null Beeld

Belgen aan een Amerikaanse topuniversiteit: 'Een optelsom van exceptionalisme'

De beste proffen, het meest elitaire onderwijs, de briljantste studenten: welkom aan de Ivy League, de universitaire Champions League. The ancient eight, acht noordoostelijke Amerikaanse universiteiten in het brandpunt van traditie en academische uitmuntendheid, ontvangen steeds vaker Belgische studenten en doctorandi.

En u die dacht er wel te kunnen geraken met een goed rapport en een onderscheidinkje hier of daar? Think again. De studenten die worden toegelaten aan Harvard, Yale, Princeton, Brown, Columbia, University of Pennsylvania, Cornell en Dartmouth College zijn niet zomaar de slimsten thuis. Zij zijn de toekomstige toppers in hun vakgebied – de leiders van morgen, gevormd door de experten van vandaag.

Ivy League-universiteiten, elk jaar goed voor een paar plekken in de top tien van de Shanghai ranking – een ranglijst van de beste universiteiten ter wereld – zijn de ideale potgrond voor vernieuwers en roergangers allerhande: Bush senior en junior zijn alumni van Yale, Mark Zuckerberg en Bill Gates gingen naar Harvard, Jeff Bezos van Amazon en Michelle Obama komen van Princeton.

Maar hoe gaat dat, studeren aan zo’n prestigieuze universiteit met alleen maar slimmerds? En hoe rijk moet je er eigenlijk voor zijn? Humo legde het oor te luisteren bij drie Ivy-Belgen.

Samuel Cogolati (25) Master Harvard Law School

Samuel Cogolati: onthoud die naam. Over enkele jaren komt u hem tegen als aanklager bij een volkerentribunaal, als jurist bij de Verenigde Naties of als professor internationale betrekkingen in de krant, zijn licht werpend op actuele brandhaarden.

Afgelopen zomer liep hij stage bij Volterra Fietta, een Londens advocatenkantoor dat als enige ter wereld gespecialiseerd is in internationaal publiekrecht. De stage was het sluitstuk van zijn wonderjaar op Harvard, dat hem onder meer naar Palestina bracht, waar hij zich ontfermde over het lot van de Palestijnse bedoeïenen.

Samuel Cogolati «Ik heb een maand in Oost-Jeruzalem gewoond en gewerkt. Niet vanzelfsprekend – mijn proffen in Harvard hebben me dan ook enorm gesteund, ik heb er zelfs een extra beurs voor gekregen. Dit is echt mijn ding, dit wil ik later gaan doen: mensenrechten vrijwaren, juridische hulp geven aan onderdrukte volkeren.»

Ongewone ambities voor een gewone jongen uit het Luikse Huy, die al na het zesde middelbaar voor een jaar de wereld in trok. Via Nederland ging het naar San Diego, daarna werd het rechten aan de KU Leuven.

Samuel «Niet dat het allemaal vanzelf ging. Het recht is een taal op zich, en dan wilde ik het ook nog eens in het Nederlands doen. Vijf jaar aan een stuk heb ik lange dagen gemaakt: ik begon om 7 uur ’s morgens te studeren, vaak tot ’s avonds laat. Tussenin ben ik ook nog een jaar op Erasmus geweest aan het King’s College in Londen.»

Maar stiekem droomde hij van Harvard. Samuel wist dat het erom zou spannen – voor de zekerheid solliciteerde hij naar een plaats aan zes Amerikaanse universiteiten, die allemaal gerenommeerde opleidingen aanbieden in internationaal publiekrecht.

Samuel «Die sollicitaties hebben heel wat voeten in de aarde gehad. Ik moest aanbevelingsbrieven hebben van mijn professoren in Leuven en Londen, mijn resultaten moesten worden omgezet naar het Amerikaanse puntensysteem. Mijn academische kennis en mijn Engels werden getest. Een master in de VS is ook erg duur: ik heb lang naar studiebeurzen gehengeld. Niet één, maar vier verschillende.»

De inspanning loonde: Samuel werd aan alle zes de universiteiten toegelaten. ‘Heel blij natuurlijk. Maar het belangrijkste was de admission letter van Harvard. Toen die in de bus viel, heb ik twee dagen gevierd.’

Zijn jaar in Harvard heeft in totaal – eten, wonen, studeren – 85.000 dollar gekost. Gigantisch veel geld, beseft Samuel.

Samuel «Al wil ik dat meteen in het juiste perspectief plaatsen: in de Ivy League gaat het niet alleen om geld en goede punten. Het gaat om mensen die in iets heel specifieks geïnteresseerd zijn, die ambities hebben, die de wereld willen veranderen. Het is een privilege om er te mogen studeren, maar je moet wel een duidelijk project hebben.

»Ik heb veel mensen ontmoet die uit rijke families komen. Ze hebben onderwijs gevolgd in verschillende landen en hebben interessante professionele ervaringen opgedaan. Logisch dat zij gemakkelijker worden toegelaten aan een universiteit als Harvard. Maar ik heb ook mensen leren kennen uit Afghanistan, Afrika en Zuid-Amerika. Arme mensen die enorm getalenteerd zijn en die hun bevolking van dienst willen zijn. Dát wil Harvard doen: gedreven mensen op weg helpen in hun professionele loopbaan.»

Het werd een druk jaar. Samuel wilde zo veel mogelijk lessen volgen, lezingen en conferenties bijwonen, aan alle activiteiten meedoen. Dat was voor hem dé attractie van een prestigieuze universiteit: de mensen die hij er kon ontmoeten, het netwerk dat hij eraan heeft overgehouden.

Samuel «Ik was één van de jongste studenten, bijna iedereen had al gewerkt. Dat is zo boeiend: niet alleen krijg je enorm goed, bijna individueel onderwijs, je houdt er ook iets aan over. Ik heb nu een vriend die in Colombia voor de minister van Justitie werkt, een vriendin die aan Oxford doceert, ik ken iemand die tegen de doodstraf in de VS strijdt.»

Het curriculum vond hij niet het moeilijkste. Wat hem zwaarder viel, was dat het denken er nooit stopt.

Samuel «In Harvard is het onmogelijk om passief te blijven tijdens de les. Je moet meedoen, je kritische geest aanscherpen, voor jezelf leren denken. Niet gemakkelijk als naast je in de klas studenten zitten die alles gezien en gelezen hebben en over alles een mening hebben.

»In de les humanitair recht zaten vijf studenten uit het Amerikaanse leger. Zij hadden de praktijk meegemaakt in Irak en Afghanistan. Verschillende culturen met andere politieke ideeën: een betere omgeving om te leren discussiëren is er niet.»

In Cambridge, een stadje in de buurt van Boston waar de Harvard-campus zich bevindt, vond Samuel een appartement dat hij deelde met twee medestudenten. Het leek een beetje op Europa, met veel oude gebouwen. Hij voelde er zich meteen thuis.

Samuel «Alles stond er in het teken van Harvard. Zelfs als je ergens een pint ging drinken, ontmoette je mensen van de universiteit. Vond ik niet erg: ik was er maar een jaar, ik wilde er echt alles uithalen.»

Ivy League-studies betekenen ook een Ivy League-loon. Toen Samuel afstudeerde, kreeg hij een stuk of tien jobaanbiedingen, allemaal van gerenommeerde advocatenkantoren in New York, Londen en Brussel.

Samuel «Even heb ik getwijfeld. Ik zou het voor een paar jaar kunnen doen, mezelf financieel veilig stellen. Maar mijn hart ligt bij de praktijk van mensenrechten. Straks begin ik aan de KU Leuven aan een doctoraat te werken over de doelstellingen van duurzame ontwikkeling van de Verenigde Naties.»

Terug naar Leuven, maar het voelt niet als een stap terug. ‘Ik ga vooral in het Engels werken, met doctoraatsstudenten uit verschillende Europese landen. Zo zal het toch nog een beetje Harvard zijn.’

Annelies Andries (29) Doctoraat musicologie Yale

Haar alma mater in een paar woorden: gedreven, intellectueel, liberaal. ‘En een beetje Oxford goes Disney,’ zegt de Antwerpse Annelies Andries. ‘Het is een hele belevenis om hier rond te lopen, met al die gebouwen in laatgotische stijl. Toen ik voor het eerst op Yale kwam, voelde ik me precies alsof ik in een film van Harry Potter was terechtgekomen. Overal zijn er van die kleine, gotische gangen en zowel de bibliotheek als de sportzaal hebben het architecturaal plan van een kerk.’

Het was geen fascinatie – noch Yale, noch de Ivy League. Maar toen Annelies, toen nog een studente aan de KU Leuven, tijdens haar Erasmusjaar in Berlijn een Amerikaanse prof tegen het lijf liep die onderzoekt hoe opera’s van Monteverdi in scène worden gezet, en toen ze later hoorde over het werk van haar huidige promotor, die werkt rond Verdi en Wagner, was de keuze snel gemaakt.

Annelies Andries «Het was duidelijk dat ik een doctoraat ging doen. Daarvoor kwamen universiteiten in de VS, Duitsland en België in aanmerking. Maar het totaalspektakel van opera was een aspect dat in Leuven niet vaak aan bod was gekomen. Aan Yale zou ik me daar wél in kunnen verdiepen.?»Ik focus me vooral op de negentiende-eeuwse Franse opera, die vanaf 1830 spektakelscènes begon te bevatten: processies op scène, vulkaanuitbarstingen, dat soort dingen. Ik wil onderzoeken waar dat vandaan komt, het is een blinde vlek in de operageschiedenis.»

In 2011 verhuisde Annelies naar de Amerikaanse Oostkust. In België duurt een doctoraat doorgaans vier jaar, in de VS zijn het er vijf: twee jaar onderzoeksmasters volgen en dan drie jaar onderzoek, inclusief zelf lesgeven.

Annelies «Ik heb nog één jaar onderzoek en één jaar lesgeven voor de boeg – voornamelijk aan undergraduates (bachelors, red.). De prof geeft de seminars, ik sta in voor de sections, eigenlijk een soort werkcolleges. Vanaf januari ben ik zelf verantwoordelijk voor een vak, dan ga ik beginnende notenleer geven als bijvak aan studenten uit de humane wetenschappen.»

Meer dan in Leuven is er aan Yale veel contact tussen studenten en professoren. ‘Er is openheid, je kan over alles praten,’ vindt Annelies. ‘Er is ook veel meer aandacht voor persoonlijke intellectuele ontwikkeling. Als je lesgeeft, ken je al je studenten. Onlangs had ik een klas van zestig man, die voor de sections nog eens in drie werd opgedeeld.’

Onder de doctoraatsstudenten is de sfeer dan weer behoorlijk intellectueel, soms zelfs competitief.

Annelies «Iedereen is supergemotiveerd en altijd geïnteresseerd – er is een constante druk om te presteren. Soms heb ik een beetje de indruk dat het een rollenspel is, waarin mensen zich graag voordoen alsof ze dé expert ter zake zijn. Als je voor een klas staat, is dat oké, maar het gebeurt ook onder studenten. Er wordt voortdurend naar je inzichten gevraagd, over hoe jij iets aanpakt. Ik vind het niet erg om dat soort gesprekken te hebben, maar soms is het fijn om het eens níét over het werk te hebben.»

Om zichzelf ‘gezond’ te houden, onttrekt Annelies Andries zich regelmatig aan wat ze de Yale-bubble noemt. ‘Ik zit in een wielerclub die elke zondag ritten maakt en waarin ook leden zitten die niet van Yale zijn. Ik spreek ook vaak af met vrienden in New York.’ Wonen doet ze in downtown New Haven, aan de rand van de campus. ‘Daar waar de universiteit eindigt en het arme Amerika begint. Pijnlijk, om die houten, vervallen huizen te zien afsteken tegen de glans van de universiteit.’

Het brengt haar vanzelf bij het sociale elitarisme, iets wat Annelies vooral ervaart bij de undergraduates.

Annelies «In de klas voel ik soms dat het leeft. Studenten zijn bijvoorbeeld altijd goed gekleed. Toen ik eens twee dagen na elkaar dezelfde kleren aanhad, kreeg ik daar opmerkingen over. Een student vroeg of dat normaal was in België. Ik wist even niet wat ik hoorde.

»Als grad student moet je niet van goede komaf zijn. Ik word volledig financieel gesteund door Yale: het inschrijvingsgeld wordt door de universiteit betaald en ik krijg een beurs om te leven en mijn onderzoekskosten te betalen.»

En later? ‘Wellicht een postdoc en professor worden – lesgeven vind ik plezant. Maar misschien ga ik de culturele sector in, operadramaturgie lijkt me een fijne uitdaging. Of ik terugkom naar Europa, weet ik nog niet. Ik heb een lief in de VS, ook een musicoloog. Ik zie wel waar het leven mij brengt.’

Jelle Stoop (30) Doctoraat oude geschiedenis Yale

Een tienjarenplan heeft Jelle Stoop nooit gehad. ‘In het middelbaar volgde ik Latijn en Grieks en haalde ik best goede punten. Na zes jaar wilde ik meer weten, dus solliciteerde ik bij de University of Oxford. Aan het einde van die studie wilde ik nóg meer. Logische volgende stap: een doctoraat, de ultieme verdieping. Dus begon ik aan het departement klassieke oudheid en oude geschiedenis in Yale.’

Jelle Stoop «Mijn ouders hebben geen universitaire studies gevolgd, ze hebben een bakkerij. Maar ze moedigden mij en mijn zus wel aan om hogere studies te doen. Wij zijn opgegroeid met het idee: studeer goed en dan kom je er wel.»

Studeren aan Yale kost 50.000 dollar per jaar – een bom geld. ‘Maar er is een belangrijk verschil tussen undergraduates, die grote sommen neertellen om aan Yale te kunnen studeren, en doctoraatsstudenten, die een loon krijgen en dus geen inschrijvingsgeld hoeven te betalen.

Jelle «50.000 dollar per jaar is inderdaad een fortuin. Doe dat maal vier jaar, eventueel maal twee kinderen. Wie kan dat betalen? Niet de gewone mensen, hè. Het zijn ook niet de kinderen die eerst naar een gewone public school zijn geweest. Wat je krijgt, is een optelsom van exceptionalisme.

»Ivy League-universiteiten zijn uitzonderlijk geprivilegieerde én competitieve scholen. Ze hebben een enorm kapitaal achter zich staan, deels omdat een groot netwerk van alumni, oud-studenten die zijn doorgegroeid naar topjobs, hoge bedragen blijft doneren.»

De Ivies zijn trouwens privéscholen, terwijl pakweg Berkeley, University of California, waar Jelle een jaar lang professor was, een staatsschool is.

Jelle «Op intellectueel niveau heb ik nooit een verschil gemerkt. Yale is wel veel elitairder. Toen ik er lesgaf, kwam een student me vertellen dat hij niet naar de les kon komen. Zijn vader was net tot senator verkozen en hij moest mee handjes gaan schudden. Dát soort studenten gaat naar de Ivies.

»Het elitarisme voel je vooral bij de undergraduates, niet bij doctoraatsstudenten. Wie doctoreert, wordt meer aanvaard op basis van wat hij al bewezen heeft, terwijl er bij undergraduates andere dingen meespelen.»

Hoewel hij er zelf gestudeerd heeft, is Jelle niet zo te vinden voor topuniversiteiten.

Jelle «Onderwijs moet zo goed mogelijk zijn voor zo veel mogelijk mensen. Intellectueel en financieel potentieel moet worden verspreid, wat niet betekent dat alles middelmatig moet zijn. Al voel ik me een beetje hypocriet als ik dat zeg. Ik probeer mijn talenten ook zo goed mogelijk te benutten. Als aan Yale studeren deuren opent, zou je toch dom zijn om het niet te doen?

»Je kan het systeem willen veranderen, maar nu het er is, kan je het studenten niet kwalijk nemen dat ze erin zitten. Wat niet wegneemt dat de vicieuze cirkel van het privilegiëren der geprivilegieerden doorbroken moet worden.»

Ironisch genoeg is dat iets wat Jelle op Yale geleerd heeft. ‘Het is je plicht om kritisch te zijn, om vragen te blijven stellen. Tijdens mijn doctoraat heb ik me ook vaak afgevraagd: ‘Waarom doe ik dit eigenlijk?’ Je gaat weleens naar een feestje en dan vragen mensen: ‘Wat doe jij? En waarom?’ Confronterend, hoor, om bij jezelf te denken: ‘Moet ik nu zo veel gestudeerd hebben om daar geen antwoord op te hebben?’’

Momenteel zit Jelle tussen twee jobs in, bij uitstek een moment van reflectie. Na een jaar lesgeven aan Berkeley vliegt hij binnenkort naar de University of Sydney om daar oude geschiedenis te doceren.

Jelle «Ik blijf me af en toe afvragen of ik niet iets anders moet doen. Als geschiedkundige ben ik geïnteresseerd in de wereld en in mensen. Maar waarom bestudeer ik liever wat mensen in het verleden gedaan hebben dan iets te doen voor de mensen van nú?

»De problemen die mij bezighouden als geschiedkundige zijn migratie en sociale mobiliteit. Vermoedelijk ligt het antwoord bij een job bij de Verenigde Naties. Anderzijds kan ik ook als professor mijn taak zinvol invullen. Ik kan de lessen geven waarvan ik denk dat ze belangrijk zijn. Een vak ‘migratie van de oudheid tot nu’ bijvoorbeeld.

»Maar het blijft soms knagen: kan ik geen job vinden met evenveel intellectueel potentieel, die ook objectief gezien meer meetelt in de wereld dan lesgeven? Het antwoord op die vraag móét toch ja zijn? Als ik die job vind, is het de moeite om de academische wereld vaarwel te zeggen.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234