Breekbare folk met Villagers: 'Misschien ziet iedereen mij als een dronken kabouter, maar dat geeft niet: men is tenminste vriendelijk'

Het is vakantie voor iedereen. Wanneer ik bel met Conor O’Brien, de Ierse bard die nu al tien jaar verantwoordelijk is voor de breekbare folk van Villagers, zit hij met zijn voeten omhoog in Spanje. Hij heeft alleen een flügelhorn bij de hand, en blikt al blazend vooruit op zijn concert in Brugge, op het Mood!-festival begin augustus. ‘Ik kijk ernaar uit, en wil me trouwens nog excuseren bij alle Brusselaars!’

'Misschien ziet iedereen mij als een dronken kabouter, maar dat geeft niet: men is tenminste vriendelijk'

Conor O’Brien «Onlangs bezocht ik het Alhambra in Granada. Ik was absolutely blown away door zoveel schoonheid, ik had zelfs het gevoel dat ik niet de tijd had om het allemaal in één keer in me op te nemen. De bergen eromheen vond ik eigenlijk nog mooier: als je daar stond, kon je heel het Alhambra in volle glorie op de heuvelrand zien liggen, in die rozige natuursteen. De avondzon scheen, ik had een koud pintje vast...

»Ik heb ook even in Barcelona gezeten: vrienden gezien, naar lokale optredens gaan kijken... De jazzscene is er ongelofelijk. Ik had geen bagage mee, alleen (blaast een halve noot in de telefoon) mijn flügelhorn. Ik verbleef op het appartement van een kameraad, waar er ook een gitaar stond, dus daar heb ik dan toch wat muziek opgenomen. Het is zelfs zover gekomen dat ik wat kromme Spaanse zinnen heb ingezongen: ik ben eens benieuwd of die mijn volgende plaat zullen halen, want toen ik het liet horen aan een Spaanse vriendin, zei die met een bezorgde blik dat ik misschien toch beter wat meer zou oefenen (grijnst).»

HUMO Jouw flügelhorn en jij zijn naar verluidt onafscheidelijk. Hoe hebben jullie elkaar gevonden?

O’Brien «Een vriend van mij had er toevallig één liggen: ik heb die vastgepakt en ben erop beginnen te spelen, zo simpel is het. Aanvankelijk was het zelfs niet de bedoeling om er effectief muziek mee te maken, maar het was liefde op het eerste gezicht. Zelfs op het eerste gehoor, want ik heb het vaak meegemaakt dat ik, terwijl ik naar muziek zat te luisteren, vroeg welk instrument die prachtige klanken voortbracht. Het antwoord was altijd hetzelfde: ‘Een flügelhorn!’ Het is wat ‘ronder’ dan een trompet en de toon is wat lager. Als je goed bent, dan kan een bugel zelfs bíjna even scherp klinken als een trompet. Het is een magisch, expressief, veelzijdig ding.»

HUMO Je moest wel van nul beginnen.

O’Brien «Ja. De derde dag dat ik ermee bezig was, had ik al een filmpje op Instagram gepost, en sindsdien hield ik een soort tourneedagboek bij over mijn progressie. Zo had ik meteen iets om mee bezig te zijn, want op tournee gaan is leuk, maar bij momenten ook saai. Je moet ervoor zorgen dat je je brein alert en fit houdt. Dus doe ik elke dag een sessietje yoga, ik lees een boek én ik bespeel de bugel. Van bezigheidstherapie is het geëvolueerd naar een obsessie (lachje). Ik ben er nog altijd lang niet, maar ik bespeel het instrument nu wel al tijdens optredens. Dat doet deugd, want het geeft me het gevoel dat ik iets bereikt heb, en dat gevoel kom ik al te zelden tegen.»

HUMO Miles Davis gebruikte een bugel op ‘Miles Ahead’ en ‘Sketches of Spain’, beroemde trompettisten als Chet Baker en Lee Morgan pakten het ook al eens vast... Maar dat zijn allemaal jazzmuzikanten.

O’Brien «Ik luister ook naar bákken jazzplaten tegenwoordig! ‘Sketches of Spain’ zit daar toevallig tussen en Chet Baker ook. Maar mijn twee grote helden van het moment zijn toch Glenn Miller en vooral Duke Ellington. Ik hou van Duke omdat hij op het kruispunt zit tussen jazz en klassiek. Hem ontdekken is in een bodemloze put vallen: hij heeft zóveel gedaan... Duke – en jazz in het algemeen – is momenteel mijn grootste inspiratiebron.»

HUMO Je hebt altijd gezegd dat je moeilijk samen met anderen aan muziek kunt werken, omdat jouw creatieve proces zo intiem is. Maar als er één genre is waarbij samenwerking belangrijk is, dan wel jazz...

O’Brien «Zeker weten. En ik heb me dankzij de invloed van jazz ook effectief opengesteld voor de buitenwereld. Er is nu een nieuw Villagers, met drie nieuwe muzikanten. Live jammen we erg graag, wat ik vroeger vermeed. En er ontstaan beginselen van nieuwe nummers. Ik weet nu al dat ik niet ga doen wat ik in het verleden wel altijd deed: alles zélf opnemen. Als ik genoeg materiaal heb, ga ik ermee naar de gasten, en dan zullen we er eerst een tijdlang mee spelen. Kicking the songs around. Geloof me, voor mij is dat een enorme ommezwaai. Allemaal dankzij die flügelhorn!»

HUMO Wanneer merkte je voor het eerst dat het leuk kan zijn om je, als deel van een muziekgroep, over te geven aan het moment?

O’Brien «Vorige week was ik op het huwelijksfeest van een maat. Al zijn andere vrienden zijn jazzmuzikanten – koperblazers. Toen het volk naar binnen kwam om aan het eten te beginnen, klommen wij allemaal het podium op om funky jazz uit New Orleans te spelen. Dat gevoel zal ik nooit vergeten: je maakt ergens déél van uit. Iedereen op zich is een kleine schakel, maar zonder één stukje tikt het horloge niet.

»Ik denk zelfs dat ik door zulke ervaringen een andere zanger ben geworden. Het gaat minder om míj. Ik gebruik mijn stem anders, ben me meer bewust van de muzikanten rond mij. (Denkt na) Het was een bevrijdende periode, deze afgelopen paar maanden.»

HUMO Je bracht net een nieuwe single uit, ‘Summer’s Song’. Dat nummer omschreef je als jouw eigen ‘ultieme zomerpopsingle’.

O’Brien «Er spatten, zeker naar mijn doen, zomerse Beach Boys-vibes af. De song voelt zo’n beetje aan als het laatste hoofdstuk van ‘The Art of Pretending to Swim’, onze vorige plaat, maar dan vrolijker. Alles wat we vanaf nu maken, zal deel uitmaken van een ‘Nieuw Hoofdstuk’.»

HUMO Niet lang geleden ging je met Mumford & Sons op tournee. Heb je ‘Summer’s Song’ toen gespeeld?

O’Brien «Meer nog: het was telkens het hoogtepunt van de set! Het was een arenatournee doorheen het Verenigd Koninkrijk – elke avond een optreden voor 16.000 man – en daar werkte dat nummer wonderwel, door z’n opzwepende beat en die triomfantelijke koperblazers. Het publiek vóélt het wanneer muzikanten zich vermaken op het podium. En wij amuseren ons rot als we ’t spelen. In België brengen we het sowieso.»

HUMO Heb jij leuke verhalen over vorige shows in België?

O’Brien «Man, meer dan ik op twee handen kan tellen. That damn beer...

»Ik herinner me dat ik in Brussel was, voor een soloshow, toen die IJslandse vulkaan plots uitbarstte. Mijn debuut ‘Becoming a Jackal’ ging bijna uitkomen, en ik moest naar huis om reclame te maken, maar dat ging dus niet: alle promo-events vlakaf gemist! In de plaats ging ik dan maar kijken naar de band The Unthanks in de Botanique. Ik kende hen niet, maar ik ging toch maar dag zeggen – ik was er toch – en dat was het begin van een mooie vriendschap. We hebben de Brusselse nacht onveilig gemaakt, veel te veel bier gezopen, en liedjes gezongen op de bus tot het licht was. Ik wil me bij dezen excuseren bij alle Brusselaars (lacht).

»Ik herinner me ook Brugge, waar ik het voorprogramma verzorgde van Tracy Chapman. Daar hebben we ons zo mogelijk nog harder geamuseerd. Ik ben dus blij dat ik mag terugkomen. We spelen zelfs op dezelfde plek: het binnenplein van het Belfort.»

'Ik werd uitgescholden en achtervolgd omdat ik een jongen kuste op straat. Er was altijd de dreiging van geweld.'

HUMO Even mooi als het Alhambra?

O’Brien (lacht) «Natuurlijk.»

HUMO Iets anders, dat ik tegenwoordig vraag aan elke Ier die mijn pad kruist: verontrust het jou dat de grenzen tussen Ierland en Noord-Ierland wellicht opnieuw gesloten worden in het geval van een harde brexit?

O’Brien «Zeker. Er is veel onwetendheid in Engeland. Die Conservatieven kennen hun aardrijkskunde niet, en net díé mensen zullen vroeg of laat het lot van onze grenzen bepalen. Dat is... angstaanjagend.

»Mijn moeder komt uit Donegal, in het noorden van Ierland, nét buiten het Verenigd Koninkrijk. Zij weet dus wat het is. Ze herinnert zich nog dat ze werd tegengehouden aan de grens, dat ze bedreigd werd... Af en toe hoorde ze in de verte geweld losbarsten. (Schudt het hoofd) Niemand weet wat er gaat gebeuren als ze die grenzen opnieuw sluiten, politici nog het minst van al. Als je camera’s ophangt, dan worden die naar beneden geschoten. Als er troepen patrouilleren, dan worden zij een doelwit. Het is beter dan vroeger, hoor, begrijp me niet verkeerd, maar de oude spanningen hangen nog steeds in de lucht – mensen met totaal tegenovergestelde denkwijzen wonen op een steenworp van elkaar. Een létterlijke steenworp. In de buurt van een kruitvat begin je ook niet met vuur te spelen.»

HUMO Kun jij je storen aan het karikaturale beeld dat ze in het buitenland van Ierland durven te hebben?

O’Brien (grijnst) «Meestal vind ik karikaturale Ieren wel grappig. En wij hebben het eigenlijk wel getroffen. Als we zeggen dat we Iers zijn, worden we overal ter wereld met open armen onthaald. ‘Welcome, lads!’ zeggen ze dan, onmiddellijk gevolgd door het aanbod van een lekker alcoholisch drankje! (lacht) Misschien ziet iedereen mij als een dronken kabouter, maar dat geeft niet: ze zijn tenminste vriendelijk.

»Britten hebben het lastiger, hoor. Aan Engeland hangt iets ongemakkelijks, niet alleen door de brexit, maar ook door hun koloniale verleden. Britse vrienden van me krijgen in het buitenland geen alcoholisch drankje aangeboden, maar naar hun hoofd geslingerd (lacht).

»(Denkt na) Eerlijk gezegd voel ik me nu ook niet zo gek hard verbonden met wat ze ‘de Ierse traditie’ noemen. Veel vrienden en familie zijn daar veel harder mee bezig.»

HUMO Ierland is nog steeds één van de meest katholieke landen ter wereld, en jij bent ook een religieuze kerel. Heeft het lang geduurd voor je vrede had met jouw geloof?

O’Brien «Religieus zou ik mezelf niet noemen, eerder spiritueel. (Denkt na) Historisch gezien heeft Ierland altijd vastgehangen aan de paus. De Ierse onderwijsinstellingen zijn nog altijd in handen van de kerk. De laatste jaren is er veel veranderd, maar toen ik een tiener was, werd de evolutietheorie nog uitgelegd door paters. Ik kan je verzekeren: dat is verwarrend. Om nog maar te zwijgen over de lessen seksuele opvoeding. Als jonge gay man was het moeilijk: er waren veel ouderen en leerkrachten die ik bewonderde, maar die zich erg laatdunkend uitlieten over homoseksualiteit – wat moeten ze dan wel van mij hebben gedacht?

»Ik was veel liever nú opgegroeid, in het Dublin van 2019. Onlangs was het Dublin Pride: élke bus reed rond met een regenboogvlag! Ik heb redelijk conflicterende gevoelens over de commercialisering van het hele Pride-gebeuren – opeens is geaardheid iets dat je kunt verkópen – maar ik had toch liever gehad dat zo’n stoeten in mijn tijd ook al rondreden.»

HUMO Heb jij het hard te verduren gehad?

O’Brien «Ik werd uitgescholden en achtervolgd omdat ik een jongen kuste op straat. Er was altijd de dreiging van geweld. Door zulke ervaringen kroop ik meer en meer in mijn schulp.

»Ik weet nog dat ik enkele jaren geleden, tijdens het homohuwelijkreferendum, in mijn geboortedorp rondliep, in de straten waar ik als tiener opgejaagd wild was. Wat bleek: iedereen droeg ‘YES’-badges en mensen kwamen zelfs met het vliegtuig terug naar huis om ‘ja’ te kunnen stemmen. Op dat moment zijn veel van die negatieve gevoelens van vroeger gesmolten als sneeuw voor de zon.»

HUMO Nog problemen van deze tijd! Vorig jaar omschreef je jezelf als ‘een enorme smartphoneverslaafde’. Is er beterschap?

O’Brien «Fuck, no! Al probeer ik mezelf in te tomen: ik heb in mijn appartement een leeshoekje ingericht. Als ik thuis ben, probeer ik daar minstens een uur per dag te zitten. Maar ik heb wel degelijk een probleem, ik heb mijn dopaminekickje nódig. Toen ik jong was, zat ik ook altijd achter de computer: ik kon makkelijk twee dagen aan een stuk gamen zonder buiten te komen.»

HUMO Op tournee én thuis probeer je zoveel mogelijk te lezen. Wat is het laatste boek dat je goed is bevallen?

O’Brien «‘The Third Policeman’ van Flann O’Brien. Hij is één van de grote postmodernisten, hij tast de grenzen van de taal af.»

HUMO Een O’Brien! Toevallig geen familie van je?

O’Brien «Helaas: Flann O’Brien is het alter ego van ene Brian O’Nolan. Die man was de privésecretaris van een minister die later nog president is geworden, en moest een schuilnaam gebruiken om niet in de problemen te komen. Daarnaast was hij trouwens hét karikatuur van de alcoholverslaafde Ier. Hoe hij het deed, weet ik niet, maar zijn filosofie was simpel: drinking Guinness and writing masterpieces.»

HUMO Een goede titel voor je volgende plaat.

O’Brien (lacht) «Ik zal het in gedachten houden.»

Villagers staat op 7 augustus op Moods in Brugge en op 18 november in Het Depot in Leuven. Info: moodsbrugge.be en musicglue.com/villagers.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234