertaal. Hij vroeg nooit iets, hij eiste. Het gebeurde meestal op een vast tijdstip van de dag. Vaak na het avondmaal. Alle kinderen voor hem op de grond. Hij op zijn fraaie, houtgesneden stoel. Sacrale momenten waren dat, zoals hij debiteerde met zijn schelle, hoge stem. 'De Geest des Heren spreekt door mij, Zijn woord is op mijn tong.' Nadien ondervroeg hij iedereen afzonderlijk over wat hij had voorgedragen. Wee diegene die een half woord had gemist.'

Zo zet Agnes Pandy haar vader Andras neer aan het begin van 'In de naam van de vader', het boek van journalist Jeroen Wils (Uitgeverij Manteau), die zich met het dossier in de hand voorstelt wat er zich tussen vader en dochter allemaal heeft afgespeeld. Wat heeft Agnes ertoe gedreven 'als een robot' de meest gruwelijke misdaden tegenover haar moeder, broers, stiefmoeder en stiefzussen te begaan? Incest, luidt de verklaring. Of liever: incest én jaloezie. Toen Agnes vernam dat haar vader zich ook aan haar stiefzus Timea vergreep, sprongen in haar hoofd de zekeringen: ze was bang de man die ze verachtte te verliezen - hij was de enige die van haar hield, ondanks haar hazenlip en open verhemelte. En zo kon hij haar naar hartelust manipuleren: zijn wens was haar gebod.

Het ging fout toen Timea beviel van Mark, een kind van Pandy. Ze vluchtte met Mark naar Canada, en haar moeder, Edit Fintor, dreigde de schande publiek te maken. Tijd om in te grijpen, besloot de dominee: Edit Fintor en haar dochter Andreamoesten eraan geloven. Het was het begin van de grote opruimingswerken.

In het boek vertelt Agnes het zo: 'Dan kwam hij naar me toe en nam mijn hoofd tussen zijn handen. 'Ze (Edit Fintor, red.) is het niet waard dat ze onder ons is. Ze heeft ons gezin bijna te gronde gericht. Ze koos partij voor haar ontrouwe dochter (Timea, red.), die ons allen zo verraden heeft. Als ze haar gang blijft gaan, betekent dit het einde van ons allemaal. Dat laat ik niet gebeuren.' Hij drukte me dicht tegen zich aan. 'We doen het samen, Agnes. En Andrea moet mee boeten met haar.' Hij zweeg even om zijn woorden meer kracht te geven. 'En jij wordt de moeder van mijn kinderen.''

De brieven

Eén jaar geleden komt op de redactie een briefje aan. Afzender: Andras Pandy. Of we geïnteresseerd zijn in een interview met hem. Er zijn, in een ander medium, onwaarheden over hem verschenen.

Op ons bevestigende antwoord volgt algauw een tweede, meer uitvoerige brief mét bijlage, waarin hij onze arme collega met de grond gelijkmaakt. 'Laten we het over andere dingen hebben,' stellen we voor. Oké, zegt Pandy, maar dan wil hij wel zijn bijlage terug.

Pogingen om elkaar te ontmoeten mislukken, ook door ons gestuntel: we hebben zonder nadenken briefpapier van Humo naar de gevangenis gestuurd. De dominee slaat en zalft: 'Aub niet de brief van Humo gebruiken, alleen gewoon papier. Niet vergeten: zonder genoeg wijsheid kunnen we niet slagen.'

Uiteindelijk moet het interview schriftelijk verlopen. In januari 2006 krijgt Pandy de vragen aan, in februari antwoordt hij met een wel zeer uitvoerig compliment: 'Wat de vraagstelling betreft, bent u zeer rijk en ook een grootmeester in het vak van interview-vervaardiging. U zal op al uw vragen uitvoerig en precies antwoord krijgen, op de hachelijke ook.' Maar we moeten geduld hebben: 'U moet weten dat bij mij alles is verlangzaaamd, de functie van de hersenen ook. Zowel fysiek als geestelijk werk ik traag. Ik kan weinig presteren, bij het lezen en schrijven stoort mij de overdreven vochtigheid van mijn ogen en vermoeidheid. En ik ben ook op hulp aangewezen.'

Als daar stilte op volgt, komt er eind maart weer een kattenbelletje binnen: 'Excuseer aub voor de storing, maar ik moet vragen of u mij in de vergeetput liet vallen? Met vriendelijke groeten, Andras Pandy.'

Als we hem eraan herinneren dat het stilaan tijd wordt voor antwoordenop onze vragen, is de charmeur even uit zijn lood geslagen. Citaat uit een brief van begin april: 'Ik begrijp uw verwijt niet. Het lijkt mij zo dat u mijn brieven alleen vluchtig leest. Immers, ik heb u meegedeeld dat ik als 79-jarig mens de lasten van de versletenheid draag. Ik werk traag. Daarnaast, in de laatste maanden heb ik twee keer bronchitis gehad. Het duurde twee keer twee weken. Bij nacht kon ik niet slapen, des daags kon ik helemaal niet werken.' En verder: 'Een goed interview is ook geen gebraden kip. Daarvoor moeten wij hard werken met geduld.'

Begin mei, nadat Pandy nog wat extra informatie heeft aangekregen, wil hij eerst nog het boek van Wils lezen. Daarna, schrijft hij, zal hij antwoorden.

En zo geschiedt.

HUMO Meneer Pandy, u wordt binnenkort 80. U bent één van de oudste gevangenen in België, zoniet de oudste. Valt dat u zwaar?

ANDRAS PANDY « De ouderdom heeft zijn lasten, maar ik noem mezelf, in mijn gevangenschap, een mens met innerlijke vrijheid en vrede. Vergelijk mijn toestand maar met de bijbelse Jozef in Genesis 39 (wordt in Egypte ten onrechte in de gevangenis gegooid, maar ontstijgt zijn lot door zijn rotsvaste geloof, red.), of met Daniël in Daniël 6 (overleeft de leeuwenkuil, eveneens door zijn onwankelbare geloof, red.), of met de filosoof Sokrates (die, omdat hij de waarheid zocht, werd opgesloten en de gifbeker moest drinken, red.)

HUMO U brengt uw dagen goeddeels door met muziek en lectuur. Wat leest en beluistert u tegenwoordig?

PANDY « Mijn versleten ogen zijn zeer kieskeurig: ik lees alleen nog boeken van hoge kwaliteit. Hetzelfde geldt voor mijn oren: ik beluister uitsluitend klassieke liederen, volksliederen en chansons - alleen het beste is goed genoeg. Ik musiceer ook zelf in mijn cel.»

HUMO U zou ook fotocollages maken. Waarvan?

PANDY « Ik maak fotocollages en tekeningen over allerlei dingen: dieren - ook mensdieren - planten, gebeurtenissen en toestanden.»

Chronische mondloop

HUMO U bent veroordeeld tot levenslange opsluiting. Een krant berekende laatst dat 'levenslang' in de praktijk meestal neerkomt op twaalf jaar opsluiting. Hoopt u op vervroegde vrijlating?

PANDY « Nee. Als u me vraagt: 'Waarom?', dan zeg ik: 'Omdat ik de vervroegde vrijlating niet zal vragen.'»

HUMO Zal uw zaak nog dienen voor het hof van de rechten van de mens in Straatsburg?

PANDY « Ik heb er geen idee van.»

HUMO Uw dochter Agnes zou binnenkort vrijkomen. Hoe kijkt u daartegen aan?

PANDY « Helemaal onverschillig. Neutraal.»

HUMO Verstoort het boek 'In de naam van de vader - het verborgen leven van Agnes Pandy' uw gemoedsrust?

PANDY « Helemaal niet. Mijn gemoedsrust is stabiel, met of zonder dat boek.»

HUMO Hebt u nog contact uw dochter?

PANDY « Nee.»

HUMO U bent in moeilijkheden geraakt door de verklaringen van Agnes aan de politie in '92 en - vooral - haar bekentenissen in '97. Hebt u een verklaring waarom ze u en zichzelf heeft aangegeven?

PANDY « Je kunt Agnes niet begrijpen zonder de studie van het leven van Absolom, de zoon van koning David, of Brutus, de zoon van Julius Caesar, of Aleksej, de zoon van tsaar Peter de Grote (die allemaal hun vader verraden hebben, red.).

» Agnes heeft zedenkamikazegepleegd om mij te beschadigen. Laat ik voor de gelegenheid Thierry Maulnier citeren: 'Waar de bewijzen ontbreken, neemt het fanatisme het woord.'»

HUMO Haar advocaat pleitte op het assisenproces 'onweerstaanbare drang'. Ze zou, als incestslachtoffer, zo onder uw invloed zijn geweest dat ze deed wat u haar beval te doen. Nonsens, hebt u altijd beweerd, maar een minnares van u, Maria Gocsan - die overigens met veel tederheid aan die relatie terugdenkt - heeft verteld dat ze indertijd al zag dat er 'meer dan een vader-dochterrelatie' tussen u en Agnes was.

PANDY « Maria Gocsan is één van die dames die mijn Grote Naam hebben gebruikt om zichzelf aan de vergetelheid te ontrukken. Enkelen zijn op die manier zelfs kranten- en televisiesterren geworden.

» Mij volslagen onbekende dames hebben zich bij de media aangemeld als mijn geliefden of vriendinnen - en Maria Gocsan is één van hen. Ze is nooitmijn vriendin geweest, alleen een verre kennis die ik één keer caritatief heb geholpen. Ze was een arme onderwijzeres, vandaar. In een Humo-interview spreekt ze zichzelf tegen. Ik citeer haar: 'Zes jaar lang heb ik een relatie met Andras Pandy gehad. Het begon in de lente van 1990, en eindigde in de zomer van 1996.' Maar op de vraag: 'Wat denkt een vrouw als zij hoort dat haar ex-vriend ervan verdacht wordt een moordenaar te zijn?' zegt ze even later: 'Ik kan niet zeggen dat mijn wereld instortte, want uiteindelijk waren we al vijf jaar uit elkaar.' Iedereen heeft weleens last van buikloop, maar Maria Gocsan lijdt aan chronische mondloop.»

HUMO Agnes had een hazenlip en een open verhemelte. Ze leed, volgens experts, aan een minderwaardigheidscomplex. Hebt u dat geëxploiteerd?

PANDY « Ik heb bij Agnes niks geëxploiteerd, laat staan dat ik haar tot iets gedwongen zou hebben.»

HUMO Volgens speurder Frans 'Susse' Monsieur was de bevalling van uw stiefdochter Timea het keerpunt. Haar zoon Mark was, volgens DNA-analyses, uw zoon. U zou bang zijn geworden voor uw reputatie.

PANDY « Al in 1985, na de geboorte van Timea's zoon, heb ik aan de politie een DNA-analyse gevraagd. Maar toen koos Timea plotseling het hazenpad naar Canada. Zij wilde geen DNA-analyse. En de DNA-analyse die tijdens het onderzoek is gemaakt - twaalf jaar later - kan een manipulatie zijn. Ik geloof niks meer van justitie.

» En ik ben nooit bang geweest voor mijn reputatie. Niemand heeft mij als een bang man gekend, ook de speurders niet.»

HUMO Uw verhaal over de handdoek met uw sperma die Timea zwanger zou hebben gemaakt, is ronduit ongeloofwaardig. Blijft u op uw standpunt?

PANDY « Het verhaal over de handdoek was het verhaal van mijn vrouw Edit. Zij heeft het aan het gerecht verklaard; ik heb het naverteld. Het was met andere woorden een veronderstelling van mijn vrouw, die ik heb herhaald. Ik blijf wel bij onze veronderstellingen.

» Overigens, de hele zaak-Pandy staat bol van de ongeloofwaardige dingen.»

HUMO Luuk Gruwez heeft een gedicht over u geschreven waarin hij u Timea laat aanspreken als 'mijn mooiste meisje, mijn Timea'. Konden jullie het goed met elkaar vinden?

PANDY « Het inbeeldingsvermogen van Luuk Gruwez is betekenisvol. Zijn dichtkunst is groot. Maar wat hij mij in de mond legt, heb ik nooit gezegd. Tussen Timea en mij was er een doodgewone relatie, zoals die tussen een vader en zijn kind. Na 1985 is onze relatie slechter geworden, maar ook met haar zussen en broers ging het sindsdien minder goed.»

HUMO Maakte uw relatie met Timea Agnes jaloers?

PANDY « Agnes wás jaloers: niet alleen op Timea, maar ook op de andere kinderen. Ze is een jaloers type - vanwege haar handicap.»

HUMO Heeft Agnes op eigen houtje Timea proberen te vermoorden met een ijzeren staaf?

PANDY « Agnes en Timea hebben ruziegemaakt. Van een poging tot moord was geen sprake. Ik heb Agnes nooit kunnen beïnvloeden.»

HUMO Waarom zijn jullie Timea en Mark achteraf tot in Canada en Hongarije achternagereisd?

PANDY « We zijn Edit gaan zoeken bij Timea en haar oom in Canada (Pandy suggereert dat Edit, zijn tweede vrouw, was 'vertrokken', red.). En we hebben ook geprobeerd ons met Timea te verzoenen.»

De wet van de inquisitie

HUMO Na het vertrek van Timea zijn zes gezinsleden verdwenen: Ilona Sores en Edit Fintor, uw eerste en uw tweede vrouw, uw stiefkinderen Andrea en Tünde Ach, uw kinderen Daniël en Zoltan Pandy. Ze hebben nooit meer een teken van leven gegeven, maar u houdt vol dat u 'via engelen' nog met hen communiceert. Hoezo?

PANDY « Ze zijn verhuisd, níét verdwenen. Edit heeft een afscheidsbrief achtergelaten. Na haar zogenaamde 'dood' heeft ze nog meermaals geschreven, samen met haar dochter Andrea, die ook zogenaamd 'dood' is. Zoltan heeft na zijn 'dood' ook nog vanuit Brazilië naar de buren geschreven.

» Sinds 1988 hebben Edit en Andrea, twee jaar na hun 'dood', weer contact met ons opgenomen. Persoonlijk contact - de nieuwe man van Edit was er ook bij.

» Later, vanaf 1990, heeft Daniël ons samen met Zoltan bezocht. Dat was dus twee jaar na hun 'dood'.

» Engel - in het Grieks: angelos - betekent gezondene. U, meneer Antonissen, bent ook een engel voor mij. U bent door Humo tot mij gezonden om een interview te maken. Alleen, mijn engelen hebben geen vleugels. Ze vliegen niet. Mijn engelen verschijnen meestal in menselijke gedaante. In die zin heb ik nog altijd contact met mijn verhuisde gezinsleden en kleinkinderen.»

Humo schreef met dominee Andras Pandy (Deel 2)

HUMO Waarom melden ze zich niet?

PANDY « Maar ze hébben zich gemeld. Ze hebben justitie een begrijpelijk signaal gegeven. Ze hebben zich namelijk niet laten vinden onder de doden: zelfs een miniem spoortje hebben ze niet achtergelaten. En als mensen niet onder de doden zijn, dan zijn ze onder de levenden. Dat weet iedereen, behalve de stompzinnigen.

» Ze zijn wel gedisciplineerd, ze staan op orde. Ze zijn bereid zich bij de zwakken - ik bedoel: de stompzinnigen - aan te melden, maar alleen als het hun beurt is. Mensen met discipline houden van volgorde. Ze zeggen: 'Eerst moeten éérder verdwenen mensen zich melden.' De roofmoordenaars van de Bende van Nijvel, bijvoorbeeld. Pas daarna kunnen de brave mensen aan de beurt komen. Of: eerst moet het parket bewijzen dat we dood zijn, dan zullen we opdagen om hun bewijzen te ontkrachten.

» Als ze, zonder voorwaarden te stellen, hun vinger zouden opsteken: 'Kijk, hier zijn we,' dan zou dat betekenen dat ze de wet van de inquisitie aanvaarden. Ten tijde van de inquisitie moest een heks bewijzen dat ze geen heks was - de omgekeerde wereld: normaal ben je onschuldig tot je schuld bewezen is. Maar stompzinnigen begrijpen dat niet, en zeker niet stompzinnigen van slechte wil.»

HUMO 'Er worden me zes moorden aangewreven,' spot u, 'maar er is geen lijk.' Is dat uw ultieme verweer?

PANDY « Nee! Het ultima is nog op komst! Dat was ook zo in de zaak-Dreyfus: zijn veroordeling en gevangenschap was ook niet het ultima (de Frans-joodse officier Alfred Dreyfus werd in 1894 tot levenslange ballingschap veroordeeld voor verraad, maar kreeg na een vlammend pleidooi van schrijver Emile Zola eerherstel, red.). Het grootste, het belangrijkste deel van de zaak-Pandy moet nog komen. Het laatste woord zegt de waarheid, en dan bedoel ik niet de waarheid van de pseudo-justitie. Dat geldt ook in het geval van mijn eventuele dood; de waarheid zal, vroeg of laat, zegevieren.»

HUMO Om de afwezigheid van enig materieel bewijs te verklaren, verwijst uw dochter Agnes naar de krachtige ontstopper Cleanest. Daarin zouden de lichaamsdelen van de slachtoffers opgelost zijn, waarna de oplossing in het riool verdween. De resten - aldus nog uw dochter - werden in plastic zakken bij het slachthuis in Anderlecht gezet. Larie?

PANDY « Ja, helemaal larie.»

HUMO Onder een betonnen keldertegel van een huis van u, aan de Vandermaelenstraat in Molenbeek, zijn menselijke resten gevonden. Die zijn nooit geïdentificeerd, maar het was in elk geval geen familie van u. Speurders hebben het vermoeden uitgesproken dat het om vriendinnen van u ging, Hongaarse vrouwen die u naar Brussel uitnodigde. Wie waren het volgens u?

PANDY « Mijn vrouwelijke kennissen zijn allemaal in leven, behalve degenen die een natuurlijke dood zijn gestorven. ik heb geen idee van wie de resten waren.

» Men zegt dat op die plaats een kerkhof lag, tijdens de pestepidemie in de negentiende eeuw. Dat kan een verklaring zijn. Maar wie de gerechtelijke geschiedenis kent, kan ook veronderstellen dat de politie zelf menselijke botten naar die plek heeft gesmokkeld.»

HUMO U hebt, met name in de jaren negentig, contactadvertenties geplaatst in Hongaarse kranten. Waarom?

PANDY « Ik had plannen om te hertrouwen.»

HUMO Waarom verkoos u, zoals Maria Gocsan beweerde, 'vrouwen met kinderen'?

PANDY « Omdat ik hou van kinderen.»

HUMO U hebt, zeggen vrouwen, charisma.

PANDY « Ik ben schroomvallig om over mijn zogenaamde charisma te spreken.»

HUMO U kunt ook, zeggen uw ex-geliefden, mooie liefdesbrieven schrijven. Bent u een verleider?

PANDY « Die eigenschap heb ik in mezelf nog niet ontdekt.»

In dienst van de jeugd

HUMO Over uw jeugd is weinig bekend, tenzij dat u van boerenafkomst bent. Maakt dat een mens hard - het voortdurende gevecht tegen de elementen?

PANDY « Ik ken mezelf niet als een hard mens. Mijn gewezen leerlingen kunnen dat getuigen.»

HUMO In wat voor gezin bent u opgegroeid?

PANDY « Mijn ouders en grootouders van beide kanten waren grootgrondbezitters van adellijke afkomst. Ze werkten zelf op hun velden, al dan niet met hun personeel of lijfeigenen. Mijn vader was een vakman in de agricultuur. Mijn ouders waren polyglotten en maakten allebei muziek, net als mijn broer en zus overigens. Bij ons thuis lag de bijbel op tafel.»

HUMO Zijn jullie naar Oekraïne uitgeweken?

PANDY « Nee, Oekraïne is naar Hongarije uitgeweken: de stad waarin ik ben opgegroeid was van 800 tot 1920 Hongaars grondgebied, van 1920 tot 1938 Tsjechoslowaaks, van 1938 tot 1945 weer Hongaars, van 1945 tot 1989 Sovjet-Russisch, en van 1989 tot nu Oekraïens.»

HUMO U hebt ooit het verhaal verteld dat u de identiteit van uw broer had overgenomen. Waarom was dat nodig?

PANDY « Ik heb dat nooit verteld. Ik heb wel een stuk of duizend verhalen voor mijn kinderen verteld - allicht komt het daaruit voort, en is het een verdraaiing en een misverstand.»

HUMO U bent in 1956, na het neerslaan van de Hongaarse revolutie, samen met uw vrouw naar het Westen gevlucht. U zou in Zwitserland uw studie 'theologie' afgemaakt hebben, maar dominee Istvan Steffek twijfelt daaraan. In Le Soir verklaarde hij: 'Ik heb zijn diploma nooit gezien.'

PANDY « Ik heb mijn studie theologie in Debrecen, Hongarije, met goed resultaat beëindigd: daar heb ik het diploma van predikant verworven. In Zwitserland heb ik alleen bijgestudeerd.

» Dominee Istvan Steffek liegt als hij zegt: 'Ik heb Pandy's diploma nooit gezien.' Hij heeft het niet alleen gezien, hij heeft het zelfs vertaald en ondertekend. In het archief van de Verenigde Protestantse Kerk in België in Brussel kunt u dat zeker nagaan.

» Steffek is een leerling van baron von Münchhausen. Onze relatie is bekoeld toen hij, omstreeks 1960, is gaan drinken. Sindsdien is hij me overal gaan bezoedelen.»

HUMO Een ander verhaal wil dat u in Hongarije eerst economie hebt gestudeerd voor u met theologie begon. Bron: Andras Süle, een Hongaar in Brussel. 'Pandy's geloof was niet diep,' zei hij, 'hij praatte meer over geld dan over God.'

PANDY « Eerst heb ik handel en economie gestudeerd, dat klopt. Daarna Duits-Hongaarse filologie, en uiteindelijk theologie. En wat Andras Süle betreft: hij was meer een getuige van Jehova dan een protestant. Vandaar zijn gal en verbittering tegenover mij. Hij weet niet wat hij zegt.»

HUMO Waarom bent u, na tien jaar, leraar godsdienst in plaats van dominee geworden?

PANDY « Omdat ik altijd leraar heb willen worden. Mijn droom was de jeugd te dienen.»

HUMO De inlichtingendienst heeft vanaf de jaren zestig een dossier over u bijgehouden. Was u een agent van de KGB?

PANDY « De staatsveiligheid heeft iedere intellectueel van vreemde afkomst in de gaten gehouden. Dat is normaal, toch? Maar een KGB-agent? Belachelijk! De mondloop is grenzeloos als het over mij gaat.»

HUMO Kent u de Spekpater, wijlen Werenfried van Straten?

PANDY « Ja, uit de media.»

Pandy, privé-detective

HUMO In één van uw huizen, aan de Vandenbrandestraat in Molenbeek, is achter een vals plafond een wapenarsenaal gevonden. Hoe kwamen die wapens daar?

PANDY « Over de plaatsing van wapens en munitie in mijn woonst weet ik niks. Mijn naamkaartje en mijn dagboeken waren bij de wapens gelegd, maar: niet door mij. Het is bizar, hè.»

HUMO U hebt, zeggen de speurders, uw straffeloosheid goed georganiseerd. Met verzonnen verwijzingen in dagboeken, met nepbrieven van verdwenen familieleden en handlangers, met het inhuren van acteurs zelfs. Is het toeval dat de speurders bij u thuis ook een diploma van privé-detective hebben aangetroffen?

PANDY « Wat zijn de verklaringen van de speurders waard? Ik raad u, ter kennisname, de volgende werken aan: 'Dubieuze zaken' van Crombag, Van Koppen en Wagenaar en 'Daders van dodingen'van professor doctor J.P. De Waele (beide werken stellen de vergaring van gerechtelijk bewijsmateriaal ter discussie, red.)

HUMO Wanneer en waar hebt u dat diploma behaald?

PANDY « Ik heb in de jaren 1987-1988 een cursus privé-detective gevolgd in Luik. Mijn diploma is nu ook in beslag genomen door de politie. De naam van de hogeschool moet ik u dus schuldig blijven: ik herinner me 'm niet meer. Maar ik weet nog wel dat ik me heb ingeschreven nadat ik een advertentie had zien staan in het Brusselse huis-aan-huisblad Vlan of de Gouden Gids. De bedoeling was: met de kennis van een privé-detective mijn verhuisde vrouw Edit en dochter Andrea weer op het spoor te komen.»

HUMO Hoe verwerft een dominee/godsdienstleraar met een groot gezin drie huizen in Brussel en eentje in Dunakeszi? 'Via misbruik van de fondsen van de culturele vzw Ydnap,' beweren verscheidene Hongaren in Brussel.

PANDY « Dat is gelogen. Mijn eigen huis, aan de Vandenbrandestraat, heb ik gekocht met de hulp van verwanten in de VS. Het lag toen in puin: alleen de grond had, hoe klein ook, waarde. In de huizen van de vzw Ydnap ('Pandy' in omgekeerde volgorde, red.)hebben onze familieleden het meeste geïnvesteerd. Mijn oudste kinderen Agnes en Daniël zijn ook al vroeg beginnen te werken. Probeer het alstublieft eens uit te rekenen: als drie loontrekkenden nuchter, spaarzaam leven en niet roken of drinken, als ook het gezin een bijbels-puriteins leven leidt met alleen op zon- en feestdagen limonade op tafel, hoeveel geld kun je dan in tien jaar tijd niet verzamelen? Overigens: de huizen van de vzw - níét die van Andras Pandy - lagen ook in puin. Alleen de grond had waarde.

» Hebben de jaloerse leugenaars gevraagd hoeveel uur vader Pandy heeft gewerkt? Nee. Ik zeg hun: niet minder dan veertien uur per dag.

» Het huisje in Dunakeszi heb ik geërfd van mijn zus Sarolty, die vroeger een winkel had gedreven. Ze was niet getrouwd en had geen kinderen.»

HUMO Gerechtspsychiaters noemden u 'narcistisch, autoritair en manipulatief met psychopathologische trekjes'. Raakt u dat?

PANDY « Rechter Edwin Van Fraechem, voorzitter in 52 assisenzaken, zegt: 'Ik geloof niet in gerechtspsychiaters.' Ik ben dezelfde mening toegedaan. De meeste gerechtspsychiaters zijn niet anders dan vakbarbaren.»

Het gepeupel

HUMO U staat nu te boek als een seriemoordenaar van het slag Dutroux en Fourniret. Valt daarmee te leven?

PANDY « Ik heet nu een seriemoordenaar. Op grond van valse beschuldigingen, die het gerecht niet hard heeft kunnen maken. Op grond van de overtuiging van het gepeupel van Kajafas, mijn juryleden (Kajafas was de bijbelse hogepriester die Christus tot het kruis liet veroordelen, red.). Op grond van de overtuiging van de media die, als een vuilniswagen, de desinformatie rondstrooien. Maar niet op grond van de waarheid. En, ik herhaal het: het laatste woord heeft altijd de waarheid.

» Ik trek het boetekleed niet aan: het past me niet. Ik leef, naar waarheid, in totale innerlijke vrijheid en vrede.»

HUMO Hebt u nog mensen die achter u staan?

PANDY « Ja. Aanzienlijke mensen en organisaties, die zich nog wel zullen manifesteren.»

HUMO Hebt u nog contact met uw kinderen?

PANDY « Ja.»

HUMO Kunt u zich verzoenen met een einde in de gevangenis?

PANDY « Ja.»

HUMO Vreest u de dag dat u misschien gebrekkig zult zijn?

PANDY « Nee.»

HUMO U bereidt een boek voor dat, als we Dag Allemaal mogen geloven, de rechtsstaat op zijn grondvesten zal doen daveren. Wat staat erin?

PANDY « U mag Dag Allemaal niet geloven. Hun journalist lijdt aan schrijfloop.»

HUMO Hoe oordeelt u in uw eigen zaak over schuld en boete? En vergiffenis?

PANDY « In mijn eigen zaak kan ik niet oordelen over schuld en boete. Maar over gerechts- en mediamisdadigers kan ik wel oordelen: als zij tot inkeer komen, zullen ook zij vergiffenis krijgen.»

HUMO Wat is uw favoriete bijbelcitaat?

PANDY « Spreuken, 24:11-12. 'Red degenen, die ter dood gegrepen zijn; want zij wankelen ter doding, zo gij u onthoudt. Wanneer gij zegt: Ziet, wij weten dat niet; zal Hij, Die de harten weegt, dat niet merken? En Die uwe ziel gadeslaat, zal Hij het niet weten? Want Hij zal den mens vergelden naar zijn werk.'

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234