null Beeld

'Balls of Steel': het grote William Boeva-interview

William Boeva (25) won in 2012 Humo’s Comedy Cup, weet hoe je ‘pseudoachondroplasie’ uit de bek wringt, heeft met ‘Megalomaan’ z’n eerste avondvullende voorstelling lopen en presenteert vanaf donderdag op 2BE ‘Balls of Steel’.

Boeva (25) won in 2012 Humo’s Comedy Cup, weet hoe je ‘pseudoachondroplasie’ uit de bek wringt, heeft met ‘Megalomaan’ z’n eerste avondvullende voorstelling lopen en presenteert vanaf donderdag op 2BE ‘Balls of Steel’. Een buitenlands concept: negen door acteurs gespeelde typetjes brengen de medemens in verlegenheid middels uitgekiende verborgencameragrappen, en komen vervolgens in de studio bij Boeva uithijgen.

William Boeva «Het is iets speciaals: redelijk jong en edgy. Dat past wel bij mij. Het moet een beetje wacko zijn voor mij, én ik moet m’n goesting kunnen doen.

»Hans Otten – die ook één van de typetjes speelt – kwam met het idee. Hij wilde het programma al lang maken. Eigenlijk was het eerst de bedoeling dat ik ook in de verborgencamerafilmpjes zou opduiken, maar we vonden niet meteen een geschikt typetje. Waarop Hans voorstelde dat ik de boel gewoon zou presenteren.

»(Enthousiast) Je moet echt kijken: alles kan en alles mag.»

HUMO Maar zit er nog rek op het verborgencameragenre?

Boeva «Terechte vraag, maar: ja. En in vergelijking met de buitenlandse versies hebben we de studio opgewaardeerd. Zo maken we toch een verschil. Er zit veel meer gesprek in, veel meer humor ook.»

HUMO Da’s natuurlijk jouw tuintje, humor. Probeer je de grootste te hebben? Wil je geestiger zijn dan de filmpjes?

Boeva «Eigenlijk niet. Een presentator moet dienen, zichzelf wat opzijduwen ten voordele van zijn gasten. Als comedian op het podium geef je de voorzet én werk je af; als presentator geef je alleen de voorzet. En dat is prima.

»Ik wil ‘Balls of Steel’ gewoon in goede banen leiden, zonder de grote ster te zijn. Als ik daar alleen zou zitten, zou het ook zo goed niet zijn. Ik werk trouwens met mijn vaste kliek – de mensen van De Hofleveranciers (het bureau dat het management doet van onder meer Han Coucke en Maaike Cafmeyer, red.). Heel belangrijk voor mij, want daar krijg ik vertrouwen. En dat vertrouwen heb ik nódig. Tegen mij moet je altijd zeggen: ‘Je staat er niet alleen voor.’ Ik heb een klankbord nodig, mensen die me een beetje sturen. Alleen in een ploeg kom ik helemaal tot mijn recht.»

HUMO Zijn komieken dan niet per definitie loners?

Boeva «Ik alleszins niet. Alleen voel ik me heel snel verloren. Ik moet op een groep kunnen terugvallen: je deelt de eer, maar ook de smart. Dat is altijd al zo geweest. Ik ben een geboren twijfelaar. En zelfs wanneer m’n buikgevoel me iets dicteert, zal er toch nog altijd een stemmetje fluisteren: ‘Zou je er toch niet nog eens over nadenken, en er wat mensen bijhalen?’»

HUMO Je bent ook bezig aan een serie voor Ketnet.

Boeva «Daarin acteer ik – weer iets nieuws. De reeks is gericht op kinderen van 3 tot 6 jaar. Die zijn nog net iets kleiner dan ik (lacht). Ik hoef er niet de hele tijd funny in te zijn: da’s ook eens leuk.

»Eigenlijk ben ik verslaafd aan afwisseling. Als ik in tien dagen tijd tien shows moet spelen, doe ik dat op de derde dag al op automatische piloot. De ruimte om te improviseren vind ik dan niet meer in mijn kop – terwijl ‘Megalomaan’ net een voorstelling is die zich bij uitstek leent tot improvisatie. Maar mijn brein slaapt dan in, en da’s heel vervelend. Ik kan dat alleen vermijden door veel verschillende dingen tegelijk te doen. Als ik ‘Balls of Steel’ maak, én in die serie acteer, én mijn show speel, komt dat die show alleen maar ten goede. Dan moet ik er weer over nadenken en wordt het minder bandwerk.»

HUMO Presenteren, acteren: je bent niet bang om dingen te proberen waarvan je niet zeker weet of je ze kunt?

Boeva «Ik vind dat net leuk. Het is een goeie manier om mensen te verrassen én om iets te bewijzen aan mezelf. Waarom zijn we ook zo bang om even van het pad af te wijken? Als een BV een boek schrijft, kun je de zurige reacties bijna meelippen. ‘Allee, weer één die het probeert. Weer één die gelooft dat hij een schrijver is.’ Ik denk dan: ‘Ha, tof, benieuwd naar het resultaat!’

»Ik vind het plezierig om vooroordelen te ontkrachten, om ergens in te springen: als ze me morgen vragen voor een balletvoorstelling zeg ik meteen ja (lacht).»

Schattig en graaf

HUMO Je carrière als comedian is ook zo begonnen: door er gewoon in te springen. Je hebt er zelfs je studie rechten voor stopgezet.

Boeva «Daar denk ik nog weleens aan, ja. Mijn vrienden van toen beginnen nu af te studeren. Daar had ik dus bij kunnen zijn. Maar ik weet niet of ik me dan zo geamuseerd zou hebben als nu. Alhoewel: er zijn best wel raakvlakken. In wezen doen een advocaat en een comedian hetzelfde: ze gaan op een podium staan, trekken de aandacht en proberen hun eigen gelijk op te dringen. De advocaat en de comedian willen dat de mensen naar buiten gaan en denken: ‘Tiens, die mens heeft wel een punt.’

»Onlangs was er een feestje waarop ik iedereen uit mijn jaar aan de universiteit terugzag. Dat was wel raar, hoor. Er zijn er een paar die stage lopen in Londen. Dan is je leven met kravat begonnen, hè, dan ben je het aan het maken. Maar ik heb geen grammetje spijt. Ik amuseer mezelf. Ik doe nu dit, maak morgen een bochtje en sla overmorgen een andere straat in. Zij gaan de volgende vijftig jaar hetzelfde doen.»

HUMO Dat is wel veilig.

Boeva «En die zekerheid heb ik niet, nee. Ach: als het helemaal misloopt, ga ik in de porno.»

HUMO Ben je echt zo zorgeloos? Vertrouw je erop dat het altijd goedkomt?

Boeva «Ik lig ’s nachts ook wel wakker van dingen. Ik zei het al: ik ben een twijfelaar. Maar tegelijk weet ik dat je weinig aan de dingen kunt veranderen, en probeer ik vertrouwen te hebben in wat op me afkomt. En natuurlijk heb ik af en toe een kutdag, maar dan denk ik ’s avonds: ‘Ik heb ooit al een veel grotere kutdag gehad, dus zo erg was het vandaag allemaal niet.’»

HUMO Je bent net 25 geworden.

Boeva «Een kwarteeuw! Dat is toch een beetje vies, eigenlijk. Volwassen worden ga ik nog een jaar of vijf uitstellen. (Denkt na) Ja man, 25. Ik heb het best moeilijk met de vragen die daarbij horen. Hoelang kan ik een ‘jong talent’ blijven? Vanaf wanneer ben ik een gevestigde waarde? Ik ben altijd de jongste geweest, het prille talent, maar ondertussen zijn er comedians die vijf jaar jonger zijn dan ik!

»In mijn onderwerpen ben ik wel nog heel jong. Basically gaat het nog altijd over hoe een dwerg zich tot de wereld verhoudt. Oudere comedians hebben het over onderwerpen waar ik totaal niet mee bezig ben – kinderen en zo. Ik vind dat een comfortabele vaststelling: ik moet die fase nog bereiken, er zit dus nog rek op mijn humor.

»Als Alex Agnew in het Sportpaleis staat, denk ik: ‘Amai, dat wil ik óók!’ Net zoals ik weleens een latenighttalkshow zou willen presenteren. Op zulke momenten is het een geruststelling dat ik nog maar 25 ben. Ik heb nog hopen tijd om daar ooit te raken. En dan spreek ik mezelf streng toe: ‘Als je dat nu doet, zou niemand het geloven. Je bent 25, verdorie, wat weet jij in godsnaam van het leven? Je moet nog trouwen, kinderen krijgen, eens failliet gaan, een paar keer op je smoel vallen.’ Hoe meer shit je meemaakt, hoe rijper je wordt. En ik heb eigenlijk nog niet zo veel shit meegemaakt.»

HUMO Je tienerjaren waren nochtans geen onverdeelde glorietocht.

Boeva «Ook weer waar. Pas als puber merkte ik dat ik anders was. Door mijn omgeving, ja. Want het is een hardnekkig misverstand dat kinderen hard zijn – daar heb ik alleszins niets van gemerkt. Nee, pubers zijn hard. Kinderen zijn gewoon eerlijk. Dat zie ik nu, met die reeks voor Ketnet, weer. Als kinderen mij voor het eerst zien, zijn ze bang. Maar laat mij er twee minuten mee babbelen en het keert volledig: dan hangen ze rond mij en laten ze me niet meer met rust. Ik vind dat heel interessant: kinderen zijn nog zo puur en zo eerlijk dat ze meteen toegeven dat ze zich vergist hebben: ‘Eerst was ik bang, maar nu vind ik u leuk.’

»Pubers zijn heel anders. Als tiener dacht ik dat de wereld zou opengaan, maar hij ging potdicht! Net op de leeftijd waarop je niet met je kop tegen de muur wil lopen, deed ik niets anders. En dus begon ik me af te schermen van de wereld. Ik besefte dat ik anders was, en dat moest ik verwerken – alleen. Nu goed, ik wil het drama ook niet groter maken dan het was: zo veel behoefte aan wildebrasjaren had ik niet. Misschien moet ik daar nú maar eens aan beginnen? (Tot de serveerster naar wie onze blikken al meermaals zijn afgegleden) Twee lijnen coke alstublieft!»

HUMO Voel je, nu je niet langer louter als dwerg wordt gedefinieerd, de zoete smaak van revanche?

Boeva «Eigenlijk wel. Ik kan het dus toch! En ik word niet langer in het hoekje van de sukkelaar geduwd, waar ‘Ocharme!’ nog de beste reactie is die je krijgt. Pas op De Dames, het Instituut Dames van het Christelijk Onderwijs in Antwerpen, is mijn wereld opengegaan. Daar heb ik de laatste twee jaar van mijn middelbaar gedaan, en werd ik wél voor vol aanzien. De mensen daar waren gewoon blij met mij.»

HUMO Heeft klein zijn ook voordelen?

Boeva «Ik zou niet meer willen wisselen! Dat meen ik. Ik val op, mensen onthouden me makkelijk en het geeft me inspiratie. Dat klein zijn is eigenlijk gewoon een bijzondere karaktertrek geworden. Heb je ‘X-Men’ gezien? Op een bepaald moment zeggen ze daarin: ‘Mutant and proud!’ Wel, dat herken ik: ik ben anders, en daar ben ik trots op.»

HUMO Je hebt dus het vermogen om uit iets kwalijks iets goeds te halen?

Boeva «Ja. Ik heb als kind veel tijd in ziekenhuizen doorgebracht. Dat was moeilijk en deprimerend, maar ik haalde er wel een zeker je-m’en-foutisme uit. En relativeringsvermogen: ‘Herinner je je toen nog? Voilà, dan moet je nu niet zagen.’

»Als je 18 bent, wil je vooral naar de discotheek kunnen gaan om daar een griet binnen te doen. Pas later kom je te weten dat je daar niet mee bezig hoeft te zijn, dat dát niet het grote nut van je bestaan is. Om echt te kunnen leven, moet je eerst van je wolk vallen. Als tiener ben je geneigd om te denken dat alles fantastisch is. Terwijl dat niet zo is. Er zijn heel veel dingen kak, en je gaat niet het leven leiden dat je denkt te zullen leiden. Elke 16-jarige denkt dat hij geneeskunde gaat studeren en neurochirurg wordt. Daardoor zal hij heel veel geld verdienen, zich een groot huis kunnen kopen en in een Ferrari rondrijden. Hij trouwt uiteraard met een supermooie vrouw en samen zetten ze twee kinderen op de wereld die het geweldig doen op school. Wel, ik kan het je in primeur vertellen: zo gaat het niet. En het leuke is: dat is helemaal niet erg.»

HUMO Sinds wanneer weet jij dat?

Boeva «Sinds ik met comedy bezig ben. Daarvoor zat ik dus op de universiteit, en eigenlijk heb ik nooit goed geweten wat ik daar deed. Ik zie mezelf nog zitten, die eerste weken. (Geeft een hilarische imitatie van een aulahangjongere) Als kersvers student wordt je leven beheerst door de gedachte dat je graaf moet zijn. Dus hing ik daar een beetje graaf op mijn stoeltje, en was ik heel graaf niet aan het opletten, en keek ik heel graaf rond of de anderen mij wel graaf genoeg vonden. En ’t ergste van al was dat niemand zei: ‘Amai, gij zijt graaf!’ Wel: ‘Amai, een dwerg, zo schattig!’ (lacht luid)

»Toen ik met comedy begon, besefte ik wat voor een debiel ik daar op de universiteit geweest was. En nu vraag ik me dus af of ik dat over tien jaar ook ga denken over wie ik nu ben. Je schaamt je toch altijd een beetje voor je verleden.»

William in Hollywood

HUMO Je wil ooit een Sportpaleis aan het lachen brengen, zei je. Je bent dus ambitieus?

Boeva «Er zit een ongedurigheid in mij, iets dat maakt dat ik heel ambitieus ben. Ik wil altijd meer. En een mens went zo snel aan de dingen, hè. Na Humo’s Comedy Cup had ik 35 shows. Ik vond dat spectaculair. Ik zat in de zetel en dacht: ‘Boeva, verdomme... 35 shows!’ Nu, met deze voorstelling, speel ik er 50. En ik ga er maar even losjes van uit dat die allemaal vol zullen zitten. Terwijl het zo niet werkt, natuurlijk: mensen gaan niet uit zichzelf op dat stoeltje zitten.

»Onlangs had mijn regisseur het over een grote zaal. ‘Mja,’ antwoordde ik, ‘250 man: dat valt wel mee, hè.’ Ik hoorde het mezelf zeggen en ik wist meteen hoe fout het was. Want een zaal van 250 man ís groot – ik heb verdomme ooit voor vijf mensen opgetreden. Nu goed, er bestaat ook een uitstekende remedie tegen blasé worden, en die heet: in Nederland optreden. Onlangs speelde ik in Rotterdam: er zat zes man in de zaal. Toen besefte ik: ‘Fuck, hoe snel wen je aan succes?’ Terwijl op nauwelijks een uur rijden niemand me kent. Dat is raar.»

HUMO Wil je graag naar het buitenland?

Boeva «Ja. De drang om de wereld erop te wijzen dat ik er ben – ‘Hier! Hallo! Ja, hier!’ – is me niet vreemd.

»Ik heb onlangs Jimmy Carr en Stephen Merchant gezien. Dat was heerlijk: gewoon een beetje zitten dwepen. En onder de indruk zijn van een mooie zaal. Dat pluche, de balkons, de stofdeeltjes die in het licht van de spots dwarrelden. ‘Zo graaf,’ dacht ik, ‘dat wil ik ook!’ Maar ik doe dat al, natuurlijk. Alleen: als je zélf op dat podium staat, ziet het er allemaal niet zo mooi uit. Dan is zo’n zaal ook maar een hoop bakstenen, en je kleedkamer een hok met tl-licht.»

HUMO Dat doe je nu al de hele tijd: je bent zelfverzekerd en je durft te dromen, maar dan laat je plots de nuchterheid inbreken en relativeer je alles.

Boeva «Misschien omdat het succes er al bij al vrij snel gekomen is, en ik niet goed kan inschatten hóé het er precies gekomen is. Wie met comedy begint, weet dat de kans op een avondvullende show klein is, maar ik heb er nu dus wel eentje. En de eerste keer dat ik in de Bourla kwam, keek ik rond en dacht ik: ‘Fuck, hier wil ik spelen!’ Iemand wees me er toen op dat daar nog nooit comedy geprogrammeerd was, en dat de kans dat het ooit wel zou gebeuren onbestaande was. Maar ik kon alleen denken: ‘Hier ga ik staan.’ En kijk: ik neem er nu mijn dvd op, zonder dat ik daar zelf uitvoerig voor gelobbyd heb. Dat overkomt me wel vaker: mijn dromen trekken hun eigen vervulling aan.

»Dus ja: hoe komt zoiets? Gaat het over mensen die dat graag zien, een dwerg die dwergenmoppen maakt? Of gaat het over...»

HUMO Talent?

Boeva «Ja, dat bedoel ik. Of beter nog: je best doen. Want ik heb hier wel veel voor gedaan, hè. Ik heb mijn studies opgegeven om comedian te worden: dat is een risico. Mensen denken vaak dat het me in de schoot geworpen is, dat het succes vrolijk naar me toe is komen fladderen. Terwijl het toch een ietsje anders in elkaar zit: ik werk keihard.

»Ik sta ook helemaal nog niet zo ver. Als ik ergens binnenkom, verstommen de gesprekken niet meteen. En als dat toch gebeurt, heeft het veeleer met mijn grote gestalte te maken (lacht). Onlangs nog zag ik hoe twee mensen het op een druk smoezen zetten zodra ze mij in de gaten hadden. Ik dacht: ik maak het die twee gemakkelijk en vraag gewoon of ze misschien met mij op de foto willen, want ze durven het duidelijk niet te vragen. ‘Neen,’ was het nogal overtuigde antwoord, ‘we waren gewoon naar jou aan het kijken.’ (lacht) Dáárom sta ik met mijn beide benen op de grond: ze duwen mij altijd weer naar beneden.»

HUMO Spreek toch nog eens zo’n ‘Ooit speel ik in de Bourla’-droom uit?

Boeva «Ik wil ooit in een Hollywoodfilm spelen. Ik wéét gewoon dat ik dat ooit zal doen, maar uiteraard heb ik er geen idee van hoe zoiets te realiseren valt. Jij hebt het telefoonnummer van Matthias Schoenaerts niet?»

Een flits van haat

HUMO Je bent al een hele tijd samen met iemand. Wat verwacht de gemiddelde William Boeva van de liefde?

Boeva «Een soort van onvoorwaardelijkheid. Een innigheid die niet verklaarbaar is, maar wel perfect logisch voelt. (Denkt lang na) Ik vind het nog altijd iets raars, de liefde. Omdat ik mezelf... Omdat ik mezelf er altijd wat in tegengehouden heb. Het is al zo vaak misgelopen dat ik een schrik gepakt heb, en me er een beetje voor afsluit. Maar op een bepaald moment is mijn schild dus wel doorbroken. Ik weet niet precies hoe dat gebeurd is. Ik weet tout court weinig over de liefde.

»Wat ik wel weet: liefde ligt heel dicht bij haat. Je kunt zó kwaad zijn op iemand waar je echt van houdt, zó onhebbelijk furieus. Net omdat je zo van haar houdt. Een flits van haat, en dan vijf minuten later denken: ‘O, wat is ze toch perfect.’

»Ik koester ook een zekere haat tegenover de liefde zélf. Want ze kan me verdomme zo verloren doen lopen. Ik kan me helemaal verliezen in een verliefdheid, en dan is het om zeep: dan kan ik niks meer behalve aan haar denken. Verliefd zijn is gewoon niet zo aangenaam. Er is die voortdurende, verlammende angst: ‘Ze moet mij niet. Ze zal weggaan.’ En als die afwijzing er effectief komt, word ik gegijzeld door onmacht. Je kunt eraan kapotgaan. ‘Liefde is: de andere persoon de juiste wapens geven om je kapot te maken.’ Dat heb ik ooit ergens gelezen – vraag me niet waar. Ik vond dat heel treffend verwoord.»

HUMO Je vindt het niet leuk om kwetsbaar te zijn?

Boeva «Samen kwetsbaar zijn, ja, dat durf ik wel. Maar als je liefde onbeantwoord blijft: neen, dank je.

»Ik heb eens gelezen dat het allemaal wetenschappelijk verklaarbaar is. Een kwestie van chemische verbindingen. (Verbouwereerd) Dat verliefdheid een chemisch proces is, dat is toch... Dat is toch érg? Dan is de magie toch weg? En waarom zou het waardevol zijn dat we dat weten? Wat bén ik met die wetenschap als ik verliefd ben en de ander moet me niet? ‘Het is niks, William, want het is maar chemie.’ Als je verliefd bent, vind je in niks troost. Je kunt uithuilen bij je vrienden, natuurlijk, maar het hélpt niet. Laat staan dat zo’n laboratoriumuitleg zou helpen.»

HUMO Heb je thuis een voorbeeld gekregen van wat liefde in het beste geval vermag?

Boeva «Al bij al: ja. Maar je mag de situatie waarin mijn ouders zaten niet onderschatten. Ik bleef vaak drie maanden in het ziekenhuis, als ik weer eens verlengd moest worden (geen grap: alleen de ledematen van Boeva hebben dwerggroei, en dus moesten die meermaals verlengd worden, red.). Mijn vader zorgde dan voor mijn broer, mijn moeder bleef bij mij in het ziekenhuis. En dat ziekenhuis was in Namen, op anderhalf uur rijden van Antwerpen. Ze zijn dus noodgedwongen vaak gescheiden geweest. Maar dat heeft hen er nooit van weerhouden om mij – én mijn broer, die veel voor me betekent – met liefde te overladen.»

HUMO Kun je aanduiden wat je ouders je precies bijgebracht hebben?

Boeva «Die nuchterheid van me. En dat combattieve. Er is vaak tegen mijn ouders gezegd dat ik naar het bijzonder onderwijs moest, maar zij stonden erop dat ik naar het ASO ging. En daar ben ik hun erg dankbaar voor. Want de samenleving maakt nog altijd geen onderscheid tussen een fysieke en een mentale handicap als het over onderwijs gaat: iedereen wordt in één put geduwd. En probeer daar vervolgens maar eens uit te klimmen. Ik ken genoeg mensen die met de vingers in de neus de universiteit aankunnen, maar tot hun 21ste met waterverf moesten kliederen. Dat is zo’n zonde – ik word daar kwáád van.

»Maar het allerbelangrijkste dat ik geleerd heb van mijn moeder en mijn vader? Oplettend zijn, een beetje argwanend zelfs. Mensen zijn geneigd tot marketing: ze stellen de dingen altijd mooier voor dan ze in wezen zijn. Mijn ouders hebben me geleerd daar attent voor te zijn. Ik zoek altijd naar het addertje onder het gras. Ik verwacht niet dat het leven alleen maar goed zal zijn. En ik weet dat ik de shit alleen zal mogen opkuisen wanneer het misgaat.»

HUMO Zeer juist. Wel jammer dat je dat op je 25ste al weet.

Boeva «Kan zijn – ik geloof inderdaad dat ik niet zo naïef ben als een 25-jarige hoort te zijn. Maar vaak haal ik ook mijn voordeel uit die filosofie, hoor. Want ik ga er dus van uit dat iets moois per definitie te mooi is om waar te zijn. Maar als het dan tóch waar blijkt te zijn, is het meteen héél mooi.»


Bekijk meer video's van Balls Of Steel op

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234