Bruno Vanden Broecke & Tom Van Dyck in 'Safety First': 'Als hij verlegen wordt, word ik nog verliefder'

‘Safety First: The Movie’ zit vol waanzin, gekte en onweerstaanbare humor, maar er is ook ontroering, een boodschap zelfs. En als extraatje: een superieure Tom Van Dyck in de rol van Andy, die de onverwoestbare friendship van Smos, Luc, Ingrid en Dirk aan het wankelen brengt.

'Tom heeft een groot kamikazegehalte: eender welke kop hij moet trekken om een rol gespeeld te krijgen, hij dóét het' Bruno Vanden Broecke

HUMO Tom, Tim Van Aelst had je al twee keer eerder gevraagd. Zonder succes.

Tom Van Dyck «Ja, voor rollen waarin ik mezelf moeilijk kon verrassen, en ik ben er toch altijd op uit om nieuwe horizonten te verkennen. Maar een figuur als Andy had ik nog nooit gespeeld. Het is de eerste keer dat ik me als acteur aan de mannenliefde waag.»

HUMO En hoe! Elke beweging is overtuigend.

Van Dyck «Ik zoek bij elk personage naar een specifieke motoriek: hoe hij zijn vingers beweegt, hoe hij drinkt.»

HUMO Andy doet ook iets speciaals met zijn schouders.

Van Dyck «Dat heb ik allemaal geoefend voor de spiegel.

HUMO Het is allemaal heel subtiel, maar volkomen raak.

Bruno Vanden Broecke «Naturel, hè , en dat is verrassend in comedy – het blijft weg van de karikatuur.»

Van Dyck «Dat vind ik net zo sterk aan de film, dat er lagen zijn. Er zit natuurlijk slapstick in, maar die liefde tussen Dirk en Andy, hoe ze langzaam naar elkaar toe groeien en ook de verontwaardiging van Smos als hij Dirks geaardheid ontdekt, zijn zo écht, dat je als kijker helemaal mee bent.»

HUMO Dat is waar. Het is echt spannend.

Vanden Broecke «We hebben ook heel veel nagedacht over wanneer we welke humor gebruiken. Er zitten verschillende vormen van humor in de film: visuele, platte, absurde, verbale – noem maar op. Op een gegeven moment gaat de film via de lichtheid de diepte in en dat is – ook in theaterstukken – dé manier om de mensen iets ernstigs voor te schotelen. De outing van Dirk wordt niet belachelijk gemaakt, hè. Integendeel. De boodschap is serieus: laat iedereen eens verliefd worden op wie hij of zij wil. Kom uit de kast. En dat slaat niet alleen op iemands seksuele geaardheid. Tim bedoelt ook: kom uit voor wie je bent. Wees jezelf.»

HUMO Iets wat voor de hand lijkt te liggen. Maar hoeveel mensen durven dat echt?

Van Dyck «Ken je ‘Iemand, niemand en honderdduizend’ van Luigi Pirandello? Het is mijn lievelingsboek. Pirandello vraagt zich daarin af hoe authentiek we kunnen zijn. We zijn in verschillende omstandigheden meestal anders, omdat we rekening houden met de verwachtingen van anderen. Het hoofdpersonage probeert zich daarvan los te maken, maar dat is niet evident. Als ik op straat mensen tegenkom die mij uit ‘Matroesjka’s’ kennen, merk ik dat die compleet anders op mij reageren dan iemand die me in ‘Van vlees en bloed’ heeft gezien. Dan sta ik altijd even met mijn ogen te knipperen en probeer ik zo snel mogelijk te achterhalen: welke doelgroep word ik geacht hier te bedienen?»

HUMO Je houdt dus rekening met verwachtingen. Hoe rijm je dat met de manier waarop je in interviews vaak een lans breekt voor een zekere mate van schaamteloosheid?

Van Dyck «Dan heb ik het over acteren. Schaamteloosheid vind ik de basis van spelen – je korte broek aantrekken, je ego en je schaamte thuislaten en er vol vertrouwen en goesting aan beginnen.»

Vanden Broecke «Je zíét het altijd aan spelers als ze ook nog mooi willen zijn. Bij Tom, daarentegen, zie je net een groot kamikazegehalte: eender welke kop hij moet trekken om een rol gespeeld te krijgen, hij dóét het. En dat zijn de spelers die ik graag bezig zie. Koen De Bouw in ‘T.’: hoe goed is dát! Zo’n neuroot durven spelen, echt fantastisch. Ruth (Beeckmans, red.) kan dat ook goed, zich zo schaamteloos geven.»

Van Dyck «Het is maar door je ego achter te laten dat je ver durft te gaan. Ego is onzekerheid, is te veel vasthangen aan: ik ben hier wel acteur die-en-die! Zulke acteurs zijn in elke rol hetzelfde, omdat ze niet van zichzelf af raken.»

'Acteren is: je korte broek aantrekken, je ego en je schaamte thuislaten en er vol goesting aan beginnen' Tom Van Dyck

HUMO Je praat erover alsof je weet hoe het is, als je ego in de weg zit.

Van Dyck «Ik denk dat ik op mijn 18de heel erg met mijn ego bezig was. Maar toen kwam ik Dora van der Groen tegen, en die schoot zoveel gaten in mijn façade dat ik begon te wankelen. Gelukkig waren er toen Tanja Van der Sanden en Warre Borgmans, die mij zeiden dat Gaston Berghmans best geestig was en dat ze zijn sketches ook allemaal uit hun hoofd kenden. Ik was namelijk op mijn 12de met Gaston en Leo-imitaties begonnen, maar schaamde me ervoor om dat in de kringen van het conservatorium te melden. Ik dacht toen dat je daar Baudelaire hoorde te citeren. Dat ik er aanvankelijk heel erg met mijn ego bezig was, was dus puur camouflage. Maar tijdens het toneelspelen heb ik dat camouflagepak volledig kunnen afleggen. ‘In de gloria’ was wat dat betreft de ultieme bevrijding. Daar hoefde het helemaal niet meer over Marcel Proust of Shakespeare te gaan. Daar ging het over facteur Jef die zei: ‘Goeiemorge!’»

HUMO Is ‘Safety First’ jouw soort humor?

Van Dyck «Ik moet er vreselijk mee lachen, maar ik zou ‘Safety First’ zélf nooit maken. Nu, ‘Het eiland’ ook niet. De humor in wat ik schrijf, schurkt meer aan tegen het gênante, is pijnlijker, serieuzer toch.»

HUMO Dus je had niet de neiging om de film mee te willen maken?

Van Dyck «Nee. Ik vind het heerlijk makkelijk om even alleen maar te spelen. Ik merk wel dingen op, natuurlijk, maar dat zie ik dan meer als positieve bedrijfsspionage.»

Vanden Broecke «Nu, Tim is niet iemand die zijn scenario angstvallig bewaakt. Integendeel. Hij was doodzenuwachtig toen we met z’n allen aan tafel zaten voor de eerste lezing. En het eerste wat hij zei, was: ‘Oké, jongens, zeg het maar, wat moet er anders?’»

Van Dyck «Tim zijn grote kracht is dat hij weet welke mensen hij bijeen moet brengen om iets uitzonderlijks te maken. Eigenlijk is hij een co-maker. Het scenario schreef hij samen met David Vennix en daarna was hij altijd overal bij – elke lezing, repetitie of bespreking. Hij kijkt, vraagt, luistert, en stuurt alle creativiteit. En hij is niet bang om toe te geven: ‘Oké, dit is een slechte grap.’»

HUMO Welke grap vind je de beste?

Van Dyck «Waar ik van meet af aan heel hard mee moest lachen is de scène waarin Ben Segers zegt: ‘Homo’ s en hetero’s, dat is zoals wielrennen en veldrijden. Ik ben meer een man van de bergen.’ Dan maakt hij een borstengebaar: ‘En Dirk rijdt al ’ns gerne door de modder.’ Er is over die grap gediscussieerd: ‘Is dit niet te plat?’ Maar Ben kan zo’n mop op zo’n manier vertellen dat hij ermee wegkomt.»


30% geluk, 70% verdienste

HUMO Tim Van Aelst denkt, zo bleek de laatste keer dat ik hem sprak, veel na over welke plaats hij moet geven aan zijn ego. Hij zei: ‘Het ego is ook nodig. Het zorgt ervoor dat je vooruitgaat, het zorgt voor een betere grap.’

Vanden Broecke «Dat ís ook zo. Vroeger had je bij de Romeinen en de Grieken de aemulatio of wedijver, ook op het gebied van cultuur. Er waren wedstrijden tussen Sophocles en Aischylos in schrijven en dichten. Sophocles, die stijf stond van bewondering voor de oudere Aischylos, wou hem per se overtreffen. En zo werden de Griekse tragedies alsmaar beter.»

HUMO Bruno, Volgens Dora van der Groen mocht jouw ego er ook zijn. ‘Jij bent een solist,’ zei ze. En: ‘Jij kunt niet samenspelen.’

Van Dyck «Huh? Zo ken ik jou helemaal niet. Jij bent juist iemand die snel zal zeggen: ‘Ik zal dit zo spelen en dan kun jij daar zo op reageren.’ Je bent constant omstandigheden aan het creëren om samen ergens te landen.»

Vanden Broecke «Omdat ik daar zelf ook beter van word. Het is zo dat ik veel bevestiging nodig heb. Volgens Evie (Levebvre, zijn vrouw, red.) is dat omdat ik als kind door mijn ouders zo in de watten ben gelegd en ik van de wereld hetzelfde verwacht. Nu, die behoefte wordt wel steeds minder. Omdat zoveel van de dingen waar ik van droomde, effectief op mijn pad zijn gekomen. Alles wat me nu nog te beurt valt op professioneel vlak, zie ik bijna als een extra. Dat is, denk ik, ook omdat ik als mens zo gelukkig ben.»

'Tom Van Dyck over 'Safety First': 'Ik moet er vreselijk mee lachen, maar ik zou het zelf nooit maken. Mijn humor schurkt meer aan tegen het gênante, is pijnlijker.'

HUMO Tom, zou jij zonder applaus kunnen?

Van Dyck «Tja. Als je nog steeds op een stoel gaat staan om te roepen ‘Aandacht, aandacht, kijk naar mij!’, dan zit die behoefte aan applaus er natuurlijk in. Maar míjn oordeel over wat ik presteer, is meer bepalend voor mijn geluk. En ik ben helaas niet altijd even tevreden. Alice (Reijs, zijn vrouw, red.) vond dat vroeger flauwekul: ‘Tom,’ zei ze dan, ‘dat gezaag over hoe het weer niet goed genoeg was, is gewoon een manier om naar bevestiging te hengelen.’ Maar ze is er gaandeweg achter gekomen dat dat ongenoegen oprecht is, dat ik vaak écht vind dat ik beter had gekund. Daarom herbekijk ik ook bijna nooit de programma’s waarin ik heb meegespeeld. Ik stond echt versteld toen bleek dat Tim sketches uit ‘In de gloria’ van buiten kende die ik me zelfs niet meer kon herinneren.»

'Tim zijn grote kracht is dat hij weet welke mensen hij bijeen moet brengen om iets uitzonderlijks te maken.'

HUMO Tim zei me in dat exposé over zijn ego ook: ‘Als je ’s nachts nog echt wakker ligt van wat je maakt, dan hang je te veel vast aan je ambitie.’ Hoe ambitieus ben je, denk je?

Van Dyck «Ik ben net een eigen productiehuis begonnen, heb een nieuwe serie geschreven (‘Den elfde van den elfde’, een dramareeks voor Eén die zich afspeelt in de aanloop naar het jaarlijkse carnaval in het gehucht Knorrendonck, red.) die ik zelf aan het regisseren ben, en dat allemaal alleen met mijn vrouw. Dat is natuurlijk ambitieus. Maar die ambitie heeft niet als doel: zie eens wat ik allemaal kan! Neen, dat is puur omdat ik iets wil maken en daar samen met Alice zoveel controle over wil hebben, dat we straks zeker weten: dit is het best haalbare. Het is ook niet de bedoeling om over een paar jaar ons productiehuis te verkopen of samen te gaan met een grote zender. Ik wil – en dat is ook de reden waarom ik indertijd ben weggegaan bij Woestijnvis – als maker en als mens voor mezelf en de mensen die ik graag heb, zoveel mogelijk ruimte creëren om te kunnen groeien.»

Vanden Broecke «Dat begrijp ik. Ik ben ook zelfstandige geworden omdat ik met het ouder worden steeds meer vond dat een artiest in loondienst een contradictio in terminis is. Maar om die stap te zetten moet je inderdaad een voldoende groot ego hebben, genoeg vertrouwen in jezelf om te denken dat je je bedrijfje draaiende kunt houden zonder minder kieskeurig te worden. Dat dat lukt, zie ik als een zegen. Of liever: het is voor 30 procent geluk en voor 70 procent eigen verdienste, het resultaat van talent en ondernemingszin. Met die combinatie kan ik het hopelijk tot mijn 65ste trekken.»

Van Dyck «Hoezo? Ga jij met pensioen?»

Vanden Broecke «Absoluut.»

Van Dyck «Ik niet. Wat moet je dan?»

HUMO Wat bedoel je? Wat zou er gebeuren als dat werk er niet was?

Van Dyck «Dan word ik labiel. Dan ga ik rare dingen doen, denk ik. Ik heb het spelen, die momenten van schaamteloosheid, nodig om die rare dingen te kunnen ventileren, om dingen te doen waar ik me anders misschien voor zou schamen. Als speler kun je, nee, móét je elke vorm van façade laten vallen, dan móét je alle sluizen openzetten. Ik snap die acteurs niet die in hun rol zichzelf niet kunnen loslaten. Ik vind het juist héérlijk om even niet Tom Van Dyck te hoeven zijn.»

Vanden Broecke «Als jij speelt, transformeer je echt helemaal.»

HUMO Spelen is voor jou dus een manier om het leven te bezweren.

Van Dyck «Is dat niet waarom jij journaliste bent? Is dat niet waarom jij elke week iemand vragen stelt over het leven?»

HUMO Dat is waar. Ik vind het leven niet makkelijk en wil van iedereen weten: hoe doe jij dat eigenlijk?

Van Dyck «En ik probeer al spelende verschillende manieren van leven uit. Omdat ik dat leven óók niet simpel vind en soms helemaal niet snap hoe mensen zijn, hoe ze met elkaar omgaan, en hoe ik me tegenover hen moet verhouden. En dan denk ik: laat ik het eens helemaal anders proberen, misschien dat ik het dan begrijp. Ik snap nu, bijvoorbeeld, dat mensen verliefd kunnen worden op Bruno Vanden Broecke.»

Vanden Broecke «Hahaha...»

Van Dyck «Kijk, nu wordt hij, net als in de film, verlegen en dan word ik nog verliefder.»


Een hoop rosse mieren

HUMO Tom Lenaerts kan als zichzelf op een podium staan.

Van Dyck «Ik vind dat heel moeilijk. Ik zal nooit een presentator kunnen zijn. Ik zal die altijd moeten spélen.

»Om die reden doe ik ook niet meer mee aan quizzen. Ik wil nooit meer als mezelf opgevoerd worden in entertainmentprogramma’s. Ik word daar knettergek van, en onzeker. Eén keer heb ik meegedaan aan ‘De slimste mens ter wereld’. Ik hoor nog altijd hoe Erik Van Looy voor de opnames zei: ‘Komaan, hou je niet in, hè. Grappen maken als je kunt!’ Dus toen ik in die stoel zat, dacht ik de hele tijd: ‘Wat moet ik nu doen? Grappen maken of op de vragen antwoorden?’ Bruno kan dat wel. Jij hebt in de jury gezeten.»

Vanden Broecke «Evie zegt ook dat ik overal mezelf kan zijn. Maar grappen maken én vragen beantwoorden: dat zou ik ook niet kunnen. En in die jury werd de druk om te scoren op den duur ook te hoog. Ik focus me eerlijk gezegd liever op m’n echte vak: spelen.»

Van Dyck «Een personage uit z’n context trekken en, bijvoorbeeld, straks ergens als Andy opdraven, doe ik ook niet. Dat gaat niet. Dan blokkeer ik.»

Vanden Broecke «Mocht je in het team van ‘Safety First’ gezeten hebben, dan zou je wél met ons als bewakingsagent in het openbaar verschenen zijn om de film te promoten. Al was het maar omdat je dan de druk van de groep voelt.»

'Mijn kinderen staan me weleens meewarig aan te kijken. Je zíét ze denken: doe normaal' Tom Van Dyck


HUMO Altijd en overal dezelfde zijn, leek mij altijd een edel streven. Tot ik een uitspraak van jou las, Tom: ‘In de evolutietheorie gaat het niet over de wet van de sterkste, maar over de wet van degene die zich het best aanpast.’

Van Dyck «Dat heb ik geleerd van mijn broer, een bioloog. Ik probeer me daar sindsdien in te bekwamen. Maar dat is niet evident. Ik heb, bijvoorbeeld, een enorme hang naar orde en structuur. Heel letterlijk. Op mijn bureau liggen mijn pennen op een vaste plek. Mijn papieren ook. Dat geeft mij rust. Alice is helemaal niet zo. Zij is beter bestand tegen chaos, ze houdt er zelfs van. Daar val ik op, mensen die aan hun impulsen durven toe te geven. Ik zoek dat soort mensen op omdat ze mij dwingen om losser te zijn, flexibeler. Ze maken mij sterker. Alice heeft mij echt beter gemaakt op alle vlakken: als schrijver, als regisseur en als mens.

»Als wij op vakantie gaan en we krijgen een ander chalet toegewezen dan voorzien, dan is mijn eerste reactie: ‘Neen! We hebben dát chalet gehuurd en dát chalet zal het zijn!’ Ik ben dan in staat om de persoon aan de receptie naar buiten te trekken en op een hoop rosse mieren te gooien. Ondertussen staan mijn kinderen, de hond en mijn vrouw mij meewarig aan te kijken. Je zíét ze denken: doe normaal. Als het nodig is, moet je flexibel kunnen zijn – zonder jezelf te verloochenen, natuurlijk.»

'Bruno kan op een drukke draaidag besluiten om even te gaan liggen. In een vogelpak ligt hij dan gewoon in een hoek te slapen.'


HUMO Herken jij hier iets van, Bruno?

Vanden Broecke «Ik ben meer de chaoot over wie Tom het net had. Mijn bureau is een rommelkot, maar mijn gasten vinden het er zalig. We maken er samen liedjes met die app van GarageBand.»

HUMO Jij staat volgens mij nooit stil bij de vraag of je je moet aanpassen of niet.

Vanden Broecke «Ik weet niet goed wat ik met die vraag aan moet, dus het zal wel zo zijn dat ik er niet te veel over nadenk.»

Van Dyck «Dat is zo. Jij kunt ook schaamteloos zeggen: ik ga even liggen, even tien minuten slapen. Ik kan je een foto laten zien van op de set van ‘Den elfde van den elfde’, tijdens een draaidag in een kerk met driehonderd figuranten. Bruno had die dag een waanzinnige jurk aan, een soort vogelpak. En in dat pak ligt hij gewoon in een hoek van de kerk te slapen. Om hem heen heerst stress en spanning, maar Bruno is helemaal weg. Onwaarschijnlijk vind ik het, dat je dat kunt. Daarvoor moet je toch een ongelofelijke rust in je hebben.»

HUMO Dat is inderdaad het toppunt van overal jezelf zijn – om even terug te komen op het motto van de ‘Safety First’-film. Maar ik blijf me toch afvragen: wanneer wordt ‘jezelf aanpassen’ veeleer ‘jezelf verloochenen’?

Van Dyck «Ik had een oom die voor de waterzuivering werkte van Fabrique National, de wapenfabriek. Die is moeten stoppen omdat hij niet in het reine kon komen met het feit dat hij zijn kinderen te eten kon geven dankzij de oorlog.»

HUMO Daar is het probleem dan ook nog eens de economische realiteit. Hoelang denk jij nog te kunnen leven van fictie zonder te buigen voor de commercie?

Van Dyck «Dat is een goede vraag. We weten dat mensen graag fictie van eigen bodem zien. Dat gaat van de hallucinante kijkcijfers van ‘Thuis’ tot het succes van ‘Bevergem’. Maar waar ik bang voor ben, is dat er zoveel gemaakt wordt dat we elkaar gaan beconcurreren en dat de televisiewereld dan gaat denken: ‘Als de mensen hoe dan ook kijken, kunnen we beter voor het goedkoopste kiezen.’»

Vanden Broecke «Dat is gemeen, hè, als de economie een voet tussen de deur steekt bij iets wat daar eigenlijk wars van moet blijven.»

Van Dyck «Maar de economie zit overal. Waarom voert België wapens uit naar Saoedi-Arabië, het land dat IS het meest toelacht? En straks mag een Saoedische investeerder zich in Antwerpen vestigen om wat banen te creëren. We hebben allemaal morele principes, maar voor economische belangen schuiven die meteen een beetje naar de achtergrond.»

Vanden Broecke «Ik speelde vorige week ‘Missie’ in de Brusselse KVS, over een missionaris in het wondermooie, door oorlog geteisterde Congo. Eerst zou het niet doorgaan wegens de terreurdreiging, maar uiteindelijk hebben ze twee para’s gevonden om de deuren te bewaken. De deuren gingen ook op slot. En dan stond ik daar te spelen, en zinnen uit te spreken als: ‘Een militair zette een mitraillette op mijn borst en ik zeg: ‘Schiet maar.’’ Ik durfde bijna de zaal niet in te kijken.»

Van Dyck «Dat is het, hè. Het is zo hallucinant dat mijn kinderen ’s nachts wakker liggen en vragen: ‘Papa, is dit nu de Derde Wereldoorlog?’ Ze willen uitleg. Maar wat ga je zeggen? Ga je het hebben over zotten die rondlopen? Over geloof? Of over de vunzigheid van economische belangen. Ik weet het dan even niet meer. En daarom is het goed om af en toe te spelen.»


'Safety First: The Movie' is vanaf 16 december te zien in de zalen.

Bekijk de trailer »

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234