null Beeld

Car Seat Headrest (AB)

De twee keren dat ik Car Seat Headrest al aan het werk heb gezien (Pukkelpop, Botanique) waren verdienstelijk, maar konden de belofte van instantclassic ‘Teens of Denial’ niet inlossen. Misschien dat ik toen een prop in mijn oor had zitten; vanavond is die er dan toch netjes uit gepist. James, de gitaren!

Openen met een cover van Lou Reed doe je nooit als er niet een klein beetje zelfvertrouwen in je pas ingedaalde teelballen huist. ‘Waves of Fear’ komt uit een onterecht nogal vergeten Reed-plaat (‘The Blue Mask’ uit 1982), en bouwde haast ongemerkt op naar de hitsige noisestorm die ook het origineel afsluit. Will Toledo, indiegod voor de 21ste eeuw en met een beetje geluk ook de 22ste, kwam pas na wat gepiep en geschurk het podium op. Alsof hij er zijn pantoffels was vergeten. Held!

Ze stonden met z’n zessen op podium en begonnen – wat eigen materiaal betreft – met een punky anthem waar Andrew W.K. jaloers op zou zijn: ‘Bodys’. ‘That's not what I meant to say at all / I mean I'm sick of meaning, I just wanna hold you.’ Het had de soundtrack kunnen zijn bij de fantastische ‘Scott Pilgrim’-graphic novels van Bryan Lee O’Malley – de zoete pijnen van het opgroeien. Die grillig over en weer hoppende gitaarlijn en die piekfijne, maar toch totaal onvoorspelbare tempowisselingen: wie nooit een optreden van Modest Mouse meemaakte, kon hier troost zoeken.

Car Seat Headrest heeft niet zóveel met de indierock van Pavement en Guided By Voices, maar toch blijven die groepen mijn eerste referentiepunt: nummers als ‘Fill in the Blank’ – met een riff die duidelijk maakt dat de zomer er is, de examens gedaan zijn en je meisje je wil – zijn puur gitaargeluk dat sinds de jaren 90 niet meer zo binnen handbereik is geweest. Een liedje als een gewonnen partijtje beer pong.

Het spook van de jaren 90-rock duikt eigenlijk op in ál Will Toledo’s liedjes. ‘Maud Gone’ vereiste ‘blue lights for a blue song’. ‘Destroyed by Hippie Powers’ kanaliseerde de manische energie van een jamband onder de invloed, maar kon ook gewoon het resultaat van heel veel oefenen zijn. Noem ‘Drugs with Friends’ gerust een highschoolsong voor universitairen. Heel zachtjes zong Toledo, gesteund door een in de bries zwalpende gitaar: ‘Last Friday I took acid and mushrooms / I did not transcend, I felt like a walking piece of shit.’ Het mantra op het einde – ‘Drugs are better, drugs are better with / Friends are better, friends are better with…’ ad infinitum – klinkt op papier intriest, maar werd gebracht met de onweerstaanbare onschuld van een kloeke Weezer-song. Geen recente songsmid die het leven met zoveel humor betreurt als Will Toledo.

Op het onlangs heropgenomen ‘Twin Fantasy’ – een fantastische plaat die mij in 2011 totaal ontgaan is – doet Toledo het verhaal van zijn kalverliefde voor een naamloze man. Het is Toledo’s meest angstige, zenuwachtige plaat, waarin hij hunkert van: ‘Most of the time that I use the word ‘you’ / Well you know that I’m mostly singing about you.’ Het had een zin uit de prachtige film ‘Call Me by Your Name’ van Luca Guadagnino kunnen zijn. Ook daar komt verlangen en hartzeer voorbij vliegen in de gedaante van een vluchtige zomerbries.

Nog hartzeer dat alleen pubers kunnen begrijpen in ‘America (Never Been)’:‘This is heaven but heaven is hard / Because your lover is listening to music you don’t know / And you're tangled up in the headphone wires.’ Of ‘Cute Thing’, dat epiek en zelfs synths in z’n achtersteven had zitten: ‘I got so fucking romantic / I apologize / Lemme light your cigarette.’ Toledo is in één zin grappig, filmisch en cool. In de volgende regel zingt hij: ‘God / Give me Frank Ocean’s voice / And James Brown's stage presence.’ Dat zijn toch van die rocknummers waarvoor je opstaat ’s ochtends? Er zit ironie in!

‘Twin Fantasy (Those Boys)’, ‘Nervous Young Inhumans’, ‘Beach Life-in-Death’, het intieme ‘Sober to Death’: geen tijd voor dipjes vanavond. Maar het allerbeste nummer was nog altijd wat bij elke Car Seat Headrest-show het allerbeste nummer is: ‘Drunk Drivers/Killer Whales’. Een indierocksong die gerust zou kunnen uitgroeien tot het lijflied van een generatie – zoals ooit, om maar meteen hoog te mikken, ‘Smells Like Teen Spirit’ van Nirvana. De zeskoppige band begon rustig, wiegend zelfs, op te bouwen, maar kwam uiteidenlijk toch uit bij wat de intentieverklaring van deze trieste tijden zou kunnen zijn: ‘It doesn’t have to be like this! It doesn’t have to be like thii-iiis!’ We zwalpen hier allemaal maar wat rond. Waarom? Om naar concerten als dit te kunnen kijken misschien?

‘It doesn’t have to be like this,’ maar ik ben toch blij dat het vanavond zó was en niet anders.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234