'Buurman, wat doet u nu?': Cath Luyten bezoekt René van der Gijp, voetbalanalist en ex-Lokerenspeler

Het lijkt wel of de kleurrijke voetbalanalisten in Nederland aan de bomen groeien. Als de Jannen Boskamp en Mulder in België zitten, hebben ze daar nog altijd René van der Gijp.

'Van de ene op de andere dag kan je bovenkamer met je aan de haal gaan'

René van der Gijp is onlangs in Eurodisney geweest, ‘zo ongeveer het verschrikkelijkste wat je een mens kan aandoen’. Hij haalt diep adem: ‘Ik wist niet wat ik zag. Ik heb er ook twee nachten geslapen. Al meteen had ik door dat al die ouders een afspraak hadden gemaakt: ‘We zijn hier niet voor onszelf, maar voor de kinderen. We cijferen ons volledig weg.’ Dus die ouders waren terneergeslagen, hè. Want je loopt langs allemaal vreemde attracties, en je ziet allemaal vreemde types in rare pakken – er is niks voor jou bij. Zelfs het eten is niet om naar binnen te werken, dus daarvoor hoef je ook niet te gaan.’

Dan volgt de bekende hoge schaterlach: ‘Maar weet je wat nou zo leuk is? Die kinderen raken van zulke ouders ook uit hun doen. Van de 400 man die in zo’n zaal zaten te eten, hadden er 380 ruzie. Het was nog net geen vechten. Die vaders werden he-le-maal gek.’ In één moeite door: ‘Wat wel bijzonder was in dat park: je moest zelfs je armband afdoen, om te laten zien dat er niks inzat.’

- Voor de veiligheid.

René van der Gijp «Ja. En nou komt het: ik heb alleen maar mensen gezien die daar boos om werden. Die hun tas niet wilden openen, want: ‘Dit is al de derde keer vandaag.’ En ik dacht: ‘Hoe kom je aan de mazzel, jongen? Dat je zeker weet dat er in zo’n park niks kan gebeuren, met alles wat er aan de hand is in de wereld? Natuurlijk sta je effe twintig minuten in de rij.’ Dat Nederlanders in het hotel hele discussies aangingen dat ze zich ‘van hun vrijheid beroofd voelden’ – dat vond ik zó apart.»

- Jij wilde ook nooit op vakantie.

Van der Gijp «Nee, dan voel ik mij… onthand. Dan ben ik al mijn zekerheden kwijt. Mijn autootje, mijn huisje, mijn koffiezetapparaatje. De dingen waarop ik mijn hele kleine wereldje baseer. Dat is al zo klein, en dan valt alles daaromheen ook nog eens weg, weet je wel.»


Niet veel puf

De episode over Eurodisney is een lichte episode in een on-Gijpiaans zwaarmoedig gesprek. In zijn vroegere leven was het volstrekt ondenkbaar geweest dat de voetbalanalist en voormalige rechtsbuiten (in België speelde hij in de vroege jaren 80 voor Lokeren) ooit één voet in een overbevolkt pretpark had gezet. Maar dat was voordat zijn 47-jarige vriendin Daniëlle ’s nachts, in haar eigen woning, overleed aan een maagbloeding. Voordat René van der Gijp hun 15-jarige zoon Nicky resoluut meenam naar zijn Dordrechtse bungalow, één minuut rijden verderop. Om voor het eerst met hem onder één dak te gaan wonen.

Het verhaal, over die onbevattelijke ochtend nadat hij een beangstigend telefoontje van Nicky had gekregen, vertelt Van der Gijp ogenblikkelijk bij binnenkomst in het restaurant, struikelend over zijn woorden.

Van der Gijp «Ik kwam daar aan en zag dat mannetje op de bank zitten, totaal reddeloos, hij had zijn moeder nog proberen te reanimeren. De avond daarvoor had ik met Daniëlle televisie gekeken. Dat iemand dan zes uur later in een zak in een zwarte auto wordt gestopt – dat is krankzinnig. Dat je de begrafenisondernemer belt, en iemand is binnen vijf minuten het huis uit en komt er daarna ook nooit meer in: krankzinnig.»

- Die avond daarvoor merkte je niks aan haar?

Van der Gijp «Niet meer dan anders. Kijk: ik weet dat Daan te veel dronk, te veel rookte en te veel medicijnen nam, maar ik had nou echt niet het idee dat dít het gevolg zou zijn. Ik dacht dat je het nog wel tot je 60ste vol kon houden, als je zeventig sigaretjes per dag rookt, en je drinkt nogal wat Bacardi-cola, en je neemt er ook nog een handjevol pijnstillertjes bij. Maar 47 is wel jong. Nee, dit had ik niet verwacht. Ik vond wel dat ze er slecht uitzag. En ik vond ook best wel dat ze wat meer met haar leventje mocht doen.»

- Ze zat veel thuis, de laatste jaren.

Van der Gijp «Altijd. Niet veel puf. Niet veel ambitie. Buren die om zeven uur ’s ochtends met de kinderen de deur uitgingen: dat vond ze maar knap vermoeiend. Maar ik kon daar zo moeilijk wat van zeggen, hè. Als ik nou het toonbeeld was van iemand die de hele dag in het park liep te strekken en te rekken en mezelf had aangesloten bij allerlei gezondheidsclubs om elkaar via apps te vertellen wat je moet eten – maar daar hoor ik niet bij. Ik was niet de meest aangewezen persoon om te zeggen: ‘Goh, drink wat minder.’»

Eigenlijk wilde hij geen vervolg op Gijp (2012), met 360.000 exemplaren vermoedelijk het best verkochte Nederlandse sportboek aller tijden. Een succes waarover de hoofdpersoon zelf trouwens nog steeds niet is uitgelachen: ‘Het is geen Hemingway, hè. Het is gewoon een leuk opgeschreven verhaaltje.’ En toen was er ineens geen Daniëlle meer, en verscheen afgelopen maand ‘De wereld volgens Gijp’ – een onweerstaanbaar grappig en hartverscheurend relaas over het oude en het nieuwe leven van het mediafenomeen.

'Ik weet dat mijn vriendin te veel dronk, te veel rookte en te veel medicijnen nam, maar ik was niet de meest aangewezen persoon om te zeggen: 'Goh, drink wat minder.''

- Je hebt nooit tegen samenwonen gekund, maar met Nicky gaat dat erg goed. Hoe komt het dat het nu wel lukt?

Van der Gijp «Geen flauw idee. Mensen zeiden tegen me: ‘Ineens een kind in huis, wat een verandering voor je. Goh, een opoffering. Zeker wel apart, hè?’ Lieve schat, die gedachten hebben geen seconde door mijn hoofd gespeeld. Ik hield natuurlijk erg veel van zijn moeder, dus ten opzichte van haar is het de normaalste zaak van de wereld. Soms merk ik aan hem dat hij denkt: ‘Hij zal er toch ergens wel moeite mee hebben dat ik er nu ben, er zal toch wel íéts zijn?’ Dan vraagt hij of ik het naar mijn zin heb, of zo. En dan zeg ik: ‘Prima man. Hoezo niet?’

»Ik heb het gevoel dat die kleine denkt: ‘Er is iets verschrikkelijks gebeurd, maar ik heb het toch wel erg naar mijn zin nu.’ Nicky gaat naar wedstrijden van Feyenoord, hij doet het goed op school, hij heeft zijn kamer, zijn spullen, onze honden om zich heen, en hij weet wat hij wil: voetbalcommentator worden.»

- Jullie schijnen behoorlijk op elkaar te lijken.

Van der Gijp «Ja, hij heeft hetzelfde als ik. Dat zei Daan ook altijd: ‘Als Nicky naar Feyenoord is geweest, en hij komt om zes uur thuis, gaat hij naar bed. Dan heeft-ie genoeg prikkels gehad. Dan gaat-ie niet nog eens naar buiten, met vriendjes spelen. Dan is het leuk geweest, voor die dag.’

» (Ineens) Wat wel zielig is… Die kleine van mij, die maakt me elke ochtend wakker. Ik weet donders goed wat hij doet. Hij is bang. Nicky is bang dat ik ook niet wakker word. Hij wil naast me slapen. Vijf maanden slaapt hij nu naast me. Gaan we wel een eind aan maken, over een maandje of drie. Maar laatst zei hij tegen me: ‘De eerste twee nachten heb ik klaarwakker naast jou gelegen, en alleen maar naar je ademhaling liggen luisteren.’»


NET ALS BROERS

Voor Nicky in huis kwam, bracht de oud-profvoetballer zijn leven liefst liggend op de bank door, afgeschermd in zijn veilige, rustige, smetteloze huis. De nacht kon hem niet lang genoeg duren. Eindeloos naar voetbalbeest George Best kijken, zowel zijn fabuleuze doelpunten als dronken interviews, drie keer achter elkaar dezelfde aflevering van ‘De wereld draait door’ afspelen, en zappen naar een documentaire over krabvissers op de Beringzee als de prikkels van de talkshows hem te veel werden. Na zijn beroemde depressie in 2012, toen zijn ‘bolletje even overliep’ van alle aandacht en druk, zakte zijn tempo nog iets verder in. Maar niet op televisie: in het programma ‘Voetbal Inside’ is hij altijd de typische rechtsbuiten gebleven. De schaterlachende Gijpie: razend populair vanwege zijn overdrijvingen en geheel eigen observaties en typeringen. Voorbeeld: ‘Louis van Gaal praat tegen volwassen mensen alsof ze allemaal nog een luier om hebben.’

– Je was altijd een zondagskind.

Van der Gijp «Nou, ik denk wel dat het beste eraf is. Zes jaar geleden kon ik nog zeggen: ‘Er zit daarboven iemand die het wel heel erg goed met mij voor moet hebben.’ Maar na wat ik de afgelopen twee jaar heb meegemaakt, denk ik: ‘Het is nu begonnen. Het gaat nu gebeuren! Ze zijn nu los.’»

- Ze?

Van der Gijp «Weet ik veel. Ze denken: ‘Die zullen we eens een paar keer een draai om zijn oren geven.’ Het is van start gegaan.»

- Waarom moet je daar zo om lachen?

Van der Gijp «Omdat ik er totáál niks aan kan doen. Omdat ik niet denk dat ik het uit kan zetten. Johan (Derksen, mede-analist bij ‘Voetbal Inside’, red.) zei ook tegen mij: ‘Voor je 55ste kom je iedereen in het café tegen. En na je 55ste op begrafenissen.’»

'Mijn moeder kon het leven niet aan. De verhouding tussen mijn vader en haar was geen man-vrouwverhouding, maar man-kind'


- Het is inderdaad de moeite geweest: in de afgelopen twee jaar kreeg en overwon je oudste zoon Sanny lymfeklierkanker, verloor je Daniëlle, en stierf een paar maanden later jouw moeder. Waarom hield je zo van Daniëlle?

Van der Gijp «Hoe moet je dat zeggen? Ik denk dat, als zij een man was geweest, ik ook met haar was omgegaan. We moesten om dezelfde dingen lachen. We verbaasden ons over dezelfde dingen.

»Zij was ook geen ruziemaker. We hadden allebei een vrij gemakkelijke kijk op het leven. Zo van: laten we het maar een heel klein beetje gezellig maken, in die periode dat we hier zijn. Laten we het maar een beetje proberen te versimpelen. En maar hopen dat we niet al te veel idiote hobbels tegenkomen. Proberen het gedoe uit het leven te halen. Het gedoe dat je vaak zelf veroorzaakt. Daan had ook dezelfde manier van praten als ik. Ze had totaal, totaal niet de neiging om iemand anders te proberen te overtuigen van iets waarvan zij dacht: ‘Dat zou je eens moeten doen.’ We hadden gewoon broers kunnen zijn.»

- Vond ze het moeilijk dat jij andere vriendinnen had?

Van der Gijp «Nee.»

- En dat jij het niet kon opbrengen met haar en Nicky samen te wonen?

Van der Gijp «Helemaal niet. Ze vond het prettig als ik kwam, maar ze was ook dolblij als ik weer weg was. Dan was er ook niemand die naar haar keek. Want ze had natuurlijk best door dat ik in de gaten had dat het niet lekker ging. Ik had niet het idee, als ze me stond uit te zwaaien bij de deur, dat ze dacht: ‘Was hij nu nog maar vijf minuten langer gebleven.’

»De afgelopen drie jaar vond ik haar hard achteruitgaan. Daan verzorgde zichzelf niet meer, maakte zich niet meer op. Ik hoorde van vriendinnen dat ze belde: ‘Ik ben op.’ Ze had ook nog een zoon van 25 die thuis woonde, uit een andere relatie. Zo’n ventje nam net zo makkelijk drie andere volwassenen van 30 mee, om Japanse spelletjes op de televisie te spelen waar je na vijf minuten luisteren al van stuitert. En zij moest dat zeven uur achter elkaar aanhoren. Daan had heel veel moeite om op de rem te trappen. Omdat ze bang was ook maar iemand tekort te doen. Haar moeder, haar kinderen, mij.»

- Maar het is toch wel gek, om tegen je 47ste op te zijn.

Van der Gijp «Da’s gek, ja. Ik had een appartement in Scheveningen gekocht, ook voor haar. Als ik Daan daar belde, stond ze te zuchten: de ramen moesten nog gezeemd worden, de koelkast was uitgevallen, de auto stond te ver weg, het stond op het punt te gaan regenen… Dan dacht ik: ‘Kom op dan! Godver, kom op man!’»

- Niks meer willen en kunnen: uitgerekend jij wist toch wel waar dat op duidde?

Van der Gijp «Tuurlijk herkende ik dat wel. Nu zeg je: had haar in haar nekvel gepakt en was naar een psychiater gegaan. Maar wat gaat die psychiater zeggen? ‘Ja mevrouw, koop een flipperkast, ga iets doen. Probeer er een beetje schwung in te krijgen.’»

- En hij schrijft pillen voor: de psychiater heeft jou ook weer op de been gekregen.

Van der Gijp «Ik probeerde het op mijn manier, door haar naar Scheveningen te brengen – want ze durfde zelf niet meer door tunnels te rijden – haar uit eten te nemen, mee naar de supermarkt te gaan. Om te zorgen dat ze het maar een beetje naar haar zin had. Ze kreeg wel erge paniekaanvallen. Je kon met Daan niet meer naar de H&M of zo. Binnen twee seconden kwam alles op haar af.

»Maar kijk: ze voelde zich vrij nutteloos. Ik heb weleens bij mezelf gedacht dat ik het zelf ook wat in de hand had gewerkt. Door haar bij mij op de loonlijst te zetten, een huis te kopen, alles te betalen. Dan is er ook weinig drang meer om iets te gaan doen.»

- Jij maakte ook gebruik van haar zorgzaamheid.

Van der Gijp «Altijd. Ik ging er ook elke dag even eten. En toen ik depressief was, heb ik drie maanden bij haar gewoond. Weet je: ze zat gewoon te goed in elkaar. Extreem goed. Ze liet helemaal over zich heen lopen. Natuurlijk heb ik een schuldgevoel. De mensen zeggen nu tegen me: ‘Dat schuldgevoel moet slijten.’ Maar ik hoop niet dat het weggaat.»

- Jij vindt het eigenlijk wel goed dat je dat schuldgevoel hebt?

Van der Gijp «Ik vind het eigenlijk wel prettig, ja. Ik moet dat koesteren.»

- Als een soort straf?

Van der Gijp «Niet echt, maar… Die ochtend, toen Daan net was weggedragen, zei iedereen: ‘Hoe is het mogelijk? Hoe is het mogelijk?’ Haar moeder, de kinderen, vriendinnen. Toen zei ik: ‘Ik heb niet het idee dat jullie enig besef hebben wat hier aan de hand was. Wij zijn er mede debet aan dat iemand op 47-jarige leeftijd is weggedragen. We hebben enorm hard op het gaspedaal getrapt om haar zover te krijgen. Het is iemand van wie we zoveel mogelijk hebben geprobeerd te profiteren. Dit is het uiteindelijke resultaat. (Zacht) Ze durfden niets te zeggen, maar er zaten er geloof ik wel een paar aan tafel die dachten: ‘Ja, daar zit wel iets in.’

» (Stilte) Ze heeft langzaam zelfmoord gepleegd. Zonde, man.»


Klaar met René

- Je omgeving was verbaasd over de kordate manier waarop je alles hebt aangepakt. Iedereen dacht dat je zou bezwijken, maar je huurde meteen een woning voor de andere zoon van Daniëlle, en Nicky nam je in huis.

Van der Gijp «Ik vind het erg leuk om dingen te doen waarvan ik weet: dit is de oplossing. Maar het is in het leven ook pappen en nathouden. Dat vind ik vreselijk. Zoals het ging bij mijn moeder: daar was geen oplossing voor. Mijn moeder kon het leven niet aan. Die was ervan overtuigd dat de hele flat probeerde haar post uit de brievenbus te halen, als de postbode was geweest. De belastingdienst, de ING, ze kon het allemaal niet behapstukken. De verhouding tussen mijn vader en haar was geen man-vrouwverhouding, maar man-kind. Mijn vader deed alles in huis. Hij maakte schoon, haalde boodschappen... En toen viel-ie weg, die ouwe, en ik weet 100 procent zeker dat mijn moeder het de normaalste zaak van de wereld had gevonden als ik met haar hetzelfde had gedaan als met Nicky.»

- Haar in huis nemen.

Van der Gijp «Dat was voor mijn moeder het enige logische. (Droog) Dat heb ik dus niet gedaan.»

- Maar alles wat je daarna voor haar deed, was dus nooit genoeg.

Van der Gijp «Ja, wel vervelend. Ik was er elke dag – eten maken, boodschappen doen. Ik ben enig kind. Mijn moeder is zes jaar lang krankzinnig bang geweest om alleen dood te gaan. Ze belde me om tien uur ’s avonds: ‘Kom je?’ Maar om tien over drie ’s nachts ging ik wel weer weg. Dan zei ze: ‘Ik ga wel opzitten, ga jij in mijn bed liggen.’ Ze wilde gewoon niet dat ik vertrok. En het leuke is: mijn moeder weigerde structureel alle andere hulp. Dus, nou ja.»

- Dus je draafde telkens op.

Van der Gijp «Weet je wat het is: je kunt over dit soort dingen beter maar niet te veel nadenken. Beter maar gewoon doen. Dat is wel het handigste.»

-Een echte Gijp-wijsheid.

Van der Gijp «Ik ben wel dertig keer met haar voor een gehoorapparaat gaan kijken. Het meisje dat er werkte, zei: ‘Maar ze wíl helemaal geen gehoorapparaat.’ Waarop ik: ‘Dat weet ik ook.’ Maar ik heb altijd van dat soort eigenaardigheden gedacht – of ze nu van mijn vader of mijn moeder of van Daan waren: die eigenaardigheden zijn voor hen vaak vervelender dan voor mij. Ik had er even last van, maar dat was het dan ook.»

- Jouw ouders hadden paniekstoornissen. Wat heb je daarvan geërfd?

Van der Gijp «Ik heb het ook, maar in iets mindere mate. Dat je opeens heel nerveus wordt. Dat je het gevoel hebt dat je weg moet.»

- Voor je depressie dacht jij altijd: ‘Je komt nooit van het ene op het andere moment in het gesticht. Dat gaat geleidelijk.’ Maar daar ben je van teruggekomen.

Van der Gijp «Van de ene op de andere dag kan je bovenkamer met je aan de haal gaan. Dat is een angstig idee.»

- Ben je daar de afgelopen tijd bang voor geweest?

Van der Gijp (lacht) «Ja, natuurlijk. Natuurlijk! Je kunt het niet uitzetten. Je kunt gewoon niet… Kijk: ik heb veertien dagen bij mijn moeder aan het sterfbed gezeten. Het enige waar je bij zo’n mensje nog naar zit te kijken, is of ze blijft ademen. Constant let je op haar ademhaling. Soms moest ik naar buiten, omdat ik begon te hyperventileren. Zo ademde ik met haar mee. Het is wel tien keer gebeurd dat mijn nichtje zei: ‘Het is voorbij.’ En dan was ze er ineens weer. ’s Nachts kwam er terminale zorg, maar ik kon amper slapen, omdat ik niet meer in mijn eigen ademhalingsritme kon komen.

»Mijn moeder had niks vastgelegd over haar levenseinde. Dat mensje heeft acht dagen te lang geleefd. Ze is door alles heengegaan. Hallucineren. Op zaterdag om kwart voor vier herkende ze iedereen nog, om vier uur niemand meer. Ze is in branden geweest, ze heeft in kasten gezeten, ze heeft gevechten doorstaan. Het is twee weken op een mensenleven, maar nee... Bah.»

- In het boek zeg je: ‘Eerlijk gezegd ben ik steeds vaker een beetje klaar met de hele dag René van der Gijp uit te hangen.’

Van der Gijp «Dat is zo. Het is tijd dat ik eens rekenschap ga geven van bepaalde dingen in mijn leven, dat ik afscheid ga nemen. Ik heb twee auto’s op mijn erf staan. Ik koop geen nieuwe meer.»

- Je had er vijf – waaronder een Porsche Panamera.

Van der Gijp «Ja. En als ik 60 ben, doe ik de ene weg en rij ik die andere op.»

- Was Nicky eigenlijk een groot geluk bij een groot ongeluk?

Van der Gijp «Dat was een omslag. Hij is in deze tijd absoluut mijn redding. Ik ga hem niet opschepen met mijn twijfels over het leven – of het wel ergens over gaat, en of het wel zin heeft. Want dat van hem gaat duidelijk wel ergens over. Dat heeft wel degelijk zin. Het is wel degelijk een serieuze zaak.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234