null Beeld Saskia Vanderstichele
Beeld Saskia Vanderstichele

Annemie Struyf'Het hoge noorden'

Annemie Struyf: ‘Je kunt je pas echt integreren als je de taal spreekt. Ik begrijp niet waarom we daar in Vlaanderen zoveel schroom over voelen’

Annemie Struyf is ongemeen goed in wat ze doet: zich binnenwurmen in de levens van nietsvermoedende medemensen en hen zodanig op hun gemak stellen dat ze hun hart en huisraad met haar delen. Voor het tweede seizoen van ‘Het Hoge Noorden’ heeft ze niks veranderd aan die succesformule. Waarom zou ze ook? Op haar 61ste mag het water rond haar woelig kolken, zij dobbert rustig voort, in haar carrière, haar nieuwe gezin en haar nieuwbakken rol als mamy. ‘Professioneel zijn dit mijn aangenaamste jaren. Ik heb niks meer te verdedigen.’

Hanne Van Tendeloo

HUMO Je bent net terug uit Noorwegen, waar je nog wat losse eindjes aan mekaar ging knopen voor de reeks. Hoe was het?

ANNEMIE STRUYF «Berekoud! De winterprik is er stevig dit jaar, met temperaturen tot min 35.»

HUMO Wist je meteen na het eerste seizoen: hier wil ik nog een vervolg aan breien?

STRUYF «Ik voelde dat ik nog niet uitverteld was over Noorwegen. Seizoen één was een kennismaking met het land. We waren toen heel bang voor de winter, herinner ik me. Dan zijn de dagen er zo kort, zeker in het noorden: in Vesterålen, waar we visser Dave hebben gevolgd, begint het vlak na de middag al te schemeren. Filmen met zo weinig licht, begin er maar aan.

»Maar deze keer zijn we voluit voor de winter en de kou gegaan. Alles wat we geleerd hadden over hoe je die extreme temperaturen trotseert, konden we nu omzetten in de praktijk.»

HUMO Is Vesterålen de extreemste plek die je dit seizoen aandoet?

STRUYF «Nee. Dat is Hardangervidda: een hoogvlakte die zuidelijker ligt, maar waar de weersomstandigheden zo extreem zijn dat de grote Noorse ontdekkingsreiziger Roald Amundsen er ging trainen voor zijn poolexpedities. We waren er met Evelyne, die ervan droomt mee te doen aan één van de bekendste huskyraces in het noorden van Noorwegen. Op een bepaald moment stond ik daar met een paar woest blaffende en trekkende honden in mijn handen toen ik opeens Kristel (Waterloos, Struyfs vaste cameravrouw en regisseur, red.) omver zag vallen in de sneeuw. Baf! Ik wist: als ik die honden loslaat, breekt hier totale chaos uit. Maar ik kon niet anders, mijn vriendin en collega lag daar. Ze zag helemaal geel en had haar ogen wagenwijd open. Ik heb zeker een minuut lang gedacht dat ze dood was.»

HUMO Wat was er gebeurd?

STRUYF «Ze moet een koudeshock gekregen hebben. We hebben haar in de camper gelegd en al haar kleren uitgetrokken. Dat moet: als de vrieskou in je kleren zit, krijg je het onmogelijk weer warm. We hebben de chauffage op maximum gedraaid, maar dan nog steeg de temperatuur in de camper amper tot boven het vriespunt. Gelukkig lag er een berg rendiervellen. Die ouderwetse middeltjes helpen het best. Zo is ze er langzaam weer bovenop gekomen.Het heeft ons weer iets geleerd: nu trappelen we tijdens het filmen constant ter plaatse om ons lichaam warm te houden. Het ziet er onnozel uit, maar het helpt.

»Eigenlijk wil ik ook niet klagen over die kou. Dat is het leuke aan Noorwegen: de natuur heeft daar écht nog het laatste woord.»

HUMO De lokroep van die woeste, pure natuur trekt ook de Belgen die jij volgt aan.

STRUYF «Maar als ze daar eenmaal zijn, is het wel wennen. Zolang ze geen jaar hebben rondgemaakt, weten ze niet wat hun te wachten staat. De grote overtocht draait niet altijd uit op een hoeraverhaal. Ook dit keer volgen we een paar vertrekkers. Met onze voorkennis weten wij soms beter dan zij waar de pijnpunten zullen liggen. Dorien en Arent waren zelfs nog nooit in Noorwegen geweest toen ze besloten de sprong te wagen.»

HUMO Ze waren ook nog maar net een koppel toen ze vertrokken. Moet je dan de neiging onderdrukken om hen te waarschuwen?

STRUYF «Nee. Het is zoals bij je kinderen: je moet ze hun eigen weg laten gaan. Mijn moeder zei altijd: ‘Als één van je kinderen ooit thuiskomt met een lief dat je niet ziet zitten, prijs hem of haar dan de hemel in.’ Want als je laat blijken dat je het geen goeie match vindt, geef je hun alleen maar méér reden om ermee door te gaan. Ik heb dat trucje één keer toegepast bij één van mijn kinderen – vraag me niet met welk lief – en het had precies het juiste effect.

»Wie vertrekt, zegt altijd: ‘Ik ga mijn Noorse droom achterna.’ Dat klinkt romantisch. Niemand neemt ooit het woord ‘emigreren’ in de mond. Maar dat ís het wel: je emigreert. En iedereen die al met migratie te maken heeft gekregen, weet dat het geen proces van jaren is, maar van generaties.»

HUMO Eenmaal daar ben jij de migrant en zijn je kinderen migrantenkinderen.

STRUYF «Je kleinkinderen zullen helemaal geïntegreerd zijn, maar jij blijft altijd ‘de Belg’ en je zult de taal nooit zo goed beheersen als de Noren.

»Sinds ‘Het Hoge Noorden’ denk ik anders over taal. Het is dé sleutel tot een andere cultuur. Je kunt je pas echt integreren als je de taal spreekt. Zeg je dat in Vlaanderen, dan komen de stekels overeind en proberen ze je in een politieke hoek te duwen. Maar met politiek heeft dat niks te maken.»

null Beeld Saskia Vanderstichele
Beeld Saskia Vanderstichele

HUMO De politiek maakt er wel gretig gebruik van. Kijk naar Conner Rousseau en zijn uitspraak over Molenbeek.

STRUYF «Een vriendin van me doet buurtwerk in Brussel. Zij pleit ervoor de thuistaal aan te moedigen: jonge kinderen moeten op school erkenning en appreciatie krijgen voor de taal die ze thuis spreken.»

HUMO Daar ben jij het niet mee eens?

STRUYF «Nee! Je thuistaal krijg je sowieso mee. Dat is je moedertaal. Maar als je een plaats wilt in het land waar je gaat wonen, dan moet je die andere taal óók onder de knie krijgen. Ik begrijp niet waarom we daar zoveel schroom over voelen. In Noorwegen hebben ze daar geen last van. Asielzoekers en migranten krijgen er veel kansen: als ze willen, kunnen ze elke dag Noorse les volgen. Maar na een jaar moeten ze de taal wel beheersen. Doen ze dat niet, dan is er in het land geen plaats voor hen.

»Ik had het er laatst nog over met mijn vriend. Hij komt uit Brugge, uit een gezin waar plat Brugs de voertaal was. Toen hij in Leuven Germaanse ging studeren, heeft hij meteen beslist: en nu pas ik mijn taal aan. Als je je flexibel opstelt – en dat geldt niet alleen voor taal – dan zwaaien er deuren open. Oefenen in flexibiliteit wapent je voor het leven.»

HUMO Als kind woonde je in Duitsland. Had jij het Duits onder de knie?

STRUYF «Ik was een BSD-dochter: een kind van de Belgische Strijdkrachten in Duitsland. Omdat vader militair was, woonden we ginder in een Belgische gemeenschap. Maar mijn ouders waren wel heel gretig om Duits te leren: we keken naar de Duitse televisie, speelden met Duitse kinderen en gingen Duitse boeken halen in de bibliotheek. Omdat ik naar een Belgische school ging, kreeg ik ook een mengelmoes van Frans en Nederlands mee. Kwam de Sint langs, dan zongen we: ‘Saint Nicolas, patron des écoliers…’ Dat ik al die talen zo vroeg ingelepeld kreeg, heb ik altijd als een grote rijkdom ervaren. In ‘Het Hoge Noorden’ zie je het duidelijk: vaak worstelen de ouders met de taal en vallen ze snel terug op het Engels. Hun kinderen dompelen zich onder in het schoolleven en spreken op drie maanden tijd vloeiend Noors.»

RIJMT OP GELUK

HUMO Je volgt haast alleen koppels, met of zonder kinderen. Kennelijk is het moeilijk om in je eentje zo’n grote stap te zetten.

STRUYF «En toch is ook de liefde een smalle basis om elders een nieuw leven op te bouwen. Hapert de relatie, dan gaat ook de Noorse droom kapot. Daarom zijn Dorien en Arent zo’n hartverwarmend koppel. Ze leggen voortdurend hun relatie in de weegschaal, gaan geen enkel moeilijk gesprek uit de weg. Noorwegen was vooral de droom van Dorien, Arent was zo verliefd dat hij haar is gevolgd. Maar ze beseffen allebei: als de vlinders weg zijn en Arent niet blijkt te aarden in Noorwegen, dan moeten hun wegen scheiden.»

HUMO Als haar geluk niet rijmt met het zijne, dan moet ze hem loslaten.

STRUYF «Wat een levensles! En dat voor een paar twintigers. Je ziet koppels meestal het omgekeerde doen: hoe kan mijn partner mij gelukkig maken? Hoe kan ik die ander doen passen in mijn puzzel? Daar trappen Dorien en Arent niet in. Ze zijn zo mild en geduldig voor elkaar. Ze geven elkaar relatietherapie, en ons erbij. Ze hebben mijn hart gestolen.»

HUMO Wat rijmt er op jouw geluk?

STRUYF «Ik heb goed geluisterd naar Dorien. In mijn nieuwe relatie – ik noem ze ‘nieuw’ omdat het nog altijd pril aanvoelt, maar we zijn intussen al een paar jaar samen – wil ik altijd voor ogen houden: waar ligt het geluk van mijn partner? Ik wil hem niet in mijn puzzel duwen.»

HUMO Was het moeilijk om jullie twee puzzels samen te leggen?

STRUYF «Hoe ouder je wordt, hoe meer puzzelstukken je hebt, natuurlijk: mijn kinderen, zijn kinderen, ons eerste huwelijk. Ik zie het wel als een geluk dat mijn kinderen al groot waren toen ik in die nieuwe relatie ben gestapt. Je leest vaak jubelverhalen over nieuw samengestelde gezinnen, met een mooie foto erbij van één grote happy family. Maar de realiteit van de nieuw samengestelde gezinnen die ik ken, ziet er toch vaak anders uit. Ik ben blij dat ik die kaap nooit heb moeten ronden.»

HUMO Je bent intussen gaan samenwonen met je vriend. Je had vast niet gedacht dat je op je 60ste nog met iemand een huis zou kopen.

STRUYF «Nooit! Het is een heel proces geweest. We hadden eerst een latrelatie: hij woonde in zijn huis, ik in het mijne, en we kwamen bij elkaar over de vloer. Lange tijd was dat fijn, maar toen kwam het besef: als we ooit nog willen samenwonen, dan moeten we er nú aan beginnen. Op den duur raak je te hard gewend aan je eigen huishouden en gewoontes. Dan wordt dat een veiligheid die je niet meer kunt of wilt loslaten.

»Na veel gesprekken hebben we allebei ons huis verkocht en samen iets nieuws gekocht. We wonen nu anderhalf jaar samen en ik ben nog elke dag blij dat we die stap hebben gezet. ’s Avonds samen in bed kruipen en ’s ochtends samen wakker worden, het blijft toch iets hebben.»

‘Noorwegen was Doriens droom, en Arent was zo verliefd dat hij haar is gevolgd. Maar ze beseffen allebei: als de vlinders weg zijn, moeten hun wegen scheiden.’ Beeld VRT
‘Noorwegen was Doriens droom, en Arent was zo verliefd dat hij haar is gevolgd. Maar ze beseffen allebei: als de vlinders weg zijn, moeten hun wegen scheiden.’Beeld VRT

HUMO Vergde het geen grote aanpassingen?

STRUYF «Jawel! De verandering was enorm. Soms zitten we aan tafel en denk ik: zie ons hier nu zitten, met ons drietjes – alleen Hope, mijn jongste dochter, woont nog thuis. We delen op geen enkele manier een bloedband (Hope is haar adoptiedochter, red.): we zijn allemaal uit een ander leven geplukt en vormen nu een gezellig gezinnetje.

»Als onze kinderen langskomen, dan herkennen ze spullen uit zijn huis en spullen uit het mijne. Zijn dochter Louise is met kerst bij ons blijven slapen. In de badkamer herkende ze de potjes die ooit nog van haar overleden mama waren. Mijn eerste reactie was: ‘Oei, vind je dat erg?’ Maar nee, ze vond dat het klópte. We hebben onze verledens achter ons gelaten en onze levens samengegooid. Ik zou er bijna een pleidooi voor willen houden. Niet om te scheiden, want dat blijft een trieste zaak. Maar is het niet fantastisch dat je in elke fase van je leven nog zo’n switch kunt maken? We associëren verandering met de jeugd, maar daar heeft het niks mee te maken. Je bent niet gedoemd om in de sleur van een relatie of een stomme job te blijven hangen, hoe oud je ook bent. Je gaat er maar beter van uit dat er meer dan één ding rijmt op jouw geluk. Het enige wat je moet doen, is keuzes maken: ‘Dáár ga ik nu voor.’ Als ik er nu op terugkijk, was 60 worden een enorm kantelpunt in mijn leven.»

PEPER IN JE GAT

HUMO Zou je zo’n radicale ommezwaai ook verwelkomen in je job?

STRUYF «Mijn job houdt per definitie al veel verandering in. Geen enkele werkdag ziet er hetzelfde uit. Maar om op je vraag te antwoorden: hoe graag ik mijn job ook doe, ik denk wel dat ik ’m makkelijk zou kunnen achterlaten. Ik zie veel mensen om me heen die na hun pensioen moeite hebben om los te laten. Zo ben ik niet. Ik ben nog niet van plan te stoppen en wil nog zeker vijf jaar blijven gaan, maar ik besef wel dat ik in de laatste fase van mijn loopbaan zit. Het besef dat het eindig is, maakt het plezier in mijn werk alleen maar groter.

»Jij was er nu nog niet over begonnen, maar tegenwoordig krijg ik in élk interview de vraag hoe ik aankijk tegen mijn pensioen. Dan maak ik me de bedenking: zouden ze die vraag ook stellen aan Rudi Vranckx of Tom Waes? Leeftijd is bij vrouwen een groter issue dan bij mannen. Ja, nog steeds.»

HUMO Het gaat je professioneel voor de wind. Een veertigtal VRT-medewerkers kregen te horen dat hun jobs de besparingsronde niet zullen overleven. Heb jij gevreesd dat je erbij zou zijn?

STRUYF «Eigenlijk niet. Ze zouden toch zot moeten zijn om mij te ontslaan? Wij maken met zo’n piepklein ploegje programma’s die elk jaar opnieuw goede kijkcijfers scoren.

»Aan de andere kant: gezien mijn leeftijd had ik er net zo goed wél bij kunnen zitten. En als het zo was geweest, had ik ook daar wel iets van gemaakt. Het is delicaat om te zeggen – ik bén niet ontslagen, dus het gaat over anderen – maar we mogen onszelf niet in een slachtofferrol laten duwen. Het leven komt met cadeaus én hindernissen, het hoort er allemaal bij. They never promised you a rose garden. De kunst is ermee om te gaan zonder verbitterd te worden. Heel vaak blijken de onverwachte obstakels achteraf een zegen te zijn: je krijgt peper in je gat. Over mijn echtscheiding was ik eerst ook erg ongelukkig, en kijk waar ze me heeft gebracht.»

HUMO In Humo vroeg een anonieme ex-VRT-medewerker zich af of programma’s als die van jou, met een hoog maatschappijvormend gehalte, nog wel een plaats zullen krijgen in de commerciëlere koers van de VRT.

STRUYF (gepikeerd) «Waar ik al niet tegen kan, is dat iemand zo’n uitspraak anoniem doet. Dat is zo laf. Wie ben je? Maak je kenbaar!

»Wat nu op de VRT gebeurt, is een ontzettend complex verhaal. Bij sommige dingen heb ik ook mijn vragen en bedenkingen, maar die kaart ik liever binnenshuis aan. Ik heb altijd veel kansen en ruimte gekregen om mijn programma’s te maken. Ik heb niet het gevoel dat die nu op losse schroeven staan.»

HUMO Marcel Vanthilt zegt dat de openbare omroep moet stoppen met de commerciële zenders achterna te hollen. Jij bent destijds bij Woestijnvis vertrokken omdat je vond dat je programma’s niet pasten in het nieuwe commerciële kader.

STRUYF «Absoluut, dat was de belangrijkste reden. Maar hier voel ik godzijdank geen druk. Ik kan nog altijd mijn ding doen.

»Die goeie kijkcijfers komen ook heus niet uit de lucht vallen. Ik heb daar jarenlang hard voor moeten werken. Met iedereen die we volgen in onze programma’s, bouwen Kristel en ik een persoonlijke band op: dat vergt veel tijd en energie én wederzijds vertrouwen. Ik heb het gevoel dat ik daar nu de vruchten van pluk. Professioneel zou ik bijna zeggen dat dit mijn aangenaamste jaren zijn, ik heb niks meer te verdedigen. Het is ooit anders geweest: voor élk project moest ik vechten om het erdoor te krijgen. Als ik nu iets ga pitchen, is er vertrouwen: ‘We weten dat het goed komt met jouw programma’s.’»

HUMO Je werkrelatie met de VRT zit goed.

STRUYF «Ik heb een aantal mensen om me heen die in mij geloven.»

‘Ik weet niet of een carrière als de mijne vandaag nog zou kunnen. Ik kon in de luwte groeien. Nu moeten
jonge mensen er meteen stáán, en het volgende jaar wordt weer iemand anders gelanceerd.' Beeld Saskia Vanderstichele
‘Ik weet niet of een carrière als de mijne vandaag nog zou kunnen. Ik kon in de luwte groeien. Nu moetenjonge mensen er meteen stáán, en het volgende jaar wordt weer iemand anders gelanceerd.'Beeld Saskia Vanderstichele

HUMO En dat verandert niet met de nieuwe wind die door de gangen waait?

STRUYF «Ik hoop van niet. De toekomst zal het uitwijzen. Het zou natuurlijk fijn zijn als CEO Frederik Delaplace of directeur Ricus Jansegers één keer zou zeggen: ‘Wauw, Annemie Struyf, toch wel sterke programma’s die jij maakt.’ Maar gelukkig zijn er anderen die me dat wél zeggen.

»In Nederland hebben ze het format van ‘Het Hoge Noorden’ gekocht. Ik ben daar best wel fier op... Hoewel ik het ook raar vind, net omdat het zo’n persoonlijk programma is dat Kristel en ik heel erg vanuit onze buik maken.»

HUMO Weet je al wie de Nederlandse Annemie Struyf wordt?

STRUYF «Naar het schijnt is ze al gekozen, maar ik weet niet wie ze is. Ik heb daar ook geen zeggenschap over. Als de reeks op de Nederlandse tv komt, ga ik er met veel belangstelling naar kijken. Ook naar de nieuwe Annemie (lacht).

»Ik weet niet of een carrière als de mijne vandaag nog zou kunnen. Ik heb er nooit van gedroomd om op tv te komen. Ik was op mijn 40ste perfect gelukkig met mijn job in de geschreven pers, maar toen diende de rubriek ‘Meisjes van veertig’ zich aan in ‘De laatste show’, en zo ben ik erin gerold. Ik ben in de luwte kunnen groeien. Nu kan dat niet meer. Nu zijn jonge mensen opeens de sterren en worden ze in alle kranten tegelijk gelanceerd. Je moet er meteen stáán. En het jaar daarna stuwen ze alweer iemand anders de hoogte in. Hoe jonger, hoe liever.»

EXCUUSTRUUS

STRUYF «Iedereen heeft vandaag de mond vol van diversiteit. Een inclusieve maatschappij is een plek waar iedereen zich gezien voelt, ongeacht geslacht, cultuur of ras. Maar het valt me zo hard op dat diversiteit op basis van leeftijd gewoon níét speelt. Zowel qua kijkcijfers als in de commerciële logica van de adverteerders deelt men iedereen op in groepjes: je hebt de vroege twintigers, de mid-twintigers, de late twintigers… Maar zodra je de 50 gepasseerd bent, zien ze nog maar één grijze, verwaarloosbare massa. Dat die 50-plussers op één hoop worden gegooid, is zo’n enorme ontkenning van de menselijke realiteit. Ik vertelde je net nog hoe hard mijn leven is veranderd op mijn 60ste.»

HUMO Lang leve de midlifecrisis?

STRUYF «Welke crisis? Wij 50-plussers zijn de nieuwe pubers. De clichés over leeftijd moeten dringend overboord.»

HUMO Moet ook de loonkloof tussen man en vrouw op de schop? Toen Siska Schoeters kritiek uitte op het feit dat er geen enkele vrouw te vinden is in de top zes van grootverdieners bij de VRT, gaf jij haar gelijk: ‘Goed gezegd, Siska. Het seksisme in de media is soms stuitend.’

STRUYF «De astronomische lonen van die grootverdieners deden mij wel even slikken. Maar na die aanvankelijke frustratie ben ik nu blij dat ik niet in dat lijstje voorkom. Daar wil je toch niet tussen staan!

»Siska heeft uiteraard gelijk, maar als ik aan die hele discussie denk, glijden mijn gedachten af naar Afrika. Je weet dat ik nog altijd een project run in Kenia: Hope for Girls. Als ik me voor één zaak wil inspannen, dan liever voor die meisjes in Afrika, die het slachtoffer dreigen te worden van genitale verminking. Dat raakt me veel meer dan mediafiguren die toevallig niet zoveel verdienen als andere mediafiguren.»

HUMO Pick your battles?

STRUYF «Precies. De loonkloof ís een feit, en hoewel er al heel wat is veranderd, bestaat het seksisme in de media nog altijd. Maar ik ga er zelf geen strijdpunt van maken. Mijn strijd ligt in Afrika, ook al mag je dat hier niet meer luidop zeggen zonder kritiek te krijgen: ‘Waar bemoei jij je mee als blanke?’ Maar dan haal ik mijn schouders op en denk ik aan de driehonderd meisjes die we al van de gruwel hebben gered. Het kan me niet schelen of jij dat ‘koloniaal’ vindt.»

HUMO Jij wordt tegenwoordig opgevoerd als bewijs dat er van seksisme geen sprake meer is in de media: een vrouw van 61 mag in haar eentje een hele reeks dragen, dus gaat het toch de goede kant uit?

STRUYF «Tja, ik denk dat ik soms wel de excuustruus ben.

»Weet je, ik krijg bij momenten de indruk dat er een beschadigingsoperatie aan de gang is tegen de VRT. In plaats van onze openbare omroep te bashen, zouden we hem beter koesteren. De VRT is géén bastion van seksisme. Integendeel, van alle plekken waar ik ooit heb gewerkt, is de VRT het minst seksistisch. Ik weet nog wat voor een verademing het was toen ik hier kwam. Ik wil niet natrappen en ga zeker geen namen noemen, maar in bijna élk werkmilieu heb ik bij momenten stuitend seksisme ervaren. Klaagde ik het aan, dan stond ik vaak alleen. Ik werd genegeerd en soms belachelijk gemaakt. Aan sommige situaties wil ik liever niet meer terugdenken. Ik concentreer me liever op het bredere plaatje van de gendergelijkheid. Wereldwijd staat de vrouw nog nergens. Kijk naar wat er in Afghanistan gebeurt, waar de taliban vrouwen opnieuw uit de universiteiten hebben verbannen.»

HUMO Jij bent er drie keer geweest. Heb je nog contact met Afghaanse vrouwen?

STRUYF «Dat niet, maar ze hebben voor mij wel een gezicht. In Afghanistan zijn vrouwen minder waard dan honden. Ik zal nooit vergeten wat een vroedvrouw me vertelde: als er een jongen wordt geboren, is het feest. Dan lopen ze met de baby naar buiten, waar de mannen staan te wachten, en is het hele dorp door het dolle heen. Is het een dochter, dan blijft het stil en moet de vroedvrouw langs de achterdeur wegglippen. Als ze langs voren gaat, wordt ze bekogeld met stenen. Elk meisje dat daar wordt geboren, is een teleurstelling.»

HUMO We zijn verontwaardigd over wat er in Afghanistan gebeurt, maar op meer dan onze sympathie hoeven de Afghaanse vrouwen niet te rekenen.

STRUYF «We hebben nog weinig aandacht voor mondiale problemen. Het is te ver van ons bed. Veel mensen hier geloven zelfs niet dat genitale verminking écht bestaat. Of dan wijten ze het aan de islam, terwijl het vaak om diepgewortelde tradities gaat die niks met de islam te maken hebben.»

‘Het zou natuurlijk fijn zijn als Frederik Delaplace of Ricus Jansegers één keer zou zeggen: ‘Wauw, Annemie Struyf, toch wel sterke programma’s die jij maakt!’ Maar gelukkig zijn er anderen die me dat wél zeggen.’ Beeld Saskia Vanderstichele
‘Het zou natuurlijk fijn zijn als Frederik Delaplace of Ricus Jansegers één keer zou zeggen: ‘Wauw, Annemie Struyf, toch wel sterke programma’s die jij maakt!’ Maar gelukkig zijn er anderen die me dat wél zeggen.’Beeld Saskia Vanderstichele

HUMO Jij verwelkomde pas nog een kleinzoon en een kleindochter in de familie. ‘Ik ga mamy heten, naar de Franse traditie,’ zei je trots. Hoe bevalt de rol van mamy je?

STRUYF «Ook mijn vriend heeft in die periode twee kleinkinderen gekregen. Dat zijn er dus samen vier!

»Ik voel me nog heel pril in die rol. Als je voor het eerst ouder wordt, is het zoeken. Hoe ga ik dat combineren: én een baby én een job én nog boeken lezen én een sociaal leven? Wel, als grootouder doe ik hetzelfde. Ik ben de puzzel – fulltime werken, vijf kinderen, een nieuw lief, en nu een stel kleinkinderen erbij – nog volop aan het leggen.

»In de euforie vóór de geboorte had ik geopperd dat ik mijn kleinkinderen één dag per week zou opvangen. Daar ben ik snel van teruggekomen. Zo’n vaste dag zou algauw een corvee worden, terwijl ik net in een fase van mijn loopbaan zit dat ik er volop van wil genieten. Je passies moet je samen met je kleinkinderen beleven, je mag ze níét opgeven.

»Als kind had ik een koppel tachtigers als buren, die elk jaar gingen kamperen met de tent. Mijn ouders begrepen niet dat je zoiets op je 80ste nog wilt doen, maar mij is dat beeld altijd bijgebleven. Als ik 80 ben, wil ik ook gaan kamperen met mijn kleinkinderen.»

HUMO Een kleinkind confronteert je onvermijdelijk met je eindigheid.

STRUYF «En hoe! Ik weet niet of het klopt, maar ik heb onlangs gehoord dat de mens de enige soort is met grootouders. In het dierenrijk zijn er geen oma’s en opa’s: daar worden de ouders oud, sterven ze en neemt de nieuwe generatie het over. Als er een kleinkind op de deur komt kloppen, weet je dat jij nu de laatste generatie bent. Maar ik wil optimistisch blijven: we hebben een generatie gewonnen op de dieren.

»Hope heeft een Afrikaanse kapster die één keer om de drie maanden haar haren invlecht – dat duurt dan een hele dag. Laatst vroeg Feza, de kapster, me naar de kleinkinderen. Ik antwoordde hoe tof het was. ‘Het enige nadeel,’ zei ik, ‘is dat je oud wordt.’ Feza’s gezicht verstrakte helemaal: ‘Annemie, ik heb het zó gehad met al die vrouwen die hier elke dag zitten te klagen over hun rimpels. Hoe kun je nu grootmoeder zijn zonder oud te worden? Deal with it!’ Ze had gelijk, natuurlijk. Wij westerlingen zijn zo geobsedeerd door leeftijd. Het is goed dat een kleinkind je uit de illusie van het eeuwige leven haalt en je tegelijkertijd aanspoort om het kind en het avontuur in jezelf te blijven voeden. Dus: laat maar komen, die kleinkinderen. Hoe meer, hoe liever.»

‘Het Hoge Noorden’, Eén, dinsdag 10 januari, 20.55

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234