Een van de testapen in het BPRC in Rijswijk. De kritiek op de inzet van proefdieren voor de ontwikkeling van medicijnen is de laatste tijd geluwd.Beeld Phil Nijhuis, inzet BPRC

Dierenproeven

Bij het onderzoek naar een coronavaccin sterven uiteindelijk álle aapjes die ingezet worden

Nu de hele wereld op zoek is naar een medicijn tegen corona, klinkt de kritiek op dierproeven opeens een stuk minder luid. Op bezoek bij het Nederlands apentestcentrum in Rijswijk. ‘Als je bij een vaccin de keuze hebt tussen eerst op apen testen, of meteen overgaan op toediening aan de mens, dan weet ik het antwoord wel.’

Het is stil voor de poorten van het Biomedical Primate Research Centre (BPRC) in Rijswijk. Normaal is dit een geliefde plek voor demonstranten tegen dierproeven. Specifieker gezegd: wetenschappelijke tests met apen.

Maar op deze druilerige middag geen spandoeken, geen protestborden. Terwijl het hier, achter de gesloten deuren, juist razend druk is. Want: corona. Het BPRC toonde dit voorjaar samen met het Rotterdamse Erasmus MC bijvoorbeeld als eerste aan hoeveel en welke schade Covid-19 aanricht in apenlongen. Een studie die het gerenommeerde tijdschrift Science haalde, en die belangrijk was voor het opstellen van een diermodel voor vaccinonderzoek.

Ook vaccins worden hier daarom getest. Het BPRC helpt bij de zoektocht van zeker vier ontwikkelaars naar die heilige graal. Daarnaast worden er proeven gedaan voor een aantal studies naar een coronamedicijn. Aan welke onderzoeken ze in Rijswijk precies meewerken? Dat blijft vertrouwelijk, zegt adjunct-directeur Jan Langermans. ‘Het is niet aan ons om daar iets over te vertellen.’

Adjunct-directeurJan Langermans en onderzoeker Babs Verstrepen bij de apenverblijven van het BPRC in Rijswijk. ‘We willen ze een natuurlijk leven laten leiden.’Beeld Phil Nijhuis

Gesloten imago

De geheimzinnigheid draagt bij aan het wat gesloten imago van het BPRC. Als we als gewone sterveling iets over het apencentrum horen, is het vaak niet positief. Apenonderzoek, daarmee win je zelden de populariteitsprijs. ‘Proeven op apen zijn bij de buitenwereld het minst populair, net als die op poezen, paarden en honden’, weet ook Babs Verstrepen, onderzoeker bij het BPRC.

Dus is er vooral aandacht voor het centrum als er, zoals een paar jaar terug, 
een filmpje van binnenuit uitlekt, waarin te zien is hoe apen het tijdens proeven zichtbaar niet naar hun zin hebben en medewerkers tijdens een onderzoek onbekommerd meeblèren met de radio.

Dan gaat het internet los, en moet het BPRC in de verdediging. Meestal tevergeefs, want de ophef over zo’n filmpje is in de regel vele malen groter dan de aandacht voor het verweer van het centrum. Ook in dit bewuste geval. ‘Die beelden werden gemaakt door een dierenarts die bij ons werd opgeleid’, zegt Langermans. ‘Deze vrouw kon overal komen. Het is een heel kort filmpje. Dat dit het ergste is wat ze zag, pleit juist voor ons. Ja, er werd even meegezongen met de radio. Maar die apen waren onder narcose, is dat dan verboden?’

De apen leven samen in groepen van vijftien tot vijftig, op een manier die in elk geval een klein beetje lijkt op het leven in de vrije natuur. Beeld Phil Nijhuis

‘Hypocriet’

De meeste ophef veroorzaakte een scène waarin een aapje een trap opklom en vervolgens viel. ‘Daar gebeurde helemaal niks. In de natuur vallen ze soms van veel hoger, maar hier vond iedereen het vreselijk. Als we een filmpje zien uit Thailand, waarbij apen drankjes pikken van het terras en vervolgens dronken op tafel staan te wankelen, vinden we het allemaal ontzettend grappig. En wij krijgen de kritiek, terwijl we onderzoek doen dat de mensheid vooruit kan helpen. Het is hypocriet, ik heb daar geen ander woord voor.’

Zo, is die kant van het verhaal ook maar een keer verteld. Het is lastig, werk doen dat voor je gevoel belangrijk is, maar dat vaak op negatief commentaar kan rekenen. ‘Het is een beetje hetzelfde als werken in een slachterij: bijna niemand wil het doen, maar veel mensen willen wel vlees eten’, zegt Verstrepen, die samen met Langermans een rondleiding geeft over het terrein.

We zien tientallen resusapen, Java-apen en penseelaapjes klauteren, knuffelen en in de hekken hangen. De apen leven samen in groepen van vijftien tot vijftig, op een manier die in elk geval een klein beetje lijkt op het leven in de vrije natuur. Het BPRC besteedt veel aandacht aan het welzijn van de dieren in de verblijven, waarin hiërarchie ontzettend belangrijk is. Apen die sociaal van grote waarde zijn, worden bijvoorbeeld niet gebruikt voor dierproeven, net als dieren onder de 4 jaar.

Slechts een kleine minderheid van de apen wordt jaarlijks ingezet voor de wetenschap. Beeld Phil Nijhuis

Omstandigheden

Slechts een kleine minderheid van de apen wordt jaarlijks ingezet voor de wetenschap. ‘Als we een commercieel bedrijf waren geweest, is dit het domste wat je kunt doen’, zegt Langermans. ‘Het is duur om een apenkolonie te onderhouden. Het is goedkoper om ze uit China te importeren. Maar we willen zicht hebben op de omstandigheden waarin de dieren opgroeien en ze een zo natuurlijk mogelijk leven laten leiden.’

Ook andere deskundigen bevestigen dat proefdieren in Nederland vergeleken met andere landen relatief goed af zijn, als je dat zo mag zeggen. En warempel, de kritiek lijkt de laatste tijd dus ook wat geluwd. Bij de oprit melden zich sinds het coronavirus om zich heen begon te grijpen nauwelijks demonstranten - al waren samenscholingen natuurlijk een tijdje verboden. Langermans: ‘Maar het is duidelijk rustiger. Proeven met apen zijn beladen, altijd. Het is ook goed om daar constant over te blijven praten. Maar er is nu veel positieve belangstelling voor ons werk, dat is ook wel eens fijn.’

Blijkbaar vinden we dierproeven niet fijn, maar knijpen de meesten van ons een oogje dicht als we zelf in gevaar zijn. Beeld Phil Nijhuis

Biologisch effect

Blijkbaar vinden we dierproeven niet fijn, maar knijpen de meesten van ons een oogje dicht als we zelf in gevaar zijn. ‘Niet zo vreemd’, zegt Frans Stafleu, dierethicus aan de Universiteit Utrecht. ‘Het is een biologisch effect: in tijden van crisis trekken we ons terug in onze eigen groep. Eigen volk eerst, dat is wat nu gebeurt.’

Want dat is de harde waarheid: in het centrum in Rijswijk gaan heel vrolijke en schattige apen dood, omdat wij de strijd tegen het coronavirus proberen te winnen. Bij het onderzoek naar Covid-19 sterven uiteindelijk zelfs álle apen die ingezet worden. ‘Aan het einde van een onderzoek doen we sectie’,  zegt Langermans. ‘Je wilt in de dieren kunnen kijken, om te zien hoe hun lichaam gereageerd heeft op het virus. Is dat gebeurd zoals we verwachtten, of komen er onverwachte zaken aan het licht? En hoe is dat te verklaren? Het kan allemaal helpen om meer te weten te komen over corona. Want er is zo veel dat we nog níet weten.’

Het BPRC in Rijswijk is druk met coronaonderzoek.Beeld BPRC

‘Goed model’

In de zoektocht naar coronamedicijnen en -vaccins kunnen we niet onder dierproeven uit, zeggen ze bij het BPRC. ‘Sterker nog: wettelijk is het verplicht om ze uit te voeren’, stelt Langermans. Apen blijken volgens hem geschikt voor onderzoek naar Covid-19. ‘Van een eerder coronavirus, Sars, weten we dat apen een heel goed model zijn voor sommige onderzoeken. Omdat de longen lijken op die van de mens, maar ook omdat het hele afweersysteem redelijk vergelijkbaar is. Dus als je bij een vaccin de keuze hebt tussen eerst kijken hoe apen erop reageren, of meteen overgaan op toediening aan de mens, dan weet ik het antwoord wel.’  Verstrepen: ‘Een vaccin kun je nooit meer uit het lichaam halen, ook niet als iemand er niet goed op reageert. Dus die stap zetten, dat is nogal wat.’

De keuze voor de aap wordt in Nederland niet lichtvaardig gemaakt. Ga maar na: in 2018 werden in Nederland bijna 450.000 dierproeven gedaan. In Rijswijk, dat een grote meerderheid van het apenonderzoek in ons land doet, kwamen ze dat jaar op 204 dierproeven uit.

Adjunct-directeur Jan Langermans: ‘Als je de keuze hebt tussen eerst testen op apen, of meteen overgaan op toediening aan mensen, dan weet ik het wel’.Beeld Phil Nijhuis

Kritisch

Elke nieuwe dierproef moet voor een vergunning onder meer langs de dierexperimentencommissie. ‘En ik moet zeggen: hier in Nederland kijkt men echt kritisch’, zegt dierethicus Frans Stafleu, zelf lid van de commissie. ‘Zelfs nu er door corona veel haast is, blijven we wetenschappers stevig aan de tand voelen. Als het doel van een proef niet goed uitgelegd kan worden, is het antwoord nee. Want natuurlijk is de urgentie groot, er gaan mensen dood. Maar corona is ook een prachtige gelegenheid om makkelijker onderzoeksgeld binnen te slepen. Daar moet je dus streng op zijn.’

Stafleu waarschuwt dat we dierproeven niet als een perfecte methode moeten beschouwen.’Een muis is geen mens, een fret is geen mens. Je kunt resultaten dus nóóit een-op-een vertalen. We streven niet voor niets naar een proefdiervrije wereld. Ook dieren zijn complexe wezens, en daardoor bevatten de resultaten die je uit onderzoek haalt allerlei onzekerheden en onduidelijkheden.’

Dat geldt dus zelfs voor de aap, die van alle dieren het meest op ons lijkt? ‘Ja’, zegt Stafleu. ‘Zoals alle mensen onderling weer van elkaar verschillen, geldt dat ook voor alle apen. Wat zegt dus het resultaat van een proef op één aap, of op zes apen? Je moet daar erg voorzichtig mee zijn.’

Nu de nood aan de man is, is de publieke opinie het BPRC gunstiger gezind.Beeld Phil Nijhuis

Broodnodig

Maar ook de ethicus geeft toe: in de huidige gezondheidscrisis is het proefdieronderzoek broodnodig, simpelweg ‘omdat het het beste is wat we hebben’. ‘Je weet dat het niet ideaal is. Maar de alternatieven zijn nog niet ver genoeg ontwikkeld.’

In Rijswijk gaan ze daarom door met het verzorgen, trainen, onderzoeken en uiteindelijk soms doden van de apen, vanuit de overtuiging dat ze voor de mensheid het goede doen. Een pandemie, eigenlijk is het iets waar Babs Verstrepen naar uitkeek, professioneel gezien dan. ‘Ik weet dat dat vervelend kan klinken, dat is niet mijn bedoeling. Maar voor iemand die al 25 jaar bezig is met virussen, is dit ook een mooie tijd. Nu moet je laten zien dat wat je in al die jaren geleerd hebt, ertoe doet.’

Vroeger durfden zij en haar collega Langermans op verjaardagsfeestjes soms amper te vertellen wat voor werk ze deden. Rond de eeuwwisseling, voor de moord op Pim Fortuyn door dierenactivist Volkert van der G., was het het ergst, zegt Verstrepen. ‘Toen werden collega’s soms thuis lastiggevallen, werden huizen beklad. Op de school van hun kinderen werden dode knuffels in de bomen gehangen.’

Aan welke onderzoeken ze in Rijswijk precies meewerken? Dat blijft vertrouwelijk, zegt adjunct-directeur Jan Langermans. Beeld Phil Nijhuis

‘Apenhel’

Nu de nood aan de man is, is de publieke opinie het BPRC dus gunstiger gezind. Al zal nooit iedereen het eens zijn met wat het doet. Want in april, toen de Rijswijkse onderzoekers met hun onderzoek naar apenlongen het vakblad Science haalden (Verstrepen: ‘Voor mij is dat echt het hoogst haalbare.’) ging ook de Nederlandse krant AD nog maar eens uitgebreid in op de betwiste status van wat activisten de ‘apenhel van Rijswijk’ noemen. En de linkse opiniesite Joop.nl publiceerde een bijdrage van Partij voor de Dieren-Kamerlid Frank Wassenberg, met de kop: ‘Jongste slachtoffer van Covid-19: de Java-aap’.

‘Toen werd ik wel even kwaad’, zegt Verstrepen. Ook Langermans was even lichtelijk van slag. ‘Ik dacht: kom aan, jongens! We hebben honderdduizenden doden, de hele wereld zoekt een oplossing. En ja, dat gaat ten koste van een aantal dieren. Maar de waarheid is: zonder dierproeven is het onmogelijk om die oplossing te vinden.’

(AD)

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234