Bart Moeyaert over zijn hemel en hel: 'Op Istagram zie je mij krullen van genot terwijl er stoom uit mijn neus komt'

Sinds hij op 2 april jongstleden te horen kreeg dat hij de Astrid Lindgren Memorial Award en het daaraan verbonden Erg Grote Geldbedrag op zak mocht steken, betrapt Bart Moeyaert zichzelf weleens op een koket hupje in de gang. ‘Eén keer,’ zegt hij met een twinkel in z’n ogen, ‘heb ik zelfs een sprongetje gewaagd.’


Meer 'Tussen Hemel & Hel' ☞

Bart Moeyaert «Op die tweede april zat ik ’s ochtends in een aftandse hotelkamer in Bologna, op de rand van mijn bed, met op een halve meter afstand een bureautje met een telefoon erop. Ik wist dat ik genomineerd was, net zoals 249 andere schrijvers, illustratoren en kinderboekenorganisaties van over de hele wereld. Omdat het al de zestiende keer was, dacht ik: waarom zou het nu wél gebeuren? Maar toen ging de telefoon over, en zag ik een nummer op de display verschijnen met daaronder ‘Sweden’. Ik heb opgenomen, waarop juryvoorzitster Boel Westin een lange, officiële zin uitsprak, met helemaal op het eind mijn naam. Ik kon alleen maar ‘I love you’ uitbrengen, wat ik ook méénde. Al is het bijna onmogelijk om te beschrijven hoe ik me voelde.»

HUMO Doe toch maar eens een poging.

Moeyaert «In de film ‘The Wife’ dansen Glenn Close en haar man op het bed wanneer hij midden in de nacht een telefoontje krijgt met de mededeling dat hij de Nobelprijs voor Literatuur heeft gewonnen. Wel, bij mij was het nog veel heftiger dan dat: ik was erg geëmotioneerd. Ik belde mijn vriend op en slaagde er niet in om het nieuws uit mijn strot te krijgen. Meer dan een minuut heb ik zomaar wat lukraak gestameld, totdat hij het zelf maar raadde: ‘Heb je de ALMA gewonnen, of wat?’

»Kijk, ik heb jong gedebuteerd, en ik ben altijd blijven schrijven. Dat is mijn léven. Op dat moment, in die hotelkamer in Bologna, was het alsof alles waarvoor ik sta ineens gezien en erkend werd. Alsof mijn hele wezen werd opgetild. Het was, kortom, de hemel op aarde.»

HUMO Meteen over naar de hel op aarde.

Moeyaert «De hel zou zijn: niet meer kunnen doen wat ik nu doe. Mijn twee jaren als stadsdichter van Antwerpen waren geweldig, maar het nadeel was dat ik niet meer aan het schrijven van een roman toekwam. Hetzelfde verhaal toen ik drie jaar in Frankfurt zat als artistiek intendant. Fantastisch project, maar het deed me oprecht pijn wanneer mensen langs hun neus weg vroegen: ‘Jij was toch schrijver?’ Als ik lange tijd niet aan een nieuwe roman geschreven heb, word ik een donkerder, lastiger mens. Ik kan alleen maar hopen dat het nog ontzettend lang zal duren voordat ik in het geheel niet meer kan schrijven.»

HUMO Hoe bedoel je?

Moeyaert «Ik heb altijd gedacht dat mijn handen mijn belangrijkste werkinstrument waren, maar dat is onzin: mijn belangrijkste werkinstrument, dat is mijn hoofd. Dat weet ik omdat mijn moeder alzheimer heeft, en mijn vader dementerend is doodgegaan. Mijn vader, de man die taal altijd zo belangrijk heeft gevonden, beséfte dat hij zijn taalvermogen aan het verliezen was. Dat moet, om het zacht uit te drukken, buitengewoon frustrerend zijn geweest.»

HUMO Drink je graag?

Moeyaert «Mijn vriend en ik gaan op vrijdagavond weleens op café – de Que Pasa, in Antwerpen – en dan laten we de teugels vieren. Het gebeurt ook dat ik aan een boek werk en een punt bereik waarop ik vastloop. Dan kunnen een paar glazen wijn helpen om de Rubicon over te steken. In een alcoholroes durf je meer, dat is geen nieuws. Het probleem is dat wie gedronken heeft, slecht schrijft. Op het moment zelf denk je: wow, ik ben goed bezig! En de volgende dag merk je dat de toon niet juist zit, en dat het kromme zinnen zijn. Maar halleluja, er staat iets op papier. Daardoor kun je weer verder.»

HUMO Het benieuwt me welke boeken je op je nachtkastje hebt liggen.

Moeyaert «Ik zit op dit moment in een ‘Privé-domein’-periode, een serie van uitgeverij De Arbeiderspers met biografieën en brievenboeken van enkele groten der aarde. Ik ben nu bezig in de memoires van Claire Goll, een in ’77 overleden Parisienne die zowat alle grootheden uit haar tijd heeft gekend – met menigeen heeft ze het bed gedeeld. Ze was een eersteklas roddeltante, iemand die zichzelf geweldig vond, en bij praktisch alle andere mensen de nodige bedenkingen had. Van sommige illustere figuren, James Joyce bijvoorbeeld, maakt ze brandhout: kostelijk om te lezen.»

HUMO Bij welke mensen heb jij zoal bedenkingen?

Moeyaert «Bij botte mensen, mensen die geen rekening houden met anderen.

»In september hebben mijn vriend en ik een rondreis gemaakt door Japan. Nu kun je van alles over de Japanners zeggen – dat ze zich voortdurend inhouden, bijvoorbeeld – maar ik vond het een verademing om in een land te zijn waar mensen elkaar de ruimte geven, waar stilte en rust op prijs worden gesteld, en waar de straat oversteken een vorm van ballet is, zelfs in een grootstad als Tokio. We vlogen terug via Frankfurt, en bij de eerste voet die ik daar in de luchthaven zette, was er even die schok: o ja, we zijn niet meer in Japan. In Europa zijn we brutaler, botter, ongemanierder. En ik heb de indruk dat het alleen maar erger aan het worden is. Misschien dat ik er wat al te gevoelig voor ben, maar ik maak me daar zorgen over. Het is goed dat we met z’n allen mondiger zijn geworden dan pakweg dertig jaar geleden, maar naar mijn aanvoelen is het aan het doorschieten.»

HUMO Ergert je naaste omgeving zich ook weleens aan jou?

Moeyaert (knikt) «Ik weet dat een aantal mensen me te voorzichtig vindt in het publieke debat, te afwachtend. Ten tijde van mijn stadsdichterschap vonden de eerste gepolariseerde verkiezingen plaats in Antwerpen: Vlaams Belang versus Patrick Janssens. Tijdens een debat met publiek, kundig geleid door Freek Braeckman, kreeg ik van een toeschouwer te horen dat ik laf was, omdat ik in mijn gedichten geen kleur bekende. Freek heeft me toen echt uit mijn tent weten te lokken: ik ben op een voor mijn doen furieuze toon in de tegenaanval gegaan. Terecht, vind ik nog altijd: het is niet laf, maar moedig om te durven zeggen dat de waarheid niet wit of zwart is, maar vele tinten heeft.»

HUMO Speaking of which: waar bevindt zich jouw artistieke top?

Moeyaert «Die schiet alle kanten op. Maar als er één constante is, dan wel de jaren 30. Waar dat vandaan komt, ik heb werkelijk geen idee. Ik woon in een art-decohuis uit 1932, vlakbij het Centraal Station in Antwerpen. De eerste keer dat ik er binnenstapte, wist ik meteen: dit is het. De verhoudingen, het licht, de kenmerkende details. Nu nog altijd blijft het iedere keer weer een genot om er binnen te stappen.»

HUMO Wat nog meer bezorgt je geestelijk genot?

Moeyaert «Een eenzame strandwandeling. Bij voorkeur in Zeeland, waar je brede stranden hebt. Het genot zit ’m bij mij vooral in het feit dat je na verloop van tijd vergeet dat je aan het wandelen bent, en helemaal opgaat in de roes van je eigen tred en de zeelucht.»

HUMO En dan na afloop een goeie pot mosselen met frieten?

Moeyaert «Graag. Maar als je me vraagt naar mijn absolute culinaire walhalla, dan ga ik toch voor het moleculair restaurant in Tokio waar ik in september was. We zaten er met een tiental mensen aan een bar waarachter de kok aan het werk was, en constant vertelde wat hij aan het doen was: hoe hij de smaken liet samenkomen, wat er gebeurde wanneer hij x bij y voegde. Dat alleen al vond ik magistraal, en dan zwijg ik nog over de gerechten die ons werden voorgeschoteld. Je hoort mensen in kookprogramma’s weleens over ‘een explosie van smaken’ vertellen – wel, dat wás zo’n explosie. Al mijn zintuigen deden mee, zelfs die zintuigen waarvan ik niet meer wist dat ik ze had. Bij het dessert voelde ik me helemáál weer een jongetje van 8: een hapje op een lepel, en terwijl je het doorslikte en van alles proefde, kwam er stoom uit je neus. Er staan foto’s op mijn Instagram: je ziet dat ik krul van genot terwijl ik eet.»

HUMO Snel nog: het hoogste lichamelijke genot en je favoriete onenightstand.

Moeyaert «Wat dat lichamelijke genot betreft, ga ik sowieso voor de tongkus. Als het even kan intens en langdurig. En qua favoriete onenightstand twijfel ik tussen twee types. Aan de ene kant voel ik me aangetrokken tot het type-Eddie Redmayne: een speelse, knappe, ook nog eens intelligente gast wiens lach je hart opent. Ik wil weten waar een tongkus met hem toe leidt. Aan de andere kant val ik als een blok voor het gevaarlijke type, de bad boy. Alexander Skarsgård bijvoorbeeld, of Adam Levine van Maroon 5. Maar dan de versie van tien à vijftien jaar geleden, toen hij nog niet zo vol was van zichzelf.»

HUMO Bij welk type leunt je vriend het meest aan?

Moeyaert «Bij allebei (lacht). Ik heb, om met Reve te spreken, de hoofdprijs uit de liefdesloterij gewonnen.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234