Bruce Springsteen op TW Classic: hij komt, hij komt!

Alsof de weide van Werchter nog niet genoeg water heeft geslikt, brengt Bruce Springsteen zaterdag ‘The River’ mee naar TW Classic. Eén superbe dubbelaar, één!


De klas van ’65: Een kroniek van vaders en zonen

Veel van Bruce Springsteens songs ademen het vaderthema. ‘Adam Raised a Cain’, ‘Walk Like a Man’ en ‘Independence Day’ zijn daar voorbeelden van. Die laatste staat op ‘The River’, en die plaat heeft een titeltrack waarvan iedereen twee gedaantes kent. Op ‘Live/1975-85’ komt er een lange speech aan te pas: Springsteen heeft jongens uit New Jersey niet weten terugkomen uit Vietnam, wordt een paar jaar later – na een nachtje stappen – zelf afgekeurd voor zijn legerdienst en verwacht van zijn vader een donderpreek. Maar die komt er niet. Wat wel komt: hét krop-in-de-keelmoment.

Natuurlijk is rock op meer plekken een kroniek van vaders en zonen. Gitarist Steven Van Zandt relativeert het verhaal van zijn baas: ‘Alle vaders waren in die tijd angstaanjagend. Die mannen kwamen uit de oorlog, hadden de suburbs gebouwd, en wat deden wij? Ons verkleden als meisjes.’ Maar Springsteens bijna altijd zwijgende, na een rotdag op het werk in een donkere keuken sixpacks hijsende, depressieve vader heeft serieuze sporen nagelaten: ‘Het is het onderwerp van mijn leven. Het is wat aan me kleeft. Het zal dat altijd blijven doen.’

De live-intro van ‘My Father’s House’ verhaalt over nachtelijke (droom)ritten naar het ouderlijke, inmiddels verlaten huis. De therapeut (jawel) vertelt hem dat er iets heel slechts is gebeurd, en dat hij denkt dat hij iets kan oplossen door terug te gaan. ‘And I sat there,’ zegt Springsteen tot de menigte, ‘and I said: ‘That IS what I’m doing. And he said: ‘Well, you CAN’T.’

‘My Father’s House’ staat op ‘Nebraska’, een door Springsteen in z’n eentje opgenomen viersporendemo, verschenen in 1982, twee jaar voor hij met ‘Born in the U.S.A.’ multi-tripel platinum ging, en alleen Michael Jackson populairder bleef. Naar het schijnt zeult de artiest de zwarte hond genaamd depressie tot vandaag mee naar de transformatiedeur richting podium: pas daar wordt hij pure, onversneden hoop en louter positieve uitstraling. ‘Nebraska’ is de schaduwkant, die van armoede en ellende, en van een moordenaar die zegt: ‘I guess there’s just a meanness in this world’. Er wordt niks overwonnen of gerelativeerd door een kwinkslag, streetwise gedrag of geloof in beterschap, overal elders Springsteens handelsmerken. In zin twee van song één sterven meteen ten innocent people. ‘Johnny 99’ wordt ontslagen, drinkt, schiet iemand neer, wordt veroordeeld tot 99 jaar gevangenschap en vraagt om gewoon ter dood gebracht te worden. De ‘New Jersey Turnpike’ wordt genomen, maar ’t is een zaak van ridin’ on a wet night, met een revolver in het handschoenenkastje: de man aan het stuur heeft geen rijbewijs, de talk radio gaat ’m elk moment gek maken.

Hét horrormoment is het door het ijskoude duo Suicide beïnvloede ‘State Trooper’. Met ‘Mister state trooper / please don’t stop me’ bedoelt de hoofdpersoon: laat me met rust, of ik knal je kop eraf. Springsteen covert later ook Suicides ‘Dream Baby Dream’. Hij herneemt de Dream baby dream-mantra, en weeft gaandeweg hoop en verlossing in middels ‘I just wanna see you smile’. Als hij die parel op 9 juli in Werchter brengt, laat iets weten – wij hebben die avond geboekt in Gent, bij John Cale. Is dat gewoon iets met kiezen en verliezen, of zijn we er mentaal nog te zwak voor? Ooit geraken we bij The Boss. (gvn)

'Als 'The River' gedaan is, ben ik een gebroken man, maar zo dankbaar dat ik leef. Hoeveel platen krijgen dat klaar?'


De klas van ’71: De doden weer levend

Er is een periode geweest waarin ik elk exemplaar dat ik van ‘The River’ op vinyl tegenkwam, kocht. Op beurzen, rommelmarkten, in platenwinkels, die dingen kostten niks. Het was de tijd dat vinyl nog werd aanzien als een derderangs geluidsdrager, en ‘The River’ was één van de best verkochte platen aller tijden: massa’s van geperst, nooit een tekort aan geweest. En bijna allemaal in goede staat, want Springsteen-fans wassen hun handen voor ze een plaat opleggen.

Maak daarvan: ex-Springsteen-fans. Want: een tweedehands exemplaar van ‘The River’ – wie verkoopt zoiets? Van één plaat in mijn collectie weet ik het: op de hoes van ‘Harvest’ van Neil Young staat in blauwe balpen ‘Paul’ geschreven. Shame on you, Paul. En: je bent een rare.

‘The River’ vond je voor alles tussen de vijf en de vijftien euro. Als je het mooie boek met de teksten en de prachtige zwart-witfoto’s er niet bij hoefde, kon je ’m zelfs voor minder op de kop tikken. Die tijd is voorbij. Vinyl voor minder dan 20 euro vind je nauwelijks nog, en niemand die nog overweegt om zijn ouwe collectie op de rommelmarkt voor een appel en een ei van de hand te doen. Iedereen kan googelen, de prijzen zijn bekend.

Als ik ‘The River’ zag liggen, destijds, dacht ik dingen als: ‘Sommige zaken zijn hun prijs echt belachelijk veel meer waard.’ Maar ook: ‘En de nieuwe van The Cranberries moet 20 euro kosten?’ Die periode dus. En dan kocht ik ’m, om weg te geven. Want er is er altijd wel eentje jarig die ‘The River’ nog niet kent. En hoeveel mooier is een leven mét dan een leven zónder ‘The River’?

Het is een plaat waar ik emotioneel van word, die ik niet zomaar eventjes kan opzetten om daarna weer tot de orde van de dag over te gaan. En dat was exact wat Springsteen voor ogen had. ‘The River’ is een plaat over weggaan en afscheid nemen, met songs tot aan hun oren gedrenkt in melancholie. Eén van de beste dubbelaars aller tijden met op elke kant één of meer absolute classics. ‘Sherry Darling’ op kant één, een finger snapping feelgoodsong die de weemoed die nog komen moet alleen maar dieper in de ziel doet kerven. ‘Well I got some beer and the highway’s free / And I got you, and baby you’ve got me / Hey, hey, hey, what you say, Sherry Darlin’’. Niemand die zulke inhoudsloze onzin zo kan laten resoneren als Bruce.

Er is het hartverscheurende ‘Independence Day’, ‘Hungry Heart’, ‘The River’ zelf, ‘Fade Away’, ‘The Price You Pay’ en het goddelijke ‘Point Blank’. Met tussentijds de dwingende snare-beat van Max Weinberg die als een menselijke metronoom de zaak op de been houdt. Kléts-kléts-kléts-kléts, en de doden weer levend. Als ‘The River’ gedaan is, ben ik min of meer een gebroken man, maar zo dankbaar dat ik leef. Hoeveel platen krijgen dat klaar? (jub)


De klas van ’77: Ronduit misdadig

De hoes van ‘The River’ ruikt naar duizend sigaretten en ligt op de keukentafel naast een blokfluit waarop onze middelste gisteren nog de familienamen van alle Rode Duivels heeft gespeeld. ‘Kevin!’ riep zijn broer, waarop hij: ‘Tu-tu-tu.’Eden!’ – ‘Tu-tu!’ Note perfect, je kon zelfs horen wie z’n favorieten waren.

In de stinkhoes van ‘The River’ zitten, verspreid over twee platen, veel songs die klinken als de tijd van duizend sigaretten. ‘Sherry Darling’. ‘Cadillac Ranch’. ‘I’m a Rocker’. ‘You Can Look (But You Better Not Touch)’. ‘Hungry Heart’. Bij de openingszin van die laatste zijn wij altijd gechoqueerd. ‘Got a wife and kids in Baltimore, Jack, I went out for a ride and I never went back’. Vooral die kindjes, man, dat is toch erg? En het wordt nog schrijnender als je weet dat het eerste couplet van ‘Hungry Heart’, de allereerste echte hitsingle van The Boss, op élk optreden wordt voorgebruld door de fans. Vijftigduizend mensen maal tweehonderd shows: dat zijn tien miljoen mannen en vrouwen per jaar die ervan dromen om hun kinderen los achter te laten – wie weet wel op de achterbank van de auto, op een snikhete dag, met automatische ruitenbediening en geen sleutel in het contact. Een ronduit misdadige song! Had ‘Evil Heart’ moeten heten.

Volgens Bruce zijn de olijke songs op ‘The River’ de songs die gespeeld worden in de bars en clubs waar de personages uit de ernstige nummers in het weekend naartoe trekken – en maar goed ook, want hij laat de stumperds serieus afzien. De konijnenpijp tussen die twee werelden heet ‘Out in the Street’ en is alweer volgens de maker z’n eigen ‘Friday on My Mind’. Niet dat we er ons in Werchter iets van zullen aantrekken, maar door de week vinden we ook die schijnbaar glorieuze song (Oh-oh-oh-oh-oh!) iets triestigs hebben: op maandagmorgen al naar vrijdag verlangen en toch vijf dagen gedwee je bordje stront uitlepelen, dat is toch niet de weg die de Schepper van ‘Thunder Road’ en ‘Badlands’ voor ons heeft uitgestippeld?

Naar vrijheid snakken versus vastzitten, in het leven bijten en met een brakke smaak in de mond achterblijven, blokfluit spelen en sigaretten roken: het zijn tegenstellingen die in alle Springsteen-platen zitten, maar het meest van al in ‘The River’. De plaat was voor The Boss de definitieve aanloop naar het supersterrendom en naar volwassenheid (rockers worden pas na hun 30ste volwassen, baby). De hele wereld zit erin, en alles kriskras door elkaar, twintig songs en vier plaatkanten lang. Man, wij gaan zaterdag uitgeput zijn. (nq)

'De konijnenpijp tussen de twee werelden op 'The River' heet 'Out in the Street'. Het is volgens Bruce zijn eigen 'Friday on My Mind'


De klas van ’85: Een steek van jaloezie

‘De rode, de blauwe, of die met die starende man voor de lamellen?’ Ik mocht kiezen tussen twee verzamelaars van The Beatles en ‘Darkness on the Edge of Town’ van Bruce Springsteen telkens wanneer ik mijn moeder moest helpen poetsen. Ik was 8, een leeftijd waarop elke keuze die je maakt enkel de juiste kan zijn. Die plaat is sindsdien mijn lievelings-Springsteen. Ik krijg ook altijd zin om te stofzuigen als ik ze nog eens opzet.

Bruce bezorgde me mijn eerste steek van jaloezie toen ik ’m enkele jaren later op MTV met die suffige Monica van ‘Friends’ zag staan sjansen tijdens ‘Dancing in the Dark’. Toen ik me niet veel later zelf aan een eerste knullige versierpoging waagde, besloot ik Bruce het vuile werk te laten opknappen. Aan mijn eigen woorden uit mijn bebeugelde bek had ik niks, en dus pende ik twee regels uit ‘Crush on You’ op een briefje: ‘For one kiss, darling I swear everything I would give / Cause you’re a walking, talking reason to live’. Mijn puisterige vlam snapte de hint niet. Hij viel zelfs uit de lucht bij de naam Springsteen. En hij bleek ook veel sneller te kunnen lopen dan ik ooit voor mogelijk had gehouden.

Nog wat later vond ik in de auto van mijn ouders een oud cassettebandje. MAXELL, 90 minuten. Samengesteld op 27/09/1985. Kant A: ‘Born in the USA’. Kant B: ‘The River’. Op de achterkant: het sierlijke handschrift van vader zaliger.

Vijfenveertig minuten is veel te kort om ‘The River’ er integraal op te krijgen, dus had vaderlief enkele nummers moeten weren. Iets wat de zorgvuldige opbouw van de plaat uiteraard volstrekt onderuithaalt. Hij had bovendien enkele foute keuzes gemaakt: ‘Cadillac Ranch’ was gewipt, de track die na het broeierige en in teleurstelling badende ‘Point Blank’ voor de broodnodige ontlading zorgt. Het zeemzoete ‘I Wanna Marry You’ had hij dan weer gratie verleend. Gelukkig bleken we het eens over de titeltrack. Naast wondermooi is die nog altijd de beste reclame voor anticonceptie die ooit op plaat is gezet.

Vader was 31 toen hij de tape maakte, de leeftijd die The Boss had toen hij z’n vijfde studioplaat uitbracht en tevens het aantal jaren dat ik momenteel op de teller heb staan. Tussen toen en nu is er weinig veranderd. Tussendoor deden sommige Springsteen-platen me weinig (‘Magic’ bevatte niet de verhoopte magie), anderen maakten me licht ontvlambaar (die venijnige Tom Morello-twitch in ‘High Hopes’). En als die egocentrische motherfucker hierboven even ophoudt met al het muzikale schoons van deze aardkloot te plukken, zal Bruce nog wel even blijven. God, geef ’m in godsnaam op z’n minst tot zaterdag. (kve)


Bekijk een deel van het optreden van The Boss op Glastonbury 2009

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234