null Beeld

Belpop: Wim De Craene

Op 14 september 1990 parkeerde Jean Blaute zijn fonkelende bolide nét niet tegen een Brusselse tunnelmuur toen hij op de radio hoorde dat Wim De Craene op zijn veertigste het tijdelijke met het eeuwige had verwisseld. Maar om te zeggen dat er met diens dood een rouwmantel over Vlaanderen werd gedrapeerd, is overdreven.

Daarvoor had De Craene de voorgaande jaren net iets te vaak geprobeerd om zijn uitstekende reputatie de nek om te wringen – denk maar aan ‘Breek uit jezelf’ of ‘Enkel in een broekje’. Aan dat overlijden wordt in de Belpop-aflevering die aan Wim De Craene is gewijd, opvallend weinig aandacht besteed. Officieel stapte hij met een overdosis geneesmiddelen uit het leven, maar zijn zoon Ramses verklaarde in 2005 in dit prachtblad dat zijn vader volgens hem vermoord was. Al was het toen te laat om die these te onderzoeken.

Soit, laat die andere mantel aanrukken, die van de liefde, want De Craene heeft in de jaren 70 zoveel hartroerende liedjes geschreven dat zijn faux pas hem duizendvoudig vergeven zijn. In dat tijdsgewricht heette de muziek die De Craene bracht kleinkunst, al sloeg de ingesleten bescheidenheid (of was het bekrompenheid) van die term toch meer op de Miel Coolsen of de Miek en Roels van deze wereld. De songs van de jonge De Craene geurden naar de singer-songwriters die de voetsporen van Dylan drukten, ook wel naar de Meester zelve, en vooral naar zijn grote voorbeeld Ramses Shaffy. In die liedjes klopte het hart van een onverbloemde romanticus.

Ze waren weemoedig maar niet zwartgallig, altijd gloorde hoop aan de einder. Niet het type romanticus dat in een hoekje wegkruipt als de amore verdwenen is, maar eentje die de scherven van het gebroken hart met opgeheven hoofd bijeenveegt. Mooiste bewijs is het wereldnummer ‘Rozane’, geïnspireerd door zijn korte liaison met de jonge Chris Thys, dat iedereen ouder dan 40 weleens troost heeft geboden om een mistroostige nevel ludduvuddu te verdrijven. Of het al even fantastische ‘Tim’, een als parabel verpakte levensles geschreven voor zoon Ramses. Of ‘Mensen van 18’, dat je, zelfs als je nog maar 15 was, het gevoel gaf niet alleen te zijn.

Met een aangeboren en in Amsterdam – het walhalla voor wie in de nadagen van mei ’68 onder de kerktoren uit vluchtte en geen zin had om naar India te liften – aangescherpte branie schopte De Craene in het in de seventies amper ontvoogde Vlaanderen tegen alle heilige huisjes die hij op zijn kronkelpad vond.

Een geweten kreeg de CVP-heimat er niet van, maar wie het hart links droeg, zong uit volle borst liedjes à la ‘De Boudewijn de Eerste-straat’ mee: ‘Er staan twee rijen huizen in een veel te enge straat / De linkse klein en luizig, van het proletariaat / De rechtse hoge torens met duidelijk overdaad / Dat zijn de huizenrijen in de Boudewijn de Eerste-straat.’

Toen ik het net nog eens uit de luidsprekers liet knallen, daagde het me dat de tekst zowaar zweemde naar het land dat de Zweedse coalitie wil construeren. ’t Is niet het mijne en ik durf er veel op te verwedden dat het ook niet dat van De Craene zou zijn. De zanger is een ziener. Of misschien komt gewoon echt álles terug. Néén, Ivan Heylen, néén.


Bekijk en beluister 'Rozane'

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234