Blur: 25 jaar in 10 songs

Het begon allemaal begin jaren 80, met een paar schoenen. Brogues, schoenen die populair waren tijdens de ska-revival van die dagen. Dik dertig jaar, veel gekte en een breuk later is er eindelijk een nieuwe Blur-plaat. Humo haalde herinneringen op met Graham Coxon.

De bijzondere chemie tussen Damon Albarn en Graham Coxon zou ons Blur en britpop schenken, die kleurrijke uitbarsting van levensdrift na de donkerte van de grunge begin jaren 90. Aan de overkant van het Kanaal: daar speelde het zich allemaal af medio nineties, een tijdperk dat zichzelf fotogeniek ‘Cool Britannia’ kroonde, en met de door de tabloids opgeklopte ‘vete’ tussen Oasis en Blur een karavaan aan groepjes voortbracht, van Pulp over The Stereophonics tot – ahum – Kula Shaker.

De spanningen tussen de jeugdvrienden/het gouden songschrijversduo Albarn-Coxon, verergerd door het drankprobleem en de depressies van Coxon, zouden ook de ondergang van Blur betekenen: Graham Coxon werd tijdens de opnames van de plaat ‘Think Tank’ in 2001 door de rest van de groep aan de deur gezet. Die ‘rest’ is, behalve Damon Albarn, drummer Dave Rowntree (tegenwoordig advocaat) en bassist Alex James (in de jaren 90 grootverbruiker van vrouwen, alcohol en cocaïne, thans kaasmaker op een boerderij in The Cotswolds en huisvader van vijf kinderen).

De brokken tussen Albarn en Coxon werden gelijmd in 2008, waarna de groep in 2009 aan een serie reünieconcerten begon. Na veel speculatie en geheimzinnigheid is er nu ook een nieuwe plaat: ‘The Magic Whip’. Humo sprak met Graham Coxon over een kwarteeuw Blur – van hun eerste single over de britpopmanie tot de terugkeer.


1. ‘She’s So High’ 1990, eerste single, staat ook op Blurs debuut ‘Leisure’

‘Eerste dag Goldsmiths College. Graham was z’n gerief uit de auto van z’n ouders aan het laden toen ik werd afgezet door mijn ouders. Ik zag hem een gitaar uit de koffer halen en ik wist meteen dat hij een belangrijke rol in mijn leven zou spelen. Graham was de coolste van de hele school.’ Aldus Alex James in z’n hilarische autobiografie ‘Bit of a Blur’ (2007) over z’n eerste kennismaking met Graham Coxon. Goldsmiths College in Londen: daar werd Blur eind jaren 80 gesticht, al heette de groep aanvankelijk Seymour, naar het personage Seymour Glass van J.D. Salinger. Alex en Graham woonden samen in een kraakpand aan New Cross Road, vlak naast de A2: de slakken kropen er over de keukenmuren en het rook er naar uitlaatgassen.

HUMO Het was in die armzalig-studentikoze omstandigheden dat ‘She’s So High’, de allereerste single van Blur, werd geschreven.

Graham Coxon «‘She’s So High’ is ook de eerste song die we hebben geschreven. We zaten in de studio en jamden twee uur lang akkoorden – ik heb de cassette nog liggen. Damon begon een tekst te zingen, tot hij een melodie te pakken had. En die cassette nam ik dan mee naar huis, om er strofes bij te verzinnen.

»Eigenlijk is de nieuwe plaat op precies dezelfde manier tot stand gekomen. We hadden met heel de groep wat opgenomen tijdens een week vrijaf in Hongkong, waarna ik met Stephen (Street, producer, red.) aan de slag ben gegaan met dat ruwe materiaal.»

HUMO ‘She’s So High’, een song die kniediep in het ‘Madchester’-geluid van toen zit, stond ook op het lijstje van vijf songs die je per se wou spelen tijdens de Blur-reünietour van 2009.

Coxon «Toen we na al die jaren voor het eerst weer samen repeteerden, was dat zwoegen. ‘She’s So High’ was de allereerste song die we toen speelden, omdat het zo’n simpele song is. ‘O jajaja, die is gemakkelijk.’ Het voelde aan als een warm bad: in plaats van te stressen op onze meer ingewikkelde nummers, speelden we eerst een song die ons weer een veilig gevoel gaf. That was the one that got us feeling a lot more comfortable.»


2. ‘For Tomorrow’ 1993, uit ‘Modern Life Is Rubbish’

Ooit gehoord van The Primrose Hill Blur Preservation Society? Het is een goedaardig guerrillabeweginkje in Londen dat de door de stad al herhaaldelijk verwijderde slogan ‘And the view’s so nice’ op een wandelpaadje in Primrose Hill keer op keer herschildert. Het zinnetje komt uit de single ‘For Tomorrow’ uit 1993: ‘Let’s take a drive to Primrose Hill / It’s windy there, and the view’s so nice / London ice can freeze your toes / Like anyone, I suppose’.

‘For Tomorrow’ stond op de plaat ‘Modern Life Is Rubbish’, de plaat die Blur z’n kenmerkende Britse geluid gaf, ergens tussen The Kinks en Madness. Na hun eerste plaat ‘Leisure’ uit 1991 en het radiohitje ‘There’s No Other Way’ zat Blur in de problemen: door ‘Nevermind’ van Nirvana was het al Amerikaanse grunge wat de klok sloeg. En Damon Albarn haatte grunge, uit de grond van z’n hart. De groep had er ook een rampzalige tournee door de VS op zitten. Ze waren opgelicht door hun eerste manager en hadden enorme schulden af te lossen. Hun nieuwe manager had er niets beters op gevonden dan de groep op tour door Amerika te sturen, ‘om zo veel mogelijk T-shirts te verkopen’ en met die verdiensten de put te dempen. Tijdens die tour liepen de spanningen zo hoog op dat alle Blur-leden – zoals ze zelf vertellen in de documentaire ‘No Distance Left to Run’ (2010) – op een bepaald moment met een blauw oog rondliepen.

Het overdreven Britse imago en geluid van ‘Modern Life Is Rubbish’ was een expliciete reactie op de grunge. Platenfirma Food probeerde de groep nog Butch Vig aan te smeren, de Amerikaanse sterproducer van Nirvana’s ‘Nevermind’, en in het geheim dachten ze er zelfs aan om Blur te laten vallen. Maar Albarn kreeg z’n zin én het werkte: Blur trok een nieuw publiek aan op concerten: dat van de mods.

HUMO De openingssong van jullie nieuwe plaat ‘The Magic Whip’, ‘Lonesome Street’, is ook zo’n typisch ‘Britse’ Blur-song.

Coxon «Hangt ervan af hoe je het bekijkt. Als je ziet welk handjevol bands de mensen als ‘typisch Brits’ beschouwen: Blur, The Kinks, Harry Champion en music hall. Chas & Dave ook (lacht). Maar er is evengoed veel Britse muziek sinds de sixties die níét op de traditionele rock-’n-roll- en music hall-invloeden steunt: ik vind Talk Talk en Japan heel erg Brits klinkende groepen.

»Maar om op je vraag te antwoorden: ik vind ‘The Magic Whip’ inderdaad een Britse Blur-plaat. All the hallmarks are in every song. Er zijn zorgeloze wandelliedjes als ‘Lonesome Street’. Er is Britse postpunk. En futuristische folk. En vooral melancholie, wat me klassiek Brits goed lijkt.

»Trouwens: ook Jacques Brel heeft Blur beïnvloed, via Scott Walker

'Eens en voor altijd: 'Parklife' was satire en we lachten nog het meest van al met onszelf'


3. ‘Parklife’ 1994, uit ‘Parklife’

Met de dood van Kurt Cobain begin april 1994 kwam er een vroegtijdig einde aan de grunge, en geheel toevallig liet Blur eind diezelfde maand een single op de wereld los die een nieuw muzikaal tijdperk inluidde. Wég doemerige gitaren, enter opzwepende onnozelheid met de titelsong van de derde Blur-plaat ‘Parklife’. Met dank aan acteur Phil Daniels (gekozen om z’n rol van mod Jimmy in ‘Quadrophenia’ uit 1979) en diens mockney-verzen ‘I feed the pigeons I sometimes feed the sparrows too / It gives me a sense of enoooormous well-being’.

HUMO Blur heeft ‘Parklife’ altijd een sarcastische song genoemd, eerder dan een ode aan de natie.

Coxon «We were taking the piss really. De Britten, de Amerikanen of gelijk welk volk: een groot percentage van de bevolking is niet al te snugger en leidt een ongeïnteresseerd, veilig en kleinburgerlijk leven. En dan heb je mensen die kunst willen maken. Ik wéét dat dit snobistisch klinkt, maar de mensen die kunst willen maken en daarin satirisch willen zijn, dát zijn net degenen die in de eerste plaats met zichzelf kunnen lachen. Eens en voor altijd: ‘Parklife’ was satire en we lachten nog het meest van al met onszelf.»


4. ‘Girls & Boys’ 1994, uit ‘Parklife’

Nog satire! Met de song die het feest deed ontploffen. Damon was met z’n toenmalige vriendin, Justine Frischmann van de groep Elastica, op vakantie geweest in Magaluf: een enclave op Mallorca waar het stikt van de Britse feestvarkens. De cafés met hun English breakfast, de discotheken die eruitzagen als goedkope night clubs in Essex, de horden Britse dronkenlappen: het inspireerde Albarn voor de elektronische discodreun ‘Girls & Boys’.

'De Engelse liederlijkheid boezemt mij angst in. Ik word bang als ik tv-programma's over bingedrinkers zie'

HUMO Damon Albarns opzet: zo’n tacky disco vol Engelsen doen dansen op een song over henzelf.

Coxon (lacht) «There’s a cheekiness to ‘Girls & Boys’ – er zit veel humor in. Zonder dat we iemand uitlachen, denk ik.»

HUMO Later heb je zelf ook over de liederlijkheid van de Engelse jeugd geschreven op je soloplaat ‘A+E’. Alleen klonk die angstaanjagend donker.

Coxon «Die Engelse liederlijkheid boezemt mij vooral angst in. Ik word bang als ik tv-programma’s zie over jonge bingedrinkers in Engeland. Over hoe jonge vrouwen zichzelf in gevaarlijke situaties brengen. De muziek die ik bij die beelden hoorde, waren de donkere klanken van Chrome, Can en Joy Division – zo ongeveer het tegenovergestelde van de opgewektheid van ‘Girls & Boys’.»

HUMO Er zijn wel veel synthgeluiden te horen op ‘The Magic Whip’.

Coxon «Daarom klinkt de plaat ook anders dan een klassieke jaren 90-Blur-plaat, denk ik. Toen ik er die vier weken aan werkte, had ik toegang tot keyboards, synths, dingen in computers. Maar als ik naar een keyboardgeluid greep, was dat wellicht een ander dan dat Damon vroeger zou hebben gekozen. Er zijn veel ongewone geluiden. Om het nog eens over dat ‘Britse’ te hebben: ik heb ook veel Russische synthesizers gebruikt, maar dat maakt het nog geen Russische plaat, hè (lacht).»


5. ‘Country House’ 1995, uit ‘The Great Escape’

‘Ik herinner me niet de exacte dag, laat staan het precieze uur, maar het was ergens in 1995: onze eerste nummer 1-hit ‘Country House’. Ik had toen al spijt van die song – ik had te veel rekening gehouden met dingen als hitpotentieel en zo... Maar ik heb het overleefd (lacht).’ Zo luidde Damon Albarns antwoord toen ik hem in 2008 vroeg naar het grote keerpunt in zijn leven.

Die ‘precieze dag’ was 14 augustus 1995, toen de singles ‘Country House’ van Blur en ‘Roll with It’ van Oasis gelijktijdig uitkwamen. Dagen tevoren waren de tabloids in de ban van dat britpopduel. Blur zou de battle winnen, want ‘Country House’ stoof meteen af op de nummer één in de charts. Albarn en co. hebben sindsdien een getroebleerde relatie met de song die de Blur mania in het Verenigd Koninkrijk pas écht ontketende. ‘Country House’ was bedoeld als een barokke grapsong over hoe hun gewezen platenbaas David Balfe zo stom was geweest zijn label Food in 1994 te verkopen aan EMI. Balfe was de moordende concurrentie van de grunge moe, en met de opbrengst had hij zich een huis op het platteland gekocht. Waarop Blur de britpop deed ontploffen, een succes dat Balfe écht rijk had kunnen maken. Ironisch genoeg werd ‘Country House’ de song die van Blur Brits gemeengoed én tabloidvoer maakte. Vooral Graham Coxon worstelde met die populariteit: hij zonderde zich steeds vaker af en ging steeds meer drinken.

HUMO Alex James schrijft in zijn autobiografie dat jij het gevoel had dat ‘Country House’ de ziel uit Blur had gezogen. En ook uit jezelf.

Coxon (resoluut) «Klopt. It was the rise of lad. En die Engelse lad-cultuur kwam er grofweg op neer dat je je zo lomp mogelijk moest gedragen om cool te zijn. Ik was daar compleet tegen. Ik was en ben een heteroseksuele jongen, en natuurlijk werd ik zwaar aangetrokken tot vrouwen, maar ik voelde nooit de nood om denigrerend of grof tegen hen doen. Wat schering en inslag was in die lad-tijd.»

HUMO Je hebt het nu over de videoclip bij ‘Country House’, geregisseerd door de kunstenaar Damien Hirst, waarin de groep met rondborstige meiden in het hooi dolde.

Coxon «Die video zou je nu niet meer kunnen maken. En hij had toen ook niet gemaakt moeten worden. Ik was tegen het hele idee, en ook tegen de hoek vanwaar het idee kwam: Groucho’s.»

HUMO Groucho’s was de club in Soho waar Alex James liters alcohol verzette met Keith Allen – de vader van Lily – en Damien Hirst. Jij zat in die dagen liever in de pub The Good Mixer in Camden. ‘Maar zodra die pub volliep, trok ik naar huis,’ vertelde je me in ons vorige gesprek.

Coxon «Ik was geïnteresseerd in wat ik kon doen met mijn gitaar – niet in wat ik kon doen met mijn sociaal leven. (Zucht) ‘Country House’, heel die periode... Het was echt één grote, gecompliceerde teleurstelling voor me.»

Een populair gezegde uit die tijd luidt: ‘Blur won the battle, but Oasis won the war.’ De ‘veldslag’ was die tussen de singles ‘Country House’ en ‘Roll with It’, de ‘oorlog’ slaat op de Oasis-plaat ‘(What’s The Story) Morning Glory?’, die al snel succesvoller bleek dan Blurs ‘The Great Escape’. Overal waar Albarn kwam in Londen, hoorde hij Oasis-songs: men zette ze met opzet op als hij platenwinkels bezocht, om hem te jennen. Albarn vluchtte eind 1995 dan ook naar IJsland, weg van dat hele ‘Cool Britannia’. Het begin van zijn vele omzwervingen: de volgende jaren zou hij reizen, en de wereldmuziek omarmen in de meest uiteenlopende projecten: van Gorillaz over Mali Music tot Rocket Juice & The Moon.


6. ‘To the End (La Comedie)’ featuring Françoise Hardy 1995, single

Eén lichtpuntje voor Graham Coxon was het bezoekje dat Blur in 1995 bracht aan Françoise Hardy in Parijs. Coxon speelde met het idee om de ballad ‘To the End’, een duet op ‘Parklife’ waarin Laetitia Sadier van Stereolab de Franse zangpartijen voor haar rekening had genomen, opnieuw op te nemen met zijn jeugdheldin. Het bezoekje aan mademoiselle Hardy’s residentie in Montparnasse wordt in de autobiografie van Alex James beschreven met wel érg veel aandacht voor het assortiment kazen dat ze de Blur-jongens voorschotelde. Damon zou volgens Alex de regels van de ‘kaas-etiquette’ met voeten hebben getreden door als eerste te beginnen én meteen het puntje van de brie af te snijden. Toen ik hem daarnaar vroeg in 2008, haalde Albarn nonchalant de schouders op: ‘Hm, ik herinner me helemaal niks van een kaasplank. Ach, Alex grijpt iedere kans om kaas te vermelden met beide handen aan. Cheese appears where it never was!’

Coxon «Ik herinner me vooral nog mijn belachelijke verlegenheid. Ik was een grote fan van Françoise Hardy. Door een lieftallige Franse familie met wie ik bevriend was in Colchester. Zij draaiden haar muziek toen ik een tiener was, en ik hield daar erg van. En ze zag er natuurlijk ook enorm cool uit. Ik herinner me vooral dat haar appartement zwarte muren had. Ze verontschuldigde zich ook voor die kleur: ‘De schuld van mijn echtgenoot (Jacques Dutronc, red.), hij schildert alles zwart.’»

'Françoise Hardy vergeleek Damon met Jacques Dutronc, haar echtgenoot. En mij met Serge Gainsbourg. Een opmerking die me tegelijk gelukkig én ongelukkig maakte'

HUMO Volgens de overlevering brak Damon die namiddag stijlvol het ijs met: ‘Are we fackin’ doing this or what?’

Coxon «Hm. Damon en zij schoten aardig op met elkaar. And I felt kinda bad. Want ik was de superfan en ik kon geen gesprek met haar aanknopen, door de zenuwen. Interessant was ook dat ze Damon vergeleek met de jonge Jacques Dutronc. En mij met Serge Gainsbourg (lachje).»

HUMO Je vond dat geen compliment?

Coxon «Laten we zeggen dat die opmerking me tegelijk gelukkig én ongelukkig maakte.»


7. ‘Song 2’ en ‘Beetlebum’ 1997, uit ‘Blur’

De twee grote hits op ‘Blur’, de plaat waarop de groep de britpop begroef en voor een hard, Amerikaans geïnspireerd gitaargeluid koos – allemaal onder invloed van Graham Coxon.

HUMO ‘Modern Life Is Rubbish’, ‘Parklife’ en ‘The Great Escape’ gelden als de ‘Britse’ trilogie van Blur; ‘Blur’ als de ‘Amerikaanse’ tegenreactie.

Coxon «De Britse muziek van toen zei me gewoon niks meer. Britpop, op den duur... Niemand deed nog iets interessants. De Britse groepen in de sixties: yeah, they were great. Die klonken me een miljoen keer interessanter in de oren dan de Britse groepen van toen. Ik werd ten tijde van ‘Blur’ enorm aangetrokken door het idee van guitar torture, en dat gebeurde toen in de VS. Ik denk dan vooral aan wat figuren als Thurston Moore allemaal met hun gitaar uitstaken. They had itchy fingers en daar herkende ik mezelf in: ik had géén zin om alsmaar braafjes op de gitaar te staan tokkelen – ik wilde mezelf uitdrukken.»

HUMO Welke Amerikaanse groepen hebben nog het geluid van ‘Song 2’ en ‘Beetlebum’ beïnvloed?

Coxon «Pavement. Fugazi en een heel coole vrouwelijke punkband op het Dischord-label genaamd Slant 6. Ik was ook goed bevriend met Huggy Bear (een Britse groep die begin jaren 90 deel uitmaakte van de riot grrrl-beweging, red.): echte punksoul kids die me dingen als Irma Thomas leerden kennen, de koningin van de New Orleans-soul. Dat zit ook een heel klein beetje in ‘Beetlebum’. Al is die song vooral psychedelisch. En psychedelica zit al in mijn bloed sinds ik een kind ben. Door The Beatles

HUMO De producer van ‘Blur’ was Stephen Street. Je wou hem er per se opnieuw bij voor ‘The Magic Whip’?

Coxon «Meteen. Hij is de enige persoon die geduld heeft, en de nodige aandacht voor details. We kennen elkaar heel goed en kunnen eerlijk tegen elkaar zijn. We weten dat we het ook níét met elkaar eens kunnen zijn, zonder dat daar heibel van komt. Tegen Stephen kan ik gerust zeggen: ‘Ik haat wat je aan het doen bent.’»


Beluister 'Beetlebum'


Beluister 'Song 2'


8. ‘Tender’ 1999, uit ‘Thirteen’

Dé Blur-song die staat voor: instant kippenvel. Blur nam ‘Thirteen’ op met William Orbit, de dance man die Madonna een jaar eerder een onwaarschijnlijke make-over had gegeven met ‘Ray of Light’. Toen Orbit ‘Tender’ had opgenomen, mét gospelkoor en al, riep hij volgens de legende vanachter zijn mengpaneel ‘Jesus motherfucking Christ!’ ‘Tender’ is ook de song die het meest van alle Blur-songs een samenwerking was tussen Albarn en Coxon – ze schreven elk een deel van de tekst, op een moment dat het allang niet meer boterde.

Later, toen Coxon uit de groep was gezet, liet Albarn tijdens optredens Coxons breekbare zangpartijen ‘Oh my baby / Oh my baby / Oh why / Oh my’ door het publiek zingen. En in 2009, aan het eind van het reünieconcert van Blur op Glastonbury en lang nadat de groep al gestopt was met spelen, blééf het publiek maar uit volle borst van ‘Oh my baby...’ zingen. Het pas herenigde Blur stond erbij en keek ernaar.

HUMO Hoe beleefde jij dat moment?

Coxon «Insane. Die show was wellicht één van de belangrijkste momenten uit mijn leven. Uitkijken over dat publiek en al die mensen die heel erg simpele little lyrics horen zingen die ik op een ochtend in Camden had gedroomd... Ik weet het nog goed: ik was wakker geworden met die zinnetjes en enkele dagen later zat ik met de jongens in de studio en had Damon een song waaraan nog iets ontbrak. ‘Well, I’ve got this bit, het heeft gelijkaardige akkoorden, laten we dat gebruiken.’ Ineens was die song een afgewerkt product.»

HUMO Dat Glastonbury-publiek dat ‘Tender’ maar blééf zingen: was dat het moment waarop jullie beslist hebben om door te gaan? Zo’n climax had ook het perfecte einde van Blur kunnen zijn.

Coxon «Nee: Glastonbury 2009 was de ultieme motivatie om verder te doen. ‘Wow, ze houden nog van ons.’ Een immense opluchting. Raar ook: na die show moesten we van het podium recht naar de bus lopen, we zijn zelfs niet meer in de kleedkamer geweest. Op de tourbus zaten we stomweg wat naar elkaar te kijken, nog zwetend van de show, compleet overweldigd door wat er gebeurd was.»


9. ‘Out of Time’ 2003, uit ‘Think Tank’

In 2001 liet Coxon zich voor zijn alcoholisme opnemen in de Londense afkickkliniek The Priory. Hij miste daardoor de eerste opnames voor de nieuwe plaat, wat later werd hij uit de groep gezet. Het zou pas goed komen tussen de afgekickte Coxon en de rest in 2008, nadat hij een bezoekje had gebracht aan de boerderij van Alex James. Al tokkelend op z’n akoestische gitaar had Coxon zich daar laten ontvallen dat hij ‘wel zin had in een jam met de rest’.

HUMO Viel het je moeilijk om tijdens de reünieconcerten de songs van ‘Think Tank’ te spelen, de plaat waaraan je niet hebt meegewerkt? Het mooie ‘Out of Time’, bijvoorbeeld?

Coxon «Ik wou die song net spelen, want ik vond hem fantastisch, al van de eerste keer dat ik hem hoorde. Technisch was het niet zo evident: ik moest de gitaar ritmisch leren bespelen, zoals Damon dat doet. We hebben een erg verschillende gitaarstijl.»

HUMO In de periode van ‘13’ en ‘Think Tank’ haalden drummer Dave Rowntree en Alex James hun vliegbrevet. Ben jij, die zo al niet dol bent op vliegen, ooit als passagier met hen meegevlogen?

Coxon «O jawel. Dave heeft de groep eens naar Frankrijk gevlogen voor een optreden. That was absolutely fine. Het voelde gewoon aan als in een auto stappen, eigenlijk. Zelf heb ik het altijd meer voor motoren gehad: ik verzamel Triumphs. En jasjes en schoenen (lacht).»


10. ‘My Terracotta Heart’ 2015, uit ‘The Magic Whip’

HUMO Je hebt ‘My Terracotta Heart’ op ‘The Magic Whip’ al een song over de herstelde vriendschap tussen Damon en jou genoemd.

Coxon «Zo begrijp ik die tekst van Damon toch. Na mijn werk aan de plaat begon ik écht naar die song te luisteren, en halfweg het refrein dacht ik: dit zou weleens over Damon en mij kunnen gaan, over de ups en downs in onze vriendschap. Niet zo lang geleden vroegen we ons nog af of het allemaal wel zou werken – op professioneel én op vriendschappelijk vlak. Zou heel die reünie niet ontploffen in ons gezicht? Ik geef toe dat ik Damon pakken inspiratie heb bezorgd voor songs over onze vriendschap. Maar niet recent.»

HUMO Heeft deze plaat de vriendschappen binnen Blur hersteld, of hadden de reünieconcerten van de voorbije jaren dat al gedaan?

Coxon «Het was toch wel de plaat die het ’m heeft gedaan.

»Nu, we zitten niet constant bij elkaar op de bank. Maar dat was ook niet zo toen we tieners waren. We zagen elkaar op school, en op vrijdagavond. Dan kwamen we samen in het huis van Damons ouders, aten iets en maakten muziek. En zo gaat het nog steeds.

»Ik denk wel dat Damon blij is om hoe ik me tegenwoordig gedraag: als iemand die z’n luie kont heeft opgeheven en een inspanning heeft geleverd voor het algemeen nut (lacht). Ik denk dat hij wat meer respect voor mij heeft gekregen: hij weet nu dat ik niet lui ben. Of toch niet de hele tijd.»

HUMO Damon en jij zaten op jullie 14de op de Stanway Comprehensive School in Colchester in een toneelvoorstelling: ‘Orpheus in de onderwereld’. Damon speelde Zeus, de oppergod. Weet je nog welke rol jij had?

Coxon «Charon, de veerman die de doden over de Styx naar de onderwereld moest brengen. Een eerder luguber personage.»

HUMO Zegt dat toevallig iets over de latere rolverdeling in Blur?

Coxon «Geen commentaar.»


Lees de bespreking van de nieuwe cd: 'The Magic Whip' »

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234